Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2017:534

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
24-01-2017
Datum publicatie
31-01-2017
Zaaknummer
200.195.039/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Memorie van grieven niet genomen, ook niet na laatste uitstel (ambtshalve peremptoir). Hierdoor is het recht om van grieven te dienen, vervallen. Het beroep is verworpen en appellant is in de proceskosten verwezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.195.039/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel C/08/161744 / HA ZA 14-457)

arrest van 24 januari 2017 in de zaak van:

Vakantiexperts B.V.,

gevestigd te [A] ,

appellante,

in eerste aanleg: eiseres,

hierna: Vakantiexperts,

advocaat: mr. R.F. Goemans, kantoorhoudend te Amsterdam,

tegen

1 Milestone Holding B.V.,

gevestigd te [B] ,

2. [geïntimeerde2],

wonende te [B] , en

3. [geïntimeerde3],

wonende te [C] (Portugal),

geïntimeerden,

in eerste aanleg: gedaagden,

hierna gezamenlijk: Milestone c.s.,

advocaat: mr. R.C. de Mol, kantoorhoudend te Den Haag.

1 Het geding in eerste instantie

1.1

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het vonnis van 4 november 2015 van de rechtbank Overijssel, team kanton en handelsrecht, locatie Zwolle (hierna: de rechtbank).

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Bij exploot van 2 februari 2016 (hersteld bij exploot van 16 juni 2016) is door Vakantiexperts hoger beroep ingesteld van voormeld vonnis met dagvaarding van Milestone c.s. tegen de zitting van 12 juli 2016. De conclusie van de appeldagvaarding strekt tot vernietiging van het vonnis waarvan beroep voor zover daarbij de vorderingen van Vakantiexperts zijn afgewezen en tot het alsnog toewijzen van de in eerste aanleg niet toegewezen vorderingen van Vakantiexperts, met hoofdelijke veroordeling van Milestone c.s. in de proceskosten van beide instanties, vermeerderd met de wettelijke rente, alles uitvoerbaar bij voorraad.

2.2

Aan Vakantiexperts is op 16 augustus 2016 en op 27 september 2016 uitstel verleend voor het nemen van de memorie van grieven, op laatstgenoemde datum ambtshalve peremptoir tot 25 oktober 2016.

2.3

Vakantiexperts heeft op laatstgenoemde datum niet van grieven gediend, waarna de zaak is verwezen naar de rol van 8 november 2016 voor een laatste uitstel voor het nemen van de memorie van grieven, ambtshalve peremptoir.

2.4

Ter rolle van 8 november 2016 heeft Vakantiexperts niet van grieven gediend en is ambtshalve akte niet-dienen (AND) verleend. Door middel van een H8-formulier heeft Vakantiexperts verzocht om de zaak door te halen op de rol.

2.5

Milestone c.s. hebben geen gebruik gemaakt van de gelegenheid ex art. 2.14 van het Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de gerechtshoven (Lpr) om op de rol van 22 november 2016 te verzoeken een memorie van eis in incidenteel appel te mogen nemen. Milestone c.s. hebben arrest gevraagd en Vakantiexperts hebben (wederom) verzocht de zaak door te halen.

2.6

Aangezien partijen niet eenparig hebben verzocht om doorhaling op de rol, heeft het hof arrest bepaald, te wijzen op het griffiedossier.

3 De beoordeling

3.1

Geïntimeerde sub 3 ( [geïntimeerde3] ) is woonachtig in Portugal. Het geschil heeft derhalve internationale aspecten, zodat allereerst moet worden onderzocht of de Nederlandse rechter bevoegd is er kennis van te nemen. Het geschil betreft een burgerlijke en handelszaak als bedoeld in art. 1 lid 1 van de Brussel I-Verordening. De vorderingen ten opzichte van geïntimeerde sub 2 ( [geïntimeerde2] ) en [geïntimeerde3] zijn erop gebaseerd dat [geïntimeerde2] en [geïntimeerde3] als statutair bestuurders van Vakantiexperts onrechtmatig jegens die vennootschap hebben gehandeld. Ingevolge art. 5, aanhef en onder 2, van deze verordening heeft de Nederlandse rechter derhalve rechtsmacht, omdat de vorderingen in zoverre zijn gegrond op verbintenissen uit onrechtmatige daad, en de plaats waar het schadebrengende feit zich zou hebben voorgedaan (Hoofddorp, zijnde de vestigingsplaats van Vakantiexperts) zich in Nederland bevindt.

3.2

In art. 133 lid 4 Rv is bepaald dat indien een proceshandeling niet is verricht binnen de daarvoor gestelde termijn en daarvoor geen uitstel kan worden verkregen, het recht vervalt om de desbetreffende proceshandeling te verrichten.

3.3

Met ingang van 1 september 2016 zijn diverse bepalingen van het Lpr ingrijpend gewijzigd. Op grond van art. 10.1 Lpr zijn de bepalingen van het Lpr zoals die luiden met ingang van 1 september 2016 zowel van toepassing op zaken die vóór als op zaken die ná laatstgenoemde datum voor het eerst zijn ingeschreven.

3.4

In art. 1.7 Lpr is bepaald dat de termijnen ambtshalve worden nageleefd, tenzij uit dit reglement anders voortvloeit. Indien een proceshandeling niet is verricht binnen de daarvoor gestelde termijn en van die termijn geen uitstel kan worden verkregen, vervalt het recht om de proceshandeling te verrichten.

3.5

Op 25 oktober 2016 waren de gewone uitsteltermijnen voor het nemen van de memorie van grieven opgesoupeerd. Volgens de letter van het rolreglement zou op dat moment moeten zijn geconstateerd dat het recht op het nemen van een memorie van grieven was vervallen, zich vertalend in een ambtshalve verleende AND aan de wederpartij. Teneinde recht te doen aan HR 17 april 2015 (ECLI:NL:HR:2015:1064) is evenwel nog eenmaal een uitstel van twee weken verleend, ambtshalve peremptoir. Na het ongebruikt verstrijken van die termijn is vervolgens op de rol van 8 november 2016 AND verleend, conform het bepaalde in art. 2.13 Lpr in samenhang met art. 1.7 Lpr. Daarmee is het recht voor Vakantiexperts om een memorie van grieven te nemen, vervallen.

3.6

Nu Vakantiexperts geen grieven heeft ontwikkeld tegen het vonnis waarvan beroep, en in aanmerking nemend dat het beroepen vonnis niet in strijd is met rechtsregels die van openbare orde zijn, zal het hoger beroep van Vakantiexperts worden verworpen.

3.7

Vakantiexperts moet in hoger beroep worden beschouwd als de in het ongelijk te stellen partij. Het hof zal Vakantiexperts dan ook veroordelen in de kosten van het geding in hoger beroep (salaris advocaat: ½ punt in tarief VIII).

De beslissing

Het hof, rechtdoende in hoger beroep:

verwerpt het hoger beroep van Vakantiexperts;

veroordeelt Vakantiexperts in de kosten van het geding in hoger beroep en begroot die kosten aan de zijde van Milestone c.s. tot aan deze uitspraak op € 5.213,- aan verschotten en op € 2.290,- aan geliquideerd salaris voor de advocaat.

Dit arrest is gewezen door mr. J.H. Kuiper, mr. H. de Hek en mr. L. Groefsema, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 24 januari 2017.