Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2017:951

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
21-03-2017
Datum publicatie
24-03-2017
Zaaknummer
200.198.387/01 NOT
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:TNORSHE:2016:18, Ongegrondverklaring
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Klagers verwijten de notaris dat hij:

i. geen contact heeft opgenomen met mr. [X] om hem te informeren over de herroeping van de volmacht door moeder;

ii. zich geen goed beeld heeft gevormd van de wilsbekwaamheid van moeder ten tijde van het opmaken en passeren van het levenstestament op 23 januari 2015;

iii. heeft nagelaten een deskundige in te schakelen ter beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder; en

iv. zich voor het karretje van de zuster heeft laten spannen en hierdoor onenigheid tussen de kinderen onderling is ontstaan, terwijl moeder met de volmacht juist had beoogd dat te voorkomen.

De kamer heeft de klacht ongegrond verklaard.

Het hof bevestigt de bestreden beslissing.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beslissing

___________________________________________________________________ _ _

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht

zaaknummer : 200.198.387/01 NOT

nummer eerste aanleg : SHE/2016/14

beslissing van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer van 21 maart 2017

inzake

1. [naam] ,

wonend te [plaats] , gemeente [gemeente] ,

2. [naam] ,

wonend te [plaats] , gemeente [gemeente] ,

3. [naam] ,

wonend te [plaats] , gemeente [gemeente] ,

appellanten,

tegen

[naam] ,

notaris te [plaats] ,

geïntimeerde.

1 Het geding in hoger beroep

1.1.

Appellanten (hierna: klagers) hebben op 5 september 2016 een beroepschrift met bijlagen bij het hof ingediend tegen de beslissing van de kamer voor het notariaat in het ressort 's-Hertogenbosch (hierna: de kamer) van 15 augustus 2016 (ECLI:NL:TNORSHE:2016:18). De kamer heeft in de bestreden beslissing de klacht van klagers tegen geïntimeerde (hierna: de notaris) ongegrond verklaard.

1.2.

De notaris heeft op 18 oktober 2016 een verweerschrift bij het hof ingediend.

1.3.

Van klagers is op 23 december 2016 een brief ontvangen. Hierop heeft het hof bij

e-mail van 3 januari 2017 (met een kopie aan de notaris) aan klagers bericht dat het procesreglement verzoekschriftprocedures in handels- en insolventiezaken niet de mogelijkheid biedt om naast het beroepschrift en het verweerschrift verdere reacties/schriftelijke uiteenzettingen in te dienen, tenzij het hof daarom uitdrukkelijk vraagt en dat dit betekende dat de brief van klagers buiten beschouwing zou worden gelaten voor zover dit stuk een inhoudelijke reactie/uiteenzetting behelsde.

1.4.

De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van het hof van 5 januari 2017. Klagers sub 1 en sub 2 alsmede de notaris zijn verschenen. De notaris en klager sub 1 hebben aan de hand van door ieder van hen aan het hof overgelegde pleitnotities het woord gevoerd.

1.5.

Klaagster sub 3 heeft het hof per e-mail van 6 januari 2017 laten weten dat klagers sub 1 en sub 2 in deze tuchtprocedure mede namens haar optreden. Het hof had bij de mondelinge behandeling verzocht hem een volmacht van klaagster sub 3 te doen toekomen.

2 Stukken van het geding

Het hof heeft kennis genomen van de inhoud van de door de kamer aan het hof toegezonden stukken van de eerste instantie en de hiervoor vermelde stukken.

3 Feiten

3.1.

Het hof verwijst voor de feiten naar hetgeen de kamer in de bestreden beslissing heeft vastgesteld. Partijen hebben tegen de vaststelling van de feiten door de kamer geen bezwaar gemaakt, zodat ook het hof van die feiten uitgaat.

3.2.

Samengevat weergegeven gaat het in deze zaak om het volgende.

3.2.1.

Klagers en hun zuster, [naam] (verder: de zuster), zijn de vier kinderen van wijlen

[naam] en [naam] (verder: moeder).

3.2.2.

Op 7 maart 2014 is moeder (toen 83 jaar oud) naar aanleiding van een val neuropsychologisch onderzocht. In het psychologisch rapport van dit onderzoek heeft de psycholoog, [naam] , geconcludeerd dat het ziektebeeld van moeder was samen te vatten als een dementieel beeld met een gemengde etiologie (Alzheimer en vasculair). Het advies was moeder op een psychogeriatrische afdeling op te nemen.

3.2.3.

Moeder is in april 2014 opgenomen op de gesloten psychogeriatrische afdeling van zorgcentrum [naam] te [plaats] .

3.2.4.

Op 16 juni 2014 is voor [naam] , notaris te [plaats] (verder: mr. [X] ), een algemene volmacht verleden, waarbij moeder aan haar (vier) kinderen gezamenlijk de bevoegdheid verleende om, samengevat, in haar naam en voor haar rekening en risico alle rechtshandelingen te verrichten alsmede - in het geval moeder niet meer in staat was tot redelijke waardering van haar belangen - om in de behandelingsrelatie van moeder met medische hulpverleners de niet-vermogensrechtelijke belangen als patiënt te behartigen (verder: de volmacht). In de volmacht is bepaald dat iedere gevolmachtigde bevoegd was de aan hem verleende volmacht aan een of meerdere andere gevolmachtigde(n) te verlenen. Verder staat in de volmacht dat herroeping of opzegging van de volmacht alleen schriftelijk kan en hiervan schriftelijk mededeling dient te worden gedaan aan de notaris die de volmacht had verleden (of zijn opvolger) alsook aan de gevolmachtigde.

3.2.5.

Op verzoek van klagers heeft mr. [X] vervolgens een overeenkomst opgesteld, waarin klagers en de zuster voor bepaalde rechtshandelingen de door moeder aan hen verleende volmacht doorgaven aan klager sub 1. Een concept van deze overeenkomst is per brief van

13 november 2014 aan de zuster gezonden. De zuster heeft geen medewerking verleend aan de in de overeenkomst neergelegde substitutie-volmacht. De mogelijkheid een substitutie-volmacht te geven was in de volmacht gegeven.

3.2.6.

In december 2014 hebben moeder en de zuster een gesprek gehad met mr. [X] over herroeping van de volmacht door moeder. Mr. [X] heeft te kennen gegeven hieraan geen medewerking te willen verlenen.

3.2.7.

In een ‘Zorgleefplan Envida’ hebben de bij de behandeling van moeder betrokken artsen op 12 januari 2015 verslag gedaan van onder meer het lichamelijk en geestelijk welbevinden van moeder. In dit Zorgleefplan staat onder meer (op pagina 2): “Cognitieve stoornissen ja; indien ja toelichting: Dementie gemengd Alzheimer en vasculair (AZM-herstel, maart 2014)”.

3.2.8.

De notaris heeft op 23 januari 2015 een levenstestament van moeder gepasseerd. In het levenstestament heeft moeder de volmacht herroepen en voor het geval zij tijdelijk of langdurig niet in staat zou zijn haar wil te uiten en/of haar belangen te behartigen heeft zij aan haar kinderen (opnieuw) volmacht verleend om in een aantal specifieke situaties haar vermogensrechtelijke belangen alsmede haar niet-vermogensrechtelijke belangen op medisch gebied te behartigen. Bepaald is dat klagers en de zuster hiertoe uitsluitend samen bevoegd zouden zijn en bij ontstentenis van een kind, de andere kinderen tezamen.

3.2.9.

Bij beschikking van 4 februari 2016 van de kantonrechter in de rechtbank Limburg, locatie Maastricht, is - naar aanleiding van het verzoek van klagers sub 1 en sub 2 tot ondercuratelestelling van moeder - een provisioneel bewindvoerder over de goederen van moeder benoemd. Bij beschikking van 11 mei 2016 heeft genoemde kantonrechter het verzoek tot ondercuratelestelling van moeder per die datum toegewezen.

3.2.10.

Moeder is op 7 oktober 2016 overleden.

4 Standpunt van klagers

Klagers verwijten de notaris - in de kern - dat hij onzorgvuldig is omgegaan met de wensen van moeder, welke wensen volgens klagers in de volmacht waren opgenomen.

In het bijzonder verwijten klagers de notaris:

i. dat hij geen contact heeft opgenomen met mr. [X] om hem te informeren over de herroeping van de volmacht door moeder;

ii. dat hij zich geen goed beeld heeft gevormd van de wilsbekwaamheid van moeder ten tijde van het opmaken en passeren van het levenstestament op 23 januari 2015;

iii. dat hij heeft nagelaten een deskundige in te schakelen ter beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder; en

iv. dat hij zich voor het karretje van de zuster heeft laten spannen en hierdoor onenigheid tussen de kinderen onderling is ontstaan, terwijl moeder met de volmacht juist had beoogd dat te voorkomen.

5 Standpunt van de notaris

De notaris heeft verweer gevoerd. Het standpunt van de notaris wordt, voor zover relevant, hieronder besproken.

6 Beoordeling

Klachtonderdeel i.

6.1.

Het hof verenigt zich met het oordeel van de kamer dat uit de volmacht niet volgde dat de notaris verplicht was zorg te dragen voor kennisgeving aan mr. [X] en de gevolmachtigden van de herroeping van de volmacht door moeder dan wel dat de notaris erop had moeten toezien dat door of namens moeder van de herroeping mededeling werd gedaan. Verder is van belang dat de notaris heeft aangevoerd dat moeder hem uitdrukkelijk geen opdracht had gegeven om mr. [X] en de gevolmachtigden schriftelijk over de herroeping te informeren en dat zij hem had gezegd daarvoor al dan niet via de zuster zelf te zorgen. Het hof ziet geen reden om aan de juistheid hiervan te twijfelen. Dit klachtonderdeel is ongegrond.

Klachtonderdelen ii. en iii.

6.2.

Klagers hebben aan deze klachtonderdelen - zakelijk weergegeven - het volgende ten grondslag gelegd.

Ten tijde van het passeren van het levenstestament op 23 januari 2015 was moeder dement en niet in staat haar wil te bepalen. Klagers hebben in hoger beroep verwezen naar het hiervoor onder 3.2.6. genoemde Zorgleefplan, waaruit dit volgens hen blijkt. Vanwege haar dementie verbleef moeder op de gesloten psychogeriatrische afdeling ‘ [naam] ’ van zorginstelling [naam] . Nadat de volmacht op 16 juni 2014 was gepasseerd, is de lichamelijke en geestelijke conditie van moeder volgens klagers met sprongen achteruit gegaan. Verder kwam het initiatief voor de afspraak bij de notaris niet van moeder maar van de zuster.

Deze factoren hadden voor de notaris aanleiding moeten zijn om extra behoedzaam te zijn en een deskundige (op het gebied van Alzheimer) in te schakelen. Ter zitting is door klagers betoogd dat het inschakelen van een deskundige conform het Stappenplan Beoordeling Wilsbekwaamheid ten behoeve van notariële dienstverlening van de KNB (hierna: het Stappenplan) zou zijn geweest.

6.3.

De notaris heeft over de omstandigheden waaronder het levenstestament tot stand kwam
- samengevat weergegeven - het volgende verklaard.

Op advies van een advocaat heeft moeder hem - via de zuster - in januari 2015 benaderd omdat zij het er niet mee eens was dat door mr. [X] op verzoek van klagers was gewerkt aan een substitutie-volmacht aan klager sub 1. Moeder wenste haar kinderen op gelijke wijze te behandelen en daarnaast diende de volmacht pas werking te krijgen op het moment dat moeder handelingsonbekwaam was. Om deze redenen heeft moeder de notaris verzocht om een nieuwe volmacht of een levenstestament op te maken. Medio januari 2015 is op het notariskantoor hierover tussen moeder en hem gesproken. De zuster was met moeder meegekomen. Haar heeft hij op de gang laten plaatsnemen. Vanwege de leeftijd van moeder is zijn kantoorgenoot mr. [naam] , tevens mededossierbehandelaar, bij het gesprek aanwezig geweest om zeker te zijn van de door moeder geuite wensen. Het gesprek heeft een uur geduurd. Bij herhaling heeft moeder haar wens voor een volmacht aan haar kinderen gezamenlijk geuit. Zij was zeer gedetailleerd over haar motieven. Op 23 januari 2015 heeft de notaris, in aanwezigheid van dezelfde kantoorgenoot, het levenstestament van moeder gepasseerd.

Bij beide gelegenheden was moeder helder en zichtbaar teleurgesteld en boos over de gang van zaken met betrekking tot de in de volmacht opgenomen substitutie-volmacht. De notaris heeft geen moment eraan getwijfeld dat moeder begreep wat de inhoud van het levenstestament behelsde en welke gevolgen hieruit voortvloeiden. Ook heeft hij op geen moment getwijfeld aan de geestelijke gesteldheid van moeder. De notaris heeft nimmer kennis genomen van het bestaan van het medisch rapport van 7 maart 2014 dan wel van andere medische rapportages. Het concept van het levenstestament is moeder toegezonden op haar woonadres in ‘ [naam] ’. Dat is niet een gesloten afdeling, zoals klagers hebben gesteld, maar een woonzorgcomplex. Overigens stond moeder ten tijde van het passeren van het levenstestament ingeschreven op haar huisadres, aldus steeds de notaris.

6.4.

Het hof stelt het volgende voorop. Als uitgangspunt geldt dat iedereen aan wie op grond van de wet de bekwaamheid daartoe niet is ontzegd, rechtshandelingen kan verrichten en bij een (notariële) akte als partij kan optreden. Een notaris dient desgevraagd in beginsel zijn ministerie te verlenen en aan de wensen van een cliënt te voldoen. Zoals bij elke akte moet de notaris de wilsbekwaamheid van de betrokkene beoordelen. Het komt daarbij in eerste instantie aan op de eigen waarneming van de notaris die in dat kader een redelijke beoordelingsvrijheid toekomt. Bij gerede twijfel aan de wilsbekwaamheid is in het algemeen verder onderzoek aangewezen. Het Stappenplan biedt hiervoor een handreiking.

6.5.

Uit het relaas van de notaris blijkt naar het oordeel van het hof dat de notaris voldoende alert is geweest op de wils(on)bekwaamheid van moeder. Er zijn geen feiten of omstandigheden aangevoerd of aannemelijk geworden die reden geven om te twijfelen aan de juistheid van zijn relaas omtrent de gang van zaken en zijn waarnemingen.

Naar het oordeel van het hof heeft de notaris voldoende onderbouwd dat hij aan de bijzondere omstandigheden van het geval, te weten dat moeder op hoge leeftijd was en dat zij werd begeleid door een van de kinderen, de gewenste aandacht heeft besteed.

6.6.

De notaris heeft twee gesprekken met moeder gevoerd, buiten aanwezigheid van de zuster, Het eerste gesprek heeft volgens de notaris een uur geduurd. Gelet op de relatief eenvoudige wensen van moeder wordt deze tijdsduur voldoende geacht. Voorts is van belang dat het levenstestament dezelfde strekking had als de volmacht, namelijk het verlenen door moeder van een volmacht aan de kinderen gezamenlijk voor specifieke handelingen in bepaalde situaties met dien verstande dat de mogelijkheid van het geven van een substitutie-volmacht daarin niet meer was opgenomen.

Gesteld noch gebleken is dat de notaris ten tijde van het opmaken en passeren van het levenstestament op de hoogte was van het ziektebeeld van moeder - al dan niet door kennisname van de medische rapporten uit 2014 en 2015 - of dat hij hiervan op de hoogte had kunnen zijn.

Voldoende aannemelijk is geworden dat de notaris geen aanleiding had om aan de wilsbekwaamheid van moeder te twijfelen en dat hij daarom ook geen reden had om het Stappenplan te volgen. Onder deze omstandigheden kan het de notaris niet worden verweten dat hij geen arts heeft ingeschakeld ter beoordeling van de wilsbekwaamheid van moeder.

Het hof is op grond van het vorenstaande van oordeel dat de notaris onder de hiervoor weergegeven omstandigheden niet onzorgvuldig heeft gehandeld. Dit betekent dat klachtonderdelen ii. en iii. ongegrond zijn.

Klachtonderdeel iv.

6.7.

Het hof is met de kamer van oordeel dat het de notaris, nu hij aan de wensen van moeder mocht voldoen, niet kan worden aangerekend dat door (zijn medewerking aan) het passeren van het levenstestament op 23 januari 2015 kennelijk onenigheid tussen klagers en de zuster is ontstaan. Dat de notaris zich ‘voor het karretje van de zuster heeft laten spannen’ is onvoldoende aannemelijk gemaakt. Van enig tuchtrechtelijk verwijtbaar handelen door de notaris is niet gebleken, zodat klachtonderdeel iv. eveneens ongegrond is.

6.8.

Hetgeen partijen verder nog naar voren hebben gebracht, kan buiten beschouwing blijven omdat het niet van belang is voor de beslissing in deze zaak.

6.9.

Het hiervoor overwogene leidt tot de volgende beslissing.

7 Beslissing

Het hof bevestigt de bestreden beslissing.

Deze beslissing is gegeven door mrs. A.M.A. Verscheure, A.D.R.M. Boumans en

J.W. van Zaane en in het openbaar uitgesproken op 21 maart 2017 door de rolraadsheer.