Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2013:BZ9977

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
08-05-2013
Datum publicatie
13-05-2013
Zaaknummer
23-004431-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

art. 2 lid 1 WWM en categorie I, sub 7

Toetsing van luchtdrukwapens: wanneer is sprake van een sprekende gelijkenis en zijn deze wapens verboden.

Hof zet het toetsingskader uiteen zoals is ontwikkeld door de NFI-deskundige.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

parketnummer: 23-004431-10

datum uitspraak: 8 mei 2013

TEGENSPRAAK

Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Haarlem van 14 oktober 2010 in de strafzaak onder parketnummer 15-103937-10 tegen

[naam verdachte],

geboren te [plaats] op [1966],

adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 23 november 2011, 5 oktober 2012 en 26 april 2013, en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

hij op of omstreeks 13 maart 2009 te Oude Meer, gemeente Haarlemmermeer (een) wapen(s) van categorie I onder 7°, te weten:

- twee nabootsingen van een bestaand (vuur)wapen, te weten een Browning Maxus, kaliber 12GA en/of

- twee nabootsingen van een bestaand (vuur)wapen, te weten een Browning T-Bolt, kaliber 22, Target/Varmint Rifle en/of

- twee nabootsingen van een bestaand (vuur)wapen, te weten een Winchester, model 70 Stealth,

zijnde voorwerpen die voor wat betreft hun vorm en afmetingen een sprekende gelijkenis vertoonden met vuurwapens en/of met (een) voor ontploffing bestemde voorwerp(en) heeft doen binnenkomen en/of heeft ingevoerd en/of voorhanden heeft gehad.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het hof tot een andere beslissing komt dan de rechtbank.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden vrijgesproken.

Vrijspraak

Het hof heeft als uitgangspunt bij de beoordeling van het ten laste gelegde genomen het toetsingskader zoals beschreven in het door W. Kerkhoff, NFI-deskundige wapens en munitie, opgestelde rapport “Toetsing aan de Wet wapens en munitie” van 14 november 2012. Daarin wordt als uitgangspunt genomen dat alle lucht-, gas- en veerdrukwapens een zekere uiterlijke overeenkomst vertonen met vuurwapens zodat in wezen altijd sprake zal zijn van een globale overeenkomst.

Als criteria bij de beoordeling van de vraag of sprake is van een sprekende gelijkenis moeten vervolgens de volgende stappen worden doorlopen:

? Is sprake van een (vrijwel) exacte kopie van één bepaald merk en model?

Is dit het geval, dan moeten het merk en het model vuurwapen worden benoemd en kan het wapen onder categorie I, sub 7° van artikel 2, eerste lid van de Wet wapens en munitie worden geplaatst.

? Als geen sprake is van een kopie kan worden gekeken of het gaat om een bewuste nabootsing van

een vuurwapen zonder dat de maker hierbij één bepaald merk en model voor ogen heeft gestaan.

Dit kan worden gedaan door het aantonen van niet-functionele onderdelen die de kennelijke bedoeling hebben om het wapen het uiterlijk van een vuurwapen te geven. Voorbeelden van niet-functionele onderdelen zijn een uitsparing in het huis van een luchtdrukgeweer, welke een hulsuitwerpvenster moet voorstellen; een pseudo-vuurselector en een pseudo-patroonhouder.

Ter terechtzitting hebben verschillende getuigen-deskundigen de in de tenlastelegging genoemde wapens onafhankelijk van elkaar aan deze toetsing onderworpen.

Met de advocaat-generaal en de verdediging is naar oordeel van het hof, gelet op de verklaringen van de getuige-deskundigen in hoger beroep, onvoldoende vast komen te staan dat sprake is van wapens van categorie I onder 7° Wet wapens en munitie. Naar het oordeel van het hof is daarom niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.

Gelast de teruggave aan verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:

1. 2 luchtdrukwapens (omschrijving: Gamo Model);

2. 2 luchtdrukwapens (omschrijving: Crosman); en

3. 2 luchtdrukwapens (omschrijving: Gamo Viper Express).

Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.S. Arnold, mr. M. Gonggrijp-van Mourik en mr. J.A. Peters, in tegenwoordigheid van mr. J.G.W. van Rede, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 8 mei 2013.

Mr. A.S. Arnold en mr. J.A. Peters zijn buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.