Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2019:2213

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
01-07-2019
Datum publicatie
29-04-2021
Zaaknummer
200.247.067/01 en 02 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK; Enquete; minnelijke regeling getroffen; beeindiging onderzoek en onmiddellijke voorzieningen; 2:349a lid 2, 350 lid 1 BW

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
ARO 2019/161
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummers: 200.247.067/01 en 02 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 1 juli 2019

in de zaken tussen

1. de stichting

Schaderegelingskantoor voor Rechtsbijstandverzekering ,

gevestigd te Zoetermeer,

VERZOEKSTER in de zaak met nummer 200.247.067/01 OK,

advocaten: mr. J.H. Lemstra en mr. K. Spruitenburg, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

2. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

Groep Rechtsbijstandverzekering ,

gevestigd te Den Haag,

VERZOEKSTER in de zaak met nummer 200.247.067/02 OK,

advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. J. de Rooij, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

1. de stichting

Schaderegelingskantoor voor Rechtsbijstandverzekering ,

gevestigd te Zoetermeer,

VERWEERSTER in de zaak met nummer 200.247.067/01 OK,

niet verschenen,

2. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

Groep Rechtsbijstandverzekering,

gevestigd te Den Haag,

VERWEERSTER in de zaak met nummer 200.247.067/02 OK,

niet verschenen,

e n t e g e n

1. DE LEDEN VAN DE RAAD VAN COMMISSARISSEN VAN DE STICHTING SCHADEREGELINGSKANTOOR RECHTSBIJSTANDVERZEKERING,

a) [A],

b) [B],

c) [C],

advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. J. de Rooij, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

2. DE ONDERNEMINGSRAAD VAN DE STICHTING SCHADEREGELINGSKANTOOR RECHTSBIJSTANDVERZEKERING (thans opgeheven),

gevestigd te Zoetermeer,

advocaten: mr. S.F.H. Jellinghaus en mr. J.J.M. van Mierlo, beiden kantoorhoudende te Tilburg,

BELANGHEBBENDEN in de zaken met nummers 200.247.067/01 en 02 OK,

e n

3. de naamloze vennootschap

Nationale-Nederlanden Schadeverzekering Maatschappij n.v. ,

gevestigd te Den Haag,

advocaten: mr. A.F.J.A. Leijten en mr. J.E.P.A. van Hooff, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

4. de naamloze vennootschap

Aegon Schadeverzekering n.v. ,

gevestigd te Den Haag,

advocaten: mr. R.G.J. de Haan, mr. M. Keuper en mr. T. Minovic, allen kantoorhoudende te Amsterdam,

5. de naamloze vennootschap

Goudse Schadeverzekeringen N.V. ,

gevestigd te Gouda,

advocaten: mr. R.J. van Agteren en mr. R.Y.H. Doorduyn, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

6. de naamloze vennootschap

DE vEREENDE N.V. ,

gevestigd te Rijswijk,

advocaat: mr. J.E. Polet, kantoorhoudende te Amsterdam,

7. de onderlinge waarborgmaatschappij

Juwon Onderlinge Schade Maatschappij U.A. ,

gevestigd te IJsselstein,

verschenen in de persoon van haar bestuurder [D] ,

BELANGHEBBENDEN in de zaken met nummers 200.247.067/01 en 02 OK.

Het verloop van het geding

1.1 In het vervolg zullen partijen (ook) als volgt worden aangeduid:

  • -

    Schaderegelingskantoor voor Rechtsbijstandverzekering met SRK;

  • -

    Groep Rechtsbijstandverzekering met de Vereniging;

  • -

    Nationale-Nederlanden Schadeverzekering Maatschappij N.V. met NN;

  • -

    AEGON Schadeverzekering N.V. met Aegon;

  • -

    Goudse Schadeverzekeringen N.V. met De Goudse;

  • -

    De Vereende N.V. met De Vereende;

  • -

    Juwon Onderlinge Schade Maatschappij U.A. met Juwon.

1.2 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikking in deze zaak van 31 oktober 2018.

1.3 Bij de beschikking van 31 oktober 2018 heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van SRK en de Vereniging over de periode vanaf mei 2016, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, alsmede – bij wijze van onmiddellijke voorzieningen en vooralsnog voor de duur van het geding –:

  1. mr. B.F.M. Knüppe (hierna: Knüppe) benoemd tot commissaris van SRK en tevens tot bestuurder van de Vereniging met beslissende stem en zelfstandige vertegenwoordigingsbevoegdheid en bepaald dat zonder deze bestuurder de Vereniging niet vertegenwoordigd kan worden;

  2. bepaald dat de rechtsgevolgen van de opzeggingen van NN en Aegon van hun lidmaatschap van de Vereniging zijn opgeschort tot 1 juli 2019;

  3. bepaald – in zoverre in afwijking van artikel 6.1 van de statuten van de Vereniging – dat De Goudse, de Vereende en Juwon hun lidmaatschap van de Vereniging rechtsgeldig kunnen opzeggen tegen 1 juli 2019, met inachtneming van een opzegtermijn van twee maanden.

1.4 Bij e-mail van 27 juni 2019 heeft mr. Jellinghaus de Ondernemingskamer bericht dat de ondernemingsraad van SRK zich in verband met opsplitsing van de activiteiten van SRK heeft opgeheven en dat de ondernemingsraad om die reden zijn verzoek intrekt.

1.5 Bij e-mail van 28 juni 2019 hebben mr. Lemstra en mr. Spruitenburg namens het bestuur en de raad van commissarissen van SRK en het bestuur van de Vereniging de Ondernemingskamer bericht dat partijen een definitieve oplossing hebben bereikt en dat zij om die reden per 1 juli 2019 om 23.59 uur hun enquêteverzoeken intrekken en de Ondernemingskamer verzoeken de onmiddellijke voorzieningen ook per 1 juli 2019 om 23.59 uur te beëindigen. Een en ander onder de vermelding dat Knüppe en de andere partijen daarmee instemmen.

1.6 Bij e-mail van 1 juli 2019 heeft de secretaris van de Ondernemingskamer partijen bericht dat

de Ondernemingskamer, behoudens tegenbericht er van uit gaat dat alle partijen instemmen met een beëindiging van de procedure per 1 juli 2019 om 23.59 uur. De Ondernemingskamer heeft geen andersluidende mededelingen ontvangen.

2 De gronden van de beslissing

Nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen, geen bezwaren zijn ontvangen tegen het verzoek tot beëindiging van het bevolen onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen en de Ondernemingskamer voorts niet is gebleken van enig belang dat zich tegen de toewijzing van het verzoek verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat zij het bij beschikking van 31 oktober 2018 bevolen onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen zal beëindigen, een en ander met ingang van 1 juli 2019 om 23.59 uur.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

beëindigt met ingang van 1 juli 2019 om 23.59 uur het bij haar beschikking van 31 oktober 2018 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van de stichting Schaderegelingskantoor voor Rechtsbijstandsverzekering en de vereniging Groep Rechtsbijstandsverzekering;

beëindigt met ingang van 1 juli 2019 om 23.59 uur de bij haar beschikking van 31 oktober 2018 getroffen onmiddellijke voorzieningen;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA en dr. P.M. Verboom, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.C. Prins, griffier, en in het openbaar uitgesproken door M.M.M. Tillema op 1 juli 2019.