Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2015:6276

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
25-08-2015
Datum publicatie
01-09-2015
Zaaknummer
200.173.569/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep kort geding
Inhoudsindicatie

Hof overweegt terugdraaien verleend verstek omdat vooralsnog niet met voldoende zekerheid kan worden vastgesteld dat het appelexploot op rechtsgeldige wijze is uitgebracht. Appellant mag zich hierover bij akte uitlaten. Ook staat het appellant vrij de betekening alsnog op andere wijze te doen plaatsvinden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.173.569/01

(zaaknummer rechtbank Overijssel C/08/171492 / KG ZA 15-165)

arrest van 25 augustus 2015 in de zaak van

[gedaagde],

wonende te [woonplaats 1] (gemeente [gemeente] ),

appellant,

in eerste aanleg: eiser,

hierna te noemen: [gedaagde],

advocaat: mr. M.A.B. Sassen, kantoorhoudend te Den Haag,

tegen

[geïntimeerde],

geïntimeerde,

in eerste aanleg: gedaagde,

hierna te noemen: [geïntimeerde],

niet verschenen.

1 Het geding in eerste instantie

1.1

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het kort geding vonnis van 19 juni 2015 van de voorzieningenrechter van de rechtbank Overijssel, team kanton en handelsrecht, locatie Zwolle (hierna: de voorzieningenrechter).

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Bij exploot van 6 juli 2015 is door [gedaagde] hoger beroep ingesteld van voormeld vonnis met dagvaarding van [geïntimeerde] tegen de zitting van 21 juli 2015.

2.2

In de appeldagvaarding (met producties), waarin de grieven zijn opgenomen, concludeert [gedaagde] (samengevat) tot gedeeltelijke vernietiging van het vonnis waarvan beroep en tot het alsnog integraal toewijzen van zijn vorderingen.

2.3

Op de eerstdienende dag is [geïntimeerde] niet verschenen. Tegen haar is verstek verleend.

2.4

[gedaagde] heeft vervolgens arrest gevraagd en daartoe de stukken overgelegd.

3 De beoordeling

3.1

Bij het hof zijn vraagtekens gerezen over de rechtsgeldigheid van de betekening van de appeldagvaarding. Het exploot is uitgebracht aan:

"Mevrouw [geïntimeerde] (BSN [nr.] ), geboren [geboortedatum] , wonende -en zaakdoende - te ( [postcode] ) [woonplaats 2] aan [adres] , in eerste aanleg verschenen zonder advocaat, aldaar gemeld woonadres mijn exploit doende en afschrift dezes latende (...)"

Uit het exploot blijkt dat het door de deurwaarder in een gesloten envelop is achtergelaten, omdat hij niemand aantrof aan wie rechtsgeldig afschrift kon worden gelaten.

3.2

De dagvaarding in eerste aanleg vermeldt dat [geïntimeerde] zonder bekende woonplaats is in Nederland, maar dat zij feitelijk verblijft aan [adres] te [woonplaats 2] . Op laatstgenoemd adres zou [geïntimeerde] een café pachten alwaar zij dagelijks werkzaam is, in welk verband een uittreksel van het handelsregister van de Kamer van Koophandel als productie 1 bij de inleidende dagvaarding is gevoegd. Wat hiervan ook zij, het exploot van 20 mei 2015 is aan [geïntimeerde] in persoon betekend en [geïntimeerde] is tijdens de mondelinge behandeling in eerste aanleg in persoon verschenen.

3.3

Betekening in persoon is in hoger beroep echter uitgebleven. Gesteld noch gebleken is dat sprake is van een door [geïntimeerde] gekozen woonplaats op het adres [adres] te [woonplaats 2] . Evenmin blijkt uit de overgelegde stukken dat [geïntimeerde] inmiddels een bekende woonplaats heeft in Nederland op het adres [adres] te [woonplaats 2] . Gelet op de betekening van de inleidende dagvaarding heeft het hof vooralsnog niet met voldoende zekerheid kunnen vaststellen dat het appelexploot op rechtsgeldige wijze is uitgebracht. Alvorens zo nodig het verleende verstek terug te draaien, zal het hof [gedaagde] in de gelegenheid stellen om zich bij akte hierover uit te laten. Ook staat het [gedaagde] vrij om op andere wijze - bijvoorbeeld door het alsnog betekenen in persoon van een tweede exploot - aan te tonen dat de appeldagvaarding [geïntimeerde] heeft bereikt.

3.4

Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

De beslissing

Het hof, rechtdoende in hoger beroep:

verwijst de zaak naar de rol van dinsdag 8 september 2015 voor een akte aan de zijde van [gedaagde] als bedoeld in rechtsoverweging 3.3;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mr. J.H. Kuiper, mr. J.D.S.L. Bosch en mr. N.A. Baarsma, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 25 augustus 2015.