Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2015:3428

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
12-05-2015
Datum publicatie
20-05-2015
Zaaknummer
200.164.324-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Ontslag van instantie. De eerst dienende dag is bij anticipatie vervroegd door de geïntimeerde. Appellante heeft op de eerste roldatum - en ook nadien - geen advocaat gesteld. Geïntimeerde wordt daarom van de instantie ontslagen en appellante wordt veroordeeld in de kosten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Leeuwarden

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.164.324/01

(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 2379336 CV EXPL 13-12462)

arrest van de eerste kamer van 12 mei 2015 in de zaak van:

Stichting [appellant],

gevestigd te [vestigingsplaats],

appellante,

in eerste aanleg: eiseres,

hierna: [appellant],

niet verschenen,

tegen

mr. [geïntimeerde], voorheen h.o.d.n. Advocatenkantoor [X],

wonende te [woonplaats] ([provincie]),

geïntimeerde,

in eerste aanleg: gedaagde,

hierna: [X],

advocaat: mr. S.M.H. van Boheemen, kantoorhoudend te Amsterdam.

1 Het geding in eerste instantie

1.1

In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in de vonnissen van 21 november 2013 en 7 augustus 2014 van de rechtbank Noord-Nederland, afdeling privaatrecht, locatie Groningen(hierna: de kantonrechter).

2 Het geding in hoger beroep

2.1

Bij exploot van 6 november 2014 is door [appellant] hoger beroep ingesteld van voormeld vonnis van de kantonrechter van 7 augustus 2014, met dagvaarding van [X] tegen de zitting van 2 juni 2015. De conclusie van de appeldagvaarding strekt tot vernietiging van het bestreden vonnis, toewijzing van de vordering van [appellant] en veroordeling van [X] in de proceskosten in beide instanties.

2.2

[X] heeft bij exploot van anticipatie van 28 januari 2015 de eerst dienende dag vervroegd naar 10 februari 2015.

2.3

Op de eerst dienende dag heeft zich namens [appellant] geen advocaat gesteld.

2.4

Aan [appellant] is daarop, conform het bepaalde in art. 123 lid 1 Rv, gelegenheid gegeven om binnen een door het hof gestelde termijn alsnog advocaat te stellen. De zaak is hiervoor op de rol van geplaatst van 24 februari 2015, maar op die datum heeft zich geen advocaat gesteld voor [appellant]. Vervolgens is de zaak verwezen naar de rol van 1 maart 2016 voor het stellen van een advocaat door [appellant], ambtshalve peremptoir.

2.5

Op verzoek van de advocaat van [X] is de zaak vervroegd naar de rol van 17 maart 2015. Op deze roldatum heeft zich voor [appellant] geen advocaat gesteld en heeft [X] arrest gevraagd.

2.6

Arrest is bepaald op heden, te wijzen op het griffiedossier.

3 De beoordeling

3.1

Het hof stelt vast dat [appellant] binnen de haar gegeven termijnen geen gebruik heeft gemaakt van de geboden gelegenheden tot herstel van het verzuim van advocaatstelling. [X] zal daarom van de instantie worden ontslagen.

3.2

Met toepassing van het bepaalde in art. 123 lid 2 Rv in samenhang met de artikelen 127 lid 2 Rv en 353 lid 1 Rv zal [appellant] worden veroordeeld in de kosten van het geding in hoger beroep (salaris advocaat: ½ punt in tarief III).

De beslissing

Het hof, rechtdoende in hoger beroep:

ontslaat [X] van de instantie (de procedure in hoger beroep);

veroordeelt [appellant] in de kosten van het geding in hoger beroep en stelt die kosten aan de zijde van [X] tot aan deze uitspraak vast op € 579,00 aan geliquideerd salaris voor de advocaat en op € 807,43 aan verschotten.

Dit arrest is gewezen door mr. J.H. Kuiper, mr. L. Groefsema en mr. D.H. de Witte, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 12 mei 2015.