Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2016:929

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
14-03-2016
Datum publicatie
15-03-2016
Zaaknummer
200.186.821/01 OK
Rechtsgebieden
Ondernemingsrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

OK. Enquête en onmiddellijke voorzieningen verzocht. Bepaalde onmiddellijke voorzieningen, die in essentie ertoe strekken Delta Lloyd te verbieden tijdens de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 enig voorstel met betrekking tot de claimemissie in stemming te brengen, heeft de Ondernemingskamer afgewezen.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2 345
Burgerlijk Wetboek Boek 2 349a
Burgerlijk Wetboek Boek 2 350
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2016/776
ARO 2016/44
RO 2016/36
JONDR 2016/465
JIN 2016/82 met annotatie van F. Oostlander
NTHR 2016, afl. 3, p. 187
JOR 2017/89
OR-Updates.nl 2016-0083
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

___________________________________________________________________

GERECHTSHOF AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

zaaknummer: 200.186.821/01 OK

beschikking van de Ondernemingskamer van 14 maart 2016

inzake

1. de rechtspersoon naar buitenlands recht

HIGHFIELDS CAPITAL MANANGEMENT LP,

gevestigd te Boston, Massachusetts, Verenigde Staten,

2. de rechtspersoon naar buitenlands recht

HIGHFIELDS CAPITAL I LP,

gevestigd te Wilmington, Delaware, Verenigde Staten,

3. de rechtspersoon naar buitenlands recht

HIGHFIELDS CAPITAL II LP,

gevestigd te Wilmington, Delaware, Verenigde Staten,

4. de rechtspersoon naar buitenlands recht

HIGHFIELDS CAPITAL III LP,

gevestigd te George Town, Kaaimaneilanden,

VERZOEKSTERS,

advocaten: mr. G. te Winkel en mr. N.A. van Loon, kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

de naamloze vennootschap

DELTA LLOYD N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

VERWEERSTER,

advocaten: mr. A.J.R. Croiset van Uchelen en mr. W.M. Smelt, kantoorhoudende te Amsterdam,

e n t e g e n

de rechtspersoon naar buitenlands recht

FUBON LIFE INSURANCE CO., LTD,

gevestigd te Taipei, Taiwan,

BELANGHEBBENDE,

advocaat: mr. F.M. Peters, kantoorhoudende te Amsterdam.

1 Het verloop van het geding

1.1

Partijen zullen hierna als volgt worden aangeduid:

verzoeksters gezamenlijk in enkelvoud als Highfields;

verweerster als Delta Lloyd;

belanghebbende als Fubon.

1.2

Highfields heeft bij op 4 maart 2016 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verzoekschrift met producties de Ondernemingskamer verzocht – zakelijk weergegeven – bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad,

  1. een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken van Delta Lloyd over de periode vanaf 1 augustus 2015 tot het moment van afronding van het onderzoek, althans tot de datum van de beschikking waarbij het onderzoek wordt gelast;

  2. ij wijze van onmiddellijke voorzieningen voor de duur van het geding:

(i) Delta Lloyd te gelasten het onderwerp claimemissie van de agenda van de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van 16 maart 2016 te halen; althans

(ii) Delta Lloyd te verbieden de claimemissie op die aandeelhoudersvergadering in stemming te brengen; althans

(iii) Delta Lloyd te gebieden om stemvolmachten van aandeelhouders en intermediairs te accepteren tot aan de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016;

met veroordeling van Delta Lloyd in de kosten van de procedure.

1.3

Highfields heeft bij op 9 maart 2016 (20:57 uur) ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen aanvullend verzoekschrift haar verzoek, voor zover het strekt tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen, gewijzigd aldus dat Highfields de Ondernemingskamer heeft verzocht – zakelijk weergegeven – bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad:

primair

  1. Delta Lloyd te gebieden het onderwerp claimemissie van de agenda van de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders van 16 maart 2016 te halen;

  2. Delta Lloyd te verbieden dit agendapunt te agenderen tot 30 juni 2017 althans totdat DNB goedkeuring heeft verleend voor een gereviseerd PIM;

subsidiair

Delta Lloyd te verbieden tijdens de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 enig voorstel in stemming te brengen met betrekking tot de claimemissie;

Delta Lloyd te gebieden op de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 gelegenheid te bieden tot overleg over de solvabiliteit, het PIM-traject en maatregelen om de solvabiliteit op peil te houden;

in ieder geval

Delta Lloyd te gebieden om stemvolmachten van aandeelhouders en intermediairs te accepteren tot aan de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016;

een tijdelijk bestuurder of commissaris te benoemen met als bijzondere taak:

(1) te bevorderen dat Delta Lloyd voldoende inzicht heeft in haar solvabiliteit en daarover deugdelijk zal rapporteren aan de aandeelhouders;

(2) te bevorderen dat Delta Lloyd zal voldoen aan de vereisten van Solvency II;

(3) te bevorderen dat Delta Lloyd zo snel mogelijk een adequaat PIM ter beoordeling aan DNB voorlegt.

elke andere onmiddellijke voorziening te treffen die de Ondernemingskamer geraden acht.

1.4

Delta Lloyd heeft bij op 10 maart 2016 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verweerschrift geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen, met veroordeling van Highfields in de kosten.

1.5

Fubon heeft bij op 10 maart 2016 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verweerschrift tevens houdende verzoek tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen geconcludeerd tot toewijzing van het enquêteverzoek (met dien verstande dat Fubon een onderzoek over de periode vanaf februari 2015 nodig acht) en het verzoek tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen van Highfields (zoals geformuleerd in het verzoekschrift van 4 maart 2016), met veroordeling van Delta Lloyd in de kosten van het geding.

1.6

Zoals vermeld in de brieven van de Ondernemingskamer aan partijen van 7 en 11 maart 2016 zijn uitsluitend de onderdelen sub a, c, d en e van de in 1.3 genoemde verzochte onmiddellijke voorzieningen, alle betrekking hebbend op besluitvorming tijdens de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 over de claimemissie, behandeld ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 14 maart 2016. Voor zover het verzoek van Highfields strekt tot het gelasten van een enquête en het treffen van andere onmiddellijke voorzieningen (de in 1.3 sub b, f en g genoemde onderdelen), zal het op een nader te bepalen terechtzitting worden behandeld. Ter zitting van 14 maart 2016 hebben de advocaten de standpunten van de onderscheiden partijen toegelicht aan de hand van - aan de Ondernemingskamer en de wederpartij overgelegde - aantekeningen en, wat Highfields en Delta Lloyd betreft, onder overlegging van op voorhand aan de Ondernemingskamer en de wederpartij gezonden nadere producties, te weten producties 28 tot en met 34 van Highfields en producties 29 en 30 van Delta Lloyd. Partijen en hun advocaten hebben vragen van de Ondernemingskamer beantwoord. Highfields heeft het in 1.3 sub a genoemde onderdeel van haar verzoek ingetrokken. Fubon heeft zich aangesloten bij de gewijzigde verzoeken van Highfields.

1.7

De Ondernemingskamer heeft vervolgens – na beraad in raadkamer en onder aankondiging dat een schriftelijke uitwerking later zal volgen – onmiddellijk als volgt uitspraak gedaan.

2 De feiten

2.1

Delta Lloyd staat aan het hoofd van een groep die als financiële dienstverlener in Nederland en België actief is op het gebied van verzekeringen, pensioenen, beleggingen en bankieren.

2.2

De aandelen in Delta Lloyd zijn beursgenoteerd. Highfields houdt 9,9% van de aandelen in Delta Lloyd. Fubon houdt 7,13% van de aandelen in Delta Lloyd.

2.3

Op 1 januari 2016 is de Solvency II-richtlijn (2009/138/EG) in werking getreden. Op grond van deze richtlijn en de daarop gebaseerde regelgeving dienen Nederlandse verzekeraars vanaf 1 januari 2016 te voldoen aan de eisen van Solvency II. Die eisen houden onder meer in dat het “in aanmerking komend eigen vermogen” van de verzekeraar tenminste 100% van de Solvency Capital Requirement dient te bedragen. Deze Solvency II ratio kan worden berekend aan de hand van een in de regelgeving vastgesteld standaardmodel (Standard Formula) of aan de hand van een door de verzekeraar zelf te ontwikkelen intern model of partieel intern model (PIM). Het hanteren van een (partieel) intern model is slechts mogelijk na goedkeuring van dat model door DNB als toezichthouder.

2.4

Delta Lloyd heeft op 16 maart 2015 via een accelerated bookbuild offering bijna 20 miljoen nieuwe aandelen uitgegeven tegen een koers van € 17 per aandeel. Fubon heeft toen een belang van 5,23% in Delta Lloyd verworven.

2.5

Op 15 mei 2015 heeft Delta Lloyd het door haar ontwikkelde PIM ter goedkeuring voorgelegd aan DNB. Delta Lloyd heeft dit bij persbericht van 19 mei 2015 bekendgemaakt.

2.6

Op 11 augustus 2015 heeft Delta Lloyd een analyst presentation naar aanleiding van de halfjaarresultaten 2015 gepubliceerd en een half year 2015 earnings call met analisten gehouden. In die call heeft H. van der Noordaa, voorzitter van de raad van bestuur van Delta Lloyd, onder meer gezegd:

At the moment, capital raise is not on the agenda because we first need to make sure that we stabilize the Solvency II outcome (…)

2.7

Op 10 november 2015 heeft Delta Lloyd een interim management statement over de eerste negen maanden van 2015 gepubliceerd, waarin onder meer is aangekondigd: “We will update you on capital and transition to Solvency II at our Investor Day on 2 December 2015”.

2.8

Op 30 november 2015 heeft Delta Lloyd een persbericht gepubliceerd waarin zij haar voornemen tot het doen van een claimemissie van ten hoogste € 1 miljard heeft aangekondigd. Het persbericht houdt onder meer in dat de claimemissie naar verwachting zal plaatsvinden kort na de publicatie van de jaarcijfers 2015 op 24 februari 2016, afhankelijk van te verkrijgen goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders tijdens een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders te houden voorafgaand aan de emissie. Het persbericht houdt voorts in dat Delta Lloyd besloten heeft vooralsnog de Standard Formula te hanteren voor de Solvency II ratio en dat de Investor Day zal plaatsvinden in mei 2016.

2.9

Op 1 februari 2016 heeft Delta Lloyd haar aandeelhouders opgeroepen voor een buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders op 16 maart 2016 met als agendapunten onder meer:

3. Emissie

a. Toelichting op de Emissie (bestaande uit een Claimemissie en een Rump-emissie) (ter bespreking)

b. Aanwijzing van de Raad van Bestuur als bevoegd orgaan om te besluiten tot de uitgifte van Gewone Aandelen en/of het verlenen van rechten tot het nemen van Gewone Aandelen in verband met de Emissie (ter stemming)

c. Aanwijzing van de Raad van Bestuur als bevoegd orgaan om te besluiten tot beperking en uitsluiting van het wettelijk voorkeursrecht ten aanzien van uitgifte van Gewone Aandelen en/of het verlenen van rechten tot het nemen van Gewone Aandelen in verband met de Emissie (ter stemming)

d. Statutenwijziging (ter stemming)”

De oproep houdt voorts onder meer in:

Op 24 februari 2016 maakt Delta Lloyd de financiële resultaten over heel 2015 en de Solvency II-ratio (Standaard Formule) bekend, en wordt ook nadere informatie verstrekt over de strategie, de voortgang van de eerder aangekondigde managementacties en de resterende discussiepunten met DNB over een aantal onzekerheden met betrekking tot de solvabiliteitsratio onder Solvency II. Dankzij deze timing van de BAVA kunt u uw positie afwegen op basis van een volledig inzicht in onze financiële en commerciële resultaten over 2015.

2.10

Op 24 februari 2016 heeft Delta Lloyd de jaarstukken 2015, de FY 2015 results and capital plan update en een persbericht gepubliceerd. Deze stukken houden onder meer in dat de Solvency II ratio (volgens de Standard Formula) per ultimo 2015 131% is, dat de beoogde opbrengst van de claimemissie € 650 miljoen is (in plaats van het eerdergenoemde bedrag van maximaal € 1 miljard) en dat Delta Lloyd het voornemen heeft haar belang van 30,4% in Van Lanschot Bankiers te verkopen.

2.11

Op 1 maart 2016 hebben de stemadviesbureaus International Shareholder Service (ISS) en Glass Lewis, elk een rapport gepubliceerd waarin zij aandeelhouders adviseren vóór de claimemissie te stemmen.

2.12

Highfields heeft op 1 maart 2016 bij een bespreking met Delta Lloyd in Boston, aan Delta Lloyd een presentatie (van 26 pagina’s) overhandigd waarin zij uiteenzet waarom zij tegen de claimemissie is, met het verzoek die presentatie op de website van Delta Lloyd te plaatsen. Delta Lloyd heeft deze presentatie op 3 maart 2016 op haar website geplaatst samen met haar reactie op die presentatie. In een persbericht van dezelfde datum heeft Delta Lloyd de presentatie van Highfields en haar reactie daarop bekendgemaakt.

2.13

Bij brief van 9 maart 2016 heeft DNB aan Delta Lloyd te kennen gegeven dat DNB een uitstel van de stemming op 16 maart 2016 over de claimemissie onwenselijk vindt en dat DNB de visie van het bestuur van Delta Lloyd onderschrijft dat het in het belang is van Delta Lloyd en haar stakeholders dat het Tier-1 kapitaal wordt versterkt en dat er op korte termijn duidelijkheid komt over de claimemissie.

2.14

Bij brief van 11 maart 2016 heeft de vereniging VEB NCB aan Delta Lloyd laten weten dat het voor VEB duidelijk is dat de claimemissie en de stemming daarover op 16 maart 2016 door moet gaan.

3 De gronden van de beslissing

3.1

Highfields en Fubon hebben aan hun verzoek tot het treffen van de in 1.3 sub c, d en e genoemde onmiddellijke voorzieningen ten grondslag gelegd dat er gegronde redenen zijn voor twijfel aan een juist beleid en een juiste gang van zaken van Delta Lloyd en dat gelet op de toestand van de vennootschap deze onmiddellijke voorzieningen dienen te worden getroffen. Zij hebben daartoe – kort samengevat – het volgende aangevoerd. De claimemissie is een paardenmiddel waartoe geen noodzaak bestaat; de solvabiliteit van Delta Lloyd is thans toereikend en kan op korte termijn ook zonder emissie (verder) worden verbeterd. Een emissie behoort niet aan de orde te zijn voordat het herziene PIM van Delta Lloyd (dat zal leiden tot een hogere Solvency II ratio dan onder de Standard Formula) alsnog zal zijn goedgekeurd door DNB. De informatievoorziening door Delta Lloyd is onder de maat, verwarrend en tegenstrijdig; op 30 november 2015 is plotseling een claimemissie van maximaal € 1 miljard aangekondigd en is de Investor Day van 2 december 2015 zonder toelichting verschoven naar mei 2016, bij de oproep op 1 februari 2016 voor aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 is onvoldoende informatie verschaft en op 24 februari 2016 is het beoogde bedrag van de emissie plotseling verlaagd tot € 650 miljoen en is geen toereikende informatie verschaft over de ontwikkeling van de solvabiliteitsratio. Delta Lloyd heeft de presentatie van Highfields van 1 maart 2016 te laat op haar website geplaatst, mede gelet op het feit dat buitenlandse aandeelhouders veelal reeds op 3 maart 2016 hun steminstructie aan hun intermediairs dienen te geven. De claimemissie leidt tot onomkeerbare schade voor met name langetermijnbeleggers als Highfields en Fubon en uitstel van de emissie is niet schadelijk voor Delta Lloyd.

3.2

Delta Lloyd heeft de door Highfields en Fubon aangevoerde gronden bestreden en daartoe kort gezegd het volgende aangevoerd. Het debat over nut en noodzaak van de claimemissie is reeds gevoerd in de op 24 februari 2016 door Delta Lloyd gepubliceerde stukken, de presentatie van Highfields van 1 maart 2016 en de reactie daarop van Delta Lloyd van 3 maart 2016 en die discussie kan worden voortgezet op de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016. Dit debat hoort niet thuis in de rechtszaal. Delta Lloyd heeft toereikende informatie verschaft. De discussie over de claimemissie kan niet worden uitgesteld tot na de implementatie van het herziene PIM, omdat die implementatie pas in 2018 is te verwachten en omdat het positieve effect van het PIM op de solvabiliteitsratio beperkt is. Het uitblijven van de emissie zou leiden tot een verlaging van de creditratings van Delta Lloyd, met aanzienlijke negatieve gevolgen. Delta Lloyd betwist dat buitenlandse aandeelhouders hun stemvolmacht al op 3 maart 2016 bij hun eigen intermediair hebben moeten aanleveren. De emissie komt niet als een verrassing; al in augustus 2015 verwachtten analisten dat Delta Lloyd tussen de € 600 miljoen en € 1,2 miljard aan extra kapitaal nodig zou hebben. Een stemverbod is als onmiddellijke voorziening slechts toewijsbaar indien het te nemen besluit in de gegeven omstandigheden naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zou zijn.

3.3

De thans aan de orde zijnde onmiddellijke voorzieningen strekken er in essentie toe Delta Lloyd te verbieden tijdens de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 enig voorstel met betrekking tot de claimemissie in stemming te brengen.

3.4

De Ondernemingskamer stelt voorop dat indien, zoals in het onderhavige geval, nog geen onderzoek is gelast, zij slechts onmiddellijke voorzieningen kan treffen indien daarvoor voldoende zwaarwegende redenen zijn en, naar haar voorlopig oordeel, er gegronde redenen zijn om te twijfelen aan een juist beleid of een juiste gang van zaken. Deze maatstaf noopt reeds tot terughoudendheid. Terughoudendheid is ook vereist in verband met de aard van de verzochte onmiddellijke voorzieningen, die er toe strekken te voorkomen dat de algemene vergadering van aandeelhouders, zijnde het in deze wettelijk en statutair bevoegde orgaan van de vennootschap, op 16 maart 2016 zal beslissen over de claimemissie.

3.5

De Ondernemingskamer zal eerst, met inachtneming van de genoemde terughoudendheid, bezien of er voldoende zwaarwegende redenen zijn voor het treffen van de gevraagde voorzieningen.

3.6

Highfields en Fubon hebben aangevoerd dat de claimemissie onnodig is omdat Delta Lloyd reeds toereikend is gekapitaliseerd en langs andere wegen (zoals het verlagen van het risicoprofiel van de investeringsportefeuille, het (door het bestuur van Delta Lloyd ondergewaardeerde) vermogen van Delta Lloyd zelf kapitaal te genereren en het inhouden van dividend) haar solvabiliteit dient te verbeteren, zo daar aanleiding toe bestaat.

3.7

De Ondernemingskamer treedt niet in de vraag of, en zo ja in welke mate een emissie nodig of wenselijk is. Het is niet aan haar maar aan de algemene vergadering van aandeelhouders om daarover te beslissen.

3.8

Highfields en Fubon hebben voorts aangevoerd dat de door Delta Lloyd aan de aandeelhouders verstrekte informatie ontoereikend is. Gelet op de genoemde terughoudendheid plaatst dit bezwaar de Ondernemingskamer voor de vraag of de door Delta Lloyd aan de aandeelhouders verstrekte informatie in de aanloop naar de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016, wat betreft de timing en/of de inhoud, zo gebrekkig is dat op basis van die informatie de aandeelhouders redelijkerwijs hun standpunt ten aanzien van de claimemissie niet kunnen bepalen.

3.9

De Ondernemingskamer neemt bij de beoordeling van de timing van de informatie in aanmerking dat het gebruikelijk is, en ook in dit geval is te verwachten, dat veel aandeelhouders reeds voorafgaand aan de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 hun stemgedrag willen bepalen. Delta Lloyd heeft in de oproeping op 1 februari 2016 voor de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016, medegedeeld dat houders van girale aandelen die een schriftelijke volmacht willen geven dit uiterlijk op 9 maart 2016 te 17:00 uur via hun intermediair kenbaar kunnen maken aan ABN AMRO Bank.

3.10

Delta Lloyd heeft op 24 februari 2016 de jaarstukken 2015, de FY 2015 results and capital plan update en een persbericht gepubliceerd. Uit die informatie blijkt dat de Solvency II ratio onder de Standard Formula per ultimo 2015 131% is en dat de beoogde opbrengst van de emissie € 650 miljoen is, in plaats van het eerder genoemde maximumbedrag van € 1 miljard. In de FY 2015 results and capital plan update is een toelichting gegeven op de daling van de Solvency II van 136% aan het einde van het derde kwartaal 2015 tot 131% per ultimo 2015, in het bijzonder als gevolg van de wijze van verwerking van de posten LAC DT (loss absorbing capacity of deferred taxes) en Longevity hedges (lang leven swaps). Uit dat stuk blijkt voorts dat Delta Lloyd er naar streeft om de Solvency II ratio in 2016 te verhogen van 131% (per ultimo 2015), door een claimemissie van € 650 miljoen (25 procentpunt), asset and liability management actions (10-15 procentpunt) en de verkoop van Van Lanschot (circa 8 procentpunt), waarmee die ratio, afgezien van de impact of market volatility, zou uitkomen op een percentage gelegen dicht bij de bovengrens van de eerder gepubliceerde target range van 140-180%.

3.11

Indien de periode tussen 24 februari en 9 maart 2016 in aanmerking wordt genomen, beliep de termijn waarbinnen veel aandeelhouders hun standpunt zouden willen bepalen 14 dagen (2016 is een schrikkeljaar). De Ondernemingskamer acht deze termijn niet te kort mede in aanmerking genomen dat Delta Lloyd op 30 november 2015 een claimemissie tot een bedrag van € 1 miljard had aangekondigd en in de oproep van 1 februari 2016 had aangekondigd op 24 februari 2016 de financiële resultaten over heel 2015 en de Solvency II-ratio per ultimo 2015 (volgens de standaardformule) bekend te zullen maken, tezamen met nadere informatie over de strategie, de voortgang van de managementacties en de resterende discussiepunten met DNB over een aantal onzekerheden met betrekking tot de Solvency II ratio. De omstandigheid dat sommige aandeelhouders mogelijk reeds op 3 maart 2016 hun stemvolmacht aan hun intermediair hebben moeten geven, doet daar niet aan af, reeds omdat ook deze aandeelhouders de mogelijkheid hebben om (bij gemachtigde) ter vergadering te verschijnen.

3.12

Met betrekking tot de vraag of de inhoud van de door Delta Lloyd verstrekte informatie zo gebrekkig is dat de verzochte onmiddellijke voorzieningen moeten worden getroffen, overweegt de Ondernemingskamer als volgt.

3.13

Highfields en Fubon stellen dat de verschafte informatie onvoldoende inzicht geeft in de noodzaak of wenselijkheid van de emissie. Niet gesteld of gebleken is dat de door Delta Lloyd verstrekte informatie feitelijk onjuist is.

3.14

Het is weliswaar denkbaar dat ten aanzien van bepaalde, voor de Solvency II ratio relevante onderwerpen meer gedetailleerde informatie zou zijn verstrekt, maar niet gezegd kan worden dat de verschafte informatie, in het bijzonder die met betrekking tot de target range, de langlevenswaps, de captital generation capacity, de LAC DT en de effecten van een mogelijke verlaging van de Ultimate Forward Rate (UFR), zo gebrekkig is dat de aandeelhouders zich op basis daarvan geen oordeel kunnen vormen. Daarbij acht de Ondernemingskamer van belang dat Highfields en Fubon zelf zich in staat hebben geacht om op basis van de verstrekte informatie en hun eigen beoordeling daarvan te concluderen dat de emissie geen doorgang zou moeten vinden. Ook de stemadviesbureaus ISS en Glass Lewis hebben de informatie toereikend geoordeeld om een stemadvies op te baseren, te weten in beide gevallen een positief advies. In de door Delta Lloyd overgelegde rapportages van analisten (in het bijzonder J.P. Morgan Cazenove d.d. 24 februari 2016, Keefe Bruyette & Woods d.d. 24 februari 2016 en ING d.d. 4 maart 2016) wordt evenmin melding gemaakt van een gebrek aan informatie.

3.15

Voor zover een individuele aandeelhouder de voorafgaand aan de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 verstrekte informatie ontoereikend acht om zijn standpunt te bepalen, staat het die aandeelhouder vrij voorafgaand aan of tijdens de aandeelhoudersvergadering vragen te stellen en in discussie te treden met het bestuur. Het bestuur kan ter vergadering uit eigen beweging en naar aanleiding van vragen van aandeelhouders het voorstel nader toe lichten. Een aandeelhouder die zich ook dan nog onvoldoende geïnformeerd acht, kan om die reden tegen het emissiebesluit stemmen.

3.16

De wijze waarop de contacten tussen Delta Lloyd enerzijds en Highfields en Fubon anderzijds gedurende de afgelopen maanden zijn verlopen, biedt geen aanknopingspunt voor toewijzing van de onmiddellijke voorzieningen. Tussen Highfields en Delta Lloyd hebben op 18 augustus 2015, 19 oktober 2015, 7 december 2015 en 1 maart 2016 besprekingen plaatsgevonden terwijl daarnaast onder meer op 8 januari, 1 februari, 3 februari en 11 februari conference calls tussen deze partijen plaatsvonden. Delta Lloyd heeft op 18 december 2015 gereageerd op bezwaren die Fubon op 27 november 2015 had kenbaar gemaakt. In het licht daarvan kan niet gezegd kan worden dat Delta Lloyd er blijk van heeft gegeven de dialoog met deze of andere aandeelhouders te mijden.

3.17

De omstandigheid dat Delta Lloyd de presentatie van Highfields niet eerder dan op 3 maart 2016 op haar website heeft geplaatst, is geen grond voor uitstel van de stemming, reeds omdat Highfields die presentatie pas op 1 maart 2016 aan Delta Lloyd heeft verschaft en begrijpelijk is dat Delta Lloyd die presentatie wilde plaatsen tezamen met haar reactie daarop.

3.18

Het feit dat voorafgaand aan de aandeelhoudersvergadering de uitgifteprijs en het beoogde aantal uit te geven aandelen niet bekend zijn rechtvaardigt evenmin het treffen van de verzochte voorziening. Zoals alle partijen onderkennen wijkt de gang van zaken op dit punt niet af van hetgeen gebruikelijk is, terwijl niet onbegrijpelijk is dat de uitgifteprijs pas kort voor de daadwerkelijke uitgifte kan worden bepaald.

3.19

Het bovenstaande leidt tot de slotsom dat er onvoldoende zwaarwegende redenen zijn voor het treffen van de verzochte onmiddellijke voorziening gericht op het voorkomen van besluitvorming op de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016. Het treffen van de in 1.3 sub d verzochte voorziening is niet nodig omdat de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 naar zijn aard ruimte biedt voor een gedachtewisseling over de in dit onderdeel van het verzoek genoemde onderwerpen en geen aanwijzing bestaat dat (het bestuur of de raad van commissarissen van) Delta Lloyd daarvoor geen gelegenheid zou bieden. De in 1.3 sub e genoemde voorziening zal niet worden getroffen omdat, zoals hierboven is overwogen, de termijn tussen 24 februari 2016 en 9 maart 2016 niet te kort is, nog daargelaten dat, zoals Delta Lloyd onweersproken heeft gesteld, die voorziening praktisch niet uitvoerbaar is.

3.20

Aan een belangenafweging komt de Ondernemingskamer derhalve niet toe en evenmin aan een (voorlopig) oordeel over de gestelde redenen om te twijfelen aan een juist beleid of een juiste gang van zaken.

3.21

De slotsom is dat de in 1.3 sub c, d en e genoemde onderdelen van het verzoek tot treffen van onmiddellijke voorzieningen zullen worden afgewezen. De Ondernemingskamer zal iedere verdere beslissing aanhouden, ook met betrekking tot de kosten van het geding.

4 De beslissing

De Ondernemingskamer:

wijst af de in 1.3 sub c, d en e genoemde onderdelen van het verzoek tot treffen van onmiddellijke voorzieningen;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, raadsheren, en drs. P.R. Baart en H. de Munnik, raden, in tegenwoordigheid van mr. H.H.J. Zevenhuijzen en mr. M.A. Sterk, griffiers, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 14 maart 2016 en op schrift gesteld op 15 maart 2016.