Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2017:4955

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
28-11-2017
Datum publicatie
13-02-2018
Zaaknummer
200.173.906/01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Postjeszaak. Benoeming deskundige en formulering van de aan de deskundige te stellen vragen. Zie ECLI:NL:GHAMS:2015:3192 en ECLI:NL:GHAMS:2017:2725.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.173.906/01

zaak/rolnummer rechtbank Noord-Holland : 3141587/CV EXPL 14-6331

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 28 november 2017

inzake

1 [appellant sub 1] ,

2. [appellante sub 2],

beiden wonend te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

appellanten,

advocaat: mr. B.G. Baljet te Velsen-Zuid, gemeente Velsen,

tegen

RIJKSMONUMENTEN ZEELAND B.V.,

gevestigd te Middelburg,

geïntimeerde,

advocaat: mr. N.A. Koole te Middelburg.

1 Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna wederom [appellanten] en RMZ genoemd.

Het hof heeft in deze zaak op 11 juli 2017 een tussenarrest uitgesproken. Voor het verloop van het geding in hoger beroep tot die datum wordt naar dat arrest verwezen.

Partijen hebben zich ieder bij akte uitgelaten over het te gelasten deskundigenbericht, het aantal en de persoon van de te benoemen deskundige(n) en de aan deze(n) te stellen vragen.

Ten slotte hebben partijen wederom arrest gevraagd.

2 Beoordeling

2.1

In het tussenarrest heeft het hof bepaald dat partijen zich dienden uit te laten over de persoon van de te benoemen deskundige en de aan hem te stellen vragen. Partijen hebben geen overeenstemming bereikt over een te benoemen deskundige. Het hof zal daarom zelf een deskundige aanwijzen en benoemen. Het hof acht dhr. ir. J.C.A. van den Bergh bij uitstek deskundig om de na te noemen vragen te beantwoorden. De deskundige heeft zich inmiddels bereid verklaard het onderzoek te doen. Het hof ziet geen reden daarnaast nog een andere deskundige te benoemen.

2.2

Aan de deskundige zal gevraagd worden de volgende vragen te beantwoorden voor zover daarop een antwoord mogelijk is.

a. Ramen en kozijnen:

- Kunt u omschrijven op welke wijze de ramen en raamkozijnen in dit appartement zijn uitgevoerd en gemonteerd?

- Voldoen de ramen en raamkozijnen aan de daarvoor geldende normen?

- Zijn de ramen en raamkozijnen deugdelijk en zijn deze deugdelijk aangebracht?

- Laten de ramen bij bijzondere weersomstandigheden vocht door en zo ja, op een wijze die niet verwacht behoeft te worden/waardoor de ramen niet voldoen aan de normen?

- Is er sprake van onvolkomenheden aan de ramen en of raamkozijnen en zo ja, kunt u omschrijven in hoeverre de houten kozijnen en plinten daardoor, in het bijzonder door vochtdoorlating, zijn aangetast?

- Indien er sprake is van onvolkomenheden, op wijze kan herstel plaatsvinden en wat zijn de kosten hiervan?

b. Riool/vochtproblemen kelder:

- Was/is er sprake van water- en/of vochtproblemen in de kelder, en zo ja, overschrijden deze de ter zake geldende normen?

- Wat is de oorzaak van eventuele water- en/of vochtproblemen?

- Welke werkzaamheden heeft RMZ reeds uitgevoerd, waren deze noodzakelijk en zo ja, waren deze werkzaamheden voldoende om het eventuele probleem op te lossen? Zo nee, wat was daar de reden van?

- Zo nee, of indien het probleem nog niet is opgelost, op welke wijze kan een en ander verholpen worden en wat zijn de kosten hiervan?

- Kunt u in het bijzonder omschrijven in hoeverre de navolgende werkzaamheden nodig zijn om eventuele bestaande water- en/of vochtproblemen te verhelpen en welke kosten daarmee zijn gemoeid?

*aanbrengen van de koekoeks en realisatie van de ventilatie;

*aanbrengen van een afdak boven de fietstrap;

*de onderdorpel verhogen, een waterkerende laag aanbrengen tussen de aanhechting van vloer en wand, en de overgang tussen de dorpel en drain waterdicht maken;

*doorvoeren riolering in de kelderwand en waterkerend afdichten;

*plaatsen van aansluiten van de waterpomp;

*plaatsen en aansluiten van een ventilator;

*aansluiten van de twee putten onder aan de buitentrap op het riool.

Heeft u verder nog opmerkingen die voor de beoordeling van belang zijn?

2.3

De deskundige heeft een voorschot berekend van € 3.750,- en een factuur ter zake aan het hof doen toekomen. De betaling van dit voorschot komt ten laste van [appellanten]

2.4

Nadat de deskundige zijn rapport bij het hof heeft ingediend zal het hof partijen – eerst [appellanten] en daarna RMZ – in de gelegenheid stellen bij memorie op het deskundigenrapport te reageren.

2.5

Het hof houdt iedere verdere beslissing aan.

3 Beslissing

Het hof:

beveelt een onderzoek door een deskundige ter beantwoording van de vragen als onder 2.2. weergegeven;

benoemt tot deskundige om dit onderzoek te verrichten:

dhr. ir. J.C.A. Van Den Bergh

Adres: Postbus 43, 3480 DA HARMELEN

Kantoornaam: Bureau voor Bouwpathologie

e-mail:bergh@bouwpathologie.nl

http://www.bouwpathologie.nl

bepaalt dat de griffier een afschrift van dit arrest aan de deskundige zal toezenden;

bepaalt dat beide partijen vóór 19 december 2017 kopieën van de overige gedingstukken aan de deskundige zullen doen toekomen, alsmede, na een verzoek daartoe van de deskundige, de andere door deze noodzakelijk geachte stukken, voor zover mogelijk;

wijst de deskundige op het bepaalde in artikel 198 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, met name op de verplichting om bij het onderzoek partijen in de gelegenheid te stellen opmerkingen te maken en verzoeken te doen en om in het schriftelijk bericht te doen blijken dat aan dit voorschrift is voldaan, onder vermelding van de inhoud van de opmerkingen en/of verzoeken;

bepaalt dat de deskundige het onderzoek overigens zelfstandig – in de zin van artikel 198 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, dat wil zeggen niet onder leiding van het hof – zal verrichten en dat dit zal plaatsvinden op een door de deskundige te bepalen tijdstip;

bepaalt dat de deskundige een voorschot toekomt van € 3.750,-;

bepaalt dat [appellanten] als voorschot op de kosten van de deskundige voornoemd bedrag dienen te voldoen; zij zullen daarvoor van het Landelijk Dienstencentrum voor de Rechtspraak een nota ontvangen met betaalinstructies; het bedrag moet worden voldaan binnen twee weken na ontvangst van die nota;

bepaalt dat de griffier onmiddellijk na betaling van het desbetreffende voorschot de deskundige hiervan in kennis zal stellen en dat de deskundige pas dan met het onderzoek behoeft te beginnen;

bepaalt dat de deskundige een schriftelijk, ondertekend bericht zal inleveren ter griffie van het hof vóór 20 februari 2018;

bepaalt dat de deskundige tegelijk met dit bericht zijn declaratie ter griffie zal indienen onder vermelding van zaaknummer 200.173.906/01;

verwijst de zaak naar de rol van 20 februari 2018 voor deskundigenbericht;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. L.A.J. Dun, J.C. Toorman en E.M. Polak en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 28 november 2017.