Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2015:10163

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
03-12-2015
Datum publicatie
01-02-2016
Zaaknummer
TBS P15/0328
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verlenging terbeschikkingstelling met een jaar in plaats van twee jaar.

Uitgangspunt is dat, wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling van de terbeschikkinggestelde meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar, de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren.

Door de recente overplaatsing naar de huidige kliniek met een forse inperking van de vrijheden die de terbeschikkinggestelde eerder had, is sprake van een ongewenste discontinuïteit in het behandel- en resocialisatietraject waardoor, buiten schuld van de terbeschikkinggestelde, vertraging in het resocialisatietraject is opgetreden. Mede gelet op de lange duur van de maatregel ziet het hof in deze omstandigheid aanleiding om de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege te verlengen met niet meer dan één jaar. Het hof acht het van belang dat de continuïteit van de behandeling wordt gewaarborgd en verdere stagnatie bij deze langlopende terbeschikkingstelling wordt voorkomen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

TBS P15/0328

Beslissing d.d. 3 december 2015

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,

verblijvende in FPC [kliniek 1] .

Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, van 28 augustus 2015, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.

Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder:

- het arrest van het gerechtshof Arnhem van 25 augustus 1988, waarbij de terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege werd opgelegd;

- het verlengingsadvies van FPC [kliniek 3] van 13 juli 2015;

- de vordering van de officier van justitie, ingekomen op 31 juli 2015;

- het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;

- de beslissing waarvan beroep;

- de aanvullende informatie van FPC [kliniek 1] van 12 november 2015, met als bijlage de wettelijke aantekeningen van het derde kwartaal van 2015 en het advies van het Adviescollege Verloftoetsing tbs van 17 augustus 2015.

Het hof heeft ter zitting van 19 november 2015 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr. E.J. de Mare, advocaat te Groningen, en de advocaat-generaal mr. M.J.M van der Mark.

Overwegingen

Het advies van FPC [kliniek 3] van 13 juli 2015

De terbeschikkinggestelde is een gemiddeld intelligente, affectief weinig dynamische, gedifferentieerde en prikkelbare man. Er is sprake van een persoonlijkheidsstoornis met afhankelijke, ontwijkende en antisociale trekken. De geconstateerde trekken lijken in het verleden duidelijker op de voorgrond te staan dan in het heden. De terbeschikkinggestelde imponeert als een gehospitaliseerde man, wiens bijna totale afhankelijkheid van anderen na een jarenlang verblijf in een klinische setting enerzijds tegemoet komt aan zijn behoefte aan steun, zorg en waardering, maar anderzijds zeer ten koste gaan van autonomie, de differentiatie van zijn gevoelsleven en de mogelijkheid om een perspectief te ontwikkelen op een toekomst met partner, werk en dergelijke. Met de huidige mate van begeleiding en toezicht kan de terbeschikkinggestelde zich goed staande houden. Er is echter sprake van een gebrek aan overeenstemming over de mate van begeleiding op lange termijn.

De terbeschikkinggestelde is van mening dat hij zelfstandig kan wonen met af en toe bezoek van de reclassering. De kliniek acht een intensievere mate van begeleiding geïndiceerd gezien het recidiverisico. Het recidiverisico wordt in geval van beëindiging van het toezicht of de maatregel als hoog ingeschat. De casus van de terbeschikkinggestelde wordt beschouwd als zeer risicovol, gezien de forse problematiek die slechts beperkt bewerkbaar is gebleken door behandeling, de meerdere seksuele delicten die hij heeft gepleegd en het verloop van eerdere behandelpogingen. Een geleidelijk resocialisatietraject is geïndiceerd.

De kliniek heeft geadviseerd om de terbeschikkingstelling met dwangverpleging te verlengen voor de duur van twee jaren.

De aanvullende informatie van FPC [kliniek 1] van 12 november 2015

De terbeschikkinggestelde praktiseert op dit moment onbegeleide verloven naar zijn werk in

Almere. Overige verloven vinden vooralsnog onder begeleiding plaats. Op korte termijn is de kliniek voornemens om een wijziging verlofplan in te dienen, zodat hij alle verloven onbegeleid kan praktiseren. Huidig kliniekbeleid is dat de terbeschikkinggestelde in het geval van onbegeleide verloven in de commissie libidoremmende medicatie besproken dient te worden. De terbeschikkinggestelde staat hiervoor op dit moment niet open en weigert de eventuele indicatie op voorhand. De kliniek onderschrijft het beschreven recidiverisico in het door FPC [kliniek 3] uitgebrachte advies tot verlenging van de ter beschikkingstelling met een periode van twee jaar en de onderbouwing van de noodzaak tot verlenging van de maatregel. Een sterk gefaseerd resocialisatietraject is noodzakelijk. De kliniek adviseert om de terbeschikkingstelling te verlengen met een periode van twee jaar.

Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman

De terbeschikkingstelling duurt inmiddels al meer dan 22 jaar en wordt gekenmerkt door tegenslagen en terugvallen. Reeds in 1999 was de terbeschikkinggestelde gereed om te gaan resocialiseren, maar vanwege een nieuwe risicotaxatie werden zijn verloven ingetrokken. Vervolgens brak er een vervelende periode aan waarbij de terbeschikkinggestelde uit contact trad met zijn behandelaars. Na een overplaatsing naar FPC [kliniek 2] in 2004 en een nieuw resocialisatietraject is de terbeschikkinggestelde uiteindelijk in de longstay terecht gekomen. Naar aanleiding van een rapportage van het Pieter Baan Centrum is in 2011 een nieuwe behandelpoging gestart. Het duurde vervolgens nog geruime tijd voordat er plek was op de pre-resocialisatieafdeling. De terbeschikkinggestelde beschikt inmiddels over werk, maar heeft nog geen landelijk verlof, kennelijk vanwege de mediagevoeligheid van deze zaak. Alle verloven verliepen goed. Inmiddels is de terbeschikkinggestelde overgeplaatst naar FPC [kliniek 1] , waar hij ondanks toezeggingen met betrekking tot behoud van opgebouwde verloven vooralsnog alleen over begeleid verlof beschikt. Hierdoor bevindt de terbeschikkinggestelde zich nu weer pas in de pre- resocialisatiefase. De afgelopen jaren is er veel ten goede veranderd. De terbeschikkinggestelde beschikt over een groot netwerk en zijn copingvaardigheden zijn enorm gegroeid. Het PBC had een snel resocialisatietraject voor ogen, maar er worden telkens nieuwe belemmeringen opgeworpen. Na 28 jaar detentie moet de terbeschikkinggestelde een kans krijgen.

De raadsman heeft verzocht om de maatregel te verlengen voor de duur van een jaar, zodat over een jaar de voortgang kan worden getoetst en naar eventuele vervolgstappen kan worden gekeken.

Het standpunt van het openbaar ministerie

Er is sprake van een langlopende terbeschikkingstelling, maar kijkend naar de ernst van het indexdelict is dit begrijpelijk. Bovendien heeft de terbeschikkinggestelde eerder een TBR-maatregel opgelegd gekregen. Eerdere behandelpogingen zijn niet vlot verlopen en uit de advisering komt naar voren dat het resocialisatietraject van de terbeschikkinggestelde geleidelijk dient te verlopen. Gelet op de problematiek en risicotaxatie blijft intensieve forensische zorg noodzakelijk. De verloven verlopen wisselvallig en daarnaast speelt nog de kwestie van het gebruik van libidoremmende middelen. FPC [kliniek 1] onderschrijft het verlengingsadvies van FPC [kliniek 3] . Verlenging van de maatregel voor de duur van twee jaren is alleszins geïndiceerd.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank.

Het oordeel van het hof

Vernietiging

Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen, daar het tot een andere beslissing komt.

Indexdelict

Bij arrest van het gerechtshof Arnhem van 25 augustus 1988 is aan de terbeschikkinggestelde de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege opgelegd ter zake van doodslag, en verkrachting. Dit zijn misdrijven gericht tegen of gevaar veroorzakend voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen.

Stoornis en recidivegevaar

Bij de terbeschikkinggestelde is sprake van een persoonlijkheidsstoornis NAO met afhankelijke, ontwijkende en antisociale kenmerken. In het geval van een beëindiging van de verpleging van overheidswege wordt het recidiverisico als hoog ingeschat.

Verlenging

Gelet op de adviezen van de klinieken en hetgeen overigens ter zitting naar voren is gekomen, is het hof van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen verlenging van de terbeschikkingstelling eist.

Het hof heeft als uitgangspunt dat, wanneer aannemelijk is geworden dat de behandeling van de terbeschikkinggestelde meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar, de terbeschikkingstelling verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren. Het hof ziet in dit geval aanleiding om van dit uitgangspunt af te wijken.

Door de recente overplaatsing van FPC [kliniek 3] naar de huidige kliniek met een forse inperking van de vrijheden die de terbeschikkinggestelde eerder had, is sprake van een ongewenste discontinuïteit in het behandel- en resocialisatietraject waardoor, buiten schuld van de terbeschikkinggestelde, vertraging in het resocialisatietraject is opgetreden. Mede gelet op de lange duur van de maatregel ziet het hof in deze omstandigheid aanleiding om de terbeschikkingstelling met verpleging van overheidsweg te verlengen met niet meer dan één jaar teneinde zo een ‘vinger aan de pols ’ te houden. Zoveel mogelijk moet worden geprobeerd continuïteit van de behandeling te waarborgen en verdere stagnatie bij deze langlopende terbeschikkingstelling te voorkomen. Het hof gaat er van uit dat gedurende het verlengingsjaar tevens duidelijkheid zal ontstaan met betrekking tot het al dan niet noodzakelijk zijn van het gebruik van libidoremmende middelen.

Het hof benadrukt dat aan deze verlenging met één jaar niet de verwachting mag worden ontleend dat na verloop van dit jaar de terbeschikkingstelling (voorwaardelijk) zal worden beëindigd of slechts met een jaar zal worden verlengd.

Beslissing

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, van 28 augustus 2015 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde].

Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.

Aldus gedaan door

mr. Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter,

mr. G. Mintjes en mr. J.W. Rijkers als raadsheren,

en dr. I. Troost en drs. R. Poll als raden,

in tegenwoordigheid van mr. C.M.M. van der Waerden als griffier,

en op 3 december 2015 in het openbaar uitgesproken.

De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.