Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2018:463

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
29-01-2018
Datum publicatie
19-02-2018
Zaaknummer
200.189.563/01 OK en 200.189.563/02 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK; Enquête; beëindiging van het onderzoek en de onmiddellijke voorzieningen; minnelijke regeling bereikt; art. 2:349 a lid 2 BW, 350 lid 1 BW.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
ARO 2018/44
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummers: 200.189.563/01 en 200.189.563/02 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 29 januari 2018

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] ,

gevestigd te [....] ,

VERZOEKSTER,

advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. J.A.I. Verheul, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] ,

gevestigd te [....] ,

VERWEERSTER,

advocaten: mr. W.M. Schonewille en mr. D.C. Buijs, beiden kantoorhoudende te Den Haag,

e n t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

WILDENBORGH B.V.,

gevestigd te Alphen aan den Rijn,

BELANGHEBBENDE,

advocaten: mr. W.M. Schonewille en mr. D.C. Buijs, beiden kantoorhoudende te Den Haag,

alsmede inzake

[B] ,

wonende te [....] ,

VERZOEKER,

advocaten: mr. M.W.E. Evers en mr. J.A.I. Verheul, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[C] ,

gevestigd te [....] ,

VERWEERSTER,

advocaten: mr. W.M. Schonewille en mr. D.C. Buijs, beiden kantoorhoudende te Den Haag,

e n t e g e n

[D] ,

wonende te [....] ,

BELANGHEBBENDE,

advocaten: mr. W.M. Schonewille en mr. D.C. Buijs, beiden kantoorhoudende te Den Haag.

1 Het verloop van het geding

1.1

In het vervolg zullen partijen en belanghebbenden respectievelijk worden aangeduid als [A] , Wildenborgh, [B] , [C] en [D] .

1.2

Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 13 en 22 juli 2016 en 8 augustus 2016 in deze zaak.

1.3

Bij die beschikkingen heeft de Ondernemingskamer – voor zover thans van belang – een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van [A] en [C] over de periode vanaf 1 januari 2013 tot 13 juli 2016, mr. G.C. Endedijk benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, alsmede bij wijze van onmiddellijke voorziening, vooralsnog voor de duur van het geding, [D] en [B] als bestuurder van [A] en [C] geschorst, drs. D.G. Vierstra tot bestuurder van [A] benoemd, mr. J.R. Berkenbosch tot bestuurder van [C] benoemd en bepaald dat de aandelen in het kapitaal van [C] – met uitzondering van één aandeel van ieder van de aandeelhouders – ten titel van beheer zijn overgedragen aan deze bestuurder van [C] .

1.4

Bij brief van 22 januari 2018 heeft mr. Evers namens [A] en [B] bericht dat partijen een minnelijke regeling hebben bereikt en verzocht om de enquêteprocedure te beëindigen. Bij brief van 22 januari 2018 heeft mr. Buijs namens [A] , Wildenborgh, [C] en [D] bevestigd dat zij instemmen met het verzoek van mr. Evers. Bij brief van 25 januari 2018 hebben Endedijk, Berkenbosch en Vierstra laten weten dat ook zij instemmen met beëindiging van de enquêteprocedure en dat zij voor hun werkzaamheden de in rekening gebrachte vergoedingen hebben ontvangen.

2 De gronden van de beslissing

2.1

De tussen partijen tot stand gekomen minnelijke regeling houdt in dat [C] en [A] juridisch zullen worden gesplitst, waarbij die vennootschappen zullen verdwijnen. Een deel van de onderneming zal onder algemene titel overgaan op [E] en een deel van de onderneming zal onder algemene titel overgaan op [F] Partijen beogen dat de beëindiging van het onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen plaatsvindt per het ondeelbare moment onmiddellijk voorafgaand aan het tijdstip waarop de notaris de splitsingsakte ten aanzien van [C] passeert, teneinde te waarborgen dat zolang partijen niet uit elkaar zijn, de huidige status quo gehandhaafd blijft. Daarom hebben partijen de Ondernemingskamer verzocht om het bevolen onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen te beëindigen per het ondeelbare moment onmiddellijk voorafgaand aan het passeren door de notaris van de splitsingsakte betreffende [C] . Partijen beogen dat die splitsingsakte op 30 januari 2018 wordt gepasseerd.

2.2

Nu alle bij deze zaak betrokken partijen een minnelijke regeling hebben getroffen en op die grond beëindiging per het hiervoor beschreven tijdstip wensen van het onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen, en de Ondernemingskamer ook overigens niet is gebleken van enig belang dat zich daartegen verzet, zal de Ondernemingskamer dat verzoek inwilligen als hierna volgt.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

beëindigt het bij de beschikking van 13 juli 2016 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van [A] en [C] , per het ondeelbare moment onmiddellijk voorafgaand aan het passeren door de notaris van de splitsingsakte betreffende [C] ;

beëindigt de bij de beschikking van 13 juli 2016 getroffen onmiddellijke voorzieningen, per het ondeelbare moment onmiddellijk voorafgaand aan het passeren door de notaris van de splitsingsakte betreffende [C] ;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. drs. E. Eeftink RA en drs. C. Smits-Nusteling RC, raden, in tegenwoordigheid van mr. R. Verheggen, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 29 januari 2018.