Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2014:2453

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
10-06-2014
Datum publicatie
15-10-2014
Zaaknummer
200.133.676-01
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Overeenkomst tussen discotheek en bemiddelaars voor artiesten. Discotheek betaalt te laat en niet volledig. Is ontbinding en aanwending van de gedeeltelijke betaling als annuleringsvergoeding klaarblijkelijk in strijd met de redelijkheid en billikheid? Anders dan de eerste rechter oordeelt het hof dat dit niet het geval is.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I

zaaknummer : 200.133.676/01

zaak-rolnummer rechtbank Noord-Holland: 578063/8189/12

arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 10 juni 2014

inzake

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

PLATINUM AGENCY B.V.,

gevestigd te Landsmeer,

appellante,

advocaat: mr. V. Holthuizen te Amsterdam,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

KASTELIJNS HORECA BEHEER B.V.

handelend onder de naam Oscars Event Center

gevestigd te Oosterhout,

geïntimeerde,

advocaat: mr. R.A.J. Zomer te Oosterhout.

1 Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna Platinum en Kastelijns genoemd.

Platinum is bij dagvaarding van 18 juli 2013 in hoger beroep gekomen van een vonnis van de kantonrechter te Zaandam, rechtbank Noord-Holland (hierna: de kantonrechter), van 2 mei 2013, onder bovenvermeld zaaknummer gewezen tussen Kastelijns als eiseres in conventie, tevens verweerster in reconventie, en Platinum als gedaagde in conventie, tevens eiseres in reconventie.

Partijen hebben daarna de volgende stukken ingediend:

- memorie van grieven, met producties;

- memorie van antwoord.

Vervolgens is arrest gevraagd.

Platinum heeft geconcludeerd dat het hof het bestreden vonnis zal vernietigen en

- uitvoerbaar bij voorraad - alsnog de vordering van Kastelijns zal afwijzen en Kastelijns zal veroordelen tot betaling van € 574,90 met wettelijke rente over de hoofdsom ad € 477,= vanaf 16 december 2012, met veroordeling van Kastelijns in de kosten van het geding in beide instanties.

Kastelijns heeft geconcludeerd tot bekrachtiging van het bestreden vonnis, met - uitvoerbaar bij voorraad - beslissing over de proceskosten.

2 Feiten

De kantonrechter heeft in het bestreden vonnis onder Feitelijke vaststellingen de feiten vastgesteld die hij tot uitgangspunt heeft genomen. Deze feiten zijn in hoger beroep niet in geschil en dienen derhalve ook het hof als uitgangspunt. Ze worden waar nodig aangevuld met andere feiten die als enerzijds gesteld en anderzijds niet of onvoldoende gemotiveerd betwist zijn komen vast te staan.

3 Beoordeling

3.1

Het gaat in deze zaak om het volgende.

3.1.1

Kastelijns exploiteert een discotheek (Oscars Event Centre), Platinum bemiddelt bij het inhuren van artiesten. Partijen deden al vanaf 2009 zaken met elkaar.

3.1.2

Op 2 april 2012 heeft Kastelijns bij Platinum een aanvraag gedaan voor het boeken van een band genaamd Noisecontrollers op 28 juli 2012. Op 11 mei 2012 heeft Platinum de boeking bevestigd. De rekening bedroeg € 3.000,= aan artiestenfee en

€ 450,= aan boekingsfee, alles exclusief 19% BTW.

3.1.3

De boekingsovereenkomst met betrekking tot het onder 3.1.2 bedoelde optreden houdt voor zover van belang in :”(…)

Artikel 2 Verplichtingen Organisator

2.1

Organisator (Kastelijns, opm hof) verplicht zich hierbij het totaalbedrag van de uitkoopsom van Artiest(en) alsmede de daarover berekende booking fee van Platinum(….) te voldoen uiterlijk 28 dagen voor 28 juli 2012.(…)

Artikel 5 Verdere verplichtingen Organisator

5.2

Indien Organisator om welke reden ook niet tijdig en/of volledig het bedrag als bedoeld in artikel 2 heeft voldaan aan Platinum(…), is de Organisator van rechtswege in verzuim, zonder dat een nadere ingebrekestelling vereist is. In dat geval heeft Platinum (...) het recht om zonder nadere opgave haar verplichting tot het leveren van de Artiest(en) op te schorten totdat Organisator alsnog binnen een door Platinum (…) opnieuw gestelde, korte termijn heeft betaald dan wel- ter keuze van Platinum (...) - onmiddellijk de overeenkomst buitenrechtelijk te ontbinden, waarna alle verplichtingen van Platinum (...) jegens Organisator komen te vervallen. Reeds betaalde bedragen worden door Platinum (...) verrekend met hetgeen verschuldigd is volgens de annuleringregeling als bedoeld in artikel 6 (het hof leest: 9) (…)

(…)

Artikel 9 Annuleringsregeling

(…)”

9.2

De Organisator verplicht zich hierbij de volgende bedragen te voldoen aan Platinum (...) in geval van een annulering (…)

b) binnen 12 weken voor het optreden is Organisator 100% van de in verband met het optreden gefactureerde bedragen verschuldigd aan Platinum (...) zonder enige korting of compensatie (…)”

De bedragen in artikel 2 zijn gelijk aan de in 3.1.2 bedoelde factuurbedragen.

3.1.4

Op 15 mei 2012 bleek Kastelijns dat de Noisecontrollers vier weken eerder in een concurrerende discotheek, genaamd De Kelder, zouden optreden. Ook dat optreden was door Platinum bemiddeld.

3.1.5

Op 26 juli 2012 (14.48 uur) schrijft Platinum per e-mail aan Kastelijns “(…) Uiteraard zijn wij bereid om te kijken hoe we dit in de toekomst met Oscars Event Centre anders kunnen doen. Wat betreft de boeking van Noisecontrollers a.s. zaterdag gaan wij niet akkoord gaan met jouw verzoek. Hierbij houden we Oscars Event Centre aan het getekende contract. Wij verwachten dan ook het volledig bedrag per direct te ontvangen. Mochten wij de betaling niet voor de boeking ontvangen dan zullen wij de boeking annuleren (…)”.

Kastelijns antwoordt diezelfde middag aan Platinum:

“(...) Ik heb een afspraak gemaakt die was duidelijk (…). Dat jullie in dezelfde periode een act bij ons en De Kelder neerzetten zonder het te melden is een verzaking van die afspraak. Ik ben er (…) van overtuigd dat dit schade heeft opgeleverd. Ik weiger om in ieder geval de bookings fee te voldoen.(…) Ik ben bereid om de samenwerking met Platinum op het spel te zetten (…)”.

Kastelijns mailt die dag voorts:

Als gemaakte afspraken voor jullie zo belangrijk zijn dan had deze boeking anders tot stand moeten komen.(…) Het minste wat in mijn ogen kan worden aangeboden is de boekingsfee schrappen. (…)”.

Daarop mailt Platinum:

Mocht de volledige betaling uitblijven dan zullen ons beroepen op de contractuele afspraken (…) Ook zoals eerder aangegeven zijn wij bereid voor de toekomst te kijken hou (het hof leest: hoe) wij hier elkaar in tegemoet kunnen komen. Dit vervalt op moment Oscars Event Centre zich niet aan de contractuele afspraken houd voor de boeking van aankomende zaterdag.”

3.1.6

Op 27 juli 2012 (10.42 uur) heeft Platinum aan Kastelijns gemaild:

“(…) Voordat wij verder kunnen gaan (…) verwachten wij eerst de betaling voor de boeking voor zaterdag voor de Noisecontrollers. (…) Bij deze bieden we Oscars Event Centre de laatste mogelijkheid om gehoor te geven aan verzoek tot betalen. Wij verwachten de betaling voor 12 uur bij ons op de rekening. Mochten wij de betaling niet ontvangen dan zullen wij het optreden voor zaterdag cancellen (…)”.

Vervolgens heeft Kastelijns diezelfde dag € 3.180,- overgemaakt (artiestenfee met BTW).

Later die dag (16.16 uur) mailt Platinum aan Kastelijns:

Wij hebben zojuist een bedrag ontvangen van EUR 3180,-. Helaas hebben wij niet het volledige bedrag binnen gekregen conform contract en factuur. In overeenstemming met de artiesten laat Oscars Event Centre Platinum geen andere keus het optreden te annuleren. Hierbij cancellen wij officiële de boeking van Noisecontrollers voor aankomende zaterdag (28-07-2012). De artiesten zullen op afgesproken boeking datum en tijd niet aanwezig zijn (…) Voor rechtelijke bepaling zie getekend contract paragraaf 5.3 en 9.1 (…)”

Diezelfde dag (17.35uur) antwoordt Kastelijns:“De Noisecontrollers zijn betaald wanneer de artiesten niet op komen dagen kunnen jullie een rechtszaak verwachten”.

3.1.7

Platinum heeft op 27 juli 2012 om 16.32 uur op haar Facebook pagina het volgende bericht geplaatst “Platinum Agency has cancelled the performance of Noisecontrollers at the Oscars (…) july 28. To this point the organization has been unable to comply with their end of the performance agreement.” Op zaterdag 28 juli 2012 is dit bericht geplaatst op de Facebook pagina en op de Twitter account van Noisecontrollers.

3.1.8

Platinum heeft aan Noisecontrollers de artiestenfee betaald. Het optreden op 28 juli 2012 in de discotheek van Kastelijns is niet doorgegaan.

3.2

Kastelijns heeft in eerste aanleg (in conventie) gevorderd om Platinum te veroordelen tot betaling van € 3.180,= aan hoofdsom, vermeerderd met € 443,= aan buitengerechtelijke kosten en rente, alsmede voor recht te verklaren dat ter zake het geannuleerde optreden geen bemiddelingsfee verschuldigd is. Platinum heeft in reconventie gevorderd, kort samengevat, dat Kastelijns wordt veroordeeld tot betaling van € 477,= (de bemiddelingsfee), vermeerderd met € 97,90 aan buitengerechtelijke kosten en rente.

De kantonrechter heeft de vordering van Platinum voor wat betreft de hoofdsom van

€ 3.180,= met rente toegewezen en het meer of anders gevorderde in conventie en de gehele vordering in reconventie afgewezen. Hij heeft daartoe, kort samengevat, overwogen dat Platinum gelet op de omstandigheden (de boeking van Noisecontrollers bij een concurrent, de onderhandelingen tussen partijen, de betaling van € 3.180,=, het verspreiden van negatieve publicaties over Kastelijns en de gewekte suggestie dat zonder kosten geannuleerd kon worden) in strijd met de redelijkheid en billijkheid heeft gehandeld en misbruik van bevoegdheid heeft gemaakt door de betaling van de artiestenfee aan te wenden als annuleringsvergoeding. De buitengerechtelijke kosten heeft de kantonrechter als nodeloos gemaakt afgewezen, terwijl Kastelijns geen belang had bij een verklaring voor recht. In reconventie is de vordering afgewezen omdat Platinum onrechtmatig had gehandeld.

Tegen deze beslissing en de daaraan ten grondslag gelegde motivering komt Platinum met haar grieven op. De drie grieven zien alle op het oordeel van de kantonrechter dat Platinum Kastelijns niet onverkort aan de contractuele afspraken mocht houden en lenen zich voor gezamenlijke behandeling.

3.3

De contractuele regeling is op zichzelf duidelijk en daarover verschillen partijen ook niet van mening. Kastelijns diende vooraf een bedrag te betalen dat bestond uit artiestenfee en boekingsfee. Als dat bedrag, ook nadat een nieuwe betalingstermijn is gesteld, niet is betaald heeft Platinum het recht de overeenkomst op grond van art. 5 lid 2 van die overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden. In geval een en ander kort voor het optreden plaatsvindt leidt de annuleringsregeling in art. 9 lid 2 sub b er vervolgens toe dat Kastelijns toch de volledige kosten verschuldigd is.

3.4

In hoger beroep spitst het geschil zich toe op de vraag of de toepassing van de overeengekomen regeling in de gegeven omstandigheden, met name gezien de onder 3.1.5-3.1.7 weergegeven mailwisseling, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was.

Het hof is, anders dan de kantonrechter, van oordeel dat dat niet het geval is, op grond van de volgende overwegingen.

3.4.1

Het uitgangspunt is dat partijen elkaar mogen houden aan de overeenkomst. Slechts in bijzondere gevallen is dat anders.

Kastelijns had, als de afspraken strikt waren nageleefd, reeds ruim voor 26 juli 2012 zowel de bemiddelingsfee als de artiestenfee betaald moeten hebben. Op 26 juli 2012, twee dagen voor het geplande optreden, bleek Platinum echter dat Kastelijns niet alleen nog niet had betaald, maar ook niet van plan was te betalen. Platinum heeft toen te kennen gegeven dat als volledige betaling, van zowel de artiestenfee als de boekingsfee, uitbleef het optreden geannuleerd zou worden. De middag voor het optreden betaalt Kastelijns uiteindelijk € 3.180,=; de boekingsfee weigert zij te betalen.

Kastelijns ziet de onaanvaardbaarheid van de daarop gevolgde ontbinding en de aanwending van het bedrag van € 3.180,= als annuleringsvergoeding in drie aspecten:

a. 90% van de factuur was binnen de uiteindelijk op 27 juli 2012 gestelde termijn betaald; Platinum kon redelijkerwijs weten dat Kastelijns ervan uitging dat daarmee het optreden was zeker gesteld, maar zij heeft in de middag van 27 juli 2012 niet gewaarschuwd dat dat onjuist was;

b. er werd door de annulering geen rechtens te respecteren belang gediend;

c. de annulering veroorzaakte grote schade, die niet in verhouding stond tot het beperkte bedrag dat niet betaald was.

3.4.2

Het onder a genoemde argument snijdt geen hout. Uit de geciteerde mails bleek duidelijk dat Platinum betaling van het volle bedrag eiste en dat niet betalen tot annulering zou leiden. Op 26 juli 2012 had Platinum aan Kastelijns gemaild: Hierbij houden we Oscars aan het getekend contract. Wij verwachten dan ook het volledig bedrag per direct te ontvangen. Mochten wij de betaling niet voor de boeking ontvangen dan zullen wij de boeking annuleren. Later die dag mailde Platinum aan Kastelijns: Mocht de volledige betaling uitblijven dan zullen we ons beroepen op de contractuele afspraken (vergelijk hierboven onder 3.1.5). Op 27 juli 2012 voegt Platinum daaraan toe: Wij verwachten de betaling voor 12 uur bij ons op de rekening. Mochten wij de betaling niet ontvangen dan zullen wij het optreden voor zaterdag cancellen.

Dit zijn concrete, heldere waarschuwingen. Kastelijns kon in redelijkheid niet menen dat met betaling van slechts 90%, de artiestenfee, het optreden was veiliggesteld. Als zij dat toch heeft gemeend komt dat voor haar eigen risico, Platinum hoefde met een dergelijke opvatting geen rekening te houden.

3.4.3

Het onder b genoemde argument faalt evenzeer. Het niet betaalde bedrag betrof het gehele belang van Platinum bij de overeenkomst. De artiestenfee wordt, en is in dit geval ook, aan de artiesten betaald. De verdiensten van Platinum bestaan, naar vast staat, louter uit de bemiddelingsfee en dat wist Kastelijns ook. Het enige drukmiddel waarover Platinum beschikte was het annuleren van het optreden.

3.4.4

Dan resteert argument c, de gestelde wanverhouding tussen de schade van Kastelijns en het onbetaald gebleven bedrag. Het hof constateert dat Kastelijns zowel in eerste aanleg als thans in appel de (op het moment van annulering te verwachten) schade als gevolg van de annulering van het optreden in het geheel niet nader heeft toegelicht of onderbouwd. Reeds op die grond kan dit argument, tegen de achtergrond van het in de eerste zin van 3.5.1 genoemde uitgangspunt, de conclusie niet dragen.

Daarbij komt echter nog het volgende. De mailwisseling wekt de sterke indruk dat Kastelijns heeft geprobeerd Platinum te dwingen om af te zien van haar bemiddelingsfee. Van een groot risico op schade ten gevolge van het niet doorgaan van het optreden maakt Kastelijns in de mails geen melding. In eerdere mails klaagde Kastelijns juist over achterblijvende belangstelling voor het optreden; dat was de reden dat zij Platinum de boeking van Noisecontrollers bij de concurrent zo kwalijk nam. Als er al sprake is geweest van zo aanzienlijke schade voor Kastelijns dat Platinum om die reden haar eigen belangen opzij had moeten zetten, dan kon Platinum dat in redelijkheid niet weten. Dat betekent, dat de omstandigheid dat Platinum daarmee geen rekening heeft gehouden geen rol kan spelen bij de vraag of zij mocht annuleren.

3.4.5

Het hof is daarom van oordeel dat Platinum, die Kastelijns had gewaarschuwd en nog tot de dag voor het optreden in de gelegenheid had gesteld om te betalen, een beroep toekwam op de contractuele regeling. Hoewel het resultaat voor Kastelijns, te weten dat het optreden niet doorging en zij toch het betaalde bedrag niet terugkreeg (en nog een bedrag moest bijbetalen), uiteraard onaangenaam voor Kastelijns was had zij met dat systeem bij het aangaan van de overeenkomst ingestemd. De voor Platinum kenbare belangen van Kastelijns bij het doorgaan waren niet zodanig dat die een dergelijk beroep van Platinum naar maatstaven ven redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar maakten.

3.5

Nu de grieven slagen zal het vonnis worden vernietigd.

3.6

De kantonrechter is, vanwege zijn oordeel in conventie, aan inhoudelijke beoordeling van het in reconventie door Platinum gevorderde niet toegekomen. Mede in aanmerking nemend hetgeen daaromtrent door Kastelijns in eerste aanleg als verweer is gevoerd komt het hof tot het volgende oordeel.

3.6.1

Voor wat betreft het bedrag in hoofdsom van de bemiddelingsfee van € 477,= heeft Kastelijns nog aangevoerd dat deze aan Platinum niet toekomt omdat zij niet al het redelijkerwijs mogelijke heeft gedaan om het optreden doorgang te doen vinden.

Dat verweer faalt. In confesso is, dat de Noisecontrollers waren geboekt en in de discotheek van Kastelijns hadden kunnen optreden op 28 juli 2012 (als voormelde betalingsperikelen waren uitgebleven). Daarmee had Platinum dus aan haar inspanningsverplichting voldaan.

3.6.2

Platinum vorderde in eerste aanleg € 22,90 aan rente tot en met 15 december 2012. Tegen die vordering en de thans gevorderde wettelijke handelsrente vanaf 15 december 2012 heeft Kastelijns geen verweer gevoerd, zodat die onderdelen van de vordering toewijsbaar zijn.

3.6.3

Platinum heeft voorts € 75,= aan buitengerechtelijke incassokoten gevorderd en toegelicht dat incassowerkzaamheden zijn verricht. Bij gebreke van verweer is ook dat onderdeel toewijsbaar.

3.7

De grieven slagen. Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd. De oorspronkelijke vordering van Kastelijns zal derhalve alsnog worden afgewezen en die van Platinum zal alsnog worden toegewezen.

Kastelijns zal als in het ongelijk gestelde partij worden verwezen in de kosten van het geding in beide instanties.

4 Beslissing

Het hof:

vernietigt het vonnis waarvan beroep en opnieuw rechtdoende:

wijst af de vordering van Kastelijns;

veroordeelt Kastelijns om aan Platinum tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen € 574,90 (vijfhonderdvierenzeventig Euro negentig cent), vermeerderd met de wettelijke handelsrente over € 477,= vanaf 16 december 2012 tot de dag der algehele voldoening;

veroordeelt Kastelijns in de kosten van het geding in beide instanties, in eerste aanleg aan de zijde van Platinum begroot op nihil aan verschotten en € 450,= voor salaris en in hoger beroep tot op heden op € 759,71 aan verschotten en € 632,= voor salaris

verklaart deze veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit arrest is gewezen door mrs. E.E. van Tuyll van Serooskerken- Röell, J.W.M. Tromp en P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 10 juni 2014.