Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2011:BT6912

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
04-10-2011
Datum publicatie
07-10-2011
Zaaknummer
21-000570-11
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Vrijspraak. Niet boven iedere redelijke twijfel is verheven dat het rund gewond, zwak of ziek was toen het voor het transport werd geaccepteerd en dat opgemerkt had moeten worden dat het dier om die reden niet vervoerd mocht worden. Het hof gaat er vanuit dat verdachte niet zelf als chauffeur optrad bij het transport, maar een chauffeur die bij hem in dienst was en welke behoorlijk geïnstrueerd was. Niet uit de verf komt dat een behoorlijk geïnstrueerd chauffeur het dier, zonder maatregelen te treffen die op dat vervoer van dat dier in die conditie waren toegespitst, niet voor het transport naar het slachthuis had mogen accepteren. Op grond waarvan verdachte als werkgever van de chauffeur in deze als dader een strafrechtelijk verwijt te maken valt, kan het hof niet zien.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Sector strafrecht

Parketnummer: 21-000570-11

Uitspraak d.d.: 4 oktober 2011

TEGENSPRAAK

Arrest van de economische kamer

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Utrecht van 8 februari 2011 in de strafzaak tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],

wonende te [postcode en woonplaats], [adres].

Het hoger beroep

De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 20 september 2011 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I). Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte naar voren is gebracht.

Het vonnis waarvan beroep

Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.

De tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

hij op of omstreeks 20 maart 2009 te Maasbergen en/of Tilburg, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, heeft gehandeld in strijd met artikel 6 van de EG-verordening nr. 1/2005,

immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) als vervoerder(s) een of meer dieren niet in overeenstemming met de technische voorschriften uit bijlage I behorende bij voornoemde verordening vervoerd;

door een gewond, zwak en/of ziek rund ([nummer]a) te vervoeren dat niet geschikt was voor het voorgenomen transport en/of terwijl de vervoersomstandigheden dusdanig waren dat aan dit dier onnodig lijden werd berokkend en/of terwijl dit rund niet in staat was te worden vervoerd, daar dit rund niet op eigen kracht pijnloos kon bewegen en/of niet zonder hulp kon lopen.

Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.

Vrijspraak

Het vervoer in kwestie is verzorgd door één van de chauffeurs van verdachte. Het rund waar het om gaat, is een zogeheten achterblijver. De diergeneeskundige verklaring die zich bij de stukken bevindt, zegt dat het een gewond, zwak of ziek dier betrof dat niet in staat mocht worden geacht te worden vervoerd. Maar in zoverre betreft dat een kwalificatie die het hof heeft na te lopen. Het rund is, door de veeartsen die het na aankomst bij het slachthuis zagen, beschreven als: kreupel rechts achter, cachectisch (mager), bolle rug. En verder werd vermeld dat deze afwijkingen langere tijd geleden waren ontstaan. Dat het om een (duidelijk kenbaar) gewond, zwak of ziek dier ging, blijkt daar niet uit.

Tegen de achtergrond van één en ander is het niet boven iedere redelijke twijfel verheven dat het rund in kwestie gewond, zwak of ziek was toen het voor het transport werd geaccepteerd en dat opgemerkt had moeten worden dat het dier om die reden niet vervoerd mocht worden of verantwoord kon worden. Het hof gaat er vanuit dat verdachte niet zelf als chauffeur optrad bij het transport, maar een chauffeur die bij hem in dienst was en welke behoorlijk geïnstrueerd was, zoals verdachte ter terechtzitting heeft uitgelegd. Niet uit de verf komt dat een behoorlijk geïnstrueerd chauffeur het dier, zonder maatregelen te treffen die op dat vervoer van dat dier in die conditie waren toegespitst, niet voor het transport naar het slachthuis had mogen accepteren. Op grond waarvan verdachte als werkgever van de chauffeur in deze als dader een strafrechtelijk verwijt te maken valt, kan het hof niet zien.

Vrijspraak moet volgen.

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Aldus gewezen door

mr B.P.J.A.M. van der Pol, voorzitter,

mr J.A.W. Lensing en mr L.E.M. Hendriks, raadsheren,

in tegenwoordigheid van mr N.D. Mavus-ten Elshof, griffier,

en op 4 oktober 2011 ter openbare terechtzitting uitgesproken.

Mr L.E.M. Hendriks is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.