Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2016:3381

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
09-03-2016
Datum publicatie
01-11-2016
Zaaknummer
001562-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Rekestprocedure
Inhoudsindicatie

Afwijzing vergoeding nu de dag van invrijheidstelling samenvalt met de dag van inverzekeringstelling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

GERECHTSHOF AMSTERDAM

Rekestnummer: R 001562-15/ (89 Sv)

Parketnummer in hoger beroep: 23/000273-14

Beschikking op het verzoekschrift op de voet van artikel 89 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:

[verzoeker]

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,

domicilie kiezende ten kantore van zijn advocaat mr. [naam],

[adres].

1 Inhoud van het verzoek

Het verzoekschrift strekt tot het verkrijgen van een vergoeding ten laste van de Staat, tot een bedrag van € 105,00, ter zake van schade die verzoeker stelt te hebben geleden als gevolg van de ondergane verzekering in de strafzaak met voormeld parketnummer.

2 Procesverloop

Het hof heeft kennis genomen van de stukken in de strafzaak met voormeld parketnummer en van het onderhavige verzoekschrift, alsmede van het standpunt van de advocaat-generaal betreffende dit verzoek.

Het hof heeft op 17 februari 2016 de advocaat-generaal en de advocaat van verzoeker ter gelegenheid van de openbare behandeling van het verzoekschrift in raadkamer gehoord. Verzoeker is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet in raadkamer verschenen.

De advocaat van verzoeker heeft aan de hand van de door haar overgelegde pleitnotities betoogd dat de verzochte vergoeding dient te worden toegewezen.

De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek.

3 Beoordeling van het verzoek

Het verzoekschrift is tijdig ter griffie van dit hof ingediend.

Verzoeker is op 11 april 2013 te 13.30 uur in verzekering gesteld op verdenking van – kort gezegd – de artikelen 310, 311, eerste lid onder 4 en 5 van het Wetboek van Strafrecht. Verzoeker is op 11 april 2013 te 16.01 uur in vrijheid gesteld.

De strafzaak met voormeld parketnummer is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel. Het arrest in die strafzaak is inmiddels onherroepelijk geworden.

In artikel 136, eerste lid, Sv is bepaald dat onder een dag wordt verstaan een tijd van vierentwintig uren. In artikel 27, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht (Sr) is over de verrekening van in verzekering en in voorlopige hechtenis doorgebrachte tijd met de opgelegde gevangenisstraf bepaald, dat bij het berekenen van de in mindering te brengen tijd de eerste dag van de verzekering als een volle dag geldt en dat de dag waarop de verzekering is geëindigd buiten beschouwing blijft. Hierbij wordt volgens vaste rechtspraak aansluiting gezocht bij de beoordeling van een verzoek als het onderhavige. Mitsdien wordt, nu de dag van invrijheidstelling samenvalt met de dag van inverzekeringstelling, de gevraagde vergoeding afgewezen.

4 Beslissing

Het hof:

Wijst het verzochte af.

Beveelt de onverwijlde betekening van deze beschikking aan verzoeker.

Deze beschikking is gegeven door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mrs. M.J.G.B. Heutink, H.W.J. de Groot en M.R. Cox, in tegenwoordigheid van mr. K.D.M. de Lange als griffier, is ondertekend door de voorzitter en de griffier en is uitgesproken op de openbare zitting van dit hof van 9 maart 2016.