Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2018:4750

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
23-11-2018
Datum publicatie
08-03-2019
Zaaknummer
23-004587-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Artikel 416 lid 2 Sv

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-004587-17

datum uitspraak: 23 november 2018

TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 10 oktober 2017 in de strafzaak onder parketnummer 15-077862-17 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] (Afghanistan) op [geboortedatum] 1993,

adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 23 november 2018.

Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

De zaak is in hoger beroep, zonder inhoudelijk te zijn behandeld, aangevangen op de zitting van 18 september 2018.

Nu de raadsman van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep tot uitdrukking heeft gebracht dat de verdachte niet langer een belang ziet bij de behandeling van zijn zaak in hoger beroep en ook overigens niet is gebleken van enig rechtens te respecteren belang dat is gediend met enig onderzoek van de zaak, wordt de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in het ingestelde hoger beroep, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering.

BESLISSING

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.A. Schimmel, mr. A.M.P. Geelhoed en mr. A.E. Kleene-Krom, in tegenwoordigheid van A. Ivanov, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 23 november 2018.