Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2015:2810

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
07-07-2015
Datum publicatie
21-07-2015
Zaaknummer
200.161.691-01
Formele relaties
Tussenuitspraak: ECLI:NL:GHAMS:2015:2130
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

gezag

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

Afdeling civielrecht recht en belastingrecht

Team III (familie- en jeugdrecht)

Uitspraak: 7 juli 2015

Zaaknummer: 200.161.691/01

Zaaknummer eerste aanleg: C/15/213404/ FA RK 14-1476

in de zaak in hoger beroep van:

[…],

wonende te […],

appellant,

advocaat: mr. T.H.G. Schuringa te Groningen,

tegen

[…],

wonende te […],

geïntimeerde,

advocaat: mr. G.H.G. Reitsma-Van Riel te Hoofddorp.

1 Het geding in hoger beroep

1.1.

Appellant en geïntimeerde worden hierna respectievelijk de man en de vrouw genoemd.

1.2.

Het hof verwijst naar en neemt over hetgeen is overwogen en beslist in zijn tussenbeschikking van 2 juni 2015.

1.3.

Vervolgens is de termijn waarbinnen partijen zich schriftelijk konden uitlaten als overwogen in genoemde tussenbeschikking verlengd tot 30 juni 2015.

1.4.

De man heeft zich bij akte van 24 juni 2015 uitgelaten over de vraag welke gevolgen hij verbindt aan het in voornoemde tussenbeschikking onder 4.1 overwogene. De vrouw heeft niet gereageerd.

2 Beoordeling van het hoger beroep

2.1.

Het hof verwijst naar hetgeen het in zijn tussenbeschikking heeft overwogen en verstaat dat partijen aldus invulling zullen geven aan de feitelijke uitoefening van het gezag over de minderjarigen [a] en [b]:

- de man delegeert alle bevoegdheden die uit het gezamenlijk gezag voortvloeien aan de vrouw;

- in zaken waarin derden de medewerking van beide ouders verlangen - al dan niet schriftelijk - dient de man, na te zijn gehoord door de vrouw, zijn medewerking op eerste verzoek van de vrouw te verlenen;

- beslissingen in zaken die verder strekken dan de dagelijkse verzorging en opvoeding (zoals schoolkeuze, woonplaats en verblijf in het buitenland) worden in onderling overleg genomen, waarbij de vrouw de eindbeslissing zal nemen indien het gezamenlijk overleg niet tot een eenduidige beslissing leidt.

2.2.

Gelet op de door partijen bereikte overeenstemming zal het hof de beschikking waarvan beroep vernietigen en het inleidend verzoek van de vrouw afwijzen.

2.3.

Dit leidt tot de volgende beslissing.

3 Beslissing

Het hof:

vernietigt de beschikking van de rechtbank Noord-Holland van 1 oktober 2014 en opnieuw rechtdoende:

wijst het inleidend verzoek van de vrouw af;

wijst af het in hoger beroep meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mrs. G.J. Driessen-Poortvliet, A.N. van de Beek en
M.F.G.H. Beckers, in tegenwoordigheid van C.W.M. Coolen als griffier en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2015.