Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2014:4817

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
18-11-2014
Datum publicatie
19-12-2014
Zaaknummer
200.100.439-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Koop tweedehands katamaran. Is (al dan niet onder ontbindende of opschortende voorwaarde) een koopovereenkomst tot stand gekomen? Dwaling? Ontbinding wegens non-conformiteit/wanprestatie? Voorlopig deskundigenbericht hangende appel. Onrechtmatige uitingen door voormalig advocaat van Colas cs? Zie ook ECLI:NL:GHAMS:2012/2417.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team II

zaaknummer : 200.100.439/01

zaak- en rolnummer rechtbank Amsterdam : 472426/ HA ZA 10-3297

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 18 november 2014

inzake

1 [appelland sub 1],

2. [appellante sub 2],

beiden wonend te [woonplaats] ([land]),

appellanten, tevens incidenteel geïntimeerden,

advocaat: mr. P.A.M. Seck te Capelle aan den IJssel,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AFRICAN CATS B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

geïntimeerde, tevens incidenteel appellante,

advocaat: mr. B.I. Kraaipoel te Amsterdam.

1 Het verdere verloop van het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna [appellanten] en African Cats genoemd. [appellanten] worden afzonderlijk als [appelland sub 1] respectievelijk [appellante sub 2] aangeduid.

Het hof heeft op 11 september 2012 een tussenarrest gewezen. Voor het verloop van het geding tot die datum verwijst het hof naar dat arrest.

Hierna heeft African Cats - onder overlegging van producties - een memorie van antwoord in principaal appel tevens houdende memorie van grieven in incidenteel appel, ingediend, waarna [appellanten] een memorie van antwoord in incidenteel appel, met producties, heeft genomen.

Vervolgens hebben partijen gelijktijdig, beide onder overlegging van producties, een memorie na deskundigenbericht genomen. Het betreft hier het ingevolge beschikking van dit hof van 31 juli 2012 (zaaknummer 200.098.353/01) door ing. [X] op 13 december 2013 uitgebrachte voorlopig deskundigenbericht. Dit rapport is op laatstgenoemde datum ter griffie van het hof ingekomen en tevens door [appellanten] bij hun onderhavige memorie in het geding gebracht.

Partijen hebben de zaak ter zitting van 16 september 2014 door hun hiervoor genoemde advocaten doen bepleiten, beide aan de hand van pleitnotities die zijn overgelegd. African Cats heeft toen nog producties in het geding gebracht.

Ten slotte is arrest gevraagd.

[appellanten] hebben in principaal appel geconcludeerd dat het hof bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard arrest het bestreden vonnis zal vernietigen, de vordering van [appellanten] in conventie alsnog zal toewijzen en - naar het hof begrijpt - de vorderingen van African Cats in reconventie, voor zover toegewezen, alsnog zal afwijzen. Voorwaardelijk hebben [appellanten] tevens geconcludeerd – en in zoverre hebben zij hiermee hun eis gewijzigd – dat African Cats zal worden veroordeeld tot levering van na te noemen catamaran “als nieuw” onder de in het petitum van hun memorie vermelde voorwaarden. Ten slotte hebben [appellanten] gevorderd dat het hof African Cats zal veroordelen in de kosten van het geding in beide instanties, met rente en nakosten.

African Cats heeft - onder wijziging van eis - geconcludeerd, kort gezegd, dat het hof het principaal appel zal verwerpen en in incidenteel appel het bestreden vonnis zal vernietigen, voor zover daarbij vorderingen van African Cats zijn afgewezen, en de in het petitum van de memorie geformuleerde vorderingen (alsnog) zal toewijzen, alles met veroordeling van [appellanten] in de kosten van het principaal appel en van het incidenteel appel, met rente en nakosten.

[appellanten] hebben vervolgens geconcludeerd dat het hof, kort gezegd, het incidenteel appel zal verwerpen, met veroordeling van African Cats in de kosten daarvan, uitvoerbaar bij voorraad.

Beide partijen hebben in hoger beroep bewijs van hun stellingen aangeboden.

2 Feiten

De rechtbank heeft in de overwegingen 2.1 tot en met 2.18 van het bestreden vonnis een aantal feiten vermeld die zij tot uitgangspunt heeft genomen. Met grief 1 in principaal appel betogen [appellanten] dat de rechtbank niet (voldoende) rekening heeft gehouden met de door hen gestelde feiten en omstandigheden. [appellanten] geven daarbij echter niet aan dat en op welke punten de door de rechtbank vastgestelde feiten onjuist zijn. Omdat de (wel) vastgestelde feiten aldus tussen partijen niet in geschil zijn, zal ook het hof daarvan uitgaan. Het hof zal, voorts, de door [appellanten] in het bestek van deze grief gestelde feiten bij de beoordeling betrekken, maar tekent daarbij wel aan dat deze feiten niet vaststaan, voor zover zij door African Cats voldoende gemotiveerd zijn betwist.

3 Beoordeling

3.1.

In deze zaak gaat het om het volgende.

( a) African Cats is producent en importeur van catamarans. De “Out of Africa” is een Multi-hull catamaran uit het jaar 2002/2003, geproduceerd door de Zuid-Afrikaanse scheepsbouwer St. Francis Marine en door African Cats als modelschip gebruikt. [Y] (hierna: [Y]) is statutair bestuurder van African Cats.

( b) Op of omstreeks 10 augustus 2005 hebben [appellanten] een proefvaart met de Out of

Africa gemaakt. Zij hebben vervolgens van een derde een andere boot gekocht.

( c) Op 13 april 2010 hebben [appellanten] wederom een proefvaart met de Out of Africa gemaakt. Na afloop hebben partijen op het kantoor van African Cats over de koop van de boot en over de prijs gesproken. Volgens African Cats hebben partijen toen een koop-overeenkomst met betrekking tot de Out of Africa gesloten, waarbij de prijs werd vast-gesteld op € 410.000,= exclusief btw. Volgens [appellanten] is er toen geen koop gesloten maar zou € 410.000,= exclusief btw de koopprijs zijn, als het tot een koop zou komen.

( d) Op 20 april 2010 (10.19 uur) heeft African Cats een e-mail aan [appellanten] gestuurd, waarin - voor zover van belang - het volgende staat:

“Ik heb de offerte binnen voor de ankerketting (...). De kosten zijn € 3800,00 ex btw en de levertijd is 3 maanden. Laat mij even weten of jullie hiermee akkoord gaan. Verder heb ik inmiddels een nieuwe TV LCD besteld (...). Een afspraak is gemaakt voor de gell coat reparaties. Anodes voor zowel de sail drives als de propellers zijn besteld met een set voor reserve. Er is een afspraak gemaakt met de monteur voor de motoren (de beurt)

Accu’s zijn besteld (...). Ik wacht nog op de offerte voor de generator maar 1aat jullie dit ook snel weten.”

( e) Op 23 april 2010 hebben [appellanten] een bedrag van € 25.000,= overgemaakt op de

bankrekening van African Cats met de omschrijving: “Acompte Achat St Francis

48 OUT OF AFRICA”.

( f) In opdracht van [appellanten] heeft de maritieme adviseur [Z] (hierna: [Z]) van 28 april tot en met 1 mei 2010 een onderzoek uitgevoerd naar de staat van de Out of Africa. Hij verbleef daartoe samen met [appellanten] op het schip. Op 29 april 2010 was [Y] ook aan boord en is een proefvaart gemaakt.

( g) Op 3 mei 2010 (16.59 uur) heeft [appellante sub 2] African Cats een e-mail gestuurd met als bijlage een lijst met 46 opmerkingen en vragen, die [Z] naar aanleiding van zijn onderzoek heeft opgesteld. In de e-mail en de lijst staat, voor zover van belang, volgende

“Hier is de lijst met opmerkingen van de expert. We hebben ook een kleine lijst opgemaakt met dingen die we alvast willen bestellen.

(...)

Naar aanleiding van de expertise die op donderdag 29 en vrijdag 30 april gemaakt werd, volgt hier de lijst met de opmerkingen van de expert. Een deel van deze opmerkingen is bepalend voor het verkrijgen van de leasing. Deze lijst betreft ook vragen die tijdens de expertise aan bod kwamen.

1. (...)

15. Er zijn barsten in de gelcoat overal op het deck. Zal de gelcoat vervangen worden of enkel gepolijst en gepoetst?

(…)

17. Op de plaatsen waar tractie uitgeoefend wordt is de gelcoat nog meer gebarsten. Zouden die plaatsen niet verstekt moeten worden?

(…)

46. (...)

Hier volgt de lijst met materiaal dat we alvast graag zouden bestellen:

  1. 2 Zonnepanelen van 300W + 2 regulators + cables

  2. 1 X motor 15PK met 1200€ supplement.

  3. 1 anker van 40 Kg SPADE stijl

  4. 4 reversibele INOX ventilators met zonne-energie (…)

  5. 2 extra Accu’s.”

( h) Op 3 mei 2010 (17.47 uur) heeft African Cats per e-mail, voor zover van belang, als volgt geantwoord:

“Wij gaan de gehele lijst afwerken zolas onderstaand

Sommige punten heb ik hieronder al verduidelijkt

(…)

15. Er zijn barsten in de gelcoat overal op het deck. Zal de gelcoat vervangen worden of enkel gepolijst en gepoetst?

Het delk wordt gepoetst en gepolijst. Het heeft geen nut de gelcoat te vervangen scheurtjes komen altijd terug

(…)

17. Op de plaatsen waar tractie uitgeoefend wordt is de gelcoat nog meer gebarsten. Zouden die plaatsen niet verstekt moeten worden?

Nee is goed, glasvezel heeft werking is normaal terwijl gellcoat stijf is

(…)

Hier volgt de lijst met materiaal dat we alvast graag zouden bestellen:

(…)

c. 1 anker van 40 Kg SPADE stijl Rocna is besteld www.rocna.com

d. 4 reversibele INOX ventilators met zonne-energie (…) Komt voor elkaar, in elke slaapruimte???

(…)

F. nieuw tandwiel voor 12 mm anker ketting ????”

( i) Op 4 mei 2010 (9.55 uur) heeft [appellante sub 2] African Cats een e-mail gestuurd met de volgende inhoud:

“(…)

Wat de reversible ventilators betreft: We zouden graag 2 ventilators in de badkamers vooraan backboord en stuurboord installeren en 2 ventilators in de dakvensters van het salon. Wat de 12 mm tandwiel betreft mag u die ook bestellen.

(…)”

( j) Op 11 mei 2010 (9.00 uur) heeft [appellante sub 2] African Cats een e-mail gestuurd die als volgt luidt:

“(…)

Wij hebben het rapport van de expert gekregen betreffende de analyse van de motoren. Zoals u kunt zien zijn beide Inversers sterk beschadigd en dienen vervangen te worden. Onze vraag is dan ook of je bereid bent om al de nodige werken te doen om dit in orde te brengen. Als dat niet het geval is, zal het voor ons niet meer mogelijk zijn om verder te gaan in deze aankoop en zouden we dan graag onze 25.000€ terugkrijgen.

(...)”

( k) Op 11 mei 2010 (11.57 uur) heeft African Cats een e-mail aan [appellante sub 2] gestuurd, waarin onder meer het volgende staat:

“Zoals afgesproken zorgen wij ervoor dat het gehele schip in goede staat wordt afgeleverd. Ik had al gerekend op eventuele vervanging van de Stuurboord Saildrive in verband met die tik als deze draait. De Bakboord zijde is nieuw en daarvan moet de inloopolie nog vervangen worden. Wij hadden oorspronkelijk afgesproken dat er 10% zou worden aanbetaald, daar is uiteindelijk € 25.000,00 van binnengekomen. Ik heb inmiddels de Generator besteld en enige andere zaken welke allen vooraf betaald moeten worden. Ik zou dan ook willen verzoeken om de aanbetaling te verhogen naar een rond bedrag van € 50.000,00 (...).“

( l) Op 12 mei 2010 (12.50 uur) heeft [appellante sub 2] African Cats het volgende gemaild:

“(…)

We wachten liever nog wat vooraleer wij een tweede betaling maken totdat de werken op de boot vooruitgang maken. We hebben contact opgenomen met een notarishuis om de koopovereenkomst op te stellen. Wat de bestelling van de generator betreft. Zal de boot nog steeds op 15 juni leverbaar zijn of niet? Het is voor ons zeer belangrijk dat deze datum gerespecteerd wordt aangezien onze zomerplannen hiervan afhangen.

(…)”

( m) Op 12 mei 2010 (15.20 uur) heeft African Cats daarop geantwoord, voor zover van belang, dat de bestelde en betaalde generator een levertijd van vijf weken heeft en dan nog moet worden geplaatst.

( n) Op 12 mei 2010 heeft [Z] een rapport naar aanleiding van het onder (f) genoemde onderzoek opgesteld. Daarin staat wordt onder meer vermeld, zakelijk, dat (kennelijk) de romp is gemaakt van polyester en dat zowel op de romp (stuurboord- en bakboordzijde) als op de brug de gelcoat talrijke barsten vertoont die kunnen wijzen op een mogelijke delaminering van de gelaagde plaat. [Z] concludeert:

“Het deskundigenrapport met betrekking tot de catamaran (...) onthult talrijke storingen en disfuncties die de veiligheid van het vaartuig en van zijn passagiers op het spel kunnen zetten. Het op orde stellen van deze boot conform met de normen die van kracht zijn om een veilige vaart aan te bieden volgens zijn CE-categorie en het navigatieprogramma waarvoor hij is ontworpen, vraagt talrijke vervangingen en werken en brengt hoge kosten met zich (…)”

( o) Op 14 mei 2010 (10.03 uur) heeft [appellante sub 2] African Cats een e-mail gestuurd, waarin voor zover van belang het volgende staat:

“De 25.000€ voorschot die wij betaald hebben vertegenwoordigden een koopintentie dat wij op de boot hadden. We hebben net de conclusies van de expert gekregen over de boot en hebben vervolgens een beslissing genomen. De boot is in een te slechte staat om nog verder te gaan in deze aankoop. Er werden te veel zaken verzwegen en de boot is heel ver van “as new” zoals je het altijd zegt. Veel zaken zouden zonder de expertise nooit aan bod zijn gekomen en indien wij de boot hadden gekocht zouden wij daar wel veel problemen mee hebben. Er moeten veel te veel dingen vervangen of herzien worden op de boot en we zijn ervan overtuigt dat de boot nooit op 15 juni geleverd zou kunnen worden. Wij vragen daarom dat je ons het voorschot van 25.000€ terugbetaald. Als bijlage vind je de conclusies van de expert over de boot en de motoren (kennelijk het rapport van [Z] van 12 mei 2010; hof)

( p) Vervolgens hebben partijen elkaar over en weer nog enkele e-mails gestuurd waarvan de strekking is dat African Cats de beslissing van [appellanten] niet accepteerde en dat [appellanten] bij die beslissing bleven.

( q) Op 26 juli 2010 hebben [appellanten] na verkregen verlof ten laste van African Cats conservatoir derdenbeslag doen leggen onder de ABN AMRO Bank en [Y].

( r) Op 3 september 2010 is door de toenmalige advocaat van [appellanten], mr. [B], meermalen een bericht geplaatst op het internetforum www.multihulls4us.com. Het bericht luidt voor zover van belang als volgt:

“Our law firm in Amsterdam represents a couple with a EUR 25,000 claim against African Cats for a non-refunded deposit made as an option payment for the potential purchase of African Cats’ multi hull named “Out of Africa”(...) Reason why my clients decided not to buy this boat and reclaim their option payment was that, although the boat was presented by [Y] as being “as new”, a surveyor instructed by buyers found numerous serious defects not disclosed by [Y] (in short: she turned out to be in a bad shape according to surveyor) (…) Clients state that (...): (i) they never entered into a sales contract; and (ii) they never waived any right to walk away and always made it a condition that the boat should pass a survey before they would buy her. [Y] now just flat out denies everything and the African Cats bank account we attached was deeply in the red. Clients commenced Court proceedings against African Cats before the Court of Amsterdam to get their option payment back. In order to substantiate their statements clients would appreciate if there is anybody on this forum who wants to step forward and inform me of similar experiences with African Cats/[Y] and/or who has information on the history of the multi hull “Out of Africa”(accidents, hidden defects, buyers that walked away etc.) and/or who has a financial claim against African Cats and wants to join in the proceedings now pending before the Court of Amsterdam. Please e-mail me (...) or call (...) if you have any usefull information for my clients.”

Boven dit bericht was de kop “Another victim of [Y]?” geplaatst. Volgens [appellanten] is die kop niet door mr. [B] maar door de moderator van het forum, [A], geplaatst, maar African Cats betwist dat. Het bericht is op of omstreeks 24 september 2010 naar aanleiding van een brief van African Cats verwijderd maar via zoekmachines nog te vinden. De naar aanleiding van dit bericht op het forum geplaatste “posts” zijn blijven staan.

( s) Op 18 oktober 2011 is onder de naam Goodspeed op voormeld internetforum onder de “draad” Simply disgusting customer support het volgende bericht geplaatst:

“Hello everyone, I know this topic is already a couple years old but we have recently encountered some problems with [Y]. Is it possible to have contact with people who have witnessed or experienced problems with this dishonnest person and who could help us? It has come so far that we have taken the matter to court. Thank you all in advance, [C].”

Uit het bericht op voormeld forum van 24 oktober 2011 blijkt dat de schrijver van het geciteerde bericht, volgens African Cats de dochter van [appellanten], [C], doelde op de Out of Africa en op de onderhavige zaak.

( t) Op 5 mei 2012 heeft [Z] op basis van het door hem in april/mei 2010 uitgevoerde onderzoek een aanvullend expertiserapport uitgebracht, waarin 156 gebreken van het schip zijn opgenomen.

( u) In de eerste aanleg van dit geding vorderden [appellanten] in conventie van African Cats de terugbetaling van hun voormelde betaling van € 25.000,=.

In reconventie vorderde African Cats, voor zover thans van belang en kort gezegd:

- een verklaring voor recht dat partijen op of rond 13 april 2010 een koopovereenkomst zijn aangegaan met betrekking tot de koop van de Out of Africa voor een bedrag van € 410.000,= (€ 487.900,=inclusief btw) alsmede nadere leveringen voor een bedrag van € 17.160,= (€ 20.420,40 inclusief btw),

- een verklaring voor recht dat [appellanten] in verzuim zijn de Out of Africa tijdig af te nemen en in verzuim zijn met betaling van de (volledige) koopsom,

- de hoofdelijke veroordeling van [appellanten] tot betaling aan African Cats van een bedrag van € 483.320,40 (de telling van de hiervoor genoemde bedragen inclusief btw, verminderd met de betaling van € 25.000,=), met rente,

- de veroordeling van [appellanten] tot vergoeding van de door African Cats geleden en te lijden bij staat op te maken schade als gevolg van het verzuim van [appellanten],

- de veroordeling van [appellanten] tot de betaling van een voorschot van € 25.000,= op die schade,

- een verklaring voor recht dat het onder (r) geciteerde artikel onrechtmatig is,

- de veroordeling van [appellanten] tot vergoeding van de door African Cats als gevolg van voormeld onrechtmatige artikel geleden en te lijden schade, op te maken bij staat,

- de opheffing van het onder (q) genoemde beslag, met nevenvorderingen.

( v) Bij het bestreden vonnis heeft de rechtbank in conventie de vordering van [appellanten] afgewezen. In reconventie heeft de rechtbank de eerste twee hiervoor omschreven ver-laringen voor recht uitgesproken, [appellanten] hoofdelijk veroordeeld tot de betaling van bedragen van € 483.320,40, met rente, en € 12.110,96 en de gelegde beslagen opgeheven (met toewijzing van de desbetreffende nevenvorderingen). De rechtbank heeft [appellanten] zowel in conventie als in reconventie in de proceskosten veroordeeld, het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde afgewezen.

( w) Ingevolge een tussen partijen gegeven beschikking van dit hof van 31 juli 2012 heeft de scheepsbouwkundig expert ing. [X] (verder: [X]) op 13 december 2013 een voorlopig deskundigenbericht met betrekking tot de Out of Africa uitgebracht, welk rapport zich onder de stukken bevindt.

3.2.1.

De grieven 2 en 3 in principaal appel kunnen tezamen worden besproken. Zij houden in dat de rechtbank ten onrechte (in de overwegingen 5.1 tot en met 5.8) van het bestreden vonnis heeft geoordeeld dat tot tussen partijen een koopovereenkomst met betrekking tot de Out of Africa tot stand is gekomen en dat die koopovereenkomst geen opschortende of ontbindende voorwaarden bevat als door [appellanten] gesteld. Het hof oordeelt als volgt.

3.2.2.

Vaststaat dat partijen op 13 april 2010 (op zichzelf) overeenstemming hebben bereikt over een koopprijs van het schip van € 410.000,= exclusief btw. [appellanten] hebben, voorts, het volgende gesteld:

“Tijdens het etentje na de proefvaart op 13 april 2010, waarbij het contract zou worden opgesteld, werden de financiering en de expertise besproken. Er is toen een expert geregeld door [appelland sub 1] en de heer [Y] was inmiddels begonnen met het redigeren van het koopcontract op zijn computer. [appelland sub 1] vroeg hem om in het contract expliciet op te nemen dat de koop geschiedde onder voorbehoud van goede uitkomst van de expertise en van acceptatie door de leasemaatschappij. De heer [Y] is toen even doorgegaan met schrijven maar hij stopte vervolgens en stond opeens op, deed zijn computer dicht en zei: “Wij kunnen elkaar vertrouwen, wij hebben geen contract nodig.”

3.2.3.

Hoewel African Cats de hier door [appellanten] geschetste gang van zaken heeft betwist, zal het hof bij wege van veronderstelling uitgaan van de juistheid daarvan. [appellanten] stellen dat zij uit deze handelwijze van [Y] hebben afgeleid dat hij (namens African Cats) kennelijk niet bereid was het door hen gedane voorbehoud van goede uitkomst van de expertise en van acceptatie door de leasemaatschappij te aanvaarden. Omdat zij niet hebben gesteld dat en op welke wijze African Cats later alsnog met die voorwaarden akkoord is gegaan, moet het hof ervan uitgaan dat dat akkoord blijvend ontbrak. Daarmee is in ieder geval duidelijk dat er geen overeenkomst onder de onderhavige door [appellanten] gestelde voorwaarden tot stand is gekomen.

3.2.4.

Het gevolg hiervan is echter niet, zoals [appellanten] menen, dat er in het geheel geen overeenkomst tot stand is gekomen. Uit de zojuist geciteerde passage blijkt immers dat er tijdens of meteen na de proefvaart wilsovereenstemming bestond en wel omdat toen kennelijk is afgesproken dat “het contract” die avond tijdens een etentje zou worden opgesteld. [appellanten] hebben weliswaar gesteld dat het voor African Cats (toen reeds) duidelijk was dat de catamaran gefinancierd zou moeten worden met geleend geld, dat daarvoor “de definitieve uitkomst” van het rapport van expertise beslissend was en dat dit een essentiële voorwaarde was zonder vervulling waarvan niet tot de koop zou worden overgegaan, maar zij hebben - daargelaten dat African Cats een en ander heeft betwist - onvoldoende concreet gesteld dat [Y] met de gestelde voorwaarden vóór het etentje op 13 april 2010 akkoord is gegaan. Gesteld noch gebleken is dat [appellanten] [Y] hebben gezegd dat de koop niet doorging, toen deze de door hen gestelde voorwaarden niet in de schriftelijke overeenkomst wenste op te nemen en zij dat opvatten als een (alsnog door [Y] gedane) weigering hun voorwaarden te aanvaarden. De enkele stelling dat het koopcontract op 13 april 2010 niet is geredigeerd en getekend omdat African Cats niet bereid was die voorwaarden te aanvaarden, is in dit verband onvoldoende. Mocht African Cats onder deze omstandigheden op 13 april 2010 al niet aannemen dat er een onvoorwaardelijke koopovereenkomst tot stand was gekomen, zij mocht dat - in het licht van het voorgaande - in ieder geval wel, toen [appellanten] haar op 23 april 2010 onder de vermelding “Acompte Achat (…)”, te vertalen als: aanbetaling/vooruitbetaling/voorschot aankoop” een bedrag van € 25.000,= hebben betaald. De stelling van [appellanten] dat zij het bedrag van € 25.000,= hebben betaald om African Cats hun serieuze interesse in de boot kenbaar te maken, wordt in het licht van de gang van zaken op 13 april 2010 en de vermelding “Acompte Achat (…)” bij de overboeking op 23 april 2010 als onvoldoende onderbouwd en overigens ongeloofwaardig verworpen.

3.2.5.

Het oordeel van het hof dat op 13 april 2010 althans 23 april 2010 een (onvoorwaardelijke) koopovereenkomst met betrekking tot de Out of Africa tot stand is gekomen wordt nog bevestigd door het feit dat [appellanten] - zoals blijkt uit de onder 3.1 (d), (g) en (i) geciteerde e-mails, in onderling verband beschouwd - zonder enig voorbehoud bij African Cats niet onaanzienlijke bestellingen in verband met de boot hebben gedaan. Bovendien heeft [appellante sub 2] in haar onder 3.1 (l) geciteerde e-mail de beslissing om - ondanks het in de onder 3.1 (k) geciteerde e-mail van African Cats gedane verzoek - geen verdere betaling te doen niet gemotiveerd met het argument dat er (nog) geen koopovereenkomst was gesloten (en er dus geen aanspraak bestond op wat voor betaling dan ook), maar slechts een link gelegd tussen een tweede betaling en de voortgang van de werkzaamheden aan het schip.

3.2.6.

Het feit dat African Cats bedrijfsmatig handelde en [appellanten] (buitenlandse) consumenten waren doet aan het oordeel dat een onvoorwaardelijke koopovereenkomst tot stand is gekomen niet af, evenmin als de overige door [appellanten] in de toelichting op deze grieven naar voren gebrachte en hier niet besproken feiten en omstandigheden.

3.2.7.

Voor zover [appellanten] nog aanvoeren dat de rechtbank in overweging 5.4 van het bestreden vonnis ten onrechte hun stelling heeft verworpen dat niet zij zelf maar een leasemaatschappij partij was bij een te sluiten koopovereenkomst, overweegt het hof dat zij dat onderdeel van de grief niet hebben toegelicht, zodat daaraan voorbij wordt gegaan.

3.2.8.

De slotsom is dat de onderhavige grieven falen.

3.3.1.

Omdat het hof heeft geoordeeld dat tussen partijen (op 13 april 2010 althans 23 april 2010) een onvoorwaardelijke koopovereenkomst met betrekking tot de Out of Africa tot stand is gekomen, is de voorwaarde waaronder grief 4 in principaal appel is voorgedragen vervuld en zal het hof tot de behandeling van die grief overgaan.

3.3.2.

[appellanten] wensen (in hoger beroep) de koopovereenkomst te vernietigen wegens dwaling, zulks overigens zonder daartoe een in hun petitum omschreven vordering in te stellen. Zij voeren daartoe aan dat zij de overeenkomst bij een juiste voorstelling van zaken niet of niet onder dezelfde voorwaarden zouden zijn aangegaan. Meer concreet stellen zij dat African Cats hun de Out of Africa “as new”/”als nieuw” heeft verkocht en ook telkens heeft verklaard dat het schip in uitstekende staat verkeerde, zulks terwijl uit het rapport van [Z] van 12 mei 2010 en uit dat van de gerechtelijk deskundige [X] van 13 december 2013 blijkt dat het schip niet in orde was maar behept met vele gebreken. Het hof oordeelt als volgt.

3.3.3.

[appellanten] hebben hun stelling dat African Cats hun het schip “as new”/”als nieuw” heeft verkocht gebaseerd op een door African Cats op haar website geplaatste advertentie/brochure van het schip en op door [Y] herhaaldelijk tegenover hen gedane uitlatingen in deze zin. Wat hiervan feitelijk zij - African Cats betwist dat zij voor het sluiten van de koop met gebruikmaking van deze aanduiding heeft geadverteerd en zich mondeling op een dergelijke manier tegenover [appellanten] heeft uitgelaten - het hof is van oordeel dat aan het gebruik van aanprijzende woorden “as new”/”als nieuw” in de advertentie/ verkoopbrochure en/of in de mondelinge contacten voor het sluiten van de overeenkomst onvoldoende (relevant) gewicht kan worden toegekend, te minder omdat het [appellanten] bekend was dat de Out of Africa, waarvoor door African Cats € 475.000,= (inclusief btw) werd gevraagd, was gebouwd in 2002/2003 en een nieuwprijs van € 914.255,= (inclusief btw) had. Zij konden er dus ondanks de eventuele mededelingen van African Cats redelijkerwijs niet van uitgaan dat het schip als nieuw was. Bovendien hebben [appellanten] feitelijk niet op de juistheid van de onderhavige (gestelde) mededelingen van African Cats vertrouwd, omdat zij (door [Z]) een onderzoek naar het schip hebben laten doen. Van dwaling kan reeds daarom geen sprake zijn. Een en ander geldt mutandis ook ten aanzien van de door [appellanten] gestelde mededeling van African Cats dat het schip in uitstekende staat verkeerde. De stelling dat African Cats ten tijde van het sluiten van de koopovereenkomst op de hoogte was van de (door [appellanten] gestelde) slechte staat van het schip en daarover heeft gezwegen, is door African Cats betwist en door [appellanten] onvoldoende feitelijk toegelicht laat staan voldoende concreet te bewijzen aangeboden.

3.3.4.

Voor zover [appellanten] zich in hun memorie na deskundigenbericht beroepen op door of namens African Cats op of na 3 mei 2010 gedane onjuiste mededelingen heeft te gelden dat deze zijn gedaan na het sluiten van de overeenkomst en dus geen grond voor een beroep op dwaling kunnen opleveren, wat er van die mededelingen verder zij.

3.3.5.

De conclusie is dat het beroep op dwaling wordt verworpen en dat de grief faalt.

3.4.1.

Omdat het hof heeft geoordeeld dat tussen partijen een onvoorwaardelijke koopovereenkomst met betrekking tot de Out of Africa tot stand is gekomen en bovendien het door [appellanten] gedane beroep op dwaling heeft verworpen, is de voorwaarde waaronder grief 5 in principaal appel is voorgedragen vervuld en zal tot de behandeling van die grief worden overgegaan. Deze grief houdt, kort gezegd, in dat de rechtbank in overweging 5.7 van het bestreden vonnis ten onrechte heeft geoordeeld dat [appellanten] geen beroep toekomt op ontbinding van de overeenkomst wegens, kort gezegd, non-conformiteit van het schip en/of een toerekenbare tekortkoming van African Cats. Het hof oordeelt als volgt.

3.4.2.

Voor zover [appellanten] zich erop beroepen dat de Out of Africa niet “as new” is, is geen sprake van non-conformiteit en/of enige andere vorm van wanprestatie. In dit verband wordt kortheidshalve verwezen naar wat onder 3.3.3 ter zake van het beroep op dwaling is overwogen, zulks tot en met de zin die eindigt met “Zij konden er dus ondanks de eventuele mededelingen van African Cats redelijkerwijs niet van uitgaan dat het schip als nieuw was”.

3.4.3.

[appellanten] stellen voorts, kennelijk op grond van het bepaalde in art. 6:83 aanhef en sub a BW jo art. 6:80 lid 1 aanhef en sub a BW, dat African Cats zonder ingebrekestelling in verzuim is omdat het haar nooit zou zijn gelukt alle door [Z] (in diens op 5 mei 2012 opgestelde aanvullende rapport) genoemde 156 punten/gebreken vóór 15 juni 2010, volgens hen een zogeheten fatale termijn, te herstellen. African Cats heeft (onder meer) betwist dat partijen de datum 15 juni 2010 als fatale datum zijn overeengekomen. Naar het oordeel van het hof hebben [appellanten] onvoldoende concreet gesteld (en te bewijzen aangeboden) dat partijen op 13 april 2010 althans 23 april 2010 zijn overeengekomen dat het schip uiterlijk op 15 juni 2010 zou moeten worden geleverd, laat staan dat bij het niet halen van die datum African Cats zonder ingebrekestelling in verzuim zou zijn. Weliswaar blijkt uit latere mailtjes dat [appellanten] in verband met hun zomervakantie wensten dat de levering uiterlijk 15 juni 2010 zou plaatsvinden, maar zij hebben onvoldoende gesteld om te kunnen concluderen dat African Cats (alsnog) met die datum als fatale termijn akkoord is gegaan. Ook deze grond voor ontbinding van de overeenkomst wordt dus verworpen.

3.4.4.

Hoewel art. 7:23 BW naar de letter slechts betrekking heeft op afgeleverde zaken en aflevering van de Out of Africa (nog) niet heeft plaatsgevonden, is het hof van oordeel dat dit artikel ook toepasselijk is in het onderhavige geval, waarin [appellanten] de koopovereenkomst onder meer op grond van non-conformiteit hebben ontbonden voordat de aflevering van het gekochte schip heeft plaatsgevonden.

3.4.5.

Art. 7:23 lid 1 BW houdt onder meer in dat de koper er geen beroep meer op kan doen dat hetgeen is afgeleverd niet aan de overeenkomst beantwoordt, indien hij de verkoper daarvan niet binnen bekwame tijd nadat hij dit heeft ontdekt of redelijkerwijs had behoren te ontdekken, kennis heeft gegeven. Bij een consumentenkoop, zoals de onderhavige (vgl. art 7:5 lid 1 BW), is een termijn van twee maanden na de ontdekking tijdig. Omdat de maritieme adviseur [Z], die [appellanten] voor deskundig houden, in april/mei 2010 in opdracht van [appellanten] een onderzoek naar de Out of Africa heeft ingesteld, gaat het hof - bij gebreke van stellingen van [appellanten] die tot een ander oordeel nopen - ervanuit dat alle door de door het hof benoemde deskundige [X] bij zijn in 2012/2013 uitgevoerde onderzoek vastgestelde gebreken en eigenschappen van de Out of Africa, voor zover deze ten tijde van het onderzoek door [Z] reeds bestonden en zouden kunnen leiden tot het oordeel dat het schip niet aan de overeenkomst beantwoordt, redelijkerwijs ook door [Z] hadden kunnen worden ontdekt en in mei 2010 aan [appellanten] hadden kunnen worden gerapporteerd. Omdat [appellanten] bovendien in verband met hun klachtplicht gehouden waren van die gebreken en eigenschappen binnen bekwame tijd na de ontdekking daarvan aan African Cats kennis te geven, zijn slechts relevant door [Z] in zijn rapport van 12 mei 2010, waaronder begrepen de lijst met 46 punten als onder 3.1 (g) vermeld, vastgestelde eigenschappen of gebreken van het schip die meebrengen dat het niet aan de overeenkomst beantwoordt, indien en voor zover deze door het onderzoek van [X] op goede gronden worden bevestigd en [appellanten] bovendien van die eigenschappen en gebreken binnen bekwame tijd kennis aan African Cats hebben gegeven. Voor zover in het rapport van [Z] van 5 mei 2012 gebreken en eigenschappen van het schip worden genoemd die nog niet in de rapportage van 12 mei 2010 waren opgenomen, zullen deze buiten beschouwing blijven, omdat – bij gebreke van feiten en omstandigheden die tot een ander oordeel nopen – moet worden aangenomen dat deze ook in mei 2010 bij [appellanten] bekend waren althans hadden kunnen zijn (het eventueel niet eerder melden ervan door [Z] aan [appellanten] komt voor rekening en risico van laatstgenoemden) en niet binnen bekwame tijd nadien aan African Cats zijn gemeld.

3.4.6.

Met inachtneming van het voorgaande oordeelt het hof meer concreet als volgt.

3.4.7.

De omstandigheid dat (de romp van) het schip – naar [X] in zijn antwoord op vraag 6 heeft vastgesteld en op zichzelf ook tussen partijen vaststaat - niet van vinylester maar van polyester is gemaakt (zulks terwijl in een informatieve mail van African Cats aan [appellanten] van 22 februari 2010 wordt vermeld dat het schip van vinylester is), kan niet leiden tot het oordeel dat het schip niet aan de overeenkomst beantwoordt. [Z] heeft dit immers, als onder 3.1 (n) vermeld, al in zijn rapport van 12 mei 2010 vastgesteld. [appellanten] hebben daarvan echter niet binnen bekwame tijd kennis gegeven aan African Cats noch zich daarop in hun e-mailberichten van mei 2010, waarin zij zich over de staat van het schip beklagen, ook maar beroepen. Dit laatste hebben zij pas veel later gedaan.

3.4.8.1. Uit het antwoord van [X] op de hem gestelde vraag 3 blijkt dat de door African Cats uitgevoerde reparaties - naar aanleiding van de onder 3.1 (g) genoemde lijst van [Z] met 46 herstelpunten - deugdelijk zijn verricht behalve die ten aanzien van de punten 15 en 17. Omdat die andere punten aldus geen grond tot ontbinding kunnen vormen, zal het hof – wat betreft die lijst - slechts ingaan op de genoemde twee punten.

3.4.8.2. Het rapport van [X] luidt te dezen, voor zover van belang, als volgt:

“Punten 15 t/m 17) De barsten en haarscheuren, zoals ook aangegeven door [Z] waren niet gerepareerd, noch was de gelcoat vervangen.

Door middel van kloponderzoek stelde ondergetekende vast dat op enkele plaatsen ter plaatse van scheuren/barsten delaminatie in het laminaat heeft plaatsgevonden”.

(…)

Vraag 2

Waren/zijn, meer in het bijzonder, de in het rapport van deskundige [Z] d.d. 12 mei 2010 genoemde, zowel de daadwerkelijk geconstateerde gebreken als de, gelet op de gedane waarnemingen, als potentieel gekwalificeerde gebreken waaronder, maar niet beperkt tot delaminatie aanwezig?

Antwoord: JA

(…)

[Z] noteerde dat op meerdere locaties waar de gelcoat gebarsten was “wat kan duiden op de mogelijke delaminatie van de gelaagde plaat”. [Z] bedoelde met “gelaagde plaat” de sandwich cascoconstructie (vertaalomissie).

In tegenstelling tot [Z] én [D] ([D] Scheepsadviesbureau, de door African Cats ingeschakelde deskundige die op 2 september 2010 een rapport met betrekking tot het schip heeft uitgebracht; hof) heeft ondergetekende gericht onderzoek gedaan naar mogelijke delaminatie. Middels een ‘kloptest’ van gebieden die gevoelig kunnen zijn voor delaminatie, is vastgesteld dat er daadwerkelijk delaminaties bestaan. Deze gebieden zijn vastgelegd in een schets (bijl. 16b).

Opgemerkt dient te worden dat kloptesten mits deskundig uitgevoerd een gebruikelijke methode is om delaminaties op te sporen (…)

Gegeven het feit dat het schip in de periode mei/juni 2010 en de tijd van ons onderzoek eind 2012 niet tot vrijwel niet is gebruikt of belast, concludeert ondergetekende dat de vastgestelde delaminaties in 2010 reeds aanwezig waren.

(…)

Delaminatie is het verschijnsel dat de hechting tussen aangebrachte polyester lagen (glas/hars/kernmateriaal) is verzwakt/verbroken dan wel dat er nooit een hechting heeft bestaan”.

3.4.8.3. African Cats heeft er in haar memorie na deskundigenbericht op gewezen dat op de door [X] genoemde bijlage 16b - door middel van de aanduiding “DELAM” - slechts één aangetroffen delaminatie is aangegeven. [appellanten] hebben dat, hoewel nadien nog aan het woord geweest, niet betwist. Tegen die achtergrond is dan ook onduidelijk op welke andere delaminaties [X] in zijn rapport precies doelt. Wat daarvan verder zij, [X] heeft de volgens hem aanwezige delaminaties vastgesteld door middel van zogeheten kloptesten, volgens hem een gebruikelijke methode om delaminaties vast te stellen. Dit laatste hebben [appellanten] niet aangevochten. Bij deze stand van zaken kan het hof niet anders dan oordelen dat ook [Z] (door middel van kloptesten) de door [X] aangetroffen delaminaties redelijkerwijs had kunnen vaststellen, te meer omdat [X] tevens heeft geconcludeerd dat die delaminaties in 2010 al aanwezig waren. [appellanten] hebben daarom niet binnen bekwame tijd bij African Cats over de delaminaties geklaagd.

3.4.8.4. Weliswaar hebben [appellanten] African Cats in de onder 3.1 (g) weergegeven e-mail van 3 mei 2010 gewezen op barsten in de gelcoat, maar niet gesteld of (uit het rapport van [X] of anderszins) gebleken is dat wat African Cats daartegen – naar blijkt uit haar onder 3.1 (h) geciteerde e-mail van die dag – wenste te ondernemen onvoldoende was in het geval (nog) geen delaminaties hadden plaatsgevonden noch dat African Cats op dat punt (al dan niet na ingebrekestelling) niet heeft gedaan wat zij [appellanten] in die e-mail had toegezegd. Op dit punt is dan ook geen sprake van, kort gezegd, wanprestatie.

3.4.9.

[X] maakt er in zijn deskundigenbericht (op zichzelf met juistheid) melding van dat [Z] in zijn rapport van 12 mei 2010 een aantal gebreken vermeldt die niet zijn opgenomen in de eerder genoemde lijst van 46 herstelpunten. Deze gebreken zijn weliswaar binnen bekwame tijd door [appellanten] aan African Cats gemeld, maar niet gesteld of gebleken is dat deze gebreken onherstelbaar waren, dat African Cats deze ondanks ingebrekestelling niet heeft verholpen en/of dat African Cats hun te kennen heeft gegeven deze gebreken niet te willen verhelpen. In dit verband wijst het hof er nog op dat [appellanten] zich vanaf 14 mei 2010 op het standpunt hebben gesteld dat geen koopovereenkomst tot stand was gekomen, zodat het uitbrengen van een ingebrekestelling ook niet in de rede lag.

3.4.10.

De slotsom is dat er geen gronden voor [appellanten] waren of zijn de overeenkomst wegens non-conformiteit van het schip en/of een toerekenbare tekortkoming van African Cats te ontbinden en dat grief 5 in principaal appel dus faalt.

3.5.

Grief 6 in principaal appel mist zelfstandige betekenis en wordt daarom niet besproken.

3.6.1.

Met grief 7 in principaal appel betogen [appellanten] – en zij hebben te dier zake in appel ook een vordering ingesteld – dat African Cats moet worden veroordeeld tot levering van de catamaran “as new” en met bepaling, kort gezegd, dat de koopprijs (“met volledige c.q. gedeeltelijke uitsluiting van de gevorderde rente en kosten”) alleen voldaan zal worden na de vaststelling door een door het hof aangewezen deskundige dat alle herstelpunten deugdelijk zijn hersteld en dat de catamaran in alle opzichten zeewaardig is en volledig aan de overeenkomst beantwoordt. Het hof oordeelt als volgt.

3.6.2.

Reeds vanwege het tijdsverloop na 14 mei 2010, toen [appellanten] African Cats te kennen hebben gegeven het schip niet te zullen afnemen, bestaat er geen goede grond African Cats te veroordelen tot levering van de Out of Africa “as new”. Voor het overige is de vordering te vaag en onvoldoende toegelicht. Dit laat uiteraard onverlet, dat African Cats tegenover de betaling door [appellanten] tot levering van de Out of Africa gehouden is.

3.7.1.

Grief A in incidenteel appel houdt in dat de rechtbank in overweging 5.19 van het bestreden vonnis ten onrechte heeft geoordeeld dat de hiervoor onder 3.1 (r) geciteerde uitingen niet onrechtmatig zijn, zulks volgens African Cats mede doordat de rechtbank niet alle relevante omstandigheden bij de door haar uitgevoerde belangenafweging heeft betrokken. Naar uit haar toelichting op de grief blijkt, onderschrijft African Cats daarbij wel het door de rechtbank in overweging 5.18 omschreven, inderdaad juiste, toetsingskader. Voorts betoogt African Cats dat ook het hiervoor onder 3.1 (s) geciteerde bericht, dat volgens haar van [C] afkomstig is, onrechtmatig is. In hoger beroept vordert African Cats een verklaring voor recht dat het plaatsen van beide berichten door [appellanten] onrechtmatig is, alsmede hun veroordeling tot betaling van een bij staat op te maken schadevergoeding, met een voorschot daarop van € 330.000,=, althans een in goede justitie te bepalen bedrag. Het hof oordeelt als volgt.

3.7.2.

Vaststaat dat het onder 3.1 (r) weergegeven bericht niet is geplaatst door [appellanten] maar door hun toenmalige advocaat, mr. [B]. [appellanten] hebben bij memorie van antwoord in incidenteel appel gesteld dat zij het bericht niet door mr. [B] hebben laten plaatsen. African Cats heeft dit, hoewel nadien nog aan het woord geweest, niet betwist. African Cats heeft niet gesteld dat mr. [B] voor de plaatsing ervan overleg met [appellanten] over het bericht heeft gehad en/of hen op enig tijdstip van de plaatsing van het bericht op de hoogte heeft gesteld en/of dat [appellanten] anderszins van het bericht op de hoogte waren in de periode tussen de plaatsing en de verwijdering ervan. Een en ander is evenmin gebleken of met voldoende zekerheid uit de eigen stellingen van [appellanten] af te leiden. Onder deze omstandigheden valt, in aanmerking genomen dat op African Cats de stelplicht rust met betrekking tot de door haar gestelde onrechtmatige daad, niet in te zien op welke wijze het plaatsen en/of het gedurende drie weken geplaatst laten van het bericht en/of het zich niet distantiëren daarvan als een onrechtmatige daad aan [appellanten] zou kunnen worden toegerekend. Een en ander geldt mutatis mutandis ook met betrekking tot het hiervoor onder 3.1 (s) weergegeven bericht, nog daargelaten dat [appellanten] betwisten dat hun dochter dat heeft geplaatst. Anders dan African Cats met betrekking tot het eerste bericht nog betoogt, biedt ook artikel 6:172 BW geen toereikende grondslag voor haar onderhavige vorderingen. Mr. [B] heeft immers bij het plaatsen en het laten staan van het bericht niet gehandeld ter uitoefening van de hem als vertegenwoordiger van [appellanten] als zodanig toekomende bevoegdheden in de zin van genoemde wetsbepaling.

3.7.3.

Alleen al vanwege het voorgaande faalt de grief en moeten de in appel gewijzigde vorderingen van African Cats ter zake worden afgewezen.

3.8.1.

Grief B in incidenteel appel strekt ten betoge dat de rechtbank in overweging 5.16 van het bestreden vonnis ten onrechte de gevorderde juridische kosten, de kosten “Energie Haven IJmuiden” en de gevorderde verzuimschade, voor zover deze meer bedraagt dan de gevorderde wettelijke rente, heeft afgewezen. African Cats vordert te dezen in hoger beroep (naast het door de rechtbank ter zake van schade toegewezen bedrag van € 12.110,96) een bedrag van € 34.810,74, althans een voorschot daarop van € 30.000,=, althans een in goede justitie te bepalen bedrag. In dat verband heeft zij (als productie 37) een overzicht van de door haar gestelde schadeposten overgelegd.

3.8.2.

De grief faalt. Niet alleen heeft African Cats niet duidelijk gemaakt dat en waarom het oordeel van de rechtbank ten aanzien van de in eerste aanleg gevorderde en afgewezen posten onjuist is, zij heeft bovendien de in hoger beroep gestelde schadeposten niet voldoende toegelicht noch, gelet op de betwisting ervan door [appellanten], voldoende aannemelijk gemaakt. Het in hoger beroep gevorderde zal daarom (in beide varianten) worden afgewezen.

3.9.

Het bewijsaanbod van partijen wordt verworpen als niet ter zake dienend althans als te algemeen en te vaag.

3.10.

De conclusie is dat het bestreden vonnis geheel zal worden bekrachtigd en dat de door partijen voor het eerst in appel ingestelde vorderingen zullen worden afgewezen.

3.11.

[appellanten] en African Cats zullen, als in zoverre in het ongelijk gesteld, worden veroordeeld in de proceskosten van het principaal appel respectievelijk het incidenteel appel. Omdat de kosten van het voorlopig deskundigenbericht reeds ten laste van [appellanten] zijn gebracht en dat, gelet op de uitkomst van de zaak, terecht is, zal te dier zake geen beslissing meer worden gegeven. Overeenkomstig de in overweging 2.7 van het tussenarrest aangekondigde beslissing, zullen [appellanten] tevens worden veroordeeld in de kosten van het incident.

4 Beslissing

Het hof:

bekrachtigt het bestreden vonnis, zowel voor wat betreft de conventie als wat betreft de reconventie;

wijst af de door partijen voor het eerst in appel ingestelde vorderingen;

veroordeelt [appellanten] in de kosten van het incident, aan de zijde van African Cats gevallen en tot op heden begroot op € 894,= voor salaris advocaat;

veroordeelt African Cats in de kosten van het incidenteel appel, aan de zijde van [appellanten] gevallen en tot op heden begroot op € 1.631,50 voor salaris advocaat;

verklaart dit arrest ten aanzien van deze kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;

veroordeelt [appellanten] in de kosten van het principaal appel, aan de zijde van African Cats gevallen en tot op heden begroot op € 1.815,= voor verschotten en € 15.580,= voor salaris advocaat, te vermeerderen met de wettelijke rente over een en ander vanaf de veertiende dag na dit arrest, te vermeerderen met € 131,= wegens nakosten zonder betekening en met € 199,= wegens nakosten in geval van betekening van dit arrest.

Dit arrest is gewezen door mrs. R.J.M. Smit, J.C.W. Rang en J.C. Toorman en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 18 november 2014.