Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2015:3188

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
04-08-2015
Datum publicatie
30-09-2016
Zaaknummer
200.173.424-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Tussenarrest. Zie ECLI:NL:GHAMS:2016:3739.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

arrest

___________________________________________________________________ _ _

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel en belastingrecht

zaaknummer: 200.173.424/01

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 4 augustus 2015

inzake

[appellant] ,

wonende te [woonplaats 1] , en

de rechtspersoonlijkheid bezittende stichting,

STICHTING WATERLANDZIEKENHUIS,

gevestigd te Purmerend,

appellanten,

advocaat: mr. O.L. Nunes, te Utrecht,

tegen:

[geïntimeerde] , in deze optredende zowel voor zichzelf als in haar

hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van haar minderjarige zoon

[X] ,

wonende te [woonplaats 2] ,

geintimeerde,

advocaat: mr. J.M. Beer, te Amsterdam.

1 Het geding in hoger beroep

Appellanten hebben bij exploot geïntimeerde aangezegd in hoger beroep te komen van een of meer tussen partijen in de onderhavige zaak gewezen vonnissen, met dagvaarding van geïntimeerde voor dit hof.

De zaak is op de rol aangebracht en geïntimeerde is bij advocaat verschenen.

2 Beoordeling

2.1

De zaak heeft betrekking op letselschade. Het hof ziet thans nog geen aanleiding een comparitie van partijen te gelasten, maar zal dat in beginsel doen na het wisselen van stukken, zodra partijen arrest vragen.

2.2

Partijen kunnen echter uiterlijk op de roldatum van 2 weken na heden het hof eenparig en onder opgave van verhinderdagen verzoeken om reeds thans een comparitie van partijen te gelasten. In dat geval zal het hof in beginsel – bij rolbeslissing – een comparitie van partijen gelasten.

2.3

Indien reeds thans een comparitie van partijen zal worden gelast:

a. heeft deze tot doel het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en/of het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, waarbij onder meer mediation, bewijsvoering en/of rapportage door deskundigen aan de orde kunnen komen,

b. dienen beide partijen uiterlijk 2 weken vóór de comparitie aan het hof en de wederpartij een opgave te doen van de geschilpunten die zij in hoger beroep aan het hof willen voorleggen,

c. zal in beginsel na het vragen van arrest niet nogmaals een comparitie van partijen worden bepaald.

2.4

Een door partijen gewenste comparitie zal niet doorgaan indien zij het griffierecht niet tijdig hebben betaald.

3 Beslissing

Het hof:

- verwijst de zaak naar de rol van dinsdag 15 september 2015 voor het nemen van de memorie van grieven door appellanten ;

- bepaalt dat partijen binnen 2 weken na heden het hof eenparig om een comparitie van partijen kunnen verzoeken, onder opgave van hun verhinderdagen en die van hun advocaten voor de eerstkomende 2 maanden;

in het geval dat partijen eenparig een comparitie van partijen verzoeken:

bepaalt dat de comparitie van partijen bij rolbeslissing zal worden gelast;

bepaalt dat partijen in persoon respectievelijk, voor zover partijen rechtspersoon zijn, vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het geven van de verlangde inlichtingen in staat is en bevoegd is (door schriftelijke machtiging of anderszins) tot het aangaan van een schikking, tezamen met hun raadslieden zullen verschijnen voor het hof, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie, IJdok 20, 1013 MM te Amsterdam op een nader te bepalen tijdstip, tot het hiervoor onder 2.3, onder a, omschreven doel;

bepaalt dat behoudens klemmende redenen of overmacht geen uitstel van de comparitie zal worden verleend;

bepaalt dat appellant uiterlijk 3 weken na heden een kopie van het volledige procesdossier (waaronder de stukken van de eerste aanleg met inbegrip van de producties en de appeldagvaarding) zal indienen bij het hof (roladministratie team handel);

bepaalt dat partijen uiterlijk 2 weken vóór de dag van de comparitie opgave zullen doen van de geschilpunten die zij in hoger beroep aan het hof willen voorleggen alsmede in kopie over zullen leggen de bescheiden waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, door toezending daarvan aan het hof (roladministratie team handel) en de wederpartij;

en verder:

houdt elke beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mrs. J.C.W. Rang, C.C. Meijer en J.W. Hoekzema en op dinsdag 4 augustus 2015 uitgesproken in het openbaar door de rolraadsheer.