Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2015:797

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
05-02-2015
Datum publicatie
16-02-2015
Zaaknummer
200.155.995-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Ontslag bewindvoerder op grond van gewichtige redenen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.155.995/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, 2695373 BM VERZ 14-41)

beschikking van de familiekamer van 5 februari 2015

inzake

[verzoeker],

wonende te [A],

verzoeker in hoger beroep,

verder te noemen: rechthebbende,

advocaat: mr. R.J. de Boer, kantoorhoudend te Coevorden,

Als overige belanghebbenden zijn aangemerkt:

1 [de bewindvoerder],

gevestigd te [B],

hierna te noemen: de huidige bewindvoerder,

2. [C],

gevestigd te [B],

hierna te noemen: [C].

1 Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de kantonrechter van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, van 17 juni 2014, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Bij beroepschrift, ingekomen ter griffie van het hof op 16 september 2014, is rechthebbende in hoger beroep gekomen van voormelde beschikking. Rechthebbende verzoekt het hof die beschikking te vernietigen en opnieuw rechtdoende het verzoek tot wijziging van de bewindvoerder toe te wijzen.

2.2

Ter griffie van het hof zijn binnengekomen:

- op 1 oktober 2014 een brief van 30 september 2014 van mr. De Boer met bijlagen;

- op 14 oktober 2014 een brief van 13 oktober 2014 van mr. De Boer met bijlage;

- op 14 oktober 2014 een brief van 11 oktober 2014 van [D] advies;

- op 14 november 2014 een faxbericht van 13 november 2014 van de huidige bewindvoerder;

- op 25 november 2014 een brief van 22 november 2014 van [D] advies;

- op 31 december 2014 een brief van 30 december 2014 van mr. De Boer met bijlage.

2.3

De mondelinge behandeling heeft op 9 januari 2015 plaatsgevonden. Rechthebbende is verschenen, bijgestaan door zijn advocaat. Namens de huidige bewindvoerder is - hoewel behoorlijk opgeroepen - niemand verschenen.

3 De vaststaande feiten

3.1

De kantonrechter heeft bij beschikking van 8 april 2009 over alle tegenwoordige en toekomstige goederen die toebehoren aan rechthebbende een bewind in de zin van artikel

1: 431 van het Burgerlijk Wetboek (BW) ingesteld. Thans is de heer [E], handelend onder de naam [de bewindvoerder], de bewindvoerder.

3.2

Bij verzoekschrift, ingekomen bij de kantonrechter op 14 januari 2014, heeft rechthebbende verzocht de huidige bewindvoerder te ontslaan als bewindvoerder en de heer [F], handelend onder de naam [D] advies, te benoemen tot opvolgend bewindvoerder.

3.3

Bij de bestreden beschikking heeft de kantonrechter dit verzoek afgewezen.

4 De motivering van de beslissing

4.1

Op grond van artikel 1:448 lid 2 BW wordt een bewindvoerder ontslag verleend hetzij op eigen verzoek, hetzij wegens gewichtige redenen of omdat de bewindvoerder niet meer voldoet aan de eisen om bewindvoerder te kunnen worden, zulks op verzoek van een medebewindvoerder, de rechthebbende of het openbaar ministerie dan wel ambtshalve. In dit hoger beroep is de vraag aan de orde of er gewichtige redenen zijn om de huidige bewindvoerder ontslag te verlenen.

4.2

Naar het oordeel van het hof is er sprake van gewichtige redenen om de huidige bewindvoerder ontslag te verlenen als bewindvoerder van rechthebbende omdat sprake is van een ernstig verstoorde verhouding tussen de huidige bewindvoerder en de rechthebbende. De rechthebbende heeft dat uiteengezet in een bijlage bij het verzoek en in een brief van 25 maart 2014 en de huidige bewindvoerder heeft bij faxbericht van 13 november 2014 aan het hof medegedeeld dat hij de bewindvoering van rechthebbende niet langer wil doorzetten, omdat de werkverhouding met rechthebbende totaal verziekt is. Gelet hierop zal het hof ontslag verlenen aan de huidige bewindvoerder

4.3

Bij brieven van 11 oktober 2014 en 22 november 2014 heeft de beoogd bewindvoerder in eerste aanleg, [D] advies, het hof meegedeeld niet meer bereid te zijn bewindvoerder te worden van rechthebbende.

4.4

Bij brief van 30 december 2014 heeft mr. De Boer een verklaring van mevrouw [C] (werkzaam bij [C1] bewindvoering) overgelegd, waarin zij verklaart bereid te zijn tot bewindvoerder van rechthebbende benoemd te worden. Desgevraagd heeft mr. De Boer ter zitting in hoger beroep verklaard dat [C] voordat zij zich bereid heeft verklaard, contact met hem heeft opgenomen, evenals met de huidige bewindvoerder, de rechthebbende en de thuisbegeleider van rechthebbende.

4.5

Gelet op het voorgaande zal het hof de huidige bewindvoerder ontslaan en [C] tot opvolgend bewindvoerder van rechthebbende benoemen.

4.6

Op grond van het bovenstaande zal het hof de beschikking waarvan beroep vernietigen en [C] als opvolgend bewindvoerder benoemen, een en ander met ingang van heden.

5 De beslissing

Het gerechtshof:

vernietigt de beschikking van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Zwolle, van 17 juni 2014, en opnieuw rechtdoende:

ontslaat met ingang van heden de heer ing. [E], verbonden aan [de bewindvoerder], als bewindvoerder over de goederen die onder bewind staan;

benoemt met ingang van heden mevrouw [C], verbonden aan [C1] bewindvoering, geboren [in] 1965, kantoorhoudende te [B], tot bewindvoerder over de goederen die onder bewind staan;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. D.J. Buijs, voorzitter, mr. G.M. van der Meer, en

mr. E.B.E.M. Rikaart-Gerard, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van dit hof van 5 februari 2015 in bijzijn van de griffier.