Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2014:8043

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
21-10-2014
Datum publicatie
05-03-2015
Zaaknummer
200.063.372
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Vervolg van ECLI:NL:GHARL:2014:4242 en ECLI:NL:GHARL:2013:CA2261

Eindarrest. Rooien appelbomen zonder toestemming pachter. Verpachter ziet af van schadebegroting door gerechtelijke deskundige. Hof legt pachtovereenkomst vast en stelt schade pachter vast.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN

locatie Arnhem

afdeling civiel recht

zaaknummer gerechtshof 200.063.372

(zaaknummer rechtbank Roermond, locatie Venlo, 248155)

arrest van de pachtkamer van 21 oktober 2014

in de zaak van

[appellant] ,

wonende te [woonplaats], gemeente [gemeente],

appellant,

hierna: [appellant],

advocaat: mr. B. Nijman,

tegen:

[geïntimeerde] ,

wonende te [woonplaats], gemeente [gemeente],
geïntimeerde,

hierna: [geïntimeerde],

advocaat: mr. G.R.A.G. Goorts.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 27 mei 2014 hier over.

1.1

Het verdere verloop blijkt uit:

- de akte houdende uitlating van [appellant].

1.2

Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest aan het hof overgelegd en heeft het hof wederom arrest bepaald.

2 De verdere motivering van de beslissing in hoger beroep

2.1

In voormeld tussenarrest heeft het hof geoordeeld dat [appellant] niet is geslaagd in het bewijs van zijn stelling dat [geïntimeerde] toestemming heeft gegeven voor het rooien van de appelbomen. Omdat geoordeeld moest worden of [geïntimeerde] schade heeft geleden, heeft het hof [appellant] in de gelegenheid gesteld zich alsnog uit te laten over de te benoemen deskundige.

2.2

In zijn akte heeft [appellant] aangevoerd dat hij om proceseconomische redenen ervan afziet de door [geïntimeerde] geleden schade door een deskundige te laten begroten en te berusten in de stelling van [geïntimeerde] dat deze € 5.661,25 bedraagt.

2.3

Bij deze stand van zaken kan thans eindarrest gewezen worden.

Slotsom

2.4

In het tussenarrest van 28 mei 2013 heeft het hof onder 4.5 geoordeeld dat de tweede grief faalt. In rov. 4.7 heeft het hof de derde grief verworpen. Het onder 4.8 aangekondigde voornemen het dictum ten aanzien van de vastgelegde pachtovereenkomst in zoverre te wijzigen dat daarin tot uitdrukking komt dat de percelen inclusief opstanden aan [geïntimeerde] in gebruik zijn gegeven, zal het hof als na te melden uitvoeren. Onder 4.13 heeft het hof vervolgens de kosten voor een nieuwe aanplant niet als schade van [geïntimeerde] aangemerkt, zodat de post van € 3.549 alsnog diende te worden afgewezen. Op dat onderdeel slaagde de eerste grief. Uit hetgeen is overwogen in het tussenarrest van 27 mei 2014 en de berusting van [appellant] vloeit voort dat de eerste grief voor het overige faalt.

2.5

Het hof zal het bestreden vonnis in conventie en in reconventie bekrachtigen, in reconventie met inachtneming van hetgeen hiervoor is overwogen. De proceskostenveroordelingen zal het hof in stand laten. [appellant] zal in het hoger beroep als de (overwegend) in het ongelijk te stellen partij in de kosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van [geïntimeerde] zullen worden vastgesteld op € 263 aan griffierecht en op € 2.682 salaris advocaat (het maximum van 3 punten x tarief II).

3 De beslissing

Het hof, recht doende in hoger beroep:

bekrachtigt het vonnis in conventie van de pachtkamer te Venlo van 24 februari 2010;

bekrachtigt dat vonnis in reconventie,

  1. met dien verstande dat de vastgelegde pachtovereenkomst ziet op het perceel cultuurgrond inclusief opstanden, plaatselijk bekend gemeente [gemeente], sectie L, nummers 215 (gedeeltelijk), groot 1.20.00 ha, 216, groot 1.12.00 ha en 219, groot 0.68.00 ha, totaal groot circa 3 hectare en

  2. behoudens de veroordeling tot schadevergoeding tot een bedrag van € 9.210,25, vernietigt het vonnis in zoverre en doet opnieuw recht:
    veroordeelt [appellant] aan [geïntimeerde] te betalen € 5.661,25 met de wettelijke rente daarover vanaf het moment dat de appelbomen zijn gerooid tot aan de dag der algehele voldoening,
    wijst de schadevordering voor het overige af;

verklaart dit arrest tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

veroordeelt [appellant] in de kosten van het hoger beroep, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [geïntimeerde] vastgesteld op € 263 voor griffierecht en op € 2.682 voor salaris overeenkomstig het liquidatietarief.

Dit arrest is gewezen door mrs. W.L. Valk, Th.C.M. Willemse en F.J.P. Lock en de deskundige leden mr.ing. H.J. Vinke en ir. H.B.M. Duenk en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 21 oktober 2014.