Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2020:1256

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
31-03-2020
Datum publicatie
16-06-2020
Zaaknummer
200.240.115/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verstek. Vermeerdering van eis in hoger beroep niet betekend? Tussenarrest

Zie ECLI:NL:GHAMS:2020:2741.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.240.115/01

zaak-/rolnummer rechtbank Noord-Holland : C/15/231515 / HA ZA 15-606

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 31 maart 2020

inzake

[X] BOUWBEDRIJF B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats ] , gemeente [gemeente] ,

appellante,

tevens incidenteel geïntimeerde,

advocaat: mr. W.J.T. Ursem te Alkmaar,

tegen

1 [naam Maatschap] ,

gevestigd te [vestigingsplaats ] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde, niet verschenen, verstek verleend,

2. de gezamenlijke erfgenamen van [geïntimeerde sub 2], zowel in privé als in zijn hoedanigheid van voormalig maat in de [naam Maatschap] ,

laatstelijk wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerden, niet verschenen, verstek verleend,

3. [geïntimeerde sub 3 ], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

4. [geïntimeerde sub 4], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

5. [geïntimeerde sub 5], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

6. [Z], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

voorheen wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] , thans wonende te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

7. [geïntimeerde sub 7], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

voorheen wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] , thans wonende te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. H.B. de Regt, te Alkmaar,

8. [geïntimeerde sub 8], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. H.B. de Regt, te Alkmaar,

9. [geïntimeerde sub 9], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

10. [geïntimeerde sub 10], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

11. [geïntimeerde sub 11], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

12. [geïntimeerde sub 12], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

13. [geïntimeerde sub 13], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

14. [geïntimeerde sub 14], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

15. [geïntimeerde sub 15], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

16. [geïntimeerde sub 16], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

17. [geïntimeerde sub 17], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

18. [geïntimeerde sub 18], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

19. [Y], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

voorheen wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] , thans wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

20. [geïntimeerde sub 20], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

voorheen wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] , thans wonende te [woonplaats] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

21. [geïntimeerde sub 21], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat mr. H.B. de Regt te Alkmaar,

22. [geïntimeerde sub 22], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellant,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder,

23. [geïntimeerde sub 23], zowel in privé als in hoedanigheid van maat in de [naam Maatschap] ,

wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

geïntimeerde,

tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. A.J.J. Sweens te Den Helder.

1 Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna ook aangeduid als volgt:

- [X] (appellante),

- de maatschap (geïntimeerde 1),

- de gezamenlijke erfgenamen van [geïntimeerde sub 2] (geïntimeerde 2),

- de maten (geïntimeerden 2 tot en met 23)

- [Y] c.s. (geïntimeerden 3, 4, 5, 9,10, 13, 14, 19, 20, 22 en 23),

- [Z] c.s. (geïntimeerden 6, 7, 8, 11, 12, 15, 16, 17, 18 en 21).

[X] is bij dagvaarding van 24 april 2018 in hoger beroep gekomen van een vonnis (hierna ook: het eindvonnis) van de rechtbank Noord-Holland van 31 januari 2018, onder bovenvermeld zaak/-rolnummer gewezen tussen [X] als eiseres en geïntimeerden als gedaagden.

Tegen de maatschap en de gezamenlijke erfgenamen van [geïntimeerde sub 2] is verstek verleend.

[X] , [Y] c.s. en [Z] c.s. hebben daarna de volgende stukken ingediend:

- memorie van grieven, tevens houdende vermeerdering van eis, met producties;

- memorie van antwoord van [Y] c.s., tevens memorie van grieven in incidenteel appel, met producties;

- memorie van antwoord van [Z] c.s., tevens memorie van grieven in incidenteel appel,

- memorie van antwoord in incidenteel appel, met producties;

- akte van [Y] c.s.;

- akte van [Z] c.s.;

- antwoordakte van [X] .

Ten slotte is arrest gevraagd.

2 Beoordeling

2.1.

In deze procedure heeft [X] , kort samengevat en voor zover hier van belang, gevorderd dat de maatschap wordt veroordeeld tot betaling van in totaal € 296.352,68 en ieder van de maten in privé tot betaling van € 13.470,58 (1/22e deel van die hoofdsom), te vermeerderen met contractuele dan wel wettelijke rente en buitengerechtelijke kosten, onder bepaling van hoofdelijke verschuldigdheid.

2.2.

De rechtbank heeft bij het bestreden eindvonnis, kort samengevat en voor zover hier van belang, de maatschap veroordeeld tot betaling van € 252.213,94 en ieder van de maten in privé tot betaling van € 11.464,27, zijnde 1/22e deel van die hoofdsom, te vermeerderen met contractuele rente vanaf 1 juli 2015 en onder bepaling van hoofdelijke verschuldigdheid, aldus dat de maatschap betalende, de maten ieder in evenredigheid voor gelijke delen tot een bedrag van € 11.464,27, met de overeengekomen rente vanaf 1 juli 2015, voor dat deel zullen zijn gekweten in hun afzonderlijke betalingsverplichtingen en aldus dat een van de maten betalende de maatschap voor dat deel zal zijn gekweten, maar de niet betalende maten niet van hun afzonderlijke betalingsverplichting. Voorts heeft de rechtbank de maatschap veroordeeld tot betaling van € 2.878,= ter zake van buitengerechtelijke incassokosten en tot betaling van de proceskosten, begroot op € 9.006,09. Het meer of anders gevorderde is afgewezen.

2.3.

Bij appeldagvaarding heeft [X] gevorderd dat het hof haar vorderingen alsnog volledig zal toewijzen. Bij memorie van grieven heeft [X] haar eis vermeerderd en aanvullend op de vordering in eerste aanleg gevorderd dat de maatschap ook wordt veroordeeld tot betaling van € 92.405,60 en ieder van de maten hoofdelijk tot betaling van een evenredig deel daarvan (te weten € 4.200,25, zijnde 1/22 deel per maat).

2.4.

De maatschap en de gezamenlijke erfgenamen van [geïntimeerde sub 2] zijn in hoger beroep niet verschenen. Het bepaalde in artikel 130 Rv, in verband met artikel 353 lid 1 Rv, sluit een wijziging van eis uit tegen een partij die niet in het geding is verschenen, tenzij appellant de eiswijziging tijdig bij exploot aan haar kenbaar heeft gemaakt.

2.5.

Uit het procesdossier kan het hof niet afleiden dat betekening als hierboven bedoeld heeft plaatsgevonden. [X] zal daarom in de gelegenheid worden gesteld om een akte van betekening in het geding te brengen, dan wel te laten weten dat betekening nog niet heeft plaatsgevonden. In het laatste geval zal de zaak vervolgens worden aangehouden om [X] in de gelegenheid te stellen betekening alsnog te laten plaatsvinden.

2.6.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

3 Beslissing

Het hof:

verwijst de zaak naar de rol van 14 april 2020 voor het nemen van een akte als hiervoor onder 2.5 bedoeld;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.C. Toorman, C. Uriot en M.E. van Rossum en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 31 maart 2020.