Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2019:250

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
31-01-2019
Datum publicatie
08-03-2019
Zaaknummer
001006-18
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Rekestprocedure
Inhoudsindicatie

Van een beslissing op de voet van art 15k Sr staat geen hoger beroep open.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling strafrecht

rekestnummers: 001006-18 (15k Sr) en 001004-18 (591a Sv)

parketnummer: 23-000080-12

Beschikking op het hoger beroep tegen de beschikking van de raadkamer van de rechtbank Noord-Holland van 28 mei 2018 op het verzoekschrift op de voet van de artikelen 15k van het Wetboek van Strafrecht en 591a van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:

[verzoeker],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1981,

domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat,

mr. A. Boumanjal, [adres].

1 Inhoud van het verzoekschrift

A. Het verzoekschrift strekt tot het verkrijgen van een vergoeding tot een bedrag van € 6.720,00, ter zake van schade die verzoeker stelt te hebben geleden als gevolg van vrijheidsbeneming in de strafzaak met voormeld parketnummer, analoog aan artikel 15k van het Wetboek van Strafrecht.

Het verzoekschrift strekt voorts tot het toekennen van een forfaitaire vergoeding op de voet van artikel 591a Sv ter zake van kosten gemaakt in verband met rechtsbijstand ten behoeve van het onderhavige verzoek in eerste aanleg ten bedrage van € 550,00 en in hoger beroep vermeerderd met € 280,00.

2 Procesverloop

Het hoger beroep is op 5 juni 2018 ingesteld door verzoeker (hierna appellant).

Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en heeft op 17 januari 2019 de advocaat-generaal en de advocaat van appellant, mr. A.C. Vingerling – te dezer waarnemend voor mr. A. Boumanjal ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Appellant is niet verschenen.

3 Beoordeling van het hoger beroep

Ontvankelijkheid ten aanzien van het hoger beroep tegen de beslissing op de voet van artikel 15k Sr

Tegen beschikkingen staat hoger beroep niet open dan in de gevallen bij het Wetboek van Strafvordering bepaald. Nu van een beschikking op de voet van artikel 15k Sr niet is bepaald dat hoger beroep open staat, moet appellant niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn hoger beroep.

Ten aanzien van het hoger beroep tegen de beslissing op de voet van artikel 591a Sv

De rechtbank heeft in haar beslissing op de voet van artikel 15k Sr geoordeeld dat geen wettelijke grondslag bestaat voor het verzoek als door appellant gedaan. Gelet daarop is het hof met de rechtbank van oordeel dat evenmin een wettelijke grondslag aanwezig is voor toekenning van een vergoeding op de voet van artikel 591a Sv. in eerste aanleg en in hoger beroep.

Het hof zal het hoger beroep derhalve ongegrond verklaren.

4 Beslissing

Het hof:

Ten aanzien van het verzoek op de voet van artikel 15k Sr

Verklaart appellant niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep.

Ten aanzien van het verzoek op de voet van artikel 591a Sv

Verklaart het hoger beroep ongegrond.

Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan appellant.

Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. J.H.C. van Ginhoven, A.M.P. Geelhoed en M. Senden, in tegenwoordigheid van mr. P.M. Groenenberg als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 31 januari 2019.