Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2017:4509

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
14-09-2017
Datum publicatie
16-11-2017
Zaaknummer
23-004032-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Jeugdzaak. Vrijspraak verbergen/aan de politie onttrekken van een voorwerp.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

afdeling strafrecht

parketnummer: 23-004032-16

datum uitspraak: 14 september 2017

TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de kinderrechter in de rechtbank Noord-Holland van 20 oktober 2016 in de strafzaak onder parketnummer 15-156541-16 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1998,

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 31 augustus 2017 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.

Tegen voormeld vonnis is namens de verdachte hoger beroep ingesteld.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 28 juli 2016 te Alkmaar, opzettelijk een of meer voorwerpen die konden dienen om de waarheid aan de dag te brengen en/of om wederrechtelijk verkregen voordeel als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht aan te tonen, te weten een sleutelbos, met het oogmerk om de inbeslagneming daarvan te beletten, te belemmeren of te verijdelen heeft verborgen, vernietigd en/of weggemaakt en/of aan het onderzoek van de ambtenaren van de justitie of politie heeft onttrokken, immers heeft verdachte zich op straat begeven naar een toen aldaar door de politie op heterdaad aangehouden persoon, te weten [slachtoffer], en/of vervolgens met voornoemde [slachtoffer] contact gemaakt en/of naast voornoemde [slachtoffer] is gaan meelopen en/of vervolgens een sleutelbos, die hem verdachte werd toegeworpen door [slachtoffer], heeft gevangen en/of (daarna) met die sleutelbos is weggerend/weggelopen van de politie.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de kinderrechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vrijspraak

Op grond van de stukken in het dossier overweegt het hof dat er onvoldoende bewijs is om tot een bewezenverklaring van het ten laste gelegde te komen. Uit het onderhanden dossier kan immers niet volgen hoe de bewuste sleutelbos, die bij de verdachte bij zijn fouillering is aangetroffen, kon dienen om de waarheid aan de dag te brengen (of om wederrechtelijke verkregen voordeel aan te tonen), met name nu uit het dossier onvoldoende blijkt van het eventueel onderliggende delict, dat gepleegd zou zijn door [slachtoffer] van wie de verdachte, aldus de politie, de sleutelbos toegeworpen zou hebben gekregen en de aard van een aantal sleutels aan die sleutelbos. Temeer nu de lange sleutel, waarover verbalisant [verbalisant] spreekt als “een lange sleutel / loper”, na onderzoek blijkt te passen op het slot van de poort van de achtertuin van de verdachte.

Naar het oordeel van het hof is aldus niet bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. Kengen, mr. M.M.H.P. Houben en mr. S.C.C. Hes-Bakkeren, in tegenwoordigheid van mr. S. Ourahma, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 14 september 2017.

Mr. S.C.C. Hes-Bakkeren is buiten staat dit arrest te ondertekenen.