Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2017:4091

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
13-09-2017
Datum publicatie
11-10-2017
Zaaknummer
15/871015-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Inhoudsindicatie

Voorlopige hechtenis

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

15/871015-17

GERECHTSHOF AMSTERDAM,

MEERVOUDIGE STRAFKAMER, RAADKAMER

BESCHIKKING in raadkamer op het hoger beroep in de zaak van

[appellant],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994,

zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande,

opgevende als verblijfsadres: [adres] ,

thans verblijvende in [detentie] ,

tegen de beschikking van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 23 augustus 2017, voor zover houdende bevel tot verlenging van de geldigheidsduur van zijn gevangenhouding.

De feiten en de rechtsgang

Het hof heeft kennis genomen van de akte van de griffier van de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem van 24 augustus 2017, waarbij namens de verdachte hoger beroep is ingesteld van voormelde beschikking van die rechtbank.

Het hof heeft gezien de beschikking waarvan beroep en heeft kennis genomen van de stukken betrekking hebbend op de voorlopige hechtenis van de verdachte en heeft gehoord de advocaat-generaal en de verdachte, bijgestaan door diens raadsman mr. J.J. Mul.

De beoordeling

Het hof verenigt zich met de beschikking waarvan beroep, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen, en de gronden waarop deze berust.

Het hof acht hetgeen de raadsman heeft aangevoerd over het al dan niet verstrekken van de dossiers van de medeverdachten, wat hier ook van zij, in deze geen reden om het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren in de vordering tot verlenging van de geldigheidsduur van de gevangenhouding.

Het hof sluit zich voor wat betreft de ernstige bezwaren aan bij de motivering van de rechtbank zoals opgenomen in het bevel gevangenhouding.

Het hof stelt voorop dat het in- en uitvoeren van verdovende middelen in beginsel een feit is dat de rechtsorde schokt. Dit rechtvaardigt de voorlopige hechtenis van de verdachte. Het hof ziet in dit geval geen aanleiding om daar anders over te oordelen, mede gelet op de hoeveelheden waar het hier om gaat.

Voorts is het hof van oordeel dat op grond van de ernst en de omvang en het internationale karakter van de verdenking er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de verdachte een misdrijf zal begaan waardoor de gezondheid of veiligheid van personen in gevaar kan worden gebracht.

Gelet op het vorenstaande acht het hof artikel 67a, derde lid, Wetboek van Strafvordering thans nog niet aan de orde.

15/871015-17

De beslissing

Het hof:

WIJST AF het beroep tegen de bestreden beschikking, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.

Deze beschikking is gegeven op 13 september 2017 in raadkamer van dit hof door

mr. M.M.H.P. Houben, voorzitter,

mrs. J.L. Bruinsma en N.R.A. Meerbeek, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr. D. Boessenkool als griffier.

De advocaat-generaal bij dit gerechtshof brengt vorenstaande beschikking ter kennis van de verdachte.

Amsterdam, 13 september 2017,

de advocaat-generaal