Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2016:1101

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
22-03-2016
Datum publicatie
25-03-2016
Zaaknummer
23-000724-14
Formele relaties
Cassatie: ECLI:NL:HR:2018:322, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Materieel strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Racistische afbeeldingen op internet. Berechting gerechtvaardigde inbreuk cfm art. 10 EVRM. Toepassing 9a.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2016/127
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Parketnummer: 23-000724-14

Datum uitspraak: 22 maart 2016

TEGENSPRAAK

Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam van 18 februari 2014 in de strafzaak onder parketnummer 13-659052-13 tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1977,

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 8 juli 2015, 10 februari 2016 en 8 maart 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Gelet op de in hoger beroep door het gerechtshof toegelaten wijziging is aan de verdachte ten laste gelegd dat:

1:
hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 22 oktober 2009 tot en met 04 maart 2013 te Utrecht, in elk geval in Nederland, heeft deelgenomen aan activiteiten gericht op discriminatie van mensen, te weten negroïde mensen, wegens hun ras, door op de website [website] een thread te maken met de naam 'De Racistische Thread' en daarin de tekst te plaatsen: "In deze thread kan je al je racistische opvattingen en/of uitingen de vrije loop laten. We vatten 'racisme' breed op, dus ook Duitserhaat is ok".

2 primair:
[medeverdachte], althans één of meer perso(o)n(en), tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 juni 2012 tot en met 12 februari 2013 te [plaats], in elk geval in Nederland, eenmaal of meermalen (telkens) anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving, een uitlating, te weten een afbeelding, openbaar heeft/hebben gemaakt die, naar hij/zij en/of zijn/hun mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden, voor een groep mensen, te weten negroïde mensen, wegens hun ras, beledigend was, door tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, in die periode op de website [website]

- een afbeelding van twee negroïde personen, die met een touw om hun nek aan een boom zijn (op)geknoopt en/of als hangmat fungeren, terwijl op die negroïde personen een persoon in kleding van de Ku Klux Klan ligt en/of met de tekst "AROUND BLACKS Relax" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 37 van het proces-verbaal van politie) en/of

- een afbeelding van een negroïde kind in een boodschappenwagen en/of met de tekst "Get used to looking thru them bars litte nigga" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 38 van het proces-verbaal van politie) en/of

- een afbeelding van een uitgemergeld negroïde persoon met de tekst "AIDS Fixing God's Mistakes, One Nigger At A Time" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 40 van het proces-verbaal van politie) en/of - een afbeelding van tien, althans een of meer, kind(eren), die een bord met de tekst "My bike was stolen" omhoog houden/tonen en/of van één negroïde jongen die een bord met de tekst "I have 10 new bikes" omhoog houdt/toont (bijlage 6, bovenste afbeelding op pagina 46 van het proces-verbaal van politie)

te plaatsen en/of geplaatst te houden welk feit hij, verdachte op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 22 oktober 2009 tot en met 04 maart 2013, te Utrecht, in elk geval in Nederland, opzettelijk heeft uitgelokt door op de website [website] een thread te maken met de naam 'De Racistische Thread' en daarin de tekst te plaatsen: "In deze tread kan je al je racistische opvattingen en/of uitingen de vrije loop laten. We vatten 'racisme' breed op, dus ook Duitserhaat is ok".

2
subsidiair:
hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 juni 2012 tot en met 12 februari 2013 te [plaats] en/of te Utrecht, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, eenmaal of meermalen (telkens) anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving, een uitlating, te weten een afbeelding, openbaar heeft gemaakt die, naar hij en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden, voor een groep mensen, te weten negroïde mensen, wegens hun ras, beledigend was, door tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, in die periode op de website [website]

- een afbeelding van twee negroïde personen, die met een touw om hun nek aan een boom zijn (op)geknoopt en/of als hangmat fungeren, terwijl op die negroïde personen een persoon in kleding van de Ku Klux Klan ligt en/of met de tekst "AROUND BLACKS Relax" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 37 van het proces-verbaal van politie en/of

- een afbeelding van een negroïde kind in een boodschappenwagen en/of met de tekst "Get used to looking thru them bars litte nigga" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 38 van het proces-verbaal van politie) en/of

- een afbeelding van een uitgemergeld negroïde persoon met de tekst "AIDS Fixing God's Mistakes, One Nigger At A Time" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 40 van het proces-verbaal van politie) en/of - een afbeelding van tien, althans een of meer, kind(eren), die een bord met de tekst "My bike was stolen" omhoog houden/tonen en/of van één negroïde jongen die een bord met de tekst "I have 10 new bikes" omhoog houdt/toont (bijlage 6, bovenste afbeelding op pagina 46 van het proces-verbaal van politie)

te plaatsen en/of geplaatst te houden.

2 meer subsidiair:
[medeverdachte], althans één of meer perso(o)n(en) op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 14 juni 2012 tot en met 12 februari 2013 te [plaats], in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, eenmaal of meermalen (telkens) anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving, een uitlating, te weten een afbeelding, openbaar heeft/hebben gemaakt die, naar hij en/of zijn mededader(s) wist(en) of redelijkerwijs moest(en) vermoeden, voor een groep mensen, te weten negroïde mensen, wegens hun ras, beledigend was, door tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, in die periode op de website [website]

- een afbeelding van twee negroïde personen, die met een touw om hun nek aan een boom zijn (op)geknoopt en/of als hangmat fungeren, terwijl op die negroïde personen een persoon in kleding van de Ku Klux Klan ligt en/of met de tekst "AROUND BLACKS Relax" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 37 van het proces-verbaal van politie) en/of

- een afbeelding van een negroïde kind in een boodschappenwagen en/of met de tekst "Get used to looking thru them bars litte nigga" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 38 van het proces-verbaal van politie) en/of

- een afbeelding van een uitgemergeld negroïde persoon met de tekst "AIDS Fixing God's Mistakes, One Nigger At A Time" (bijlage 6, onderste afbeelding op pagina 40 van het proces-verbaal van politie) en/of - een afbeelding van tien, althans een of meer, kind(eren), die een bord met de tekst "My bike was stolen" omhoog houden/tonen en/of van één negroïde jongen die een bord met de tekst "I have 10 new bikes" omhoog houdt/toont (bijlage 6, bovenste afbeelding op pagina 46 van het proces-verbaal van politie)

te plaatsen en/of geplaatst te houden;

tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 22 oktober 2009 tot en met 04 maart 2013 te Utrecht, in elk geval in Nederland, opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door op de website [website] een thread te maken met de naam 'De Racistische Thread' en daarin de tekst te plaatsen: "In deze tread kan je al je racistische opvattingen en/of uitingen de vrije loop laten. We vatten 'racisme' breed op, dus ook Duitserhaat is ok".

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof ten aanzien van de bewezenverklaring en de strafoplegging tot een andere beslissing komt dan de rechtbank.

Inleidende beschouwingen

De verdachte heeft samen met anderen, onder wie medeverdachte [medeverdachte] (hierna: [medeverdachte]), in 2009 de website [website] nieuw leven ingeblazen, met als hoofdonderwerpen: bier, boksen en barbecue. De domeinnaam [website] stond sinds 2003 op naam van [medeverdachte] geregistreerd.

Op deze website is de verdachte op 30 juni 2011 de zogeheten Racistische Thread begonnen. Zijn inleidende tekst bij deze Thread – een reeks op een internetsite of -forum geplaatste bijdragen (posts) – luidde:

“In deze thread kan je al je racistische opvattingen en/of uitingen de vrije loop laten. We vatten ‘racisme’ breed op, dus ook Duitser-haat is ok”.

De verdachte heeft onder de namen ‘[naam 1]’ en ‘[naam 2]. [naam 3]’ afbeeldingen gepost op deze Thread. Ook [medeverdachte] heeft daarop afbeeldingen gepost, onder andere alle afbeeldingen die in de tenlastelegging zijn omschreven. De Racistische Thread was vrij toegankelijk; er was geen registratie of lidmaatschap nodig om de Racistische Thread te bekijken. Het aantal personen dat afbeeldingen kon posten en verwijderen, de zogeheten moderators, was wel beperkt; door de verdachten is gesproken over aantallen die varieerden van 8 tot 20 moderators. Zij deelden in de kosten van de website.

Meldpunt Discriminatie Internet (MDI) heeft drie keer getracht sommige, in zijn ogen discriminerende, afbeeldingen van internet verwijderd te krijgen: op 19 april 2012 is een verzoek tot verwijdering van de afbeeldingen gedaan door middel van het contactformulier op de website [website], op 24 april 2012 is een zelfde verzoek verzonden naar het e-mailadres dat was aangetroffen op het Facebook-profiel van [website] en op 1 mei 2012 is een verzoek tot verwijdering zowel naar bedoeld e-mailadres als via het contactformulier verzonden. Op geen van de verzoeken is gereageerd. Op 14 juni 2012 heeft MDI aangifte gedaan van discriminatie. Door de politie is vastgesteld dat de gewraakte afbeeldingen op 12 februari 2013 nog steeds op de website te zien waren. Na zijn verhoor, eind februari 2013, heeft [medeverdachte] de Racistische Thread naar een besloten gedeelte van [website] verplaatst.

Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie

De verdediging heeft aangevoerd dat het MDI onvoldoende inspanningen heeft verricht om contact op te nemen met de beheerder van de site [website], opdat deze in de gelegenheid kon worden gesteld de Racistische Thread, althans de als racistisch beschouwde afbeeldingen, van internet te verwijderen. De beheerder of de moderators zijn voorts niet in de gelegenheid gesteld de Racistische Thread te voorzien van waarschuwingen, terwijl het openbaar ministerie onzorgvuldig heeft gehandeld door ondanks deze tekortkomingen tot vervolging over te gaan.

Voor zover hiermee is bedoeld te betogen dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk is in de vervolging, wordt dit verweer verworpen op grond van het volgende.

Naar het oordeel van het hof was het de verantwoordelijkheid van de beheerder - [medeverdachte] - kennis te nemen van de berichten die via het contactformulier van de website [website] werden verstuurd, welke website op zijn naam stond. De omstandigheid dat [medeverdachte] dat naliet, kan niet aan het MDI of aan het openbaar ministerie worden tegengeworpen. Het hof laat nog daar dat het opsporen van een websitebeheerder of de moderators, opdat die kunnen worden gemaand uitlatingen van een website te verwijderen, geen vereiste is om tot vervolging te kunnen overgaan. Niet aannemelijk is geworden dat het openbaar ministerie onzorgvuldig heeft gehandeld noch dat geen sprake is geweest van een (redelijke) afweging van belangen bij de beslissing de verdachte te vervolgen.

Bewijsoverwegingen

Toetsingskader

Artikel 137e, eerste lid, aanhef en onder 1°, van het Wetboek van Strafrecht (Sr), luidt:

"Hij die, anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving, een uitlating openbaar maakt die, naar hij weet of redelijkerwijs moet vermoeden, voor een groep mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap beledigend is, of aanzet tot haat tegen of discriminatie van mensen of gewelddadig optreden tegen persoon of goed van mensen wegens hun ras, hun godsdienst of levensovertuiging, hun geslacht, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap".

Artikel 137f Sr luidt:

“Hij die deelneemt of geldelijke of andere stoffelijke steun verleent aan activiteiten gericht op discriminatie van mensen wegens hun ras, hun godsdienst, hun levensovertuiging, hun geslacht, hun hetero- of homoseksuele gerichtheid of hun lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie”.

De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 16 december 2014 (ECLI:NL:HR:2014:3583) ten aanzien van de termen beledigen en aanzetten tot discriminatie in de artikelen 137c en 137d Sr onder meer het volgende overwogen:

“4.4.2. Het, onder meer in art. 10 EVRM gegarandeerde, recht op vrijheid van meningsuiting staat aan een strafrechtelijke veroordeling ter zake van groepsbelediging en/of aanzetten tot discriminatie in de zin van art. 137c Sr onderscheidenlijk 137d Sr niet in de weg indien zo een veroordeling een op grond van art. 10, tweede lid, EVRM toegelaten – te weten een bij de wet voorziene, een gerechtvaardigd doel dienende en daartoe een in een democratische samenleving noodzakelijke - beperking van de vrijheid van meningsuiting vormt.

4.4.3. Bij de beoordeling van een uitlating in verband met de strafbaarheid daarvan wegens groepsbelediging en/of aanzetten tot discriminatie in de zin van voormelde wettelijke bepalingen, dient acht te worden geslagen op de bewoordingen van die uitlating alsmede op de context waarin zij is gedaan. Daarbij dient onder ogen te worden gezien of de gewraakte uitlating een bijdrage kan leveren aan het publiek debat of een uiting is van artistieke expressie. Tevens dient onder ogen te worden gezien of de uitlating in dat verband niet onnodig grievend is.

4.4.4. Bij de beoordeling van de vraag of een uitlating onnodig grievend is, dient, indien het gaat om een uitlating door een politicus in het kader van het publiek debat – het politieke debat daaronder begrepen – onder ogen te worden gezien enerzijds het belang dat de betreffende politicus daadwerkelijk in staat moet zijn zaken van algemeen belang aan de orde te stellen ook als zijn uitlatingen kunnen kwetsen, choqueren of verontrusten, maar anderzijds ook de verantwoordelijkheid die de politicus in het publieke debat draagt om te voorkomen dat hij uitlatingen verspreidt die strijdig zijn met de wet en met de grondbeginselen van de democratische rechtsstaat. Daarbij gaat het niet uitsluitend om uitlatingen die aanzetten tot haat of geweld of discriminatie maar ook om uitlatingen die aanzetten tot onverdraagzaamheid”.

Het hof stelt voorop dat aan de term ‘beledigend’ in artikel 137e Sr dezelfde betekenis toekomt als in artikel 137c Sr. Voorts moeten de in de tenlastelegging opgenomen, aan artikel 137e (en artikel 137f) Sr ontleende, wettelijke termen worden geacht dezelfde betekenis te hebben als daaraan toekomt in de genoemde strafbepalingen. Dit brengt mee dat vrijspraak van het onder 2 tenlastegelegde dient te volgen, indien de tenlastegelegde afbeeldingen niet kunnen worden aangemerkt als beledigend dan wel indien deze als (niet onnodig grievende) bijdragen aan het maatschappelijk debat kunnen worden beschouwd. Het aanzetten tot haat, discriminatie of gewelddadig optreden is niet tenlastegelegd.

Betekenis afbeeldingen

De tenlastegelegde afbeeldingen hebben op zichzelf onmiskenbaar de strekking negroïde personen bij het publiek in een kwaad daglicht te stellen vanwege hun ras. Het gaat daarbij om getekende of gefotografeerde/gefotoshopte negroïde personen waarbij

  • -

    twee van hen, aan elkaar “geknoopt” als hangmat dienen voor een (in die hangmat) gelegen aanhanger/lid van de Ku Klux Klan met de tekst “around blacks relax”;

  • -

    een kleuter, gezeten in een metalen winkelwagentje, door de spijlen daarvan kijkt, met de tekst “get used to looking thru them bars little nigga”;

  • -

    een uitgemergelde persoon, met de tekst “fixing God’s mistakes, one nigger at a time”;

  • -

    een kind staat naast een groep van 10 blanke kinderen die een bord dragen met de tekst “my bike was stolen” en het negroïde kind een bord draagt met de tekst “I have 10 new bikes”.

Met deze afbeeldingen worden negroïde personen als groep in diskrediet gebracht en wordt de waardigheid van de groep ernstig aangetast. De minderwaardigheid van negroïde personen ten opzichte van personen van andere rassen wordt in de afbeeldingen sterk benadrukt. Zij worden neergezet als minderwaardige, criminele wezens die als voorwerp kunnen worden gebruikt, achter de tralies horen of hun bestaan op aarde niet waard zijn.

[medeverdachte] heeft verklaard dat hij de afbeeldingen op zichzelf racistisch van aard vindt en dat hij ze juist om die reden heeft gepost op de Racistische Thread. De verdachte heeft erkend dat de afbeeldingen op zichzelf als schokkend kunnen worden ervaren. De verdachten hebben er tevens welbewust voor gekozen de Racistische Thread op de website [website] vrij toegankelijk te houden.

De verdachte heeft zich echter, mede bij monde van zijn raadsman, tevens op het standpunt gesteld dat de afbeeldingen in het licht van de context van de Racistische Thread niet als beledigend kunnen worden aangemerkt op grond van het volgende. Het was de bedoeling met de Racistische Thread te laten zien wat er aan racistische opvattingen op internet te vinden was en die te ridiculiseren. De geposte afbeeldingen zijn geen van alle van eigen fabricaat, maar zijn afkomstig van andere websites. De Racistische Thread moet met “een dosis ironie” worden bekeken. Ook de eerste drie posts van de verdachte bij de start van de Racistische Thread maken duidelijk dat het niet ging om door de verdachte zelf aangehangen racistische opvattingen. De Racistische Thread was juist antiracistisch.

Voor de (reguliere) bezoekers, wier aantal gering was, was het duidelijk dat de site niet racistisch bedoeld was. [medeverdachte] heeft in dit verband gesproken van een “kleine, hechte gemeenschap”. Het selecteren van afbeeldingen, zoals het MDI en het openbaar ministerie hebben gedaan, doet geen recht aan de betekenis en strekking van de Racistische Thread als geheel, waarin meer dan 1.000 afbeeldingen zijn gepost en die - gewoon door te scrollen - vanaf de eerste post kan worden bekeken/gevolgd.

Daar staat naar het oordeel van het hof tegenover dat ook vele andere afbeeldingen/uitlatingen in de Racistische Thread dan die welke in de tenlastelegging zijn genoemd, beledigend zijn voor personen wegens hun ras. Het hof heeft hier bijvoorbeeld het oog op een foto van Michelle Obama die haar gezicht in een grimas trekt die gelijkenis vertoont met de grimas van de haar op de foto omringende chimpansees. Ook wijst het hof op de tekst “dus je neemt gewoon een Marokkaantje ipv kerstboom dit jaar? die kan je twee keer aftuigen voordat je hem in de fik steekt…”. Voorts is er, op een enkele opmerking na - waarbij het hof refereert aan de uitlating “slechte oude mop” die is gepost bij laatstgenoemde tekst -, geen enkele aanwijzing dat de betrokkenen/moderators afstand nemen van de geplaatste afbeeldingen, bijvoorbeeld door middel van een zogenaamde disclaimer. De afbeeldingen zijn voor het overgrote deel zonder begeleidende tekst geplaatst. De verdachte heeft hierover verklaard dat het “te voor de hand liggend” zou zijn, zijn standpunt onder de afbeeldingen te zetten, omdat dan “ieder vruchtbaar debat in de kiem” wordt gesmoord, waarbij hij “vruchtbaar debat” heeft uitgelegd als “een debat waarin de complexiteit van het thema tot uiting komt”. Het is echter onopgehelderd gebleven op grond waarvan kan worden aangenomen dat in de Racistische Thread enig debat werd gevoerd. Bij het merendeel van de afbeeldingen is ook de genoemde ironie niet (zonder meer) herkenbaar, hetgeen ook geldt voor de eerste drie posts van de verdachte zelf en zijn inleidende tekst bij de Racistische Thread. In zoverre zijn de als ontlastend ingebrachte afbeeldingen niet als relativerende context aan te merken. Voor zover sommige afbeeldingen wel als satirisch of sarcastisch zijn aan te merken, heeft te gelden dat daaruit niet of onvoldoende valt af te leiden dat deze de tenlastegelegde afbeeldingen relativeren of in een ander daglicht stellen.

Het hof wil wel aannemen dat het iemand die de hele Racistische Thread vanaf het begin bekijkt, duidelijk is dat met de afbeeldingen geen racistische opvattingen worden uitgedragen, maar daarbij gaat het om degenen die tot de inner circle van de bezoekers van de site behoren, een naar eigen zeggen van de verdachte beperkte groep. De subjectieve opvattingen van de inner circle kunnen echter niet de maatstaf vormen of bepalen aan de hand waarvan het beledigende karakter van de afbeeldingen beoordeeld moet worden. Het kan aan objectief waarnemende buitenstaanders niet worden tegengeworpen dat zij de door een bepaalde groep in eigen kring beleden ironie niet zien, laat staan delen. Illustratief in dit verband is het antwoord van [medeverdachte] op de vraag naar de context van de afbeeldingen: “dat is moeilijk uit leggen, je moet een week meeposten om de flow te voelen”.

Het standpunt van de verdachte komt er in wezen op neer dat het ook zonder toereikende toelichting of relativering voor buitenstaanders onmiskenbaar was dat geen sprake was van racistische afbeeldingen. Het hof deelt dat standpunt niet, zoals volgt uit het hiervoor overwogene. Ook de stelling van de raadsman dat de geposte afbeeldingen dermate overdreven waren dat de conclusie moét zijn dat sprake is van satire, wordt door het hof niet gevolgd. Daar komt nog bij dat de moderators onder een alias afbeeldingen en teksten konden posten en dat de verdachte niet alle moderators persoonlijk kende, zodat de posts van de hem niet bekende moderators mogelijk juist wel waren ingegeven door racistische opvattingen.

Met het voorgaande staat vast dat de afbeeldingen, ook in de context bezien, beledigend zijn voor negroïde personen wegens hun ras. Maar daarmee is nog niet gezegd dat [medeverdachte] – wiens handelingen door de verdachte volgens het hem onder 2 primair verweten feit zouden zijn uitgelokt – bij het openbaar maken daarvan opzet had op het beledigende karakter van de afbeeldingen. Zoals hiervoor is overwogen, heeft [medeverdachte] verklaard dat hij de afbeeldingen op zichzelf racistisch van aard vond, maar zijn beroep op de context van de afbeeldingen impliceert dat die in zijn ogen het racistische karakter aan de afbeeldingen ontneemt. Hij heeft tevens gesuggereerd dat hij de Racistische Thread onmiddellijk van (het openbare gedeelte van) de website zou hebben gehaald als hij zich bewust was geweest van het beledigende karakter van de afbeeldingen. Het hof is er, in het licht van hetgeen terzake door [medeverdachte] en de ter terechtzitting in hoger beroep gehoorde getuigen is verklaard, van overtuigd dat [medeverdachte] bedoeld opzet niet had. Dat geldt ook voor voorwaardelijk opzet, nu het hof aanneemt dat [medeverdachte] de (aanmerkelijke) kans dat de afbeeldingen beledigend waren niet willens en wetens heeft aanvaard.

Voor zover aan de verdachte in het onder 2 primair tenlastegelegde uitlokking van de opzettelijke variant van het gronddelict is tenlastegelegd, zal hij daarvan derhalve worden vrijgesproken. Ook ontbreekt naar het oordeel van het hof bij de verdachte opzet op de onder 1 tenlastegelegde discriminatie, zodat hij ook daarvan zal worden vrijgesproken.

Wel is het hof van oordeel dat [medeverdachte] redelijkerwijs moest vermoeden dat de tenlastegelegde afbeeldingen, ook bezien in de context van de gehele Racistische Thread, beledigend waren voor negroïde personen wegens hun ras. Hij heeft, zoals gezegd, het racistische karakter van de tenlastegelegde afbeeldingen op zichzelf toegegeven en heeft zich voor het overige - in het bijzonder voor wat betreft de context van de gehele Racistische Thread - laten voorstaan op de binnen de inner circle gedeelde ideeën. Hij heeft zich geen rekenschap willen geven van de buiten die inner circle bestaande opvattingen en, ook bij gelegenheid van zijn berechting, geen begrip willen opbrengen voor degenen die zijn ideeën niet deelden.

De verdachte heeft het plaatsen van die afbeeldingen naar het oordeel van het hof opzettelijk uitgelokt door de Racistische Thread te maken en anderen, onder wie [medeverdachte], uit te nodigen tot het posten van racistische uitingen met de inleidende tekst: "In deze thread kan je al je racistische opvattingen en/of uitingen de vrije loop laten. We vatten 'racisme' breed op, dus ook Duitserhaat is ok”. Ook als ervan wordt uitgegaan dat het de bedoeling was van de verdachte aan te zetten tot het posten van satirische uitlatingen, dan neemt dat niet weg dat die bedoeling niet in de tekst valt te lezen en dat de verdachte door de gebruikte formulering welbewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat niet-ironisch op te vatten afbeeldingen, zoals die van [medeverdachte], in de Racistische Thread werden geplaatst.

Maatschappelijk debat – artistieke expressie

Door geen van de verdachten is aangevoerd dat de Racistische Thread is voortgekomen uit (behoefte) aan artistieke expressie zodat de Racistische Thread, nu daarvoor ook anderszins geen aanwijzingen bestaan, niet als een kunstuiting kan worden beschouwd. De omstandigheid dat de Racistische Thread satirisch/ironisch bedoeld was, leidt niet tot een ander oordeel. Ook de in dit verband door de verdediging gemaakte vergelijking met het tijdschrift Charlie Hebdo en de cabaretiers Najib Amali, Hans Teeuwen en Jurgen Raymann, gaat naar het oordeel van het hof niet op, nu algemeen bekend is dat de uitlatingen in dit tijdschrift respectievelijk van genoemde cabaretiers ironisch en/of sarcastisch moeten worden opgevat, terwijl dat over (de uitingen in) de Racistische Thread bepaald niet bekend was.

Door de verdachte is bij de politie verklaard dat het evenmin de bedoeling was met de Racistische Thread een maatschappelijke discussie te entameren. Bij de behandeling van de zaak in hoger beroep heeft hij weliswaar opgemerkt zich als een over rechtvaardigheid schrijvende, beginnende publicist te beschouwen en heeft hij ook gesproken van een “vruchtbaar debat”, maar heeft hij tevens gezegd dat hij in zijn eigen optiek met de Racistische Thread niet deelnam aan een maatschappelijk debat, terwijl er ook overigens geen aanwijzingen zijn van een dergelijk debat, zoals hiervoor al is overwogen. Gelet hierop en op de vorm die is gekozen in de Racistische Thread - in het bijzonder het zonder (relevant) commentaar plaatsen van racistische afbeeldingen - kan niet gesproken worden van (uitingen die bijdragen aan) een maatschappelijk debat waardoor het beledigende karakter aan de afbeeldingen zou worden ontnomen.

Het voorgaande brengt mee dat het hof tot een bewezenverklaring komt.

Bewezenverklaring van het onder 2 primair ten laste gelegde

Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 2 primair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:

[medeverdachte] in de periode van 14 juni 2012 tot en met 12 februari 2013 in Nederland meermalen telkens anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving, een uitlating, te weten een afbeelding, openbaar heeft gemaakt die, naar hij redelijkerwijs moest vermoeden, voor een groep mensen, te weten negroïde mensen, wegens hun ras, beledigend was, door in die periode op de website [website]

- een afbeelding van twee negroïde personen, die met een touw om hun nek aan een boom zijn geknoopt en als hangmat fungeren, terwijl op die negroïde personen een persoon in kleding van de Ku Klux Klan ligt en met de tekst "AROUND BLACKS Relax" en

- een afbeelding van een negroïde kind in een boodschappenwagen en met de tekst "Get used to looking thru them bars litte nigga" en

- een afbeelding van een uitgemergeld negroïde persoon met de tekst "AIDS Fixing God's Mistakes, One Nigger At A Time" en

- een afbeelding van tien kinderen, die een bord met de tekst "My bike was stolen" omhoog houden en van één negroïde jongen die een bord met de tekst "I have 10 new bikes" omhoog houdt,

te plaatsen en geplaatst te houden,

welk feit hij, verdachte in de periode van 22 oktober 2009 tot en met 4 maart 2013, te Utrecht, opzettelijk heeft uitgelokt door op de website [website] een thread te maken met de naam 'De Racistische Thread' en daarin de tekst te plaatsen: "In deze thread kan je al je racistische opvattingen en/of uitingen de vrije loop laten. We vatten 'racisme' breed op, dus ook Duitserhaat is ok".

Hetgeen onder 2 primair meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat, zoals deze na het aanwenden van een rechtsmiddel zullen worden opgenomen in de op te maken aanvulling op dit arrest.

Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het hof stelt vast dat met de berechting/veroordeling van de verdachte inbreuk wordt gemaakt op het recht van de verdachte op vrije meningsuiting als bedoeld in artikel 10, eerste lid, van het Europees verdrag voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Het hof heeft dan ook te onderzoeken of die inbreuk gerechtvaardigd is als bedoeld in artikel 10, tweede lid, EVRM.

Artikel 10 EVRM luidt:

1. Een ieder heeft recht op vrijheid van meningsuiting. Dit recht omvat de vrijheid een mening te koesteren en de vrijheid om inlichtingen of denkbeelden te ontvangen of te verstrekken, zonder inmenging van enig openbaar gezag en ongeacht grenzen. Dit artikel belet Staten niet radio- omroep-, bioscoop- of televisieondernemingen te onderwerpen aan een systeem van vergunningen.

2. Daar de uitoefening van deze vrijheden plichten en verantwoordelijkheden met zich brengt, kan zij worden onderworpen aan bepaalde formaliteiten, voorwaarden, beperkingen of sancties, die bij de wet zijn voorzien en die in een democratische samenleving noodzakelijk zijn in het belang van de nationale veiligheid, territoriale integriteit of openbare veiligheid, het voorkomen van wanordelijkheden en strafbare feiten, de bescherming van de gezondheid of de goede zeden, de bescherming van de goede naam of de rechten van anderen, om de verspreiding van vertrouwelijke mededelingen te voorkomen of om het gezag en de onpartijdigheid van de rechterlijke macht te waarborgen.

De onderhavige inbreuk op het recht op vrijheid van meningsuiting is bij wet voorzien, te weten in de strafbepaling van artikel 137e juncto artikel 47 Sr.

Het hof is voorts van oordeel dat de berechting/veroordeling van de verdachte dient ter bescherming van de goede naam en de rechten van anderen, te weten negroïde personen, en acht die in dat licht ook noodzakelijk in een democratische samenleving. De afbeeldingen zijn immers, zoals hiervoor al is overwogen, voor negroïde personen sterk diffamerend en hadden de strekking hen te discrimineren. Het hof neemt daarbij in het bijzonder in aanmerking dat het bij negroïde personen om een minderheidsgroepering van de (Nederlandse) bevolking gaat.

Op grond van het voorgaande en mede gelet op hierna te noemen beslissing over de strafoplegging, is het hof van oordeel dat de inbreuk op verdachtes recht op zijn vrijheid van meningsuiting niet in strijd is met artikel 10 EVRM.

Er is ook overigens geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het onder 2 primair bewezen verklaarde levert op:

door het verschaffen van gelegenheid opzettelijk uitlokken van: anders dan ten behoeve van zakelijke berichtgeving, een uitlating openbaar maken die, naar hij redelijkerwijs moet vermoeden, voor een groep mensen wegens hun ras beledigend is, meermalen gepleegd.

Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte ten aanzien van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is.

Toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht

De rechtbank Amsterdam heeft de verdachte voor het in eerste aanleg bewezen verklaarde veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van € 500.

Tegen voormeld vonnis is door de verdachte en het openbaar ministerie hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een geldboete van € 1.000, waarvan een gedeelte van € 500 in voorwaardelijke vorm.

Het hof overweegt als volgt.

De verdachte is op een voor een ieder toegankelijke internetsite de Racistische Thread begonnen en heeft daar anderen uitgenodigd al hun racistische opvattingen en uitlatingen de vrije loop te laten.

Door medeverdachte [medeverdachte] zijn in die Racistische Thread afbeeldingen openbaar gemaakt waarvan hij redelijkerwijs moest vermoeden dat zij voor een bepaalde groep, te weten negroïde personen, zeer kwetsend en dus beledigend zijn. Op deze afbeeldingen worden negroïde personen als groep in diskrediet gebracht en wordt de waardigheid van de groep ernstig aangetast. Het wordt de verdachte aangerekend dat hij met zijn handelwijze [medeverdachte] ertoe heeft gebracht deze zeer schokkende - zij het reeds bestaande - afbeeldingen verder wereldkundig te maken, zonder op de site op een voor de buitenwereld kenbare wijze afstand van het karakter van de afbeeldingen te hebben genomen of zijn bedoelingen met de Racistische Thread en de daarin geplaatste afbeeldingen te hebben toegelicht.

Het hof heeft in het voordeel van de verdachte acht geslagen op de volgende omstandigheden.

Aangenomen kan worden dat de verdachte met zijn handelen nimmer racistische bedoelingen heeft gehad en dat hij, door de Racistische Thread te beginnen en daarin afbeeldingen te laten posten, enkel heeft willen deelnemen aan een “uitwisseling” en petit comité omtrent het onderwerp racisme. Zowel uit zijn verklaringen als uit de verklaringen van [medeverdachte] en de ter terechtzitting in hoger beroep gehoorde getuigen is gebleken dat zij op een ironische manier racisme wilden benaderen. De omstandigheid dat zij dit als groep onhandig hebben aangepakt waardoor de ironisch bedoelde ondertoon voor derden niet (direct) kenbaar was, kan de verdachte naar het oordeel van het hof niet zo zwaar worden aangerekend als de advocaat-generaal heeft betoogd. Aannemelijk is ook dat de verdachte er zelf geen racistische ideeën op nahoudt en de vrije toegankelijkheid tot de site mogelijk zou zijn geblokkeerd als hij (eerder) zou hebben beseft dat de door hem beleefde ironie door derden niet werd begrepen.

De verdachte is blijkens een uittreksel uit de Justitiële Documentatie van 25 februari 2016 niet eerder strafrechtelijk veroordeeld en heeft ook na het onderhavige feit geen strafbare feiten begaan die ter kennis van justitie zijn gekomen.

In het licht van hetgeen hiervoor is overwogen, acht het hof de kans op recidive zeer klein.

Gelet op het voorgaande acht het hof het raadzaam op grond van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht te bepalen dat aan de verdachte ter zake geen straf of maatregel wordt opgelegd.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 2 primair ten laste gelegde heeft begaan.

Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Verklaart het onder 2 primair bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.

Bepaalt dat ter zake van het onder 2 primair bewezen verklaarde geen straf of maatregel wordt opgelegd.

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.M. van Woensel, mr. J.J.I. de Jong en mr. M.W. Groenendijk, in tegenwoordigheid van mr. D.G. Oomkes, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 22 maart 2016.

De jongste raadsheer is buiten staat dit arrest te ondertekenen.