Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2016:1867

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
13-05-2016
Datum publicatie
17-05-2016
Zaaknummer
23-004884-15
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

niet ontvankelijkheid van officier van justitie wegens eerdere oplegging alcoholslotprogramma

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

parketnummer: 23-004884-15

datum uitspraak: 13 mei 2016

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 20 november 2015 in de strafzaak onder parketnummer 96-184982-15 tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Pakistan) op [geboortedag] 1980,

adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van 29 april 2016.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal strekkende tot niet-ontvankelijk verklaring van het openbaar ministerie in de vervolging. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door de verdachte naar voren is gebracht.

Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie

Op grond van door de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep overgelegde stukken is aannemelijk geworden dat het Centraal Bureau Rijbewijzen (CBR) mede voor het onderhavige feit bij besluit van 19 augustus 2014 aan de verdachte de bestuursrechtelijke maatregel van het alcoholslotprogramma heeft opgelegd. Oplegging van die maatregel is een criminal charge in de zin van artikel 6, eerste lid van het EVRM en dient gelijk te worden gesteld met aan in de strafrechtspleging op te leggen sancties. Strafrechtelijke veroordeling voor hetzelfde feit als waarvoor de maatregel van het alcoholslot is opgelegd, is in strijd met het wettelijke stelsel. Hieraan moet de conclusie worden verbonden dat het openbaar ministerie op grond van artikel 68 van het Wetboek van Strafrecht niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de vervolging van de verdachte.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep.

Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging van de verdachte.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. P.A.M. Hoek, mr. H.S.G. Verhoeff en mr. A.E.M. Röttgering, in tegenwoordigheid van C. de Beer, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 13 mei 2016.

Mr. A.E.M. Röttgering is buiten staat dit arrest te ondertekenen.

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........]

[........][........][........]

[........][........][........]

[........][........][........]

[........]

[........][........][........]

[........]

[........][........]

[........][........][........][........]

[........].