Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2016:5609

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
19-12-2016
Datum publicatie
29-12-2016
Zaaknummer
23-002010-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

vrijspraak. Opzet op het uitgeven van de valse biljetten kan niet worden afgeleid uit de bewijsmiddelen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 23-002010-16

Datum uitspraak: 19 december 2016

TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 30 mei 2016 in de strafzaak onder parketnummer 13-056001-16 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] (Groot-Brittanniƫ) op [geboortedag] 1991,

adres: [adres]

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 5 december 2016.

Tegen voormeld vonnis is door de verdachte hoger beroep ingesteld.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 14 maart 2016 te Amsterdam, in elk geval in Nederland, opzettelijk een of meer valse of vervalste bankbiljetten van Euro 50 heeft uitgegeven.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof zich niet met het vonnis kan verenigen.

Vordering van het Openbaar Ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de rechter in eerste aanleg opgelegd.

Vrijspraak

Bij het delict zoals tenlastegelegd in de onderhavige zaak dient ten tijde van het uitgeven opzet op de valsheid van de bankbiljetten te bestaan. Uit de bewijsmiddelen zoals vervat in het dossier kan een dergelijk opzet niet worden afgeleid. Naar het oordeel van het hof is niet vast te stellen dat de verdachte op het moment van uitgifte wetenschap had van de valsheid van de biljetten. Derhalve is naar het oordeel van het hof niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.A. Schimmel, mr. G. Oldekamp en mr. R.A.F. Gerding, in tegenwoordigheid van J.M. van Riel, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 19 december 2016.