Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2019:312

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
09-01-2019
Datum publicatie
13-02-2019
Zaaknummer
200.243.445/01 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK; enquête; beëindiging bevolen onderzoek en getroffen onmiddellijke voorziening in verband met minnelijke regeling

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
ARO 2019/77
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.243.445/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 9 januari 2019

inzake

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SARI BEHEER B.V.,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

KAART IN ACTIE B.V.,

beide gevestigd te Eindhoven,

VERZOEKSTERS,

advocaat: mr. J.M. Molkenboer, kantoorhoudende te Tilburg,

t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

KAART IN ACTIE B.V.,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

INVENTIVE CONTACT CENTER B.V.,

beide gevestigd te Eindhoven,

VERWEERSTERS,

advocaat: mr. I. Soetens, kantoorhoudende te Eindhoven,

e n t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

TALSA B.V.,

gevestigd te Eindhoven,

BELANGHEBBENDE,

advocaat: mr. I. Soetens, kantoorhoudende te Eindhoven.

1 Het verloop van het geding

1.1

Partijen worden hierna (ook) aangeduid als Sari, KIA, ICC en Talsa.

1.2

Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen in deze zaak van 17 oktober en 18 oktober 2018.

1.3

Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van KIA en ICC over de periode vanaf 1 december 2016 en mr. P.R. Dekker (hierna: Dekker) benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Voorts heeft de Ondernemingskamer bij die beschikkingen, bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding, mr. P.J. Colijn (hierna: Colijn) benoemd tot bestuurder van KIA en ICC.

1.4

Bij e-mail aan de Ondernemingskamer van 2 januari 2019 heeft mr. Soetens, in verband met een tussen partijen tot stand gekomen minnelijke regeling, namens KIA, ICC en Talsa, verzocht de procedure te beëindigen.

1.5

Bij e-mail aan de Ondernemingskamer van eveneens 2 januari 2019 heeft mr. Molkenboer, namens Sari en KIA, verzocht de procedure te beëindigen.

1.6

Colijn heeft zich bij e-mail aan de Ondernemingskamer van 3 januari 2019 aangesloten bij de verzoeken tot beëindiging van de procedure.

1.7

Desgevraagd heeft Dekker bij e-mail aan de Ondernemingskamer van 8 januari 2019 laten weten dat de kosten van het onderzoek zijn voldaan.

2 De gronden van de beslissing

Nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen en er geen bezwaren zijn ontvangen tegen het verzoek tot beëindiging van het bevolen onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorziening en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat zij het bij de beschikking van 17 oktober 2018 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorziening zal beëindigen, één en ander met ingang van heden.

3 Beslissing

De Ondernemingskamer:

beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 17 oktober 2018 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Inventive Contact Center B.V en Kaart In Actie B.V., beide gevestigd te Eindhoven;

beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 17 oktober 2018 getroffen onmiddellijke voorziening;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en W. Wind, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.M. Govers, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 9 januari 2019.