Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2014:6261

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
07-08-2014
Datum publicatie
08-03-2016
Zaaknummer
21-001063-13
Formele relaties
Cassatie: ECLI:NL:HR:2015:3212, (Gedeeltelijke) vernietiging met terugwijzen
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Veroordeling ter zake van een reeks misdrijven, waaronder diefstal van een fiets. Res nullius

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Afdeling strafrecht

Parketnummer: 21-001063-13

Uitspraak d.d.: 7 augustus 2014

TEGENSPRAAK

Promis

Verkort arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 25 september 2012 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 07-660245-12, 07-69014312 en 07-690402-12, en de van dat vonnis deel uitmakende beslissingen op de vordering tot tenuitvoerlegging, parketnummers 23-004759-07 en 07-660339-10, tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,

ingeschreven te [adres] .

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 15 oktober 2013 en 24 juli 2014 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot vernietiging van het vonnis, vrijspraak van het onder 5 primair en 6 ten laste gelegde, bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2, 3, 4, 5 subsidiair en 7 ten laste gelegde en veroordeling ter zake van deze feiten tot een gevangenisstraf voor de duur van 4 maanden. De vordering strekt voorts tot tenuitvoerlegging van:

- 50 dagen gevangenisstraf, verdachte voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 30 mei 2011 en

- 6 maanden gevangenisstraf, verdachte voorwaardelijk opgelegd bij arrest van het gerechtshof Amsterdam van 29 oktober 2008.

Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd.

Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen namens verdachte door zijn raadsvrouw, mr. M.A. Fikenscher, naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen en opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is ten laste gelegd dat:

Zaak met parketnummer 07-660245-12:

1:
hij op of omstreeks 25 juli 2012 te [plaats 1] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 1] ), met zijn, verdachtes, elleboog (met kracht) in/op/tegen de lip/mond, althans in/op/tegen het gezicht en/of het hoofd heeft geslagen/gestoten (waardoor die [slachtoffer 1] ten val is gekomen), waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden;

2:
hij op of omstreeks 25 juli 2012 te [plaats 1] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 2] ), meermalen, althans eenmaal op/tegen het (boven)lichaam en/of op/tegen de voet(en) heeft geslagen en/of geschopt, waardoor deze letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden;

3:
hij op of omstreeks 25 juli 2012 te [plaats 1] (een) perso(o)n(en) genaamd [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend met zijn, verdachtes, hand(en) (een) pistoolgeba(a)r(en) richting die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] gemaakt en/of (daarbij) deze [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd: "Jij gaat dood, jij gaat dood." en/of "Ja pluis, en jou maak ik ook af" en/of "jij gaat ook dood! en jij ook" en/of "En jullie doen geen aangifte! Als jullie aangifte doen gooi ik jullie ramen in! Ik maak jullie allemaal dood!", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

Zaak met parketnummer 07-690143-12:

4:
hij op of omstreeks 03 februari 2012 in de gemeente Almere wederrechtelijk vertoevende in een voor de openbare dienst bestemd lokaal, te weten (de centrale hal van) het politiebureau te Almere (Baljuwstraat), zich niet op de vordering van de bevoegde ambtenaar [surveillant] (surveillant van politie), aanstonds heeft verwijderd;

Zaak met parketnummer 07-690402-12:

5

primair:
hij op of omstreeks 22 november 2011 te [plaats 2] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een fiets (merk locomotief Amsterdam), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een nog onbekend gebleven persoon, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [hoofdagent] en/of [aspirant] (werkzaam als respectievelijk hoofdagent en aspirant bij de regiopolitie Amsterdam-Amstelland), gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld hierin bestond(en) dat hij, verdachte, (met kracht) een fiets richting [hoofdagent] en/of [aspirant] heeft gegooid;

5

subsidiair:
hij op of omstreeks 22 november 2011 te [plaats 2] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een fiets ( van het merk Locomotief Amsterdam), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een nog onbekend gebleven persoon), in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte;

5

meer subsidiair:
hij op of omstreeks 22 november 2011 te [plaats 2] ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening weg te nemen een fiets (van het merk Locomotief Amsterdam), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een nog onbekend gebleven persoon, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, aan die fiets heeft gevoeld en/of gezeten (teneinde zich ervan te vergewissen of die fiets op slot stond) en/of die fiets naar voren heeft bewogen en/of op die fiets is gaan zitten (teneinde weg te fietsen), terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

6:
hij op of omstreeks 22 november 2011 te [plaats 2] [hoofdagent] en/of [aspirant] (respectievelijk werkzaam als hoofdagent en aspirant bij de regiopolitie Amsterdam- Amstelland heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend een fiets (met kracht) in de richting van die [hoofdagent] en/of die [aspirant] gegooid;

7:
hij op of omstreeks 22 november 2011 te [plaats 2] opzettelijk beledigend (een) ambtena(a)r(en), te weten [hoofdagent] (werkzaam als hoofdagent bij de regiopolitie Amsterdam-Amstelland), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn/haar/hun bediening, die [hoofdagent] in diens/dier tegenwoordigheid mondeling heeft toegevoegd de woorden "kuthoer en/of "schijthoer", althans woorden van gelijke beledigende aard en/of strekking.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Het hof acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 2, 5 primair en 6 ten laste gelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Gelet op de vrijspraak van het onder 2 ten laste gelegde, behoeft het beroep op noodweer ten aanzien van dat feit geen bespreking.

Bewijsoverweging

De raadsvrouw heeft ter zake van feit 1 aangevoerd dat niet kan worden bewezen dat sprake was van opzet op het toebrengen van lichamelijk letsel, zodat verdachte van het onder 1 ten laste gelegde dient te worden vrijgesproken.

In tegenstelling tot de raadsvrouw acht het hof wel bewezen dat verdachte opzet heeft gehad op het toebrengen van lichamelijk letsel. Uit de in het dossier aanwezige bewijsmiddelen, in het bijzonder de verklaringen van [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] , volgt dat verdachte met zijn elleboog een gerichte beweging in de richting van het gezicht van [slachtoffer 1] heeft gemaakt.

Ter zake van feit 5 heeft de raadsvrouw eveneens vrijspraak bepleit. Zij heeft aangevoerd dat er geen sprake is van wegneming en voorts niet kan worden bewezen dat de fiets toebehoorde aan een ander, en aldus een res nullius betrof.

Het hof overweegt hieromtrent als volgt.

Uit het proces-verbaal van verbalisanten [hoofdagent] en [aspirant] is gebleken dat verdachte op de fiets stapte en weg wilde fietsen. Met deze handelingen is verdachte als heer en meester gaan beschikken over de fiets. Gelet op die omstandigheid acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de fiets heeft weggenomen.

Ten aanzien van de fiets is niet aannemelijk geworden dat deze kan worden aangemerkt als een res nullius. De omstandigheden waaronder en de locatie waar de fiets door verdachte is aangetroffen wettigen naar het oordeel van het hof niet de gedachte dat de eigenaar van deze fiets daar afstand van had gedaan.

Bewezenverklaring

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1, 3, 4, 5 subsidiair en 7 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:

Zaak met parketnummer 07-660245-12:

1:
hij op 25 juli 2012 te [plaats 1] opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [slachtoffer 1] ), met zijn, verdachtes, elleboog tegen de lip heeft gestoten, waardoor deze letsel heeft bekomen en pijn heeft ondervonden;

3:
hij op 25 juli 2012 te [plaats 1] personen genaamd [slachtoffer 3] en [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend met zijn, verdachtes, hand(en) (een) pistoolgeba(a)r(en) richting die [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] gemaakt en/of (daarbij) deze [slachtoffer 3] en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd: "Jij gaat dood, jij gaat dood" en "Ja pluis, en jou maak ik ook af" en "jij gaat ook dood! en jij ook" en "En jullie doen geen aangifte! Als jullie aangifte doen gooi ik jullie ramen in! Ik maak jullie allemaal dood!";

Zaak met parketnummer 07-690143-12:

4:
hij op 3 februari 2012 in de gemeente Almere wederrechtelijk vertoevende in een voor de openbare dienst bestemd lokaal, te weten (de centrale hal van) het politiebureau te Almere (Baljuwstraat), zich niet op de vordering van de bevoegde ambtenaar [surveillant] (surveillant van politie), aanstonds heeft verwijderd;

Zaak met parketnummer 07-690402-12:

5

subsidiair:
hij op 22 november 2011 te Amsterdam met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een fiets ( van het merk Locomotief Amsterdam), toebehorende aan een een ander of anderen dan aan verdachte;

7:
hij op 22 november 2011 te Amsterdam opzettelijk beledigend een ambtenaar, te weten [hoofdagent] (werkzaam als hoofdagent bij de regiopolitie Amsterdam-Amstelland), gedurende en/of ter zake van de rechtmatige uitoefening van haar bediening, die [hoofdagent] in dier tegenwoordigheid mondeling heeft toegevoegd de woorden "kuthoer en "schijthoer".

Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde

het onder 1 bewezen verklaarde levert op: mishandeling.

het onder 3 bewezen verklaarde (parketnummer 07-660245-12) levert op: bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, meermalen gepleegd.

het onder 4 bewezen verklaarde (parketnummer 07-690143-12) bewezen verklaarde levert op: wederrechtelijk in een voor de openbare dienst bestemd lokaal vertoevende, zich niet op de vordering van de bevoegde ambtenaar aanstonds verwijderen.

het onder 5 subsidiair bewezen verklaarde (parketnummer 07-690402-12) levert op: diefstal.

het onder 7 bewezen verklaarde (parketnummer 07-690402-12) levert op: eenvoudige belediging, terwijl de belediging wordt aangedaan aan een ambtenaar gedurende en ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.

Strafbaarheid van de verdachte

De raadsvrouw heeft bepleit dat verdachte ter zake van feit 1 dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging omdat verdachte zou hebben gehandeld uit (putatief) noodweer.

Het hof overweegt hieromtrent dat geen feiten of omstandigheden zijn aangevoerd noch aannemelijk zijn geworden op grond waarvan enige vorm van noodweer, dan wel putatief noodweer, kan worden aangenomen. Het verweer wordt derhalve verworpen.

Verdachte is strafbaar aangezien ook overigens geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.

Oplegging van straf en/of maatregel

De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Verdachte heeft zich in een periode van ruim een half jaar schuldig gemaakt aan een reeks delicten. Op 22 november 2011 heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan diefstal van een fiets en belediging van een politieagente. Op 3 februari 2012 wilde verdachte zich op vordering van de politie niet aanstonds verwijderen uit het politiebureau. Op 25 juli 2012 heeft verdachte zijn zwager mishandeld door met zijn elleboog tegen de lip van zijn zwager te stoten en bedreigingen geuit tegen zijn zwager, zus en neef.

Het hof overweegt ten nadele van verdachte dat hij, blijkens een hem betreffend uittreksel justitiële documentatie van 1 juli 2014, eerder ter zake van strafbare feiten onherroepelijk tot straffen en/of maatregelen is veroordeeld, onder meer tot onvoorwaardelijke vrijheidsstraffen. Kennelijk hebben deze veroordelingen verdachte er niet van weerhouden zich opnieuw schuldig te maken aan strafbare feiten.

In het dossier ligt een verdachte betreffend psychologisch rapport van 10 mei 2012, waarin wordt geconcludeerd dat er sprake is van een verminderde mate van toerekeningsvatbaarheid. Verdachte heeft echter niet volledig aan het psychologisch onderzoek mee willen werken. Het hof zal om die reden genoemd rapport niet ten voordele van verdachte bij de straftoemeting meenemen.

Alles afwegende en ook bezien uit het oogpunt van beveiliging van de maatschappij, is het hof van oordeel dat oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden, met aftrek van voorarrest, passend en geboden is.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft gevorderd de tenuitvoerlegging van de bij arrest van het gerechtshof te Amsterdam van 29 oktober 2008 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, parketnummer 23-004759-07. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Daarom zal de tenuitvoerlegging van die voorwaardelijk opgelegde straf worden gelast.

Vordering tenuitvoerlegging

Het openbaar ministerie heeft gevorderd de tenuitvoerlegging van de bij vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad van 30 mei 2011 opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 50 dagen, parketnummer 07-660339-10. Deze vordering is in hoger beroep opnieuw aan de orde.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt. Daarom zal de tenuitvoerlegging van die voorwaardelijk opgelegde straf worden gelast.

Toepasselijke wettelijke voorschriften

Het hof heeft gelet op de artikelen 14g, 57, 63, 139, 266, 267, 285, 300 en 310 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het (in de zaak met parketnummer 07-660245-12) onder 2 en (in de zaak met parketnummer 07-690402-12) onder 5 primair en 6 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het (in de zaak met parketnummer 07-660245-12) onder 1 en 3 en (in de zaak met parketnummer 07-690143-12) onder 4 en (in de zaak met parketnummer 07-690402-12) onder 5 subsidiair en 7 ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het (in de zaak met parketnummer 07-660245-12) onder 1 en 3, (in de zaak met parketnummer 07-690143-12) onder 4 en (in de zaak met parketnummer 07-690402-12) onder 5 subsidiair en 7 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 (drie) maanden.

Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij arrest van het gerechtshof te Amsterdam van 29 oktober 2008, parketnummer 23-004759-07, te weten van: een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden.

Gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voor zover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de meervoudige kamer in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 30 mei 2011, parketnummer 07-660339-10, te weten van: een gevangenisstraf voor de duur van 50 (vijftig) dagen.

Aldus gewezen door

mr. O. Anjewierden, voorzitter,

mr. W.M. van Schuijlenburg en mr. A. Dijkstra, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. I.N. Koers, griffier,

en op 7 augustus 2014 ter openbare terechtzitting uitgesproken.