Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2017:3893

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
07-09-2017
Datum publicatie
09-10-2017
Zaaknummer
200.211.077/01 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK; enquêterecht; ontheffing van de benoemde onderzoeker en de benoemde bestuurder; beëindiging van het bevolen onderzoek; opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.211.077/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 7 september 2017

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[A] ,

gevestigd te [....] ,

VERZOEKSTER,

advocaten: mr. S.J. Bruins Slot en mr. R.J. Versteeg, beiden kantoorhoudende te Zaltbommel,

t e g e n

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BAKERY INITIATIVES B.V.,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BAKERY INITIATIVES HOLDING B.V.,

beide gevestigd te Hedel,

VERWEERSTERS,

advocaat: mr. O.P.N.M. Tennebroek, kantoorhoudende te Dongen.

1 Het verloop van het geding

1.1

Partijen en andere (rechts)personen zullen hierna als volgt worden aangeduid:

  • -

    [A] met [A] ;

  • -

    Bakery Initiatives B.V. met BI;

  • -

    Bakery Initiatives Holding B.V. met BIH;

  • -

    Promes Monitoring B.V. met Promes;

  • -

    Basecamp B.V. met Basecamp;

  • -

    Bakery Initiatives International B.V. met BI International;

  • -

    Bakery Initiatives Group B.V. met BI Group.

1.2

Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar haar beschikkingen van 17 juli 2017 en 18 juli 2017.

1.3

Bij de beschikking van 17 juli 2017 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van BI en BIH over de periode vanaf 27 augustus 2012, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 30.000, de verschuldigde omzetbelasting niet inbegrepen, en bepaald dat de kosten van het onderzoek hoofdelijk ten laste komen van BIH en BI en dat zij voor de betaling daarvan ten genoegen van de onderzoeker voor de aanvang van diens werkzaamheden zekerheid dienen te stellen. Tevens heeft de Ondernemingskamer bij die beschikking – voor zover thans van belang – bij wijze van onmiddellijke voorzieningen en vooralsnog voor de duur van het geding – voor zover nodig in afwijking van de statuten – een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot bestuurder van BI en BIH, bepaald dat het salaris en de kosten van deze bestuurder ten laste komen van BIH en bepaald dat BIH voor de betaling daarvan ten genoegen van de bestuurder zekerheid dient te stellen vóór de aanvang van diens werkzaamheden.

Bij de beschikking van 18 juli 2017 heeft de Ondernemingskamer mr. E.L. Zetteler te Utrecht (hierna: Zetteler) en drs. H.C. van Eyck van Heslinga te Driebergen (hierna: Van Eyck van Heslinga) aangewezen als onderzoeker onderscheidenlijk bestuurder, een en ander zoals bedoeld in de beschikking van 17 juli 2017.

1.4

Bij e-mail van 29 augustus 2017 heeft Van Eyck van Heslinga de Ondernemingskamer verzocht haar te ontheffen uit haar functie van bestuurder. Volgens haar e-mail zijn de saldi van de bankrekeningen van zowel BIH als BI ontoereikend om de door haar en Zetteler ingediende voorschotnota’s te voldoen en is geen van de (indirect) aandeelhouders van de vennootschappen – te weten: [A] , Promes en Basecamp – bereid om elk een derde deel van de haar factuur te bevoorschotten. Daarop heeft zij haar activiteiten als bestuurder opgeschort en aan partijen kenbaar gemaakt dat zij, indien betaling uitblijft, de Ondernemingskamer zal verzoeken om haar te ontheffen uit haar functie.

1.5

Bij e-mail van 31 augustus 2017 heeft Zetteler de Ondernemingskamer gemeld dat het door haar in rekening gebrachte voorschot evenmin is betaald, zodat zij haar werkzaamheden als onderzoeker niet kan aanvangen. Om die reden heeft Zetteler verzocht haar te ontheffen uit haar functie van onderzoeker.

1.6

Mrs. Tennebroek en Bruins Slot voormeld hebben bij e-mails van onderscheidenlijk 1 september 2017 en 4 september 2017 gebruik gemaakt van de door de Ondernemingskamer aan partijen geboden gelegenheid zich uit te laten over beide ontheffingsverzoeken. Mr. Tennebroek heeft bericht dat BI en BIH geen bezwaar hebben tegen het ontheffingsverzoek van Van Eyck van Heslinga. Mr. Bruins Slot heeft te kennen gegeven dat [A] tot haar spijt moet berusten in de ontheffingsverzoeken van Van Eyck van Heslinga en Zetteler.

2 De gronden van de beslissing

2.1

Nu Van Eyck van Heslinga en Zetteler de Ondernemingskamer hebben verzocht hen te ontheffen uit hun functie van bestuurder onderscheidenlijk onderzoeker en gebleken is dat hun voorschotnota’s onbetaald blijven door de vennootschappen, terwijl de (indirect) aandeelhouders niet bereid zijn om die, al dan niet gezamenlijk, voor te schieten, zal de Ondernemingskamer Van Eyck van Heslinga en Zetteler ontheffen uit de functie van bestuurder onderscheidenlijk onderzoeker.

2.2

Van Eyck van Heslinga heeft bij haar e-mail van 29 augustus 2017 (zie 1.4) de Ondernemingskamer geïnformeerd dat BI International – een vennootschap waarvan alle aandelen werden gehouden door BIH – tegen de wil van [A] bij besluit van de aandeelhoudersvergadering van BIH van 30 juni 2017 is verkocht aan BI Group – een vennootschap waarvan de aandelen worden gehouden door Promes en Basecamp. De huidige situatie, na overdracht van BI International, is volgens Van Eyck van Heslinga aldus dat BIH de intellectuele eigendomsrechten zoals handelsnaam en domeinnaam bezit en dat BI een vrijwel lege vennootschap is, waarin zich voornamelijk vorderingen van [A] en aan [A] gelieerde vennootschappen bevinden.

2.3

Volgens mr. Bruins Slot heeft de verkoop van BI International de benoeming van Van Eyck van Heslinga als bestuurder in overwegende mate zinledig gemaakt, nu zij thans bestuurder is van lege vennootschappen. Herstel van de oude situatie door middel van het voeren van procedures door zowel [A] als BIH en BI, vertegenwoordigd door Van Eyck van Heslinga, ziet [A] gezien de daaraan verbonden kosten en de geringe verhaalbaarheid daarvan als economisch niet verantwoord. Dit leidt [A] ertoe in de ontheffingsverzoeken van zowel Van Eyck van Heslinga als van Zetteler te berusten (zie 1.6).

2.4

De Ondernemingskamer constateert dat er, vanwege het gebrek aan financiële middelen bij BI en BIH en het ontbreken van uitzicht op het (alsnog) verkrijgen van die middelen door BI en BIH, en gelet op het uitblijven van een concreet voorstel tot financiering van de kosten van het onderzoek en de bestuurder, geen reëel uitzicht bestaat dat het onderzoek daadwerkelijk binnen een redelijke termijn na heden zal kunnen worden uitgevoerd en afgerond en een nieuw te benoemen bestuurder in de uitoefening van zijn taak aan de slag zal kunnen gaan. De Ondernemingskamer leidt uit de reactie van [A] af dat het gerechtvaardigd is het onderzoek te beëindigen en de getroffen onmiddellijke voorziening op te heffen. Niet gebleken is dat enig belang zich daartegen verzet.

2.5

Gelet op het voorgaande zal de Ondernemingskamer met ingang van heden het bevolen onderzoek beëindigen en de getroffen onmiddellijke voorziening opheffen.

3 De beslissing

De Ondernemingskamer:

ontheft mr. E.L. Zetteler uit de functie van onderzoeker als bedoeld in de beschikking van 17 juli 2017, en wel met ingang van heden;

ontheft drs. H.E. van Eyck van Heslinga uit de functie van bestuurder van Bakery Initiatives B.V. en Bakery Initiatives Holding B.V. als bedoeld in de beschikking van 17 juli 2017, en wel met ingang van heden;

beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 17 juli 2017 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Bakery Initiatives B.V. en Bakery Initiatives Holding B.V.;

heft met ingang van heden de bij haar beschikking van 17 juli 2017 getroffen onmiddellijke voorziening op;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. A.J. Wolfs, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. M.M.M. Tillema, raadsheren, drs. J.S.T. Tiemstra RA en W. Wind, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 7 september 2017.