Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2019:2877

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
03-07-2019
Datum publicatie
02-09-2019
Zaaknummer
23-003476-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Verweer ontbreken bewegende camerabeelden onherstelbaar vormverzuim ivm ontbreken controle mogelijkheid proces-verbaal bevindingen verworpen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-003476-17

datum uitspraak: 3 juli 2019

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 20 september 2017 in de strafzaak onder parketnummer 13-702358-17 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993,

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 19 juni 2019 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vonnis waarvan beroep

Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit derhalve bevestigen met dien verstande dat het hof een door de verdediging in hoger beroep gevoerd verweer bespreekt.

Bespreking van het ter terechtzitting in hoger beroep gevoerde verweer

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep aangevoerd dat het ontbreken van de bewegende camerabeelden in het dossier een onherstelbaar vormverzuim inhoudt, dat dient te leiden tot bewijsuitsluiting. Door het ontbreken van de bewegende camerabeelden is het immers niet mogelijk te controleren of het proces-verbaal van bevindingen van het uitkijken van de camerabeelden door de verbalisanten juist is. Nu al het bewijs voortkomt uit de camerabeelden dient de verdachte te worden vrijgesproken van de ten laste gelegde winkeldiefstal.

De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het proces-verbaal van bevindingen van het uitkijken van de camerabeelden voldoende concreet is en door de verdediging onvoldoende specifiek is gemotiveerd waarom de waarneming van verbalisanten onjuist zou zijn.

Het hof merkt op dat het in het algemeen de voorkeur verdient bewegende camerabeelden - indien aanwezig - in het dossier te voegen, opdat zij in enig stadium van het geding kunnen worden bekeken. Het is ongelukkig dat in dit geval de beelden niet langer beschikbaar zijn. Echter, de stelling van de verdediging dat nu de bewegende camerabeelden ontbreken het proces-verbaal van bevindingen van het uitkijken van de camerabeelden niet bruikbaar is voor het bewijs vindt geen steun in het recht. Het hof verwerpt dan ook het door de verdediging gevoerde verweer.

BESLISSING

Het hof:

Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. van Amsterdam, mr. A.D.R.M. Boumans en mr. P.C. Römer, in tegenwoordigheid van mr. N.E.M Keereweer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 3 juli 2019.

[…]