Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2020:3722

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
29-12-2020
Datum publicatie
05-01-2022
Zaaknummer
200.156.405/01 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK; enquêterecht; beëindigt het bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken; heft de getroffen onmiddellijke voorzieningen op

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
ARO 2021/35
JONDR 2021/185
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.156.405/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 29 december 2020

inzake

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MULTI BUSINESS SOLUTIONS HOLDING B.V.,

gevestigd te Beverwijk,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ATTITUDE PRODUCTS B.V.,

gevestigd te Leusden,

VERZOEKSTERS,

advocaat: voorheen mr. P.M. Verwijs, kantoorhoudende te Amsterdam, thans geen,

t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ATTITUDE PRODUCTS B.V.,

gevestigd te Leusden,

VERWEERSTER,

advocaat: voorheen mr. P.M. Verwijs, kantoorhoudende te Amsterdam, thans geen,

e n te g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ATTITUDE GROUP B.V.,

gevestigd te Utrecht,

2 [A] ,

wonende te [....] ,

BELANGHEBBENDEN,

advocaat: mr. L.F. Jagtenberg, kantoorhoudende te Hoofddorp,

e n t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HABEJA B.V.,

gevestigd te Maurik, gemeente Buren,

BELANGHEBBENDE,

niet verschenen.

1 Het verloop van het geding

1.1

In het vervolg zullen partijen als volgt worden aangeduid:

  • -

    Multi Business Solutions Holding B.V. als MBSH;

  • -

    Attitude Products B.V. als AP;

  • -

    Attitude Group B.V. als AG;

  • -

    [A] als [A] ;

  • -

    Habeja B.V. als Habeja.

1.2

Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking van 6 november 2014, waarvan het procesverloop en de beslissing op schrift zijn gesteld op 13 november 2014 en die volledig uitgewerkt op schrift is gesteld op 22 december 2014, en naar haar beschikkingen van 13 november 2014 en 17 november 2014.

1.3

Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer kort gezegd een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van AP over de periode vanaf 1 januari 2007 en bij wijze van onmiddellijke voorziening mr. A.J. Tekstra (hierna: Tekstra) benoemd tot bestuurder van AP en bepaald dat van de door de aandeelhouders MBSH, AG alsmede van Habeja in het geplaatste kapitaal van AP gehouden aandelen ieder 3% ten titel van beheer aan mr. E.L.A. van Emden (hierna: Van Emden) zijn overgedragen.

De Ondernemingskamer heeft – in overeenstemming met de wens van partijen – de aanwijzing van een onderzoeker vooralsnog aangehouden.

1.4

Tekstra heeft bij e-mail van 18 november 2020 de Ondernemingskamer verzocht onderhavige procedure te beëindigen en gemeld dat zijn verzoek mede wordt ondersteund door MBSH en Van Emden. Ter toelichting op het verzoek heeft Tekstra aangevoerd dat de algemene vergadering van AP op 29 juni 2020 heeft besloten tot ontbinding van AP op de voet van artikel 2:19 lid 4 BW wegens gebrek aan baten. Na inschrijving van het ontbindingsbesluit bij de Kamer van Koophandel is AP opgehouden te bestaan, aldus Tekstra.

1.5

Nadat de Ondernemingskamer gelegenheid heeft geboden tot uitlating over het verzoek van Tekstra, heeft mr. Jagtenberg bij e-mail van 27 november 2020 gemeld dat AG en [A] niet instemmen met beëindiging van het bevolen onderzoek, maar wel met opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen.

1.6

Tekstra heeft bij e-mail van 7 december 2020 bevestigd dat AP, nu zij is ontbonden en vereffend, niet in staat is de kosten van een onderzoek te dragen.

1.7

Mr. Jagtenberg heeft bij e-mail van 15 december 2020 kenbaar gemaakt dat AG en [A] niet bereid noch in staat zijn om de kosten van het onderzoek te dragen.

2 De gronden van de beslissing

2.1

Nu Tekstra heeft verzocht de getroffen onmiddellijke voorzieningen op te heffen, MBSH en Van Emden dat verzoek ondersteunen en AG en [A] daarmee instemmen, terwijl niet is gebleken van enig belang dat zich daartegen verzet, zal de Ondernemingskamer dienovereenkomstig beslissen.

2.2

Met het, eveneens door MBSH en Van Emden ondersteunde, verzoek van Tekstra dat ertoe strekt het bevolen onderzoek te beëindigen, stemmen AG en [A] niet in. Zij zijn evenwel niet bereid noch in staat de kosten van het onderzoek te dragen, terwijl AP evenmin daartoe in staat is. AG en [A] hebben nog gewezen op door Schram namens MBSH tijdens de mondelinge behandeling op 6 november 2014 uitgesproken bereidheid de kosten van de onderzoeker en het salaris van de te benoemen bestuurder en de te benoemen beheerder voor AP voor te schieten tot maximaal € 50.000 in totaal. Nog daargelaten of dit bedrag inmiddels reeds aan de kosten van de onmiddellijke voorzieningen is opgegaan, kan Schram / MBSH die de verzochte beëindiging ondersteunt, niet langer aan deze toezegging worden gehouden, nu AP wegens gebrek aan baten is ontbonden.

2.3

Aan de zijde van AP, AG of [A] zijn geen financiële middelen beschikbaar voor het onderzoek. AG en [A] hebben ook er ook geen uitzicht op geboden dat die middelen er alsnog zullen komen. Dit uitzicht wordt niet geboden door de suggestie van AG en [A] de algemene vergadering van 29 juni 2020 ongeldig te verklaren, waarna AP bedragen die in het verleden volgens hen ten onrechte aan MBSH / Schram zouden zijn betaald, zal kunnen terugvorderen. Er bestaat dan ook geen reëel uitzicht dat het onderzoek binnen een redelijke termijn na heden zal kunnen worden uitgevoerd en afgerond. Voortzetting van de procedure dient dan ook geen redelijk doel.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

beëindigt, met ingang van heden, het bij beschikking van 6 november 2014 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Attitude Products B.V., gevestigd te Leusden;

heft op, met ingang van heden, de bij beschikking van 6 november 2014 getroffen onmiddellijke voorzieningen;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en prof. drs. E. Eeftink RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 29 december 2020.