Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHARL:2013:7286

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
12-09-2013
Datum publicatie
30-09-2013
Zaaknummer
TBS P13/0271
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging met ingang van plaatsing van de terbeschikkinggestelde op de FPA.

Vernietiging beslissing rechtbank, omdat:

- de rechtbank bij die beslissing -in aansluiting op de eerdere beslissing tot verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar onder toepassing van artikel 509t lid 5 Sv- de verpleging van overheidswege heeft verlengd, en deze laatste beslissing geen grondslag vindt in de wet;

- de rechtbank het verzoek tot voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging heeft afgewezen en het hof ten aanzien van dit verzoek tot een andere beslissing komt.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

TBS P13/0271

Beslissing d.d. 12 september 2013

De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van

[terbeschikkinggestelde] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

verblijvende in Forensisch Psychiatrisch Centrum Oldenkotte te Rekken.

Het beroep van betrokkene is blijkens de appelakte en de mededeling van de raadsman ter terechtzitting van het hof van 29 augustus 2013 (slechts) ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Zutphen van 8 mei 2013, houdende afwijzing van het verzoek om voorwaardelijke beëindiging van de verpleging.

Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder:

  • -

    de uitspraak van de rechtbank Zutphen van 8 december 2009, waarbij de terbeschikkingstelling onder voorwaarden werd opgelegd;

  • -

    de beslissing van dit hof van 7 juli 2010, waarbij is bevolen dat de terbeschikkinggestelde alsnog van overheidswege zal worden verpleegd;

  • -

    het verlengingsadvies van Forensisch Psychiatrisch Centrum Oldenkotte te Rekken van 1 oktober 2012;

  • -

    de vordering van de officier van justitie, ingekomen op 5 november 2012;

  • -

    de processen-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;

  • -

    de tussenbeslissing van de rechtbank Zutphen van 19 december 2012, waarbij de terbeschikkingstelling is verlengd voor de duur van één jaar en waarbij de beslissing over de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging is aangehouden;

  • -

    het reclasseringsadvies van Palier forensische en intensieve zorg te ’s-Gravenhage van 15 april 2013;

  • -

    het aanvullend reclasseringsadvies van Palier forensische en intensieve zorg te

’s-Gravenhage van 22 april 2013;

  • -

    de beslissing waarvan beroep;

  • -

    de appelakte van 17 mei 2013;

  • -

    de aanvullende informatie van Forensisch Psychiatrisch Centrum Oldenkotte van

29 juli 2013, met als bijlage de wettelijke aantekeningen van 20 november 2012 tot en met 9 april 2013;

- het e-mailbericht van Forensisch Psychiatrisch Centrum Oldenkotte van 28 augustus 2013, met als bijlage de wettelijke aantekeningen van 12 februari 2013 tot en met

4 juni 2013.

Het hof heeft ter zitting van 29 augustus 2013 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr I. Vreeken, advocaat te Zutphen, en de advocaat generaal

mr E.J. Julsing-Nijenhuis.

Overwegingen:

Het advies van de reclassering

GGZ Reclassering Palier is een groot voorstander van een proefverlof, omdat dit naar het oordeel van de reclassering voor de terbeschikkinggestelde een beter kader is om een resocialisatietraject te starten dan het voorwaardelijk beëindigen van de dwangverpleging.

In het aanvullende reclasseringsrapport overweegt Palier echter dat de aangekondigde sluiting van FPC Oldenkotte voor de terbeschikkinggestelde gevolgen zou kunnen hebben bij de aanvraag van proefverlof. De reclassering is van mening dat hij niet het slachtoffer mag worden van het beleid dat de FPC’s moeten gaan hanteren vooruitlopend op hun sluiting. Als dit het geval zou zijn is de reclassering bereid om de terbeschikkinggestelde in het kader van een voorwaardelijke beëindiging van de verpleging te begeleiden en te ondersteunen

Om vertragingen in de rechtsgang te voorkomen heeft de reclassering reeds voorwaarden geformuleerd waar de terbeschikkinggestelde zich naar haar oordeel bij een eventuele voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging aan zou moeten houden .

Betrokkene is ongeacht de toekomstige vorm van de maatregel welkom op de FPA van Palier. Indien het hof zou besluiten tot een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging, verzoekt GGZ Reclassering Palier deze in te laten gaan op de dag van plaatsing op de FPA. Gezien de wachtlijsten zal rekening moeten worden gehouden met een termijn van minimaal twee maanden.

Het advies van de kliniek

De kliniek heeft vastgesteld dat de terbeschikkinggestelde zich goed weet staande te houden en op adequate wijze vorm heeft gegeven aan zijn behandeling. De behandelresultaten zijn bevredigend en mogelijke risico’s zijn door middel van behandeling voldoende gemanaged. De terbeschikkinggestelde heeft via een traject van begeleide en onbegeleide vrijheden zijn resocialisatie vorm gegeven. Ten behoeve van verdere resocialisatie is de Forensisch Psychiatrische Afdeling van Palier te Den Haag bereid hem op te nemen en aldaar verder te begeleiden. De terbeschikkinggestelde is inmiddels aangemeld bij deze FPA. De afdeling staat op het terrein van de Parnassia Groep. De kliniek heeft er niet langer bezwaar tegen dat de verpleging van overheidswege wordt beëindigd.

Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman

De terbeschikkinggestelde en zijn raadsman hebben zich primair op het standpunt gesteld dat de dwangverpleging voorwaardelijk dient te worden beëindigd, onder de voorwaarden zoals geformuleerd in het aanvullende reclasseringsadvies van GGZ Palier van 22 april 2013. De terbeschikkinggestelde heeft zich bereid verklaard tot het naleven van deze voorwaarden. Opgemerkt is nog dat de reclassering bij het opstellen van de rapportages is uitgegaan van een verouderde risicotaxatie en dat er inmiddels een nieuwe, positievere risicotaxatie voorhanden is. Subsidiair heeft de raadsman zich gerefereerd aan het oordeel van het hof.

Het standpunt van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft, gelet op het recent gewijzigde artikel 509t lid 2 Sv, de proportionaliteit en het belang om de terbeschikkinggestelde gemotiveerd te houden, primair verzocht de behandeling van de zaak aan te houden en de mogelijkheden van een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging te laten onderzoeken door de reclassering. Subsidiair heeft de advocaat-generaal verzocht de beslissing van

8 mei 2013 te bevestigen.

Het oordeel van het hof

Vernietiging

Het hof zal de beslissing van de rechtbank van 8 mei 2013 vernietigen, omdat:

  • -

    de rechtbank bij die beslissing -in aansluiting op de beslissing van 19 december 2012 tot verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar onder toepassing van artikel 509t lid 5 Sv- de verpleging van overheidswege heeft verlengd, en deze laatste beslissing geen grondslag vindt in de wet;

  • -

    de rechtbank het verzoek tot voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging heeft afgewezen en het hof ten aanzien van dit verzoek tot een andere beslissing komt .

Voorwaardelijke beëindiging

Het hof is van oordeel dat het recidiverisico thans zodanig is teruggebracht dat het verantwoord is om te beslissen tot het voorwaardelijk beëindigen van de verpleging van overheidswege, onder de na te noemen voorwaarden, met welke voorwaarden de terbeschikkinggestelde heeft ingestemd. Daarbij heeft het hof in aanmerking genomen dat de kliniek thans geen bezwaar meer heeft tegen een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging en dat ook de reclassering in de aanvullende rapportage geen bezwaren tegen een voorwaardelijke beëindiging naar voren heeft gebracht en reeds voorwaarden heeft geformuleerd.

Het hof zal de verpleging van overheidswege voorwaardelijk beëindigen met ingang van het moment van plaatsing van betrokkene op de Forensisch Psychiatrische Afdeling van GGZ Palier, waarbij het hof er van uitgaat dat deze plaatsing zo spoedig mogelijk zal geschieden.

Tot slot merkt het hof nog op dat het hof het van belang acht dat in het kader van de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege (ook) aandacht wordt besteed aan de drugsverslavingsproblematiek van de terbeschikkinggestelde en voor hem een goede dagbesteding wordt gezocht.

Beslissing

Het hof:

Vernietigt de beslissing van de rechtbank Zutphen van 8 mei 2013 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde].

Beëindigt de verpleging van overheidswege met ingang van de datum waarop de terbeschikkinggestelde zal worden opgenomen op de Forensische Psychiatrische Afdeling van GGZ Palier te ‘s-Gravenhage en stelt daarbij de volgende voorwaarden:

Algemene voorwaarden

1.

Betrokkene pleegt geen strafbare feiten;

2.

Betrokkene geeft toestemming aan de reclassering tot het opvragen en uitwisselen van informatie bij/met alle instellingen die zij relevant acht en die van belang zijn voor een goede behandeling c.q. begeleiding in het kader van de verdere resocialisatie. Tevens verleent hij zijn medewerking aan het maken van een digitale foto ten behoeve van zijn dossier en zal hij meewerken aan de identificatieplicht;

3.

Vanuit de reclassering zal GGZ Reclassering Palier contactpersoon en toezichthouder zijn;

4.

Betrokkene geeft toestemming aan de reclassering en aan zijn begeleiders om in geval van ongeoorloofde afwezigheid of calamiteiten en/of het niet nakomen van voorwaarden, aan alle betrokken partijen informatie te verstrekken;

5.

Tijdens de gehele TBS maatregel is het voor betrokkene niet toegestaan om zich buiten het Nederlandse vaste land te begeven;

Bijzondere voorwaarden:

6.

Betrokkene verblijft op de Forensische Psychiatrische Afdeling van GGZ Palier te ’s-Gravenhage en zal zich houden aan de daar geldende huis- en leefregels en/of voorwaarden die daar aan hem gesteld worden, en stelt zich hierin begeleidbaar op;

7.

Betrokkene zal niet van verblijfplaats veranderen dan na overleg met zijn behandelaars en de reclassering;

8.

Betrokkene zal niet zonder toestemming van zijn begeleiders en de reclassering zijn werkuren bij het dagbestedingtraject veranderen;

9.

Betrokkene dient mee te werken aan een eventuele overplaatsing naar een resocialisatie afdeling, RIBW of soortgelijke instelling;

10.

Betrokkene zal geen omgang hebben met personen die zijn resocialisatie in gevaar (kunnen) brengen en stelt zich open op inzake het aangaan van nieuwe relaties of bestaande relaties. Betrokkene staat toe dat deze op gepaste en discrete wijze door de reclassering worden gescreend;

11.

Betrokkene werkt mee aan een time-out plaatsing, in het kader van forensisch psychiatrisch toezicht, indien deze nodig wordt geacht door één van de betrokken partijen;

12.

Betrokkene houdt zich aan de voorschriften en aanwijzingen die zijn en worden gegeven door GGZ Reclassering Palier;

13.

Betrokkene conformeert zich aan de behandeling van de Forensische Psychiatrische Afdeling van GGZ Palier;

14.

Betrokkene zal zich onthouden van alcohol- en drugsgebruik (drugs die beschreven worden in de lijst I en II van de Opiumwet) en zich niet onttrekken aan controles hierop;

15.

Betrokkene geeft inzicht in zijn financiën als daarom verzocht wordt en accepteert hiervoor begeleiding van de MJD van Palier;

16.

Betrokkene zorgt ervoor dat hij altijd bereikbaar is voor zijn begeleiders en behandelaars.

Draagt GGZ Reclassering Palier op de terbeschikkinggestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Aldus gedaan door

mr Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter,

mr J.W. Rijkers en mr F.G. Bauduin als raadsheren,

en drs G. Mensing en prof dr B.C.M. Raes als raden,

in tegenwoordigheid van mr N.D. Mavus-ten Elshof als griffier,

en op 12 september 2013 in het openbaar uitgesproken.

De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.