Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2017:4825

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
06-06-2017
Datum publicatie
08-06-2017
Zaaknummer
200.184.703/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Tekortkoming in de nakoming van een aannemingsovereenkomst; dakpannen ondeugdelijk gelegd, aannemer aansprakelijk voor de schade.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht, handel

zaaknummer gerechtshof 200.184.703/01

(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/17/110760/HA ZA 11-182)

arrest van 6 juni 2017

in de zaak van

Dak Totaal Noord B.V.,

gevestigd te Kootstertille,

appellante,

in eerste aanleg: eiseres in conventie en verweerster in reconventie,

hierna: Dak Totaal,

advocaat: mr. E.T. van Dalen, kantoorhoudend te Groningen,

tegen

[geïntimeerde] ,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

geïntimeerde,

in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiseres in reconventie,

hierna: [geïntimeerde],

advocaat: mr. H. de Boer, kantoorhoudend te Leeuwarden.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

1.1

Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 24 januari 2017 hier over.

1.2

Ingevolge het vermelde tussenarrest heeft op 23 maart 2017 een comparitie van partijen plaatsgevonden. Het hiervan opgemaakte proces-verbaal bevindt zich in afschrift bij de stukken.

1.3

Daarna hebben partijen wederom arrest gevraagd op het comparitiedossier en heeft het hof arrest bepaald.

2
2. De vaststaande feiten

2.1

Het hof gaat in hoger beroep uit van de feiten zoals beschreven in de rechtsoverwegingen 2.1 tot en met 2.9 van het (bestreden) vonnis van 30 januari 2013, nu niet van bezwaren tegen de vaststelling van deze feiten is gebleken. Aangevuld met enige overige vaststaande feiten gaat het om het volgende.

2.2

[geïntimeerde] is aannemer van de bouw van een project van 49 woningen in [plaats] . Het project is onderverdeeld in twee fases, te weten fase 1a, bestaande uit 24 woningen en fase 1b, bestaande uit 25 woningen. Fase 1a betreft woningen aan de straat genaamd [straat] met de huisnummers 10 tot en met 13 en 17 tot en met 36.

2.3

[geïntimeerde] heeft bij brief van 2 november 2005 aan Dak Totaal gevraagd een offerte uit te brengen voor het leggen van onder meer 55.000 stuks hele dakpannen, 85 stuks rechtergevelpannen, 85 stuks linkergevelpannen, 830 stuks geknikte pannen, 1100 stuks dubbele welpannen en een aantal vorsten voor de 49 woningen in het project.

2.4

Dak Totaal heeft op 9 november 2005 een offerte uitgebracht, waarbij zij een prijs per woning heeft geoffreerd. Naar aanleiding van een onderhoud tussen partijen heeft Dak Totaal op 10 november 2005 een offerte uitgebracht waarin niet een prijs per woning, maar een prijs per gelegde pan werd geoffreerd en een prijs per vierkante meter voor snijwerk aan kilkepers en hoekkepers.

2.5

Vervolgens zijn partijen tot overeenstemming gekomen. [geïntimeerde] heeft bij brief van 21 november 2005 aan Dak Totaal de inhoud daarvan als volgt bevestigd:

"Hierbij verleen ik U opdracht het aanbrengen van onderstaande pannen zoals telefonisch besproken:

>>Aanbrengen dakpannen + toebehoren:

Type pan: Lafarge Ceris FD plus dakpannen, kleur zwart engobe vol donker

Hele dakpan incl. leveren & aanbrengen verankering - 0.62 p/st

Rechter / linker gevelpan / geknikte pannen & dubbele wel incl. leveren / aanbrengen bevestigingsmiddelen - 0.72 p/st

Halfronde vorst / schubvorsten & beginvorsten incl. aanbrengen ondervorst,
excl. Levering ondervorst - € 2.40 p/st

Combipan (rioolontl - € 5.04 p/st

Snijwerk kilkepers ( m1 kil (2x€ 21.29) - € 42.58 m1

Snijwerk hoekkepers (2x€ 14.6) - € 28.99 m1

Universele vogelschroot zwart m1 - € 1.30 m1

Aluminium kilgoot zwart breed 650 mm op rol a 10 mtr m1 - € 1.30 m1

Schoorstenen

Tbv. woningen type Ak1 Ak2 B C Ck D Totaal 32 stuks - € 60,- p/st

Plaatstalen Prefab schoorsteen t.b.v. type Ak1

BM 3000

Afm. 880x880

Bovenop de nok

Kleur antraciet

Tbv. woningen type Ad

Plaatstalen Prefab schoorstenen t.b.v. woning type Ad Totaal 17 stuks - € 60,- p/st

BM Mini-Delta 2002

Afm. 360x360

Hellend dak 42,57º

Kleur antraciet

Aanbrengen dakramen:

(……)".

2.6

Dak Totaal heeft op grond van de aldus tussen partijen gesloten overeenkomst in het jaar 2006 dakpannen en toebehoren op de woningen aangebracht. De door Dak Totaal gelegde dakpannen zijn ingekocht door [geïntimeerde] . In januari 2007 heeft er een storm gewoed. Daarbij zijn bij diverse woningen behorend tot fase 1a dakpannen los gewaaid en naar beneden gevallen. Dak Totaal heeft hierna in opdracht van [geïntimeerde] herstelwerkzaamheden verricht, waarbij Dak Totaal de openliggende daken opnieuw van dakpannen heeft voorzien.

2.7

Op 2 mei 2007 heeft Lafarge Dakproducten B.V. op initiatief van de bewoners van de getroffen woningen een bouwkundig onderzoek ingesteld. Lafarge heeft blijkens haar rapportage van 13 juni 2007 naar aanleiding van dit onderzoek onder meer onjuistheden aangetroffen in de bevestiging en verankering van de dakpannen, bestaande uit het ontbreken van vereiste schroeven en panhaken en het gebruik van onjuiste schroeven en panhaken.

2.8

Dak Totaal heeft in de periode van 29 juni 2007 tot en met 31 oktober 2008 aan [geïntimeerde] facturen gezonden tot een totaalbedrag van € 28.208,01. Het betreft facturen voor andere werkzaamheden van Dak Totaal dan de werkzaamheden in fase 1a van het project. De factuur van 29 juni 2007 ad € 5.538,- betreft de in 2.6 genoemde herstelwerkzaamheden. Een andere factuur van Dak Totaal aan [geïntimeerde] voor die herstelwerkzaamheden is door [geïntimeerde] voldaan.

2.9

Op 21 januari 2009 heeft Monier B.V. (voorheen Lafarge Dakproducten B.V.) in opdracht van [geïntimeerde] de verankering van de dakpannen van een aantal woningen behorende tot fase 1a steekproefsgewijze geïnspecteerd. Daarbij is geconcludeerd dat de aangetroffen verankering in het algemeen niet voldeed aan de normen volgens NEN 6707 en NPR 6708.

2.10

De verzekeringsmaatschappij van partijen, bij wie zij beide de stormschade hebben geclaimd, heeft in september 2010 een bedrag van € 17.088,- aan Dak Totaal B.V. voldaan, welk bedrag Dak Totaal in mindering heeft doen strekken op de openstaande facturen ten bedrage van € 28.208,01.

2.11

Naar aanleiding van de beschikking van de rechtbank Noord-Nederland van 11 augustus 2011 op het door [geïntimeerde] ingediende verzoek tot een voorlopig deskundigenbericht is door A&T Dakadvies BV te Malden (hierna: A&T) namens de als deskundige aangewezen Monier BV te Montfoort rapport uitgebracht.

In voornoemde beschikking heeft de rechtbank beantwoording van de navolgende vragen bevolen:

"1. Hoe beoordeelt u de door Dak Totaal Noord B.V. verrichte werkzaamheden en/of leveranties bij de volgende woningen (fase 1a)?:

[straat] 10 tot en met 13 en 17 tot en met 36 te [plaats] (inkorting van de opsomming van de 24 woningen door de rechtbank);

2.2.

2. Heeft Dak Totaal Noord B.V. haar werkzaamheden en/of leveranties deugdelijk uitgevoerd en in overeenstemming met de openbare voorschriften? Zo nee, welke gebreken hebt u vastgesteld?

3. 3. Welke herstelwerkzaamheden acht u aan welke woningen noodzakelijk om alsnog te komen tot een deugdelijk resultaat dat in overeenstemming is met de publiekrechtelijke voorschriften terzake?"

2.12

Het door de deskundige uitgebrachte rapport bestaat uit een algemeen gedeelte met daarin opgenomen onder meer een rapportage van algemene constateringen en conclusies en 24 verslagen van de per woning uitgevoerde technische controle. In het algemene gedeelte heeft de deskundige in hoofdstuk 1 'Opdracht omschrijving' onder meer het navolgende vermeld:

"De beoordeling van de verrichte werkzaamheden en/of leveranties door Dak Totaal Noord BV zullen worden beoordeeld op toegepaste materialen en de ontwerp- en uitvoeringsrichtlijnen hellende daken, BRL 1513, en de verwerkingsvoorschriften van de fabrikant. De beoordeling op deugdelijke uitvoering van het dakdekkerswerk van dakdekkersbedrijf Dak Totaal Noord BV zal gebeuren op basis van de prestatie eisen vermeld in het huidige bouwbesluit en relevante normen en praktijkrichtlijnen zoals o.a.:

NEN 6707 / NPR 6708 Bevestiging van harde schubvormige dakbedekkingen

NEN 2778 / NPR 2652 Vochtwering van buiten voor hellende daken

BRL 1513 Nationale beoordelingsrichtlijnen voor hellende daken

URL PBL0180/94 Ontwerp- en uitvoeringsrichtlijn dakconstructies gedekt met keramische dakpannen."

2.13

Hoofdstuk 4, Samenvatting constateringen, van het algemene gedeelte van de deskundigenrapportage luidt:

"De volgende gebreken zijn aangetroffen:

Bevestiging dakbedekkingen:

* De bevestiging van de dakbedekking voldoet niet aan de bouwvoorschriften. Er is geen patroon in de verankering geconstateerd dat wijst op volledige dan wel dambordgewijze verankering

* De verwerkte bevestigingsmiddelen zijn divers van aard. Er zijn europanhaken aangetroffen welke bij dit pantype horen en ook worden voorgeschreven door de fabrikant. Daarnaast zijn er ander soort panhaken aangetroffen welke niet behoren bij dit pantype en er zijn gesheradiseerde schroefnagels met volgring toegepast. De rekenwaarde van het andere type panhaak is niet bekend, vanuit de fabrikant wordt aangegeven dat deze niet mogen worden toegepast als men aan de eisen van het bouwbesluit wil voldoen.

* De toegepaste schroeven zijn gegalvaniseerd en zonder volgring. Conform de BRL 1513 (en de NPR 6708) dienen de bevestigers te bestaan uit rvs, aisi304 of gelijkwaardig. Gegalvaniseerde schroeven voldoen hier niet aan.

* De dakpannen aan de voorgevels bij de tussenwoningen van de blokken liggen over het algemeen los in het dak. Op sommige plaatsen zijn panhaken toegepast echter niet zoals voorgeschreven in de BRL 1513 en de verwerkingsvoorschriften van de fabrikant.

* De knikpannen zijn niet bevestigd aan de onderconstructie zoals de fabrikant voorschrijft.

* Algemeen beeld is dat de dakpannen in de randzones langs de gevel en nok veelal aan elkaar zijn gekit. Kit heeft als zodanig geen rekenwaarde als bevestiger van dakpannen en voldoet niet aan de NEN 6702 / NEN 6707 / NPR 6708.

* De gezaagde dakpannen langs de hoek- en kilkepers zijn over het algemeen bevestigd met gegalvaniseerde schroeven en staaldraadjes. echter de 1e en 2e rij vanaf de goot zijn over het algemeen niet verankerd.

Bouwknopen:

* Aan de dakvoet is over het algemeen geen ventilatiedoorlaat door de gekozen uitvoering van het detail. Een vrije tengelhoogte is niet gewaarborgd waardoor de ventilatie-inlaat niet voldoet aan BRL 1513.

* Eventueel lekwater wordt niet afgevoerd in de dakgoot cq buiten de constructie zoals wordt voorgeschreven in de BRL 1513.

* Op het dak is achter de onderste panlat gootvorming op het onderdak, eventueel lekwater blijft hier op het dak aanwezig en kan de constructie indringen.

* Onder de gesloten nokken zijn geen extra ventilatievoorzieningen, zoals ventilatiepannen, aangebracht. Behalve bij [straat] 23 en 32, hier zijn aan weerszijde 5 ventilatiepannen in de 3e rij van boven aangebracht.

* Het toegepaste kilgootprofiel vertoont bij een aantal killen beschadigingen en reparaties zijn uitgevoerd met kit.

* In het kilbereik zijn de panlatten rechtstreeks op de folielaag aangebracht zonder extra tengel.

* De toegepaste aluminium ondervorsten op nok en hoekkeper alsook de wakaflex slabben onder de zinken kappen kieren sterk en volgen niet het profiel van de dakpannen waardoor inwatering mogelijk is.

* Onder en boven de dakvensters en dakkapellen zijn de dakpannen niet mechanisch bevestigd.

* De verholen goten langs de gevel zijn niet aangebracht tot op de panlatten en niet voorzien van een geïmpregneerde schuimstrook ter stuifsneeuwkering. Risico van inwatering is hier aanwezig.

* De dakpannen langs de gevel zijn tot tegen de buitenopstand van de verholen goot aangebracht waardoor het schoonmaken van deze goten onmogelijk is geworden.

* De stalen kappen op de nok van de vrijstaande woningen, 2-ondereenkap woningen en kopwoningen zijn niet op de aansluitnaden afgekit. Op diverse plaatsen is herstelwerk zichtbaar dat niet duurzaam is uitgevoerd.

* [straat] 19 en 20 hebben een aparte schoorsteen in het dakvlak. Met name de linkerzijde is de aansluiting slecht te noemen. De dakpannen hebben geen waterkering meer en de loodslabben overlappen nauwelijks. Tijdens de inspectie zijn ook leksporen op het onderdak aangetroffen.

* Enkele bewoners hebben waarschijnlijk zelf dakvensters aangebracht in een later stadium. Bij deze dakvensters is het dakraam te strak ingedekt waardoor deze kieren en de dakpannen zijn niet mechanisch bevestigd."

2.14

Hoofdstuk 5, Conclusies, van het algemene gedeelte van het rapport luidt voor zover van belang:

"Gezien de aard van de gebreken van het object is herstel van diverse dakonderdelen noodzakelijk om te kunnen voldoen aan de eisen van het bouwbesluit en de nationale beoordelingsrichtlijn hellende daken, BRL 1513.

Bevestiging dakbedekking en gevelbekleding met keramische dakpannen

Als conclusie mag worden gesteld dat de bevestiging van de harde schubvormige dakbedekking op de daken en aan de voorgevels, niet voldoet aan de eisen van het bouwbesluit zoals dat tijdens de uitvoering en nu van kracht was/is.

* Er is geen eenduidig regelmatig patroon geconstateerd in de diverse dakzones

* De toegepaste panhaken zijn niet overal het door de fabrikant voorgeschreven model

* De overige bevestigingsmiddelen, schroeven en nagels, zijn niet van de voorgeschreven kwaliteit

* Gezaagde dakpannen zijn niet op de juiste manier of met de juiste bevestigingsmiddelen bevestigd

* Het aan elkaar kitten van dakpannen valt niet onder de definitie mechanische bevestiging en is niet conform de bouwregelgeving geschikt voor het bevestigen van dakpannen

* Gevelbekleding aan de voorgevels is niet mechanisch bevestigd.

Bouwknopen

* Ventilatie van de dakspouw is niet uitgevoerd conform de nationale beoordelingsrichtlijn hellende daken BRL 1513

* Lekwaterafvoer van het onderdak is niet uitgevoerd conform de nationale beoordelingsrichtlijn hellende daken BRL 1513

* Verholen goten en kilgoten zijn niet uitgevoerd conform de nationale beoordelingsrichtlijn hellende daken BRL 1513

* Aansluitdetails van nok en hoekkeper zijn niet uitgevoerd conform de nationale beoordelingsrichtlijn hellende daken BRL 1513

* Loodaansluitingen vertonen veelal aansluitgebreken.

Herstel

Herstel van bovengenoemde gebreken is zeer intensief en heeft zeer grote impact op alle betrokken partijen inclusief de bewoners. Als er wordt bepaald dat bovenstaande daken dienen te voldoen aan de eisen van het bouwbesluit dan is het herdekken van de daken de enige optie. Tijdens het herdekken wordt het dan ook mogelijk om de gebreken in aansluitdetaillering te herstellen. Voorafgaand aan het herdekken zal middels een verankeringsberekening, conform NEN 6707 / NPR 6708, aangetoond moeten worden welke dakzones op welke wijze dienen te worden verankerd. (……)."

3 Het geschil, de beslissing in eerste aanleg en de vordering in hoger beroep

3.1

Dak Totaal heeft [geïntimeerde] gedagvaard - wegens de onbetaald gebleven facturen uit hoofde van de in opdracht van [geïntimeerde] verrichtte werkzaamheden - en verkort weergegeven gevorderd [geïntimeerde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 10.469,01, vermeerderd met contractuele dan wel wettelijke handelsrente, en tot betaling van een bedrag van
€ 1.770,90 wegens gemaakte buitengerechtelijke incassokosten. [geïntimeerde] heeft zich tegen de vorderingen verweerd en in reconventie een vordering ingesteld, die ertoe strekt dat Dak Totaal wordt veroordeeld tot vergoeding van reeds gemaakt en nog te maken herstelkosten, deze schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 25 mei 2011, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet.

3.2

De rechtbank heeft in het vonnis van 30 januari 2013 overwogen dat op Dak Totaal de bewijslast rust van het bevrijdende verweer dat zij de niet goed verankerde dakpannen niet heeft gelegd en vervolgens bij vonnis van 5 februari 2014 Dak Totaal een bewijsopdracht gegeven, te weten om te bewijzen dat de dakpannen die tijdens de storm van begin 2007 van de daken van de woningen zijn afgewaaid en de dakpannen waaraan wegens gebreken reeds herstelwerkzaamheden zijn verricht door [geïntimeerde] niet door haar zijn gelegd.

3.3

Bij vonnis van 21 oktober 2015 heeft de rechtbank geoordeeld dat Dak Totaal er niet in is geslaagd om het haar opgedragen bewijs te leveren. De vorderingen van Dak Totaal in conventie zijn afgewezen en de vorderingen van [geïntimeerde] in reconventie zijn toegewezen. Dak Totaal is in de proceskosten in conventie (€ 4.461,-) en in reconventie (€ 678,-) aan de zijde van [geïntimeerde] veroordeeld.

3.4

Dak Totaal heeft in hoger beroep gevorderd kort gezegd vernietiging van de vonnissen van de rechtbank van 30 januari 2013, 5 februari 2014 en 21 oktober 2015, haar vorderingen in conventie alsnog toe te wijzen en de vorderingen van [geïntimeerde] in reconventie alsnog af te wijzen, met veroordeling van [geïntimeerde] in de proceskosten van Dak Totaal in beide instanties. Verder heeft Dak Totaal bij wege van vermeerdering van eis in conventie gevorderd om [geïntimeerde] te veroordelen de proceskosten die Dak Totaal op basis van het vonnis van 21 oktober 2015 aan [geïntimeerde] heeft voldaan aan Dak Totaal terug te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag der dagvaarding tot de dag der algehele voldoening.

4 De beoordeling van de grieven en de vorderingen

4.1

[geïntimeerde] heeft op de grondslag dat Dak Totaal is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst van partijen - doordat deze de dakpannen op de woningen in fase 1a van het project (rov. 2.3) ondeugdelijk heeft gelegd - haar betalingsverplichtingen jegens Dak Totaal opgeschort, een beroep op verrekening gedaan en in reconventie een vordering tot vergoeding van herstelkosten ingesteld. Het gaat in deze zaak in essentie om beantwoording van de vraag of sprake is van deze gestelde tekortkoming van Dak Totaal.

4.2

Dak Totaal heeft zich verweerd tegen de stelling van [geïntimeerde] dat er sprake is van een tekortkoming: zij heeft betwist dat de dakpannen die door de storm in januari 2007 van het dak zijn gewaaid door haar zijn gelegd. Volgens Dak Totaal betrof dat de bovenste rij dakpannen, de dubbele welpannen en beginpannen die door of in opdracht van [geïntimeerde] door derden zijn gelegd. Dak Totaal heeft aangevoerd dat de dakpannen die wel door haar zijn gelegd –volgens haar ongeveer 65% van het totaal aantal gelegde pannen- wel goed zijn verankerd en dat die dakpannen niet van de daken zijn gewaaid. Volgens Dak Totaal leggen haar ervaren dakdekkers geen dakpannen zonder verankering.

4.3

Anders dan door de rechtbank is overwogen in rov. 6.8 van het vonnis van 30 januari 2013 is het verweer van Dak Totaal dat zij de dakpannen die niet goed zijn verankerd niet heeft gelegd geen bevrijdend verweer, maar een verweer dat zich richt op de stellingen die door [geïntimeerde] aan haar vorderingen ten grondslag zijn gelegd en waaraan zij ( [geïntimeerde] ) rechtsgevolgen verbindt, derhalve een grondslagverweer. Op grond van de hoofdregel van artikel 150 Rv. rust niet op Dak Totaal, maar op [geïntimeerde] de bewijslast van haar stelling dat Dak Totaal de dakpannen (ondeugdelijk) heeft gelegd. De rechtbank heeft Dak Totaal dan ook ten onrechte bij vonnis van 5 februari 2014 de daarin geformuleerde bewijsopdracht gegeven. Het hof gaat er overigens vanuit dat in de bewijsopdracht abusievelijk [geïntimeerde] is genoemd, nu vaststaat dat Dak Totaal herstelwerkzaamheden heeft verricht.

Grief I - die naar het hof begrijpt zich uitstrekt niet alleen over de beslissing in het vonnis van 30 januari 2013 over de bewijslastverdeling maar ook over de daaropvolgende bewijsopdracht in het vonnis 5 februari 2014, van welk vonnis ook vernietiging wordt gevorderd - is in zoverre terecht voorgedragen. Daarmee behoeven de subsidiair aangevoerde grieven Ia en II, omtrent bewijs van een negatief feit en de bewijswaardering geen bespreking meer. Of grief I van Dak Totaal ook doel treft, in die zin dat het slagen van die grief uiteindelijk moet leiden tot andere beslissingen in conventie en in reconventie (grieven III tot en met V) zal hierna blijken.

4.4

De vraag die ter beantwoording voor ligt is of Dak Totaal tekort is geschoten in de nakoming van de overeenkomst met [geïntimeerde] . Zoals in rov. 4.3 is overwogen, rust op [geïntimeerde] ter zake de bewijslast en dient zij feiten en omstandigheden te stellen en zo nodig te bewijzen dat Dak Totaal de door haar gelegde dakpannen op 24 woningen in fase 1a op een ondeugdelijke wijze heeft gelegd.

4.5

Het hof stelt vast dat Dak Totaal bij memorie van grieven (randnummer 61en 62) heeft erkend dat de dakpannen die van het dak zijn gewaaid niet waren verankerd. Dak Totaal heeft voorts het aanvankelijk in de procedure in eerste aanleg gemaakte bezwaar tegen de wijze van totstandkoming van het rapport van A&T niet gehandhaafd, nu zij tegen rov. 6.5 van het vonnis van 30 januari 2013 waarin dat bezwaar door de rechtbank is verworpen, geen grief heeft gericht. De bevindingen en conclusies van A&T (rov. 2.9/2.10) heeft zij evenmin betwist. Ook tegen het in de rechtsoverweging 6.3 van het vonnis van 30 januari 2013 door de rechtbank verwoorde oordeel dat uit de inspecties van Lafarge, Monier en A&T onmiskenbaar blijkt dat niet alle dakpannen in fase 1a deugdelijk zijn gelegd, omdat de dakpannen niet voldoende en niet consequent volgens een voorgeschreven patroon zijn verankerd, alsmede dat bij de wel verankerde dakpannen veelal ondeugdelijk bevestigingsmateriaal, bestaande uit niet bij de pannen horende haken en niet uit roestvrij staal bestaande schroeven is gebruikt, is geen grief aangevoerd.

4.6

Dak Totaal heeft niet gemotiveerd en onderbouwd aangevoerd dat de dakpannen die niet zijn weggewaaid, maar volgens de deskundige eveneens niet deugdelijk waren gelegd, niet door haar zijn gelegd. Dat had gelet op de omstandigheid dat Dak Totaal de opdracht had om de dakpannen te leggen en [geïntimeerde] slechts een beperkt deel van die pannen heeft gelegd, wel op haar weg gelegen. De niet nader onderbouwde stelling van Dak Totaal dat haar dakdekkers geen dakpannen zonder voldoende verankering leggen, is daarvoor op zichzelf onvoldoende. Uit de geruime tijd na de stormschade plaatsgevonden hebbende inspecties blijkt voorts dat ook de dakpannen in het kader van herstelwerkzaamheden door Dak Totaal na de storm ondeugdelijk zijn gelegd, zoals [geïntimeerde] ook heeft gesteld. Met die vaststelling is het verweer van Dak Totaal dat zij de afgewaaide dakpannen niet heeft gelegd niet meer van belang, omdat dit in feite is geabsorbeerd door haar tekortkoming in het kader van de herstelwerkzaamheden.

Dak Totaal heeft aldus de gemotiveerde en door het rapport van de deskundigen ondersteunde stelling van [geïntimeerde] dat zij tekort is geschoten onvoldoende gemotiveerd weerlegd. In zoverre dient als vaststaand te worden aangenomen dat Dak Totaal tekort is geschoten. Aan het opdragen aan [geïntimeerde] van (nader) bewijs op dit punt komt het hof daarmee niet toe.

4.7

Op grond van haar tekortkoming is Dak Totaal gehouden de daardoor door [geïntimeerde] geleden schade integraal te vergoeden. [geïntimeerde] heeft gevorderd vergoeding van de reeds gemaakte (de oorspronkelijk reconventionele vordering sub A) en nog te maken kosten van herstel (de oorspronkelijk reconventionele vordering sub B), nader op te maken bij staat. In verband met het noodzakelijke herstel en de daarmee gemoeide kosten neemt het hof over de – niet bestreden – conclusie van A&T dat het geheel opnieuw dekken van de daken de enige reële optie is om de ondeugdelijkheid weg te nemen. Daarmee heeft [geïntimeerde] een opeisbare vordering tot schadevergoeding van een zodanige, in een schadestaatprocedure nader vast te stellen, omvang op Dak Totaal dat die vordering het beroep van [geïntimeerde] op opschorting van de betaling van de vordering van Dak Totaal rechtvaardigt. Grief III, die er toe strekt dat de vordering in conventie met voorbijgaan aan de opschorting moet worden toegewezen, faalt.

4.8

Daarmee falen ook grief IV, die is gericht tegen de toewijzing van de vordering in oorspronkelijk reconventie en grief V, die verder geen zelfstandige betekenis heeft.

4.9

Het door Dak Totaal in eerste aanleg gevoerde en door de rechtbank (impliciet) verworpen verweer dat de vorderingen van [geïntimeerde] afstuiten op een exoneratiebepaling in haar algemene voorwaarden is niet door haar met een daarop gerichte grief in de rechtsstrijd in hoger beroep betrokken. Dat verweer was overigens ook volstrekt onvoldoende onderbouwd. Dak Totaal heeft nagelaten te stellen om welke bepaling het gaat en wat de inhoud, strekking en reikwijdte van die bepaling is.

Slotsom

5.1

Grief I is in zoverre terecht voorgedragen, dat het hof het vonnis van 5 februari 2014 waarin de bewijsopdracht is gegeven zal vernietigen. De grieven treffen voor het overige geen doel, zodat het hof de vonnissen waarvan beroep overigens zal bekrachtigen. Het hof zal Dak Totaal als de ook in hoger beroep in het ongelijk te stellen partij in de proceskosten aan de zijde van [geïntimeerde] veroordelen. Het hof stelt die proceskosten vast op € 1957,- verschotten en op € 1.788,- aan salaris van de advocaat conform het liquidatietarief (2 punten, tarief II).

6 De beslissing

het hof, rechtdoende in hoger beroep,

- vernietigt het vonnis van 5 februari 2014 en bekrachtigt de overige vonnissen waarvan beroep;

- veroordeelt Dak Totaal in de proceskosten aan de zijde van [geïntimeerde] , welke kosten worden vastgesteld op € 1.957,- voor verschotten en op € 1.788,- voor salaris van de advocaat;

- verklaart dit arrest voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad;

Dit arrest is gewezen door mr. J. Smit, mr. L. Janse en mr. O. E. Mulder en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op

6 juni 2017.