Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2018:4318

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
21-11-2018
Datum publicatie
30-11-2018
Zaaknummer
200.246.239/01 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK; medezeggenschap; de ondernemer kon bij de afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid komen tot het bestreden besluit; gebod intrekken besluit en ongedaan maken van de gevolgen; verbod verrichten verdere handelingen ter uitvoering van het besluit

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JAR 2019/10
AR-Updates.nl 2018-1349
ARO 2019/39
RO 2019/8
JONDR 2019/43
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.246.239/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 21 november 2018

inzake

DE ONDERNEMINGSRAAD VAN DE GEMEENTE MAASTRICHT,

gevestigd te Maastricht,

VERZOEKER,

advocaat: mr. L.C.J. Sprengers, kantoorhoudende te Utrecht,

t e g e n

de publiekrechtelijke rechtspersoon

GEMEENTE MAASTRICHT,

gevestigd te Maastricht,

VERWEERSTER,

advocaat: mr. G.P.F van Duren, kantoorhoudende te Maastricht.

1 Het verloop van het geding

1.1

In het vervolg zal verzoeker (ook) worden aangeduid met de ondernemingsraad en verweerster met de Gemeente.

1.2

De ondernemingsraad heeft bij op 19 september 2018 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verzoekschrift met producties de Ondernemingskamer verzocht, voor zo veel als mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te bepalen dat de Gemeente bij afweging van alle betrokken belangen in redelijkheid niet heeft kunnen komen tot het besluit van 21 augustus 2018 met betrekking tot:

  • -

    de ontvlechting van het taakveld Informatiediensten (ID) en de daarmee samenhangende personele gevolgen ten behoeve van de overgang naar het Shared Service Center Zuid-Limburg (SSC-ZL); en

  • -

    de ontvlechting van het taakveld Personeels- en salarisadministratie (PSA) en de daarmee samenhangende personele gevolgen ten behoeve van de overgang naar het SSC-ZL.

De ondernemingsraad heeft tevens verzocht de Gemeente te gebieden voornoemd besluit in te trekken en de gevolgen daarvan ongedaan te maken. De ondernemingsraad heeft bij wijze van voorlopige voorziening verzocht, zo verstaat de Ondernemingskamer, de Gemeente te verbieden verdere handelingen te verrichten of te doen verrichten ter uitvoering van het besluit, in het bijzonder het starten van de plaatsingsprocedure en het overdragen van het betrokken personeel naar het SSC-ZL.

1.3

De Gemeente heeft bij op 17 oktober 2018 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verweerschrift met producties geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek. De Gemeente heeft op 31 oktober 2018 een aangepast verweerschrift ingediend waarin verwijzingen naar bij dat verweerschrift nieuw overgelegde producties zijn verwerkt.

1.4

Het verzoek is behandeld ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 7 november 2018. Bij die gelegenheid hebben de advocaten de standpunten van de onderscheiden partijen toegelicht aan de hand van – aan de Ondernemingskamer en de wederpartij overgelegde – aantekeningen. Partijen en hun advocaten hebben vragen van de Ondernemingskamer beantwoord en inlichtingen verstrekt.

2 De vaststaande feiten

2.1

Op 23 oktober 2015 is door de gemeenten Maastricht, Heerlen en Sittard-Geleen het SSC-ZL opgericht in de vorm van een zogenaamde Gemeenschappelijke Regeling (in de stukken ook wel aangeduid met GR). Het SSC-ZL betreft een voor onbepaalde tijd gevormde bedrijfsvoeringorganisatie met rechtspersoonlijkheid, die is ingesteld ter uitvoering van de ondersteunende bedrijfsprocessen van de deelnemende gemeenten, met de mogelijkheid om deze dienstverlening uit te breiden naar niet-deelnemende overheidsorganisaties. Op het SSC-ZL is de Wet gemeenschappelijke regelingen van toepassing.

2.2

Op 2 mei 2017 heeft de Gemeente het besluit genomen tot voortzetting van het SSC-ZL en tot ontvlechting van het taakveld Inkoop, met uitzondering van de daarmee samenhangende personele gevolgen, ten behoeve van de overgang naar het SSC-ZL. Het hiertegen door de ondernemingsraad ingestelde beroep is door de Ondernemingskamer bij beschikking van 20 oktober 2017 verworpen, kort gezegd omdat het besluit vanwege het primaat van de politiek niet door de Ondernemingskamer kon worden getoetst (ECLI:NL:GHAMS:2017:4257). Tegen deze uitspraak heeft de ondernemingsraad cassatieberoep ingesteld.

2.3

Ongeveer gelijktijdig met de oprichting van het SSC-ZL is een Bijzondere Ondernemingsraad Shared Service Center Zuid-Limburg opgericht (hierna: BOR SSC-ZL) met het oog op de uitvoering van medezeggenschapstaken in het kader van de inrichting van het SSC-ZL.

2.4

In 2016 en 2017 heeft in het Bijzonder Georganiseerd Overleg SSC-ZL (hierna: BGO of BGO SSC-ZL) overleg plaatsgevonden over arbeidsvoorwaarden in verband met de overgang van het personeel van de drie gemeenten naar het SSC-ZL. In het BGO participeren werkgevers (de colleges van burgermeester en wethouders van de betrokken gemeenten van het SSC-ZL) en vakorganisaties. In het BGO is onderhandeld over de personele gevolgen van de samenvoeging van bedrijfsvoeringstaken in het SSC-ZL. Dit heeft geleid tot een onderhandelingsresultaat op 21 juni 2017 (zie hierna). Daarnaast is in het Georganiseerd Overleg Maastricht (hierna: GO), bestaande uit het College van burgemeester en wethouders en de betrokken vakorganisaties, onderhandeld over een lokaal overeen te komen lokaal Sociaal Plan Gemeente Maastricht – SSC-ZL (hierna: het Sociaal Plan).

2.5

Bij brief van 14 november 2017 heeft de Gemeente de ondernemingsraad gevraagd advies uit te brengen over het voorgenomen besluit met betrekking tot de ontvlechting van de informatiediensten SSC-ZL. In de adviesaanvraag staat onder meer het volgende: “Het voorgenomen besluit waarover advies aan uw raad wordt gevraagd, betreft:

I. Het overgaan van een deel van de medewerkers van teams Werkomgeving, Beheer Bedrijfsinformatiesystemen, Frontoffice en Bedrijfsbureau van het organisatieonderdeel SSC Maastricht (…) naar de GR SSC-ZL;

II. De ontvlechting van taken binnen de gemeente Maastricht (…).

Ten overvloede en in lijn met de (…) recente uitspraak van de Ondernemingskamer, merken wij op dat de keuze welke taken al dan niet worden overgeheveld naar SSC-ZL tot het primaat van de politiek behoort. (…) Ten aanzien van het sociaal plan inzake de personele gevolgen van voorgenomen transitie, in casu het afsprakenkader en de overgangsregeling SSC-ZL, is op 21 juni 2017 een tussentijds onderhandelingsresultaat bereikt binnen het BGO SSC-ZL. In onze overtuiging dat dit tussentijds onderhandelingsresultaat binnen afzienbare termijn kan worden vastgesteld (…) leggen wij u deze adviesaanvraag voor. (…) Uw advies zien wij graag binnen zes weken tegemoet na vaststelling van het sociaal plan inzake de personele gevolgen van voorgenomen transitie, in casu het afsprakenkader en de overgangsregeling SSC-ZL. (…) Het sociaal plan van SSC-ZL bepaalt hoe de gevolgen voor het personeel worden opgevangen. (…) In bijlage 2 is dat onderhandelingsresultaat van het BGO SSC-ZL opgenomen in de vorm van een afsprakenkader en overgangsregeling. In deze adviesaanvraag wordt uitgegaan van de plaatsingsprocedure zoals opgenomen in dit onderhandelingsresultaat. (…)Voor de maatregelen om de gevolgen van het personeel dat overgaat naar de GR SSC-ZL Informatiediensten op te vangen, wordt verwezen naar het nog met het Georganiseerd Overleg Maastricht overeen te komen lokaal Sociaal Plan Maastricht SSC-ZL (…), en naar het nog vast te stellen afsprakenkader en overgangsregeling SSC-ZL (zie bijlage 2).”

2.6

Bijlage 2 bij de adviesaanvraag bevat een concept “Afsprakenkader overgang medewerkers gemeenten Heerlen, Maastricht en Sittard-Geleen naar het Shared Service Center Zuid-Limburg” van 21 juni 2017 (hierna: het Afsprakenkader) en een concept “Overgangsregeling Shared Service Center Zuid-Limburg” van 21 juni 2017 (hierna: de Overgangsregeling).

2.7

In het Afsprakenkader staat onder meer: “Voor die overgang gelden de regels en uitgangspunten die in het voorliggende document zijn verwoord en waarover partijen tot overeenstemming zijn gekomen. Bij het opstellen daarvan hebben de ondertekenaars zich gericht op zowel het behoud van werkgelegenheid als (….) het treffen van overgangsvoorzieningen op het gebied van arbeidsvoorwaarden. (…) Voor de overgang van medewerkers van de drie gemeenten naar het SSC-ZL geldt als vertrekpunt de Overgangsregeling SSC-ZL (…) die als bijlage bij dit afsprakenkader is gevoegd en die daar onlosmakelijk deel van uitmaakt.” Het Afsprakenkader bevat voorts toelichtingen op en uitleg van bepalingen van de GR SSC-ZL met betrekking tot werkgelegenheid en aanvullende afspraken over werkgelegenheid en de relatie tot inzetbaarheid en afspraken over de meerkosten van woon- werkverkeer.

2.8

In de Overgangsregeling worden de personele en de arbeidsvoorwaardelijke gevolgen geregeld die rechtstreeks voortvloeien uit de overgang van werknemers van de latende organisaties naar de ontvangende organisatie als gevolg van de vorming van het SSC-ZL. In de Overgangsregeling staat dat deze onlosmakelijk deel uitmaakt van het Afsprakenkader. De Overgangsregeling bevat onder meer bepalingen over arbeidsvoorwaarden, inkomen, plaatsing en werkgelegenheid, voorrangsposities en inzetbaarheid.

2.9

Bij brief van 26 februari 2018 heeft de Gemeente de ondernemingsraad gevraagd advies uit te brengen over het voorgenomen besluit tot ontvlechting van de personeels- en salarisadministratie SSC-ZL. De adviesaanvraag is grotendeels gelijkluidend aan de adviesaanvraag van 14 november 2017 (zie hierboven onder 2.5). In de adviesaanvraag staat voorts, onder verwijzing naar het onderhandelingsresultaat van 21 juni 2017 binnen het BGO SSC-ZL (zie hierboven onder 2.4 en 2.5), dat inmiddels ook een sociaal plan in concept is geaccordeerd door het GO Maastricht en dat er door de betrokken vakorganisaties een ledenraadpleging is gepland. In de adviesaanvraag staat voorts onder meer dat het Afsprakenkader en de Overgangsregeling SSC-ZL bepalen hoe die gevolgen moeten worden opgevangen. Voor de maatregelen om de gevolgen die het voorgenomen besluit heeft voor het personeel op te vangen, wordt verwezen naar het in bijlage 2 van de adviesaanvraag opgenomen onderhandelingsresultaat van het BGO (deze bijlage is dezelfde als bijlage 2 van de adviesaanvraag van 14 november 2017, zie hierboven onder 2.5) en naar het nog met het GO Maastricht over een te komen lokaal Sociaal Plan Maastricht SSC-ZL. In de adviesaanvraag wordt uitgegaan van de plaatsingsprocedure van het betrokken personeel, zoals opgenomen in dat onderhandelingsresultaat.

2.10

Op 16 maart 2018 heeft het SSC-ZL de Overgangsregeling en het Afsprakenkader vastgesteld.

2.11

Op 20 maart 2018 heeft de Gemeente het Sociaal Plan vastgesteld. In het Sociaal Plan staat onder meer, zakelijk weergegeven, dat in het kader van de overgang van personeel naar het SSC-ZL in het BGO SSC-ZL een onderhandelingsakkoord is bereikt over het Afsprakenkader en de Overgangsregeling, dat in de GO’s van de latende organisaties (waaronder de Gemeente) afspraken gemaakt worden over de verschillen tussen de arbeidsvoorwaardenpakketten van de betrokken gemeenten en het SSC-ZL en dat in het GO van de Gemeente overeenstemming is bereikt over deze afspraken zoals opgenomen in het Sociaal Plan, dat een aanvulling is op het Afsprakenkader en de Overgangsregeling.

2.12

Bij brief van 22 maart 2018 heeft de Gemeente aan de gemeenteraad van Maastricht onder meer het volgende geschreven: “Na een lang en moeizaam onderhandelingsproces is op 2 februari 2018 een onderhandelingsresultaat bereikt in het Georganiseerd Overleg van Maastricht (…). Volgens afspraak in het Bijzonder Georganiseerd Overleg dienden de vakbonden hun leden (…) over alle onderhandelingsresultaten tegelijk te raadplegen binnen vier weken nadat er lokaal een onderhandelingsresultaat was bereikt. Het betreft dan de Overgangsregeling SSC-ZL, het Afsprakenkader en het Sociaal Plan Maastricht – SSC-ZL 2017. Naar aanleiding van het op 2 februari 2018 bereikte onderhandelingsresultaat, werd met de vakbonden overeengekomen dat de ledenraadpleging op 1 maart 2018 zou plaatsvinden. De vakbonden hebben vervolgens eenzijdig en in strijd met de afspraken besloten om de ledenraadpleging op 1 maart 2018 niet door te laten gaan. (…) Alles overziend hebben we de indruk dat door de bonden de afgelopen periode (…) is ingezet (…) op het vertragen en verder juridiseren van het proces om te komen tot een SSC-ZL. Het bestuur en de drie colleges betreuren de ontstane situatie, maar zien op dit moment geen andere mogelijkheid meer dan eenzijdig vaststellen van het onderhandelingsresultaat. (…) Met dit besluit is de weg vrij voor de Ondernemingsraden om advies te geven over de ontvlechtingsplannen voor Inkoop, Personeels- en Salarisadministratie en Informatiediensten.”

2.13

Op 26 maart 2018 zijn het Afsprakenkader en de Overgangsregeling in het Blad Gemeenschappelijke Regeling (officiële uitgave van de gemeenschappelijke regeling SSC-ZL) gepubliceerd.

2.14

Bij brief van 27 maart 2018 hebben de vakorganisaties aan het GO Maastricht bericht dat op 27 februari 2018 is komen vast te staan dat er een onderhandelaarsresultaat is bereikt in het GO over het Sociaal Plan Maastricht SSC-ZL, dat de leden daarover op 27 maart 2018 zijn geraadpleegd, dat het resultaat daarvan is dat de vakorganisaties tegen het Sociaal Plan zijn en dat er over dit onderwerp geen overeenstemming bestaat in het GO.

2.15

Bij brief van 28 maart 2018 heeft de ondernemingsraad de Gemeente gevraagd in welke mate de adviezen van de ondernemingsraad nog van wezenlijke invloed kunnen zijn nu de Gemeente een definitief besluit heeft genomen met personele gevolgen.

2.16

Bij brieven van 25 april 2018 met betrekking tot de respectieve adviesaanvragen heeft de ondernemingsraad de Gemeente onder meer gevraagd in hoeverre de advisering nog van wezenlijke invloed kan zijn op de definitieve besluiten, gezien de eenzijdige vaststelling van het Sociaal Plan “en vangnetregelingen.”

2.17

Op 30 april 2018 is het Sociaal Plan in het Gemeenteblad (officiële uitgave van de Gemeente Maastricht) gepubliceerd. In de inleiding bij de publicatie staat dat in het Georganiseerd Overleg van Maastricht overeenstemming is bereikt over de afspraken zoals opgenomen in dit Sociaal Plan, dat een aanvulling is op het Afsprakenkader en de Overgangsregeling.

2.18

Bij brief van 8 mei 2018 heeft de Gemeente aan de ondernemingsraad geschreven dat de ondernemingsraad inmiddels in het bezit is van alle documenten die nodig zijn voor het uitbrengen van een advies op de adviesaanvragen, “inclusief over de regeling van de personele gevolgen welke zijn opgenomen in bijlagen 1 t/m3.” Die bijlagen bevatten de hierboven genoemde publicaties van het Afsprakenkader, de Overgangsregeling en het Sociaal Plan. Bijlagen 5 en 6 bij de brief bevatten antwoorden op eerder door de ondernemingsraad gestelde vragen met betrekking tot de adviesaanvragen. Met betrekking tot de vraag in hoeverre de advisering van de ondernemingsraad nog van wezenlijke invloed kan zijn, heeft de Gemeente geantwoord dat dat afhankelijk is van de inhoud van de adviezen: “Indien de OR nieuwe wezenlijke argumenten in haar advies naar voren brengt, zullen wij zorgvuldig overwegen of en hoeverre het definitieve besluit hierop aanpassing/aanvulling behoeft.”

2.19

De Ondernemingsraad heeft op 9 juli 2018 negatief geadviseerd over (i) het voorgenomen besluit tot ontvlechting van het taakveld informatiediensten ten behoeve van de overgang naar SSC-ZL en de daarmee samenhangende personele gevolgen, en (ii) het voorgenomen besluit tot ontvlechting van het taakveld personeels- en salarisadministratie ten behoeve van de overgang naar SSC-ZL en de daarmee samenhangende personele gevolgen.

2.20

Bij besluit van 21 augustus 2018 heeft de Gemeente de voorgenomen besluiten definitief vastgesteld. In het besluit staat onder meer dat de politiek/bestuurlijke standpunten van de colleges van burgemeester en wethouders en de gemeenteraden van de drie betrokken gemeenten niet meer veranderd zijn sinds de uitspraak van de Ondernemingskamer van 20 oktober 2017, dat zo snel mogelijk het SSC-ZL moet worden gerealiseerd en dat de adviezen van de ondernemingsraad hiermee in tegenspraak zijn en daarom niet zullen worden overgenomen. “Wij willen (…) onze reactie op uw adviezen beperken tot (…) het onderwerp van de adviesaanvraag: de ontvlechting van de taken ID en PSA en de personele consequenties van de ontvlechtingen, nu u ook kennis heeft kunnen nemen van de impact op de arbeidsvoorwaarden en de maatregelen hoe we de personele gevolgen willen opvangen zoals opgenomen in het afsprakenkader, de overgangsregeling SSC-ZL en het sociaal plan Maastricht SSC-ZL.” Voorts staat in het besluit onder meer dat de eenzijdige vaststelling van het onderhandelingsresultaat rechtmatig was omdat de vakorganisaties, gezien hun opstelling, het recht op het overeenstemmingsvereiste hebben verspeeld. “De rechtmatigheid van de vaststelling is overigens niet ter beoordeling van de OR. Het gaat immers om de inhoud van de vastgestelde regeling want daarin staat hoe de personele gevolgen zijn geregeld.” In het besluit wordt voorts opgemerkt dat de ondernemingsraad in de loop van het proces in alle stadia overleg heeft gevoerd met leden van het GO Maastricht, dat er een rolvervaging is opgetreden tussen beide gremia en dat dit tot onduidelijkheid leidt voor het personeel en tot vertraging van het SSC-ZL proces.

2.21

Bij brief van 18 september 2018 heeft de Gemeente aan de ondernemingsraad medegedeeld dat de Gemeente niet bereid is om de uitvoering van het besluit op te schorten totdat de Ondernemingskamer op het verzoek van de ondernemingsraad heeft beslist.

3 De gronden van de beslissing

3.1

De ondernemingsraad heeft aan zijn verzoek te bepalen dat de Gemeente bij afweging van alle betrokken belangen niet in redelijkheid heeft kunnen komen tot het besluit van 21 augustus 2018, in de eerste plaats ten grondslag gelegd dat de adviezen van de ondernemingsraad geen wezenlijke invloed meer konden hebben op de besluitvorming, omdat de Gemeente voordat de ondernemingsraad advies had uitgebracht het Sociaal Plan eenzijdig en definitief heeft vastgesteld en heeft bewerkstelligd dat het bestuur van SSC-ZL, waarin de Gemeente participeert, eenzijdig het Afsprakenkader en de Overgangsregeling heeft vastgesteld. Voorts heeft de ondernemingsraad aangevoerd dat de gemeente de adviespositie van de ondernemingsraad niet heeft gerespecteerd. Ten slotte heeft de ondernemingsraad inhoudelijke bezwaren tegen het besluit aangevoerd.

3.2

De Ondernemingskamer overweegt als volgt.

3.3

Het verweer van de Gemeente dat de ondernemingsraad slechts kon adviseren over de voorgenomen besluiten tot ontvlechting en dat dat adviesrecht zich niet uitstrekt over de gevolgen die de voorgenomen besluiten naar verwachting zullen hebben voor de in de onderneming werkzame personen en de naar aanleiding daarvan voorgenomen maatregelen, wordt door de Ondernemingskamer verworpen, reeds gelet op de inhoud van de beide adviesaanvragen. In de beide adviesaanvragen is een passage opgenomen waarin met zoveel woorden staat dat advies wordt gevraagd over het overgaan van een deel van de medewerkers naar het SSC-ZL (en niet over de overgang van taken, omdat dit valt onder het politiek primaat). Voorts is in adviesaanvragen verwezen naar in de bijlagen bij die adviesaanvragen gevoegde concepten van het Afsprakenkader, de Overgangsregeling en naar het nog overeen te komen Sociaal Plan. Daarnaast heeft de Gemeente in de brief van 8 mei 2018 (zie hierboven onder 2.18) aan de ondernemingsraad geschreven dat de ondernemingsraad inmiddels in het bezit is van alle documenten die nodig zijn voor het uitbrengen van een advies op de adviesaanvragen, inclusief over de regeling van de personele gevolgen welke zijn opgenomen in bijlagen. Het verweer van de Gemeente is met dit een en ander niet verenigbaar. De ondernemingsraad is verzocht – en zo heeft de ondernemingsraad dat ook opgevat – advies uit te brengen over de personele gevolgen van de ontvlechting inclusief de te treffen maatregelen, als onderdeel van de voorgenomen besluiten tot ontvlechting, en voor die personele gevolgen is verwezen naar de bijlagen bij die adviesaanvragen, welke zien op het Afsprakenkader en de Overgangsregeling, en naar het nog overeen te komen Sociaal Plan. De advisering met betrekking tot de personele gevolgen van de ontvlechting van de betreffende taakvelden, strekt zich derhalve uit over het Sociaal Plan, het Afsprakenkader en de Overgangsregeling.

3.4

De Ondernemingskamer is voorts van oordeel dat het adviesrecht van de ondernemingsraad zich over het Sociaal Plan, het Afsprakenkader en de Overgangsregeling uitstrekt, ongeacht de vraag of die tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de vakorganisaties. Het verweer van de Gemeente dat de ondernemingsraad niet in de gelegenheid behoeft te worden gesteld advies uit te brengen nadat met de vakorganisaties een onderhandelaarsakkoord is bereikt over een regeling van de personele gevolgen, vindt naar het oordeel van de Ondernemingskamer geen steun in de wet, nu anders dan bij het instemmingsrecht van de ondernemingsraad (art. 27 lid 3 WOR) een bepaling ontbreekt die het adviesrecht van de ondernemingsraad doet vervallen als met de vakorganisaties afspraken zijn gemaakt. Overigens is in het onderhavige geval uiteindelijk geen akkoord bereikt met de vakorganisaties.

3.5

In dit geval heeft de Gemeente op 20 maart 2018 naar aanleiding van een conflict met de vakorganisaties het Sociaal Plan eenzijdig vastgesteld. Het SSC-ZL heeft op 16 maart 2018 het Afsprakenkader en de Overgangsregeling vastgesteld. Dit laatste is, zoals door de ondernemingsraad onweersproken heeft gesteld, mede bewerkstelligd door de Gemeente. Op 26 maart 2018 zijn het Afsprakenkader en de Overgangsregeling officieel gepubliceerd. Het Sociaal Plan is op 30 april 2018 gepubliceerd. In die vaststellingen en publicaties is geen voorbehoud gemaakt voor de nog uit te brengen adviezen van de ondernemingsraad. Daarmee stonden de facto (de maatregelen terzake van) de personele gevolgen, zoals die waren voorzien in de voorgenomen besluiten, vast. Een voorbehoud blijkt ook niet uit de brief van de Gemeente van 8 mei 2018 (hierboven onder 2.18) waarin de Gemeente in antwoord op een vraag van de ondernemingsraad over de door hem uit te oefenen invloed op de besluitvorming schrijft dat zal worden bekeken, afhankelijk van de inhoud van de adviezen, of het definitieve besluit nog aanpassing of wijziging behoeft. Met dit alles heeft de Gemeente miskend dat het adviesrecht van de ondernemingsraad meebrengt dat voorafgaand aan de eenzijdige vaststelling en publicaties de ondernemingsraad in de gelegenheid had moeten worden gesteld advies uit te brengen. Door de handelwijze van de Gemeente heeft de ondernemingsraad geen wezenlijke invloed kunnen uitoefenen op de besluitvorming.

3.6

De Gemeente heeft nog naar voren gebracht dat de ondernemingsraad zeer uitgebreid in de gelegenheid is geweest invloed uit te oefenen op de onderhandelingsresultaten die in het BGO en het GO zijn bereikt met betrekking tot het Afsprakenkader, de Overgangsregeling en het Sociaal Plan. De Ondernemingskamer overweegt dienaangaande dat afgezien van de vraag in hoeverre de ondernemingsraad zijn invloed heeft laten gelden in de verschillende gremia, dit geen afbreuk doet aan zijn adviesrecht.

3.7

De slotsom luidt dat de Gemeente bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid heeft kunnen komen tot het besluit van 21 augustus 2018. Het verzoek dit aldus te bepalen, zal worden toegewezen.

3.8

De gevraagde voorzieningen zullen eveneens worden toegewezen. Ook de gevraagde voorlopige voorziening zal worden toegewezen nu de ondernemingsraad zijn belang daarbij en het spoedeisend karakter van de gevraagde voorziening voldoende heeft toegelicht. Het verweer van de Gemeente dat slechts is begonnen met een aanwijzingsprocedure en dat een plaatsingsprocedure van het personeel nog niet aan de orde is wordt door de Ondernemingskamer verworpen, nu de aanwijzingsprocedure ziet op uitvoeringshandelingen van het besluit van 21 augustus 2018 en een opmaat vormt voor het starten van de plaatsingsprocedure van personeel bij het SSC-ZL.

4 De beslissing

De Ondernemingskamer:

bepaalt dat de Gemeente Maastricht bij afweging van de betrokken belangen niet in redelijkheid heeft kunnen komen tot het besluit van 21 augustus 2018 met betrekking tot

- de ontvlechting van het taakveld Informatiediensten (ID) en de daarmee samenhangende personele gevolgen ten behoeve van de overgang naar het Shared Service Center Zuid Limburg (SSC-ZL); en

- de ontvlechting van het taakveld Personeels- en salarisadministratie (PSA) en de daarmee samenhangende personele gevolgen ten behoeve van de overgang naar het Shared Service Center Zuid Limburg (SSC-ZL).

gebiedt de Gemeente Maastricht het besluit in te trekken en de gevolgen daarvan ongedaan te maken

verbiedt de Gemeente verdere handelingen te verrichten of te doen verrichten ter uitvoering van het besluit;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders verzochte af.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. M.M.M. Tillema en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en dr. P.M. Verboom en mr. D.E.A. Aleman, raden, in tegenwoordigheid van mr. S.M. Govers, griffier, en in het openbaar uitgesproken door mr. M.M.M. Tillema op 21 november 2018.