Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2015:4464

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
17-06-2015
Datum publicatie
18-06-2015
Zaaknummer
21-001994-14
Formele relaties
Cassatie: ECLI:NL:HR:2017:378, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft zich tezamen en in vereniging met anderen gedurende een langere periode schuldig gemaakt aan oplichting van de gemeente Tiel, valsheid in geschrift en witwassen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-001994-14

Uitspraak d.d.: 17 juni 2015

TEGENSPRAAK

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Gelderland van 26 maart 2014 met parketnummer 05-700701-12 in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Nederlandse Antillen) op [1987],

wonende te [woonplaats].

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 3 juni 2015 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I). Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw,
mr. M. Schwab, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep om proceseconomische redenen vernietigen en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1:
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 13 januari 2011 tot en met
28 juli 2011 te Amsterdam en/of te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) (een) voorwerp(en) en/of geldbedrag(en),
te weten één of meer geldbedrag(en) (van in totaal ongeveer 262.265 EURO, althans enig geldbedrag) heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans van een voorwerp, te weten een of meer geldbedrag(en), gebruik heeft gemaakt, terwijl hij (telkens) wist dat dat/die voorwerp(en) en/of geldbedrag(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf;


2:

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 13 januari 2011 tot en met

28 juli 2011 te Amsterdam en/of te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gebruik heeft/hebben gemaakt van (een) vals(e) of vervalst(e) factu(u)r(en), zijnde die factu(u)r(en) (een) geschrift(en) dat/die bestemd is/zijn om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die/dat geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst en bestaande die valsheid of vervalsing (telkens) hierin dat:

- op deze factu(u)r(en) (een) cliënt(en) stond(en) welke reeds waren uitgeschreven (uit het reïntegratiesysteem) bij de gemeente Tiel en/of

- op deze factu(u)r(en) bedrijven en/of instellingen stonden welke reeds waren uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel en/of

- ( telkens) op deze factu(u)r(en) (reeds) verrichte werkzaamheden vermeld zijn en/of gefactureerd zijn, terwijl nooit/geen werkzaamheden verricht zijn en/of nooit/niet verricht zouden gaan worden, en bestaande die gebruikmaking (telkens) hierin dat verdachte en/of zijn mededader(s) voormelde factu(u)r(en):

- ( ter betaling) heeft/hebben ingediend bij (de administratie van) de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe en/of waarna in veel gevallen (conform facturering) door de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe werd(en) uitbetaald;

3:

hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2011 tot en met

28 juli 2011 te Amsterdam en/of te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe (telkens) heeft bewogen tot de afgifte van een hoeveelheid geld, in elk geval enig goed, hierin bestaande dat verdachte tezamen met verdachtes mededader(s), althans alleen, (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid:

(nep)facturen (welke op naam stonden van niet (meer) bestaande bedrijven en/of reeds uitgeschreven cliënten en/of waarop werkzaamheden vermeld stonden en/of gefactureerd werden die nooit/niet verricht waren en/of nooit/niet verricht zouden gaan worden) heeft ingediend en/of in het systeem van de gemeente Tiel heeft ingebracht en/of ter (uit)betaling heeft aangeboden en/of gefiatteerd waardoor de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe (telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Overweging met betrekking tot het bewijs

Ter terechtzitting van het hof heeft de verdediging aangegeven dat de feiten 1 en 3 worden erkend. Met betrekking tot het onder 2 tenlastegelegde heeft de verdediging aangevoerd dat niet is gebleken van een zodanige nauwe en bewuste samenwerking dat er sprake is geweest van medeplegen. Voorts heeft de verdediging aangevoerd dat uit het dossier en het verhandelde ter terechtzitting niet volgt dat verdachte de facturen heeft opgesteld en dat de facturen door hem zijn ingediend.

Het hof overweegt hierover als volgt.

Door de verdediging is ter terechtzitting van het hof niet bestreden dat de facturen vals zijn.

De respectieve eigenaren van de bedrijven [bedrijf 1],

[bedrijf 2] en [bedrijf 3] hebben verklaard de bedrijven niet te

kennen en nooit enige beschikkingsmacht te hebben gehad over de bedrijven en de

bijbehorende bankgegevens. Daarnaast zijn in de woning van verdachte en zijn moeder, de

woning van een buurman van verdachte en in de auto van verdachte diverse bescheiden

aangetroffen die een directe link hebben met deze bedrijven. Verdachte heeft verklaard dat

deze bescheiden van hem zijn en zijn buurman en moeder niets met deze zaken te maken

hebben. Ook is verdachte door de drie eigenaren van de hiervoor genoemde bedrijven, [getuige 1], [getuige 2] en [getuige 3] herkend als de persoon die hen heeft benaderd om de betreffende bedrijven op te zetten. Tevens is in de woning van de buurman van verdachte (adres [adres] te [plaats]) een factuur van [bedrijf 1] ten behoeve van klant [betrokkene] en een factuur van [naam] met daarop handgeschreven het rugnummer van [medeverdachte] aangetroffen. Ook blijkt uit onderzoek naar de telefoongegevens dat [medeverdachte] en verdachte veelvuldig contact hadden. [medeverdachte] heeft ter terechtzitting van het hof als (op verzoek van de verdediging gehoorde) getuige in de zaak tegen verdachte onder meer verklaard dat zij verdachte opbelde om hem de gegevens - te vermelden op de facturen - aan te reiken en de rekeningnummers op de facturen te controleren, voordat zij de gegevens in het GWS-systeem van de gemeente Tiel inbracht.


Het hof is van oordeel dat uit deze bewijsmiddelen volgt dat het niet anders kan dan dat

verdachte nauw betrokken is geweest bij de oprichting van de verschillende

bedrijven, dat de bedrijven, die op naam van zogenoemde katvangers staan, zijn opgericht

om strafbare feiten te kunnen plegen, dat verdachte feitelijk de beschikking had over de

bedrijfsgegevens en bijbehorende bankgegevens van deze bedrijven en dat verdachte samen

met [medeverdachte] deze gegevens en bedrijven heeft gebruikt ten behoeve van het opmaken van valse facturen (en het vervolgens kunnen wegsluizen van gelden). Verdachte was ook in het bezit van een valse factuur. Alle betrokken facturen zijn met daarop handgeschreven het zogenoemde rugnummer van [medeverdachte] in het GWS systeem gebracht en gefiatteerd. Op basis van deze valse facturen zijn de gemeenten Tiel, Neerijnen, West Maas en Waal en Neder-Betuwe overgegaan tot betaling van een geldbedrag van in totaal € 262.265,-.

Gelet op de hiervoor genoemde bewijsmiddelen, in onderling verband en samenhang bezien,

acht het hof voldoende vaststaan dat verdachte in nauwe en bewuste samenwerking

met [medeverdachte] gebruik heeft gemaakt van de valse facturen door deze facturen ter betaling

bij de gemeente Tiel in te dienen. Hierna werden ze door [medeverdachte] - met gebruikmaking van haar eigen rugnummer - in het GWS-systeem gebracht en vervolgens werd door haar de uitbetaling bewerkstelligd.

Bewezenverklaring

Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

1:
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 13 januari 2011 tot en met
28 juli 2011 te Amsterdam en/of te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) (een) voorwerp(en) en/of geldbedrag(en),
te weten één of meer geldbedrag(en) (van in totaal ongeveer 262.265 EURO, althans enig geldbedrag) heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, althans van een voorwerp, te weten een of meer geldbedrag(en), gebruik heeft gemaakt, terwijl hij (telkens) wist dat dat/die voorwerp(en) en/of geldbedrag(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf;


2:
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 13 januari 2011 tot en met
28 juli 2011 te Amsterdam en/of te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk gebruik heeft/hebben gemaakt van (een) vals(e) of vervalst(e) factu(u)r(en), zijnde die factu(u)r(en) (een) geschrift(en) dat/die bestemd is/zijn om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware die/dat geschrift(en) (telkens) echt en onvervalst en bestaande die valsheid of vervalsing (telkens) hierin dat:
- op deze factu(u)r(en) (een) cliënt(en) stond(en) welke reeds waren uitgeschreven (uit het reïntegratiesysteem) bij de gemeente Tiel en/of
- op deze factu(u)r(en) bedrijven en/of instellingen stonden welke reeds waren uitgeschreven bij de Kamer van Koophandel en/of

- (telkens) op deze factu(u)r(en) (reeds) verrichte werkzaamheden vermeld zijn en/of gefactureerd zijn, terwijl nooit/geen werkzaamheden verricht zijn en/of nooit/niet verricht zouden gaan worden, en bestaande die gebruikmaking (telkens) hierin dat verdachte en/of zijn mededader(s) voormelde factu(u)r(en):
- (ter betaling) heeft/hebben ingediend bij (de administratie van) de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe en/of waarna in veel gevallen (conform facturering) door de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe werd(en) uitbetaald;

3:
hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 1 januari 2011 tot en met
28 juli 2011 te Amsterdam en/of te Tiel, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen (telkens) door het aannemen van een valse naam en/of een valse hoedanigheid en/of door listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe (telkens) heeft bewogen tot de afgifte van een hoeveelheid geld, in elk geval enig goed, hierin bestaande dat verdachte tezamen met verdachtes mededader(s), althans alleen, (telkens) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - opzettelijk valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid:
(nep)facturen (welke op naam stonden van niet (meer) bestaande bedrijven en/of reeds uitgeschreven cliënten en/of waarop werkzaamheden vermeld stonden en/of gefactureerd werden die nooit/niet verricht waren en/of nooit/niet verricht zouden gaan worden) heeft ingediend en/of in het systeem van de gemeente Tiel heeft ingebracht en/of ter (uit)betaling heeft aangeboden en/of gefiatteerd waardoor de gemeente Tiel en/of de gemeente Neerijnen en/of de gemeente West Maas en Waal en/of de gemeente Neder-Betuwe (telkens) werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:

medeplegen van witwassen, meermalen gepleegd.

Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:

medeplegen van opzettelijk gebruik maken van een vals geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, als ware het echt en onvervalst,

meermalen gepleegd.

Het onder 3 bewezen verklaarde levert op:

medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich tezamen en in vereniging met een ander gedurende een langere periode schuldig gemaakt aan oplichting, valsheid in geschrift en witwassen. Hij heeft door gebruik te maken van drie katvangers de bedrijven [bedrijf 1], [bedrijf 2] en [bedrijf 3] laten oprichten. Ondanks dat hij niet als eigenaar van die bedrijven geregistreerd stond, had hij wel degelijk de daadwerkelijke beschikkingsmacht over de gegevens van die bedrijven en de bijbehorende rekeningnummers.

Verdachte heeft de facturen ingediend bij de gemeente aan de hand van de gegevens die hij kreeg van [medeverdachte]. De prestaties als vermeld op de facturen zijn echter nooit door de diverse bedrijven verricht of aangeboden. Op de facturen stonden namen genoemd van klanten die op dat moment helemaal geen uitkering genoten en/of al die tijd niet meer woonachtig waren in een van de desbetreffende gemeenten. De gemeenten zij door deze valsheid opgelicht en hebben aan de genoemde bedrijven in totaal bijna € 260.000,- betaald. Een deel van dat bedrag zal zeker bij verdachte terecht zijn gekomen. Pas na een melding van de ING-bank is deze zaak aan het rollen gekomen. Als de bank geen melding had gedaan, is het maar de vraag of en wanneer deze fraude was opgemerkt. Verdachte is in ieder geval niet uit eigener beweging gestopt met de strafbare gedragingen.

Verdachte heeft op een zeer intensieve en geraffineerde wijze bovenstaande feiten gepleegd enkel om er financieel beter van te worden. Hij heeft ogenschijnlijk zonder scrupules gebruik gemaakt van persoonsgegevens van anderen en bedrijven laten oprichten die nooit tot doel hadden legale bedrijfsactiviteiten uit te oefenen. Samen met [medeverdachte] heeft hij hierdoor vele instanties en personen misbruikt en hun vertrouwen beschaamd. Door op dergelijke wijze te werk te gaan heeft hij het financiële verkeer en de gemeenten ernstig benadeeld. Het hof rekent dit verdachte zwaar aan.

Ondanks dat het hof rekening houdt met artikel 63 van het Wetboek van Strafrecht, is het hof van oordeel dat ter afdoening van dit soort feiten, mede gelet op het benadelingsbedrag, enkel een forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf, gelijk aan de straf die door de rechtbank is opgelegd, passend en geboden is.

De beoordeling van de civiele vorderingen, alsmede de gevorderde oplegging van de schadevergoedingsmaatregel

In het strafgeding hebben zich respectievelijk als benadeelde partij gevoegd de gemeente Tiel, de gemeente West Maas en Waal, de gemeente Neder-Betuwe en de gemeente Neerijnen.


De gemeente Tiel heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 156.247,34. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep in zijn geheel toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

De gemeente West Maas en Waal heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 19.883,63. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep in zijn geheel toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

De gemeente Neder-Betuwe heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 66.283,02. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep in zijn geheel toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

De gemeente Neerijnen heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 18.173,95. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep in zijn geheel toegewezen. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.

Voorts is gesteld dat de gemeenten ieder afzonderlijk rechtstreeks schade hebben geleden als gevolg van voornoemde feiten en dus ook ieder afzonderlijk als benadeelde partij zijn aan te merken. Iedere gemeente had namelijk een eigen bankrekening via welke frauduleuze betalingen zijn verricht. Deze respectievelijke bankrekeningen werden weliswaar beheerd door alleen de gemeente Tiel, maar de frauduleus en dus onverschuldigd betaalde gelden vanaf die bankrekeningen behoorden uitsluitend toe aan de betreffende gemeente namens welke steeds werd uitgekeerd. Indien het hof de gemeenten hierin niet volgt en aldus de gemeente West Maas en Waal, Neder-Betuwe en Neerijnen niet als benadeelde partij aanmerkt maar enkel de gemeente Tiel, dan vordert de gemeente Tiel subsidiair dat verdachte ter zake van het bewezenverklaarde wordt veroordeeld tot een bedrag van
€ 260.587,91.

Namens de betrokken gemeenten is gevorderd dat alle voornoemde bedragen steeds worden

vermeerderd met de wettelijke rente.


Tot slot vordert alleen de gemeente Tiel vergoeding van proceskosten conform het

1iquidatietarief.

De advocaat-generaal heeft verzocht om de (primaire) vorderingen toe te wijzen, vermeerderd met de wettelijke rente en met veroordeling van verdachte in de proceskosten. Tevens heeft de advocaat-generaal verzocht om ter zake deze bedragen steeds de schadevergoedingsmaatregel ex artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht op te leggen, met bevel dat bij gebreke van betaling en verhaal vervangende hechtenis wordt toegepast.

De verdediging heeft de vorderingen niet betwist.

Het hof is van oordeel dat de vorderingen door de verdediging, noch wat betreft het rechtstreeks verband tussen de geleden schade en het bewezenverklaarde feit, noch wat de hoogte betreft zijn betwist, zodat deze voor toewijzing gereed ligt. Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vorderingen zullen worden toegewezen.

De schade in deze omvat het totale bedrag aan betaalde valse facturen minus de inmiddels door de verzekeraar vergoede facturen. Deze schade is (mede) een rechtstreeks gevolg van het - kort gezegd - bewezenverklaarde, frauduleuze handelen van verdachte. Ieder van de betrokken gemeenten heeft afzonderlijk schade geleden en niet alleen de gemeente Tiel. Een valse factuur werd immers - zoals door de gemeenten onbetwist gesteld - steeds voldaan met gelden van de gemeente aan wie de bewuste valse factuur was gericht dan wel op wiens cliënt de valse factuur betrekking had.

Aldus zal het hof verdachte hoofdelijk veroordelen tot betaling van:

- € 156.247,34 aan de gemeente Tiel;

- € 19.883,63 aan de gemeente West Maas en Waal;

- € 18.173,95 aan de gemeente Neerijnen, en

- € 66.283,02 aan de gemeente Neder-Betuwe.

Deze bedragen dienen steeds te worden vermeerderd met de wettelijke rente vanaf
1 augustus 2011. Het hof beschouwt deze datum als het moment waarop de verbintenis tot schadevergoeding opeisbaar is geworden en de schade geacht wordt te zijn geleden.

Zoals hiervoor overwogen zal de veroordeling tot betaling van de schade hoofdelijk zijn. De

verdachte is aldus niet meer gehouden tot vergoeding van schade indien en voor zover de

schade door (één van) zijn medeverdachten is voldaan. Daarbij geldt wel dat de medeverdachten onderling niet steeds aansprakelijk zijn voor dezelfde schade. Om bij de

executie van dit vonnis problemen ten aanzien van de hoofdelijkheid te voorkomen zal het hof evenals de rechtbank in onderstaand overzicht per gemeente weergeven tot welke medeverdachte en tot welke schade de hoofdelijkheid zich beperkt. Het zal aan verdachte zijn om - op de voet van artikel 6:43 van het burgerlijk Wetboek - per betaling aan te geven aan welk zaaksdossier en aan welke gemeente als crediteur die betaling moet worden toegerekend. Op deze wijze kan namelijk worden vastgesteld of een medeverdachte en, zo ja wie van de medeverdachten, door een betaling wordt bevrijd.

Schematische weergave:

Zaaksdossier

Gemeente Tiel

Gemeente West Maas en Waal

Gemeente Neerijnen

Gemeente Neder Betuwe

De hoofdelijkheid beperkt zich tot:

[bedrijf 1]

17.588,20

n.v.t.

n.v.t.

7.840,55

[medeverdachte]

[bedrijf 2]

70.160,75

7.153,32

7.980,14

20.598,07

[medeverdachte]

[bedrijf 3]

68.498,39

12.730,31

10.193,81

37.844,40

[medeverdachte]

Totaal

156.247,34

19.883,63

18.173,95

66.283,02

Een redelijke uitleg van artikel 592a van het Wetboek van Strafvordering brengt wel mee dat bij de begroting van de vergoeding van de kosten van rechtsbijstand van een benadeelde partij dezelfde maatstaf wordt gehanteerd als in civiele procedures (vgl. HR 29 mei 2001, NJ 2002, 123).

Dat houdt in dat ter zake van de kosten als bedoeld in artikel 56 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) een vergoeding wordt toegekend op de voet van het in artikel 56 e.v. Rv bepaalde en dat eventuele verdere, aangetoonde kosten van rechtsbijstand met inachtneming van het bepaalde in artikel 57, zesde lid, Rv voor vergoeding in aanmerking kunnen komen.

Het hof zal in dit geval uitgaan van het liquidatietarief rechtbanken en hoven per
1 november 2004, zoals vastgesteld in overleg tussen vertegenwoordigers van de rechterlijke macht en de Nederlandse Orde van Advocaten en met ingang van 1 september 2008 aangepast aan de Wet afschaffing procuraat en invoering elektronisch berichtenverkeer. Het hof stelt daarbij naar redelijkheid en billijkheid het indienen van het verzoek tot schadevergoeding gelijk aan een conclusie na comparitie of enquête (0,5 punt) en het bijwonen van de zitting bij de rechtbank en het hof gelijk aan het bijwonen van een enquête aan de eigen zijde (1 punt).

Het verzoek tot schadevergoeding ad € 260.587,91 is ingediend door de raadsman van de benadeelde partij(en). Het hof zal het verzoek, dat in appel enigszins is aangepast, waarderen op 0,5 punt van het tarief in appel voor beide instanties tezamen.

Het tarief is in casu tarief VI, waar ieder punt in eerste aanleg wordt gewaardeerd op
€ 2.000,- en in appel wordt gewaardeerd op € 3.263,-, zodat de kosten van rechtsbijstand worden bepaald op € 6.894,50,- .

Nu de gemeente als overheidsorgaan de vordering met behulp van onder andere de ter terechtzitting aanwezige advocaat op eenvoudige wijze kan innen, is het hof van oordeel dat de oplegging van een schadevergoedingsmaatregel achterwege dient te blijven.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 47, 57, 63, 225, 326 en 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1, 2 en 3 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 1, 2 en 3 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) maanden.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Vordering van de benadeelde partij Gemeente Neder-Betuwe

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Gemeente Neder-Betuwe ter zake van het onder 1, 2 en 3 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 66.283,02 (zesenzestigduizend tweehonderddrieëntachtig euro en twee cent) ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededader(s), hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.

Bepaalt dat voormeld toegewezen bedrag aan materiële schadevergoeding vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2011 tot aan de dag der algehele voldoening.

Vordering van de benadeelde partij Gemeente Neerijnen

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Gemeente Neerijnen ter zake van het onder 1, 2 en 3 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 18.173,95 (achttienduizend honderddrieënzeventig euro en vijfennegentig cent) ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededader(s), hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.

Bepaalt dat voormeld toegewezen bedrag aan materiële schadevergoeding vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2011 tot aan de dag der algehele voldoening.

Vordering van de benadeelde partij Gemeente Tiel

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Gemeente Tiel ter zake van het onder 1, 2 en 3 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 156.247,34 (honderdzesenvijftigduizend tweehonderdzevenenveertig euro en vierendertig cent) ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededader(s), hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.

Bepaalt dat voormeld toegewezen bedrag aan materiële schadevergoeding vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2011 tot aan de dag der algehele voldoening.

Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op
6.894,50 (zesduizend achthonderdvierennegentig euro en vijftig eurocent).

Vordering van de benadeelde partij Gemeente West Maas en Waal

Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Gemeente West Maas en Waal ter zake van het onder 1, 2 en 3 bewezen verklaarde tot het bedrag van € 19.883,63 (negentienduizend achthonderddrieëntachtig euro en drieënzestig cent) ter zake van materiële schade en veroordeelt de verdachte die, evenals zijn mededader(s), hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is, met dien verstande dat indien en voor zover de een aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan, de een of meer anderen daarvan in zoverre zullen zijn bevrijd, om dit bedrag tegen een behoorlijk bewijs van kwijting te betalen aan de benadeelde partij.

Bepaalt dat voormeld toegewezen bedrag aan materiële schadevergoeding vermeerderd wordt met de wettelijke rente vanaf 1 augustus 2011 tot aan de dag der algehele voldoening.

Aldus gewezen door

mr. R. de Groot, voorzitter,

mr. J.M.J. Denie en mr. P.L.M van Gorkom, raadsheren,

in tegenwoordigheid van B.J. Berendsen, griffier,

en op 17 juni 2015 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 17 juni 2015.

Tegenwoordig:

mr. M. Barels, voorzitter,

mr. L.H.J. Vijlbrief-Smit, advocaat-generaal,

mr. W.C.S. Huijbers, griffier.

De voorzitter doet de zaak uitroepen.

De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.

De voorzitter spreekt het arrest uit.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.