Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2017:1147

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
16-02-2017
Datum publicatie
12-04-2017
Zaaknummer
16/00311
Formele relaties
Cassatie: ECLI:NL:HR:2018:528
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Indeling E-reader. Belanghebbende bepleit dat de E-reader als 8471 (computer), subsidiair post 4901 (boek), danwel post 4911 (ander drukwerk) en meer subsidiair post 8543 (andere machines) kan worden ingedeeld. Het Hof verwerp deze standpunten van belanghebbende en heeft de E-reader ingedeeld, conform het standpunt van de inspecteur en onder verwijzing naar het Amazon-arrest van het HvJ EU, in post 8543, postonderverdeling 8543 70 90. Het hoger beroep is ongegrond en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
FutD 2017-0933
Viditax (FutD), 06-04-2018
DouaneUpdate 2018-0152
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

Kenmerk 16/00311

16 februari 2017

uitspraak van de meervoudige douanekamer

op het hoger beroep van

[X] , gevestigd te [Z] ,

belanghebbende,

(gemachtigde: mr. N.P.J. Ooyevaar)

tegen de uitspraak in de zaak met kenmerk HAA 13/4170 van de rechtbank Noord-Holland (hierna de rechtbank) van 8 juni 2016 in het geding tussen

belanghebbende

en

de inspecteur van de Belastingdienst,

de inspecteur.

1 Ontstaan en loop van het geding

1.1.

Belanghebbende heeft een bindende tariefinlichting (hierna: BTI) aangevraagd voor de ‘ [merk] e-reader’.

1.2.

De inspecteur heeft op dit verzoek een BTI afgegeven waarbij de [e-reader] is ingedeeld onder onderverdeling 8543 70 90 van de GN (beschikking met kenmerk: NL RTD-2013-000365).

1.3.

Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de BTI. Bij uitspraak op bezwaar van 23 augustus 2013 heeft de inspecteur het bezwaar afgewezen en de BTI gehandhaafd.

1.4.

Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij de rechtbank. Bij uitspraak van 8 juni 2016 heeft de rechtbank het ingestelde beroep ongegrond verklaard.

1.5.

Het tegen deze uitspraak door belanghebbende ingestelde hoger beroep is bij het Hof ingekomen op 20 juli 2016. De inspecteur heeft een verweerschrift ingediend.

1.6.

Bij brief van 13 januari 2017 heeft belanghebbende nadere stukken ingediend.

1.7.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 24 januari 2017. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat met deze uitspraak wordt meegezonden.

2 Feiten

2.1.

De rechtbank heeft de volgende feiten vastgesteld, waarbij belanghebbende als eiseres en de inspecteur als verweerder wordt aangeduid:

“1. Eiseres heeft op 21 december 2012 een bti aangevraagd voor de [e-reader] . De [e-reader] is in de aanvraag – onder meer – als volgt omschreven:

“ [merk] e-Reader, afmetingen 144x165x10mm, met een 6 inch hoog contrast E ink scherm, een Freescale 508 processor, een 2 GB intern geheugen, een USB aansluiting, ingebouwde WiFi zender en ontvanger, gewicht 185 gr, voorzien van een woordenboekfunctie.”

Eiseres verzoekt om de [e-reader] in te delen onder GN-code 8543 70 10.

2. Op 15 maart 2013 heeft verweerder aan eiseres een bti afgegeven voor de [e-reader] . De [e-reader] is daarin als volgt omschreven:

“Draagbaar elektrisch apparaat, zijnde een afleesscherm in de vorm van een platte monitor speciaal bedoeld voor leestoepassingen (boeken, documenten en kranten) in digitale vorm. Het apparaat is voorzien van onder meer de volgende uiterlijke en technische kenmerken:

  • -

    een 6” display met een zogenoemde contrast E ink scherm;

  • -

    met 16 grijskleuren;

  • -

    ondersteunt onder andere de volgende formaten: EPUB, PDF, MOBI, JPEG, GIF, TIFF,

TXT, HTML, RTF, CBZ en CBR;

  • -

    een freescale 508 processor;

  • -

    een intern flash geheugen van 2 GB en een micro SD kaart ingang;

  • -

    voorzien van een oplaadbare accu;

  • -

    met een USB 2.0 aansluiting en een draadloos WLAN;

  • -

    voorzien van een digitaal woordenboek en desktop software;

  • -

    productafmetingen van 11,4 x 1 x 16,5 cm.

De kenmerkende hoofdfunctie wordt bepaald door het elektronisch leesboek.”

Bij de motivering voor de indeling staat het volgende vermeld:

“De indeling is vastgesteld op basis van de algemene regels 1 en 6 voor de interpretatie van de gecombineerde nomenclatuur, aantekening 3 op afdeling XVI, aantekening 5 letter E op hoofdstuk 84, Verordening (EU) nr. 763/2011 van de Commissie van 29 juli 2011 (Publicatieblad L200) en de tekst van de GN-codes 8543, 8543 70 en 8543 70 90.”

Verweerder heeft de [e-reader] ingedeeld onder GN-code 8543 70 90.

3. In de productspecificatie van de [e-reader] staan de volgende technische specificaties vermeld:

“(…)

Wireless Connectivity 802.11b/g/n

Processor Freescale 508 Processor

Device Size 114 mm X 165 mm (4,5 in X 6.5 in)

Device Depth 10 mm (0,4 in)

Weight 185 g (6.5 oz)

Display 6” E Ink XGA Pearl screen; 800 x 600 resolution

16-level grey scale

Storage 2 GB*

Memory Expansion Up to 30,000 eBooks with a 32 GB Micro SD card

Connectivity USB, WiFi

Battery Life 1 month**

Support File Formats eBooks: EPUB, PDF and MOBI

Documents: PDF

Images: JPEG, GIF, PNG, BMP and TIFF

Text: TXT, HTML and RTF

Comic Books: CBZ and CBR

Pre-Loaded eBooks 15 free previews

Fonts 10 front styles, 24 sizes

Software New and improved free [merk] software

Advanced Features Library personalization, predictive search, double-tap PDF zoom in, StimpleTurnTM page turning”

2.2.

Nu partijen tegen deze feiten geen bezwaren hebben aangevoerd, zal ook het Hof van deze feiten uitgaan.

3 Het oordeel van de rechtbank

De rechtbank heeft het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard, waarbij zij het volgende heeft overwogen:

“8. Voor de indeling zijn wettelijk bepalend de bewoordingen van de posten en postonderverdelingen en de aantekeningen op de afdelingen of de hoofdstukken. Het is vaste rechtspraak van het HvJ, dat in het belang van de rechtszekerheid en van een gemakkelijke controle, het beslissende criterium voor de tariefindeling van goederen in de regel moet worden gezocht in hun objectieve kenmerken en eigenschappen, zoals deze in de tekst van de post zijn omschreven. De door de Commissie vastgestelde toelichtingen op de GN en de in het kader van de Werelddouaneorganisatie uitgewerkte toelichtingen op het geharmoniseerd systeem inzake de omschrijving en de codering van goederen (GS) zijn, hoewel rechtens niet bindend, belangrijke hulpmiddelen bij de uitlegging van de draagwijdte van de verschillende tariefposten.

9. De rechtbank volgt eiseres niet in haar primaire standpunt dat de [e-reader] moet worden ingedeeld onder GN-code 8471 30 00. De rechtbank is van oordeel dat de voorwaarde “vrij kunnen worden geprogrammeerd overeenkomstig de behoeften van de gebruiker” zoals genoemd in aantekening 5A onder 2 op hoofdstuk 84 aldus moet worden verstaan dat gebruiker in reeds op de [e-reader] aanwezig programma’s wijzigingen kan aanbrengen. Eiseres heeft erkend (zie pagina 6 beroepsgronden) dat de software programma’s van de [e-reader] niet benaderbaar zijn en niet gewijzigd kunnen worden door de consument. Aangezien de [e-reader] aldus niet voldoet aan onderdeel 2 van aantekening 5A op hoofdstuk 84, is de [e-reader] geen agm en is indeling onder GN-code 8471 30 00 niet aan de orde. Eiseres heeft zich ter zitting op het standpunt gesteld dat de [e-reader] vrij programmeerbaar is, omdat ze de [e-reader] in het Android besturingsprogramma kan laten starten. Daarvoor moet eerst een programma worden gedownload waardoor de [e-reader] kan wisselen van besturingsprogramma en vervolgens moet het besturingsprogramma Android worden gedownload. De rechtbank is van oordeel dat het laden van een reeds bestaand programma waardoor de gebruiker van de [e-reader] kan kiezen voor een ander besturingssysteem en het vervolgens downloaden van een ander besturingsprogramma niet is aan te merken als vrij programmeren in de zin van aantekening 5A onderdeel 2 op hoofdstuk 84. De rechtbank ziet daarom geen aanleiding om het onderzoek ter heropenen teneinde eiseres in staat te stellen om de [e-reader] met daarop gedownload het Android besturingsprogramma te demonsteren.

10. De rechtbank volgt eiseres evenmin in haar subsidiaire standpunt dat de [e-reader] onder GS-post 4901 moet worden ingedeeld. De rechtbank leidt uit de bewoordingen van de post en de toelichting IDR, een belangrijk hulpmiddel, af dat een product voor indeling onder deze post in aanmerking komt als sprake is van tekst die is afgedrukt op een ondergrond. Daarvan is hier geen sprake. De [e-reader] kan niet worden aangemerkt als boek of dergelijk drukwerk omdat de [e-reader] een medium is waarop tekst (een e-boek) kan worden gedownload en vervolgens kan worden gelezen.

11. Ten aanzien van het meer subsidiaire standpunt van eiseres dat de [e-reader] moet worden ingedeeld onder GN-code 8543 70 10 overweegt de rechtbank als volgt.

12. In zijn arrest van 11 juni 2015, zaak C-58/14 (Amazon EU Sàrl) heeft het HvJ onder meer overwogen:

“25 Bij de indeling van een product dient dus geen rekening te worden gehouden met een van de bijfuncties maar met de hoofdfunctie ervan, ook al ontbreekt zoals in het hoofdgeding een GN-postonderverdeling die specifiek overeenkomt met deze hoofdfunctie.

26 Uit het voorgaande volgt dat een product, bij gebreke van een GN-postonderverdeling die overeenkomt met de hoofdfunctie ervan, moet worden ingedeeld onder de GN-sluitpost, in casu postonderverdeling 8543 70 90.

27 Mitsdien dient op de prejudiciële vragen te worden geantwoord dat de GN aldus moet worden uitgelegd dat een leestoestel voor elektronische boeken met een vertaal of woordenboekfunctie, wanneer deze functie niet de hoofdfunctie ervan is, hetgeen ter verificatie aan de verwijzende rechter staat, moet worden ingedeeld onder postonderverdeling 8543 70 90 en niet onder postonderverdeling 8543 70 10.”

13. De rechtbank stelt vast dat de [e-reader] beschikt over een leesfunctie en - onder andere - een vertaal- of woordenboekfunctie. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat de [e-reader] een machine is met twee of meer verschillende functies, zodat op basis van aantekening 3 op afdeling XVI de [e-reader] moet worden ingedeeld naar de hoofdfunctie die kenmerkend is voor het complex. Gelet op de handelsbenaming ( [merk] e-Reader) en in aanmerking genomen dat de [e-reader] , gelijk eiseres in haar brief van 27 mei 2013 opmerkt, in eerste instantie bedoeld is voor het lezen van elektronische boeken, is de rechtbank van oordeel dat de leesfunctie de hoofdfunctie is die kenmerkend is voor de [e-reader] . Dat de vertaal- en woordenboekfunctie ook zelfstandig is te gebruiken maakt dit niet anders. De rechtbank is daarom van oordeel dat de [e-reader] niet moet worden ingedeeld onder GN-code 8543 70 10, maar onder GN-code 8543 70 90. Verweerder heeft de [e-reader] derhalve juist ingedeeld.

14. Gelet op al het vorenoverwogene dient het beroep ongegrond te worden verklaard.”

4 Geschil in hoger beroep

Evenals bij de rechtbank is bij het Hof de indeling van de ‘ [merk] e-reader’ (hierna: de [e-reader] ) in de gecombineerde nomenclatuur (hierna: GN) in geschil. Belanghebbende bepleit primair indeling onder post 8471 (computer), subsidiair post 4901 (boek), danwel post 4911 (ander drukwerk) en meer subsidiair post 8543 (andere machines), onderverdeling 8543 70 10 (elektrische machines met vertaal- of woordenboekfuncties). De inspecteur staat indeling voor in onderverdeling 8543 70 90 (andere machines, apparaten en toestellen; andere).

Voor de standpunten van partijen wordt verwezen naar de gedingstukken. Voor het verhandelde ter zitting wordt verwezen naar het proces-verbaal van de zitting.

5 Relevante tariefposten en toelichtingen

Post 4901 luidt:

“4901 Boeken, brochures en dergelijk drukwerk, ook indien in losse vellen:

4901 10 00 – in losse vellen, ook indien gevouwen

– andere:

4901 91 00 – – woordenboeken en encyclopedieën, ook indien in afleveringen

4901 99 00 – – andere”

Post 4911 luidt:

4911 Ander drukwerk, prenten, gravures en foto's daaronder begrepen:

4911 10 – reclamedrukwerk, handelscatalogi en dergelijke:

4911 10 10 – – handelscatalogi

4911 10 90 – – ander

– ander:

4911 91 00 – – prenten, gravures, foto's en andere afbeeldingen

4911 99 00 – – ander

Aantekening 3 op afdeling XVI luidt:

“Voor zover niet anders is bepaald, worden combinaties van machines van verschillende soorten, die bestemd zijn om gezamenlijk te functioneren en die een geheel vormen, alsmede machines met twee of meer verschillende (afwisselende of aanvullende) functies, ingedeeld naar de hoofdfunctie die kenmerkend is voor het complex.”

Aantekening 5 A op hoofdstuk 84 luidt:

“A. Voor de toepassing van post 8471 wordt onder ”automatische gegevensverwerkende machines” verstaan machines die

1) het verwerkingsprogramma of de verwerkingsprogramma’s en ten minste de gegevens die voor de uitvoering van dit programma of deze programma’s onmiddellijk noodzakelijk zijn, kunnen opslaan;

2) vrij kunnen worden geprogrammeerd overeenkomstig de behoeften van de gebruiker;

3) door de gebruiker te bepalen rekenkundige bewerkingen kunnen uitvoeren; en

4) zonder menselijke tussenkomst een verwerkingsprogramma kunnen uitvoeren, waarbij zij in staat moeten zijn de uitvoering van het programma gedurende het verwerkingsverloop door logische beslissing te wijzigen.

(…)”

Aantekening 5 E op hoofdstuk 84 luidt:

“E. Machines die een automatische gegevensverwerkende machine bevatten of daarmede in samenhang worden gebruikt en die een eigen functie, andere dan automatische gegevensverwerking, vervullen, worden ingedeeld onder de post die overeenkomstig hun functie in aanmerking komt of, bij ontbreken daarvan, onder een sluitpost.”

Post 8471 luidt, voor zover van belang, als volgt:

“8471 Automatische gegevensverwerkende machines en eenheden daarvoor; magnetische en optische lezers, machines voor het in gecodeerde vorm op dragers overzetten van gegevens en machines voor het verwerken van die gegevens, elders genoemd noch elders onder begrepen;

8471 30 00 – draagbare automatische gegevensverwerkende machines, wegende niet meer dan 10 kg, die ten minste bestaan uit een centrale verwerkingseenheid, een toetsenbord en een beeldscherm”

Post 8543 luidt, voor zover van belang, als volgt:

“8543 Elektrische machines, apparaten en toestellen, met een eigen functie, niet genoemd of niet begrepen onder andere posten van dit hoofdstuk:

(…)

8543 70 – andere machines, apparaten en toestellen

8543 7010 – – elektrische toestellen met vertaal- of woordenboekfuncties

(…)

8543 7090 – – andere”

6 Beoordeling van het geschil

6.1.

Belanghebbende betoogt primair dat de [e-reader] voldoet aan alle voorwaarden die aantekening 5 A op hoofdstuk 84 stelt voor kwalificatie als “automatische gegevensverwerkende machine” en daarom uitsluitend kan worden ingedeeld als automatische gegevensverwerkende machine in post 8471, postonderverdeling 8471 30 00 (draagbare automatische gegevensverwerkende machines, wegende niet meer dan 10 kg,

die ten minste bestaan uit een centrale verwerkingseenheid, een toetsenbord en een

beeldscherm). Het Hof verwerpt deze stelling. Zo belanghebbende zou moeten worden gevolgd in haar stelling dat de [e-reader] aan alle in aantekening 5 A gestelde voorwaarden voldoet – hetgeen de inspecteur betwist – leidt dit niet zonder meer tot de door belanghebbende voorgestane indeling in post 8471. Het Hof overweegt ter zake als volgt.

6.2.

Aantekening 5 E op hoofdstuk 84 luidt:

“Machines die een automatische gegevensverwerkende machine bevatten of daarmede in samenhang worden gebruikt en die een eigen functie, andere dan automatische gegevensverwerking, vervullen, worden ingedeeld onder de post die overeenkomstig hun functie in aanmerking komt of, bij ontbreken daarvan, onder een sluitpost.”

6.3.

In zijn arrest van 11 december 2008 in de gevoegde zaken C-362/07 en C-363/07, Kip Europe SA e.a., punt 33, heeft het Hof van Justitie (hierna: HvJ EU) met betrekking tot genoemde aantekening 5 E overwogen:

“Bovendien blijkt uit de algemene opzet en het doel van voornoemde aantekening dat de daarin vermelde woorden „worden ingedeeld onder de post die overeenkomstig hun functie in aanmerking komt” er niet toe strekken een functie van het in te delen apparaat voorrang te verlenen boven andere functies ervan die onder de gegevensverwerking vallen, maar beogen te verhinderen dat apparaten met een andere functie dan gegevensverwerking zouden worden ingedeeld onder post 8471 om de enkele reden dat zij een automatische gegevensverwerkende machine bevatten of in samenhang daarmee worden gebruikt.”

6.4.

Aantekening 5 E bevat derhalve geen rechtsregel die inhoudt dat elke machine die aan de voorwaarden van aantekening 5 A voldoet altijd in post 8471 dient te worden ingedeeld, noch een regel die inhoudt dat een machine die aan de voorwaarden van aantekening 5 A voldoet, maar tevens over een andere functie beschikt, altijd overeenkomstig die andere functie zou moeten worden ingedeeld.

6.5.

Een voor de beslechting van het onderwerpelijke geschil relevante rechtsregel is opgenomen in aantekening 3 op afdeling XVI (waarvan hoofdstuk 84 en 85 deel uitmaken). Deze aantekening luidt, voor zover hier van belang:

“Voor zover niet anders is bepaald, worden (…) machines met twee of meer verschillende (afwisselende of aanvullende) functies, ingedeeld naar de hoofdfunctie die kenmerkend is voor het complex.”

6.6.

In zijn arrest van 11 juni 2015, zaak C-58/14, Amazon EU Sàrl, punt 23, heeft het HvJ EU – met betrekking tot een e-reader met een vertaal- en woordenboekfunctie van een andere fabrikant – als volgt overwogen:

“23. Een product moet namelijk worden ingedeeld op basis van de hoofdfunctie ervan. Zo moet met name een machine met verschillende functies volgens aantekening 3 van afdeling XVI van het tweede deel van de GN worden ingedeeld volgens de hoofdfunctie die haar kenmerkt.

24. Zo ook verklaarde het Hof dat bij de indeling van een product rekening moet worden gehouden met wat voor de consument hoofd- en bijzaak is (zie in die zin arrest British Sky Broadcasting Group en Pace, C-288/09 en C-289/09, EU:C:2011:248, punt 77).

25. Bij de indeling van een product dient dus geen rekening te worden gehouden met een van de bijfuncties maar met de hoofdfunctie ervan, ook al ontbreekt zoals in het hoofdgeding een GN-postonderverdeling die specifiek overeenkomt met deze hoofdfunctie.

26. Uit het voorgaande volgt dat een product, bij gebreke van een GN-postonderverdeling die overeenkomt met de hoofdfunctie ervan, moet worden ingedeeld onder de GN-sluitpost, in casu postonderverdeling 8543 70 90.”

6.7.

Naar ’s Hofs oordeel heeft voor de [e-reader] hetzelfde te gelden. Dit houdt in dat, ook indien zou komen vast te staan dat de [e-reader] voldoet aan alle voorwaarden die aantekening 5 A op hoofdstuk 84 stelt voor kwalificatie van een machine als “automatisch gegevensverwerkende machine”, de [e-reader] moet worden ingedeeld naar de hoofdfunctie ervan. Voor het bepalen van die hoofdfunctie acht het Hof van belang dat de [e-reader] is uitgerust met een E-ink (electronic ink) display. De hoge helderheid en het hoge contrast, de brede kijkhoek en het lage energieverbruik maken deze display-techniek weliswaar zeer geschikt voor het lezen van elektronische boeken, maar door zijn relatief lage resolutie (800x600) en zwart-wit beeld (met slechts 16 grijswaarden) is het display veel minder geschikt voor gebruik in een tablet-computer. Ook beschikt de [e-reader] niet over de voor een tablet-computer gangbare uitrusting, zoals bluetooth, een luidspreker, een camera, alsmede een microfoon- en koptelefoonaansluiting. Het is daarom aannemelijk dat de [e-reader] door de consument primair wordt aangeschaft voor het lezen van elektronische boeken. Op grond hiervan is het Hof van oordeel dat de leesfunctie van de [e-reader] de hoofdfunctie is, op grond waarvan de indeling moet plaatsvinden en dat de functie van “automatisch gegevensverwerkende machine” – zo die functie al aanwezig is, hetgeen het Hof in het midden laat – slechts een ‘bijfunctie’ vormt.

6.8.

Gelet op het vorenoverwogene dient de [e-reader] te worden ingedeeld in post 8543, postonderverdeling 8543 70 90, met overeenkomstige toepassing van het voormelde Amazon-arrest. Het Hof verwerpt de stelling van belanghebbende dat het oordeel van het HvJ EU in het Amazon-arrest inzake de postonderverdeling onjuist is omdat uit de bewoordingen van postonderverdeling 8543 70 10 zou volgen dat altijd indeling onder déze postonderverdeling dient plaats te vinden, zodra een toestel over een vertaal- of woordenboekfunctie beschikt, ook als het een bijfunctie betreft en ongeacht de overige functies van het desbetreffende toestel. Het HvJ EU overweegt in het Amazon-arrest dat bij de indeling van een product geen rekening dient te worden gehouden met een van de bijfuncties maar met de hoofdfunctie ervan (r.o. 25). Niet valt in te zien waarom een dergelijke uitleg strijdig zou zijn met de bewoordingen van postonderverdeling 8543 70 10. Het Hof ziet daarom geen aanleiding om (nadere) prejudiciële vragen te stellen aan het HvJ EU over de uitleg van deze postonderverdeling.

6.9.

Opgemerkt zij nog dat indeling onder de door belanghebbende subsidiair voorgestane posten 4901 (Boeken, brochures en dergelijk drukwerk, ook in dien in losse vellen) en 4911 (Ander drukwerk, prenten, gravures en foto’s daaronder begrepen), gelet op de objectieve kenmerken en eigenschappen van de [e-reader] niet mogelijk is. Blijkens de voormelde bewoordingen hebben genoemde posten betrekking op drukwerk en niet op elektronische apparaten. De vermelding in aantekening 2 op hoofdstuk 49, dat onder “drukwerk” mede wordt verstaan “gereproduceerd door een stencilmachine, verkregen met behulp van een automatische gegevensverwerkende machine of door gaufreren, fotograferen, fotokopiëren, thermokopiëren of typen”, voert niet tot een ander oordeel. Naar redelijkerwijs niet voor twijfel vatbaar is, heeft de wetgever met deze aantekening enkel tot uitdrukking gebracht dat voor kwalificatie als ‘drukwerk’ niet is vereist dat een klassieke druktechniek is gebruikt. Zo enige toelichting op genoemde tariefposten tot een andere oordeel zou moeten leiden dient deze toelichting terzijde te worden geschoven, nu volgens vaste rechtspraak een toelichting geen afbreuk kan doen aan de bewoordingen van een post (zie HvJ EU 14 april 2011, British Sky Broadcasting Group en Pace, C-288/09 en C-289/09, EU:C:2011:248, punt 65). Anders dan belanghebbende heeft betoogd volgt uit bijlage B, item 196, bij de “Ministerial declaration on the expansion of trade in information technology products” (Nairobi, 16 december 2015) evenmin dat de [e-reader] als “drukwerk” kan worden gekwalificeerd. De desbetreffende uitbreiding van de The Information Technology Agreement (ITA) voorziet enkel in een vrijstelling voor drukwerk waarin rechten worden toegekend voor het gebruik, de installatie en de reproductie van software, data, internetcontent of -diensten, alsmede telecommunicatiediensten.

Slotsom

6.10.

De slotsom is dat het hoger beroep ongegrond is en dat de uitspraak van de rechtbank dient te worden bevestigd.

7 Proceskosten

Het Hof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de kosten op de voet van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht.

8 Beslissing

Het Hof bevestigt de uitspraak van de rechtbank.

Aldus gedaan door mrs. B.A. van Brummelen, voorzitter, C.J. Hummel en A. Bijlsma, leden van de douanekamer, in tegenwoordigheid van mr. M. Jansen als griffier. De beslissing is op 16 februari 2017 in het openbaar uitgesproken.

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), Postbus 20303, 2500 EH Den Haag. Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:

1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.

2. het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:

a. de naam en het adres van de indiener;

b. een dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;

d. de gronden van het beroep in cassatie.

Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad.

In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.