Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ9757

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
06-06-2011
Datum publicatie
29-06-2011
Zaaknummer
200.040.300/01OK
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Uitspraak van de Ondernemingskamer 6 juni 2011; Jeezet b.v. / Synpact Project Management Groep b.v. c.s.; Zie ook BP9690.

Wetsverwijzingen
Burgerlijk Wetboek Boek 2
Burgerlijk Wetboek Boek 2 350
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
JOR 2011/282 met annotatie van mr. J.M. Blanco Fernández
JIN 2011/678 met annotatie van Van Rijswijk
JIN 2011/652
ARO 2011/94
JONDR 2011/17
JOR 2011/282 met annotatie van mr. J.M. Blanco Fernández
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

BESCHIKKING in de zaak met nummer 200.040.300/01 OK van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

JEEZET B.V.,

gevestigd te Haarlem,

VERZOEKSTER,

advocaat: mr. J.W. Leedekerken, kantoorhoudende te Amsterdam,

t e g e n

de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid

1. SYNPACT PROJECT MANAGEMENT GROEP B.V.,

2. SYNPACT PROJECT MANAGEMENT B.V.,

3. INTERNETSELEKT PUNT NL B.V.,

alle gevestigd te Haarlem,

VERWEERSTERS,

advocaten: mr. M.C. Schepel en mr. B.T.M. Steins Bisschop, kantoorhoudende te Den Haag,

e n t e g e n

de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid

1. M. VAN DRUTEN BEHEER B.V.,

2. REMKO WOUTERS BEHEER B.V.,

beide gevestigd te Haarlem,

BELANGHEBBENDEN,

advocaten: mr. M.C. Schepel en mr. B.T.M. Steins Bisschop, kantoorhoudende te Den Haag.

1. Het verloop van het geding

1.1 De volgende (rechts)personen zullen hierna als volgt worden aangeduid:

Berk Accountants Berk N.V.

Berk Corporate Finance Berk Corporate Finance B.V.

Van Druten M.H.P. van Druten

Van Druten Beheer M. van Druten Beheer B.V. (belanghebbende sub 1)

Hutzezon E. Hutzezon

Hutzezon Beheer Hutzezon Beheer B.V.

InternetSelekt InternetSelekt Punt NL B.V. (verweerster sub 3)

JeeZet Jeezet B.V. (verzoekster)

Synpact Groep verweersters gezamenlijk

Synpact Groep c.s. verweersters en belanghebbenden gezamenlijk

Synpact Holding Synpact Project Management Groep B.V. (verweerster sub 1)

Synpact Werkmaatschappij Synpact Project Management B.V. (verweerster sub 2)

Wouters R. Wouters

Wouters Beheer Remko Wouters Beheer B.V. (belanghebbende sub 2)

Zwiers J.G.A. Zwiers

1.2 Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer allereerst naar haar beschikking van 24 maart 2011 in deze zaak.

1.3 Bij de beschikking van 24 maart 2011 heeft de Ondernemingskamer het verzet van Synpact Groep c.s. tegen de door JeeZet op 22 december 2010 gedane aanvulling en vermeerdering van het verzoek van 18 augustus 2009 om een onderzoek te gelasten naar het beleid en de gang van zaken van Synpact Groep, en om onmiddellijke voorzieningen te treffen, en de gronden daarvoor, ongegrond verklaard en bepaald dat de verzoeken van JeeZet van 18 augustus 2009, en wel met inachtneming van de aanvulling en vermeerdering daarvan en de gronden daarvoor, zullen worden behandeld op een nader te bepalen en aan partijen mee te delen openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer. Iedere verdere beslissing is aangehouden.

1.4 Synpact Groep c.s. hebben bij op 15 april 2011 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen nader verweerschrift met productie de Ondernemingskamer (wederom) verzocht, JeeZet niet ontvankelijk te verklaren in haar verzoeken althans de verzoeken af te wijzen, en voor het geval er wel een onderzoek wordt gelast te bepalen dat het onderzoek zich uitstrekt over de periode vanaf 1 januari 2005 tot 1 oktober 2009, alsmede over het door JeeZet gevoerde beleid, met veroordeling van JeeZet in de kosten van het geding.

1.5 De verzoeken zijn behandeld ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 2 mei 2011, alwaar mr. Leedekerken en mr. Schepel de standpunten van partijen nader hebben toegelicht, aan de hand van aan de Ondernemingskamer overgelegde pleitaantekeningen.

2. De vaststaande feiten

2.1 In 1997 hebben Zwiers, Van Druten en Wouters een vennootschap onder firma opgericht die zich ging bezighouden met de organisatie van congressen.

2.2 Op 23 februari 2000 hebben Zwiers, Van Druten en Wouters Synpact Holding opgericht. De door de vennootschap onder firma gedreven onderneming is bij de oprichting ingebracht in Synpact Holding. De aandelen in Synpact Holding zijn uitgegeven aan de persoonlijke houdstervennootschappen van Zwiers, Van Druten en Wouters: onderscheidenlijk JeeZet (33 1/3%), Van Druten Beheer (33 1/3%) en Wouters Beheer (33 1/3%). Zwiers, Van Druten en Wouters zijn enig aandeelhouder en enig bestuurder van hun houdstervennootschappen.

2.3 Op het moment van oprichting van Synpact Holding zijn JeeZet, Van Druten Beheer en Wouters Beheer tot haar bestuurder benoemd. De feitelijke werkzaamheden werden uitgevoerd door Zwiers, Van Druten en Wouters. Zwiers was verantwoordelijk voor de financiële en interne zaken. Van Druten en Wouters waren verantwoordelijk voor de acquisitie en uitvoering van de commerciële zaken en projecten. Synpact Holding kent geen raad van commissarissen.

2.4 Synpact Holding is enig aandeelhouder en enig bestuurder van Synpact Werkmaatschappij en van InternetSelekt.

2.5 Synpact Holding verricht beheeractiviteiten. Synpact Werkmaatschappij organiseert congressen en exploiteert een marketing- en eventbureau. InternetSelekt houdt zich bezig met projectmanagement op het gebied van het internet.

2.6 Artikel 12 van de statuten van Synpact Holding luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

“Blokkeringsregeling.

Artikel 12. Aanbieding.

1. Een aandeelhouder die één of meer aandelen wenst te vervreemden, is verplicht die aandelen eerst te koop aan te bieden aan zijn mede-aandeelhouders, tenzij alle aandeelhouders schriftelijk hun goedkeuring aan de [des]betreffende vervreemding hebben gegeven, welke goedkeuring slechts voor een periode van drie maanden geldig is. (...)

2. De koopprijs zal – tenzij de aanbieder en de mede-aandeelhouders éénparig anders overeenkomen – worden vastgesteld door een of meer onafhankelijke deskundigen, die door de aanbieder en de mede-aandeelhouders in gemeenschappelijk overleg worden benoemd.

(...)”

2.7 Op 15 december 2006 hebben Zwiers/JeeZet, Van Druten/Van Druten Beheer en Wouter/Wouters Beheer een aandeelhoudersovereenkomst gesloten met betrekking tot Synpact Holding (hierna de Aandeelhoudersovereenkomst te noemen). Artikel 5 van de Aandeelhoudersovereenkomst luidt, voor zover hier van belang, als volgt:

“Artikel 5 Aanbieding van aandelen in de Vennootschap

1. Elke Persoonlijke Holding [Ondernemingskamer: JeeZet, Van Druten Beheer en Wouters Beheer] biedt bij deze de door haar gehouden aandelen in het kapitaal van de Vennootschap [Ondernemingskamer: Synpact Beheer] onherroepelijk aan de andere Persoonlijke Holdings te koop aan onder de opschortende voorwaarde dat:

(...)

(b) de directeur/aandeelhouder van deze Persoonlijke Holding tijdens de duur van deze overeenkomst om gezondheidsredenen niet geschikt is tenminste voor 75% (...) de werkzaamheden te verrichten zoals bedoeld in de managementovereenkomst, gedurende een aaneengesloten periode van vierentwintig maanden (...)

(c) de directeur/aandeelhouder van deze Persoonlijke Holding of de Persoonlijke Holding geen bestuurder meer is van de Vennootschap

(...)

2. Indien een opschortende voorwaarde als bedoeld in het vorige lid onder (...) (b), (c) (...) intreedt, wordt de waarde in het economisch verkeer van de aangeboden aandelen bepaald op basis van de volgende formule voor de totale waarde van de vennootschap:

((Gemiddelde van (Wj+Wj-1+Wj+1) x factor 6) + (EVj -/- 0,35 BTj))

Wj = winst na belastingen lopende boekjaar (prognose)

Wj-1 = winst na belastingen voorafgaande boekjaar (werkelijk)

Wj+1 = winst na belastingen volgend boekjaar (begroot)

EVj = eigen vermogen ultimo lopend boekjaar (prognose)

BTj = balanstotaal ultimo lopend boekjaar (prognose)

Het boekjaar omvat een periode van twaalf maanden.

(...)”

2.8 Van augustus 2007 tot november 2007 was Zwiers 100% arbeidsongeschikt. Van november 2007 tot eind augustus 2008 was Zwiers 75% arbeidsongeschikt en heeft hij enkele uren per week gewerkt. Eind augustus 2008 is Zwiers vrijgesteld van werk. Sedertdien is hij niet langer betrokken bij het bestuur. Hutzezon heeft sinds augustus 2007 de werkzaamheden van Zwiers grotendeels overgenomen.

2.9 In mei en juni 2008 hebben enerzijds Zwiers en anderzijds Van Druten en Wouters met elkaar gesproken om te bezien of de tussen hen gerezen problemen aangaande de bedrijfsvoering konden worden opgelost en of de samenwerking kon worden voortgezet. Tijdens een bespreking van 13 juni 2008 zijn partijen overeengekomen dat Zwiers een plan zal opstellen op basis waarvan Van Druten en Wouters zullen bezien of er nog een basis is voor verdere samenwerking.

2.10 Op 31 juli 2008 heeft Zwiers aan Van Druten en Wouters een plan gepresenteerd waarin hij zijn toekomstige rol en positie binnen Synpact Groep heeft uiteengezet.

2.11 Van 14 augustus 2008 tot 13 oktober 2008 heeft er overleg plaatsgevonden tussen enerzijds Zwiers en anderzijds Van Druten en Wouters over de verkoop en de waardering van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding.

2.12 Op 22 augustus 2008 heeft E. van Druten RA, broer van Van Druten, werkzaam bij Berk Accountants, de accountant van Synpact Holding, op verzoek van het bestuur van Synpact Holding, de waarde van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst vastgesteld op € 1.917.981.

2.13 Op 13 oktober 2008 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders van Synpact Holding besloten om JeeZet met ingang van 28 februari 2009 te ontslaan als bestuurder. Sindsdien wordt het bestuur van Synpact Holding gevormd door Van Druten Beheer en Wouters Beheer. JeeZet heeft op 5 mei 2009 te kennen gegeven te berusten in de beëindiging van zijn bestuurderschap.

2.14 Van 28 oktober 2008 tot 27 maart 2009 heeft er wederom overleg plaatsgevonden tussen enerzijds Zwiers en anderzijds Van Druten en Wouters over de verkoop en de waardering van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding.

2.15 Op 9 maart 2009 heeft het bestuur van Synpact Holding besloten om de managementvergoeding van Van Druten Beheer en Wouters Beheer met ingang van 1 januari 2008 te verhogen van € 102.000 tot € 155.000.

2.16 Op 27 maart 2009 heeft JeeZet, onder protest en voorwaardelijk, haar aandelen in Synpact Holding voor € 2,3 mln. aangeboden aan Van Druten Beheer en Wouters Beheer, die dit aanbod op 31 maart 2009 hebben afgewezen.

2.17 Op 29 april 2009 heeft Berk Corporate Finance, in een rapport dat is gedateerd op 19 juni 2009, op verzoek van het bestuur van Synpact Holding, naar aanleiding van de aanbiedingsplicht van JeeZet in verband met haar ontslag als bestuurder als bedoeld in artikel 5 lid 1 onder c van de Aandeelhoudersovereenkomst, de waarde van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst vastgesteld op € 818.000. Dezelfde dag hebben Van Druten Beheer en Wouters Beheer aan JeeZet medegedeeld dat zij haar aandelen zullen overnemen tegen de vastgestelde prijs van € 818.000.

2.18 Op 12 mei 2009 heeft JeeZet aan Van Druten Beheer en Wouters Beheer medegedeeld dat JeeZet geen medewerking zal verlenen aan de door Van Druten Beheer en Wouters Beheer op 13 mei 2009 geplande levering van de door JeeZet in Synpact Holding gehouden aandelen.

2.19 Op 10 juni 2009 hebben Van Druten Beheer en Wouters Beheer bij de voorzieningenrechter van de Rechtbank te Haarlem op grond van artikel 5 lid 1 sub c van de Aandeelhoudersovereenkomst gevorderd dat JeeZet haar aandelen in Synpact Holding overdraagt aan Van Druten Beheer en Wouters Beheer. Op 19 augustus 2009 heeft de voorzieningenrechter de vordering afgewezen, omdat onder meer er geen onafhankelijke waardering van de aandelen had plaatsgevonden en een spoedeisend belang ontbrak.

2.20 Op 24 juni 2009 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders van Synpact Holding de jaarrekeningen over 2007 en 2008 vastgesteld. In deze vergadering is besloten om de in de boekjaren 2007 en 2008 behaalde winst te reserveren.

2.21 Op 25 juni 2009 heeft H.J. Lüske, werkzaam bij Amstel-CF, corporate finance, op verzoek van JeeZet, de waarde van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst vastgesteld op € 1,9 - 4,3 mln. (genormaliseerd) en € 0,8 - 3,9 mln. (ongenormaliseerd), en op basis van de zogeheten ‘discounted cash flow-methode’ op € 2,6 - 2,9 mln.

2.22 Op 4 september 2009 heeft Berk Corporate Finance, op verzoek van het bestuur van Synpact Holding, naar aanleiding van de aanbiedingsplicht van JeeZet in verband met de arbeidsongeschiktheid van Zwiers gedurende een periode van twee jaar als bedoeld in artikel 5 lid 1 onder b van de Aandeelhoudersovereenkomst, de waarde van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst vastgesteld op € 1.152.00. Op 8 september 2009 hebben Van Druten Beheer en Wouters Beheer aan JeeZet bericht dat zij haar aandelen zullen overnemen tegen de vastgestelde prijs van € 1.152.000.

2.23 Op 28 september 2009 hebben R. Coenradie en W. Leermakers, werkzaam bij Ernst & Young Transaction Advisory Services B.V., op verzoek van Van Druten Beheer en Wouters Beheer, de redelijkheid van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 Aandeelhoudersovereenkomst beoordeeld. Coenradie en Leermakers hebben geconcludeerd dat de waarderingsformule redelijk en toepasbaar is, met inachtneming van een aantal nader beschreven tekortkomingen.

2.24 Op 15 februari 2010 hebben Van Druten Beheer en Wouters Beheer bij de Rechtbank te Haarlem op grond van de Aandeelhoudersovereenkomst gevorderd JeeZet te gebieden haar aandelen in Synpact Holding aan Van Druten Beheer en Wouters Beheer over te dragen. Op 15 december 2010 heeft de Rechtbank in een tussenvonnis geoordeeld dat de door JeeZet in Synpact Holding gehouden aandelen ingevolge artikel 5 lid 1 onder c van de Aandeelhoudersovereenkomst moeten worden aangemerkt als te zijn aangeboden aan Van Druten Beheer en Wouters Beheer per 28 februari 2009 vanwege het ontslag per die datum van JeeZet als bestuurder van Synpact Holding. Voorts heeft de Rechtbank bepaald dat “een redelijke toepassing van de waarderingsregeling van artikel 5 van de Aandeelhoudersovereenkomst mee[brengt], dat bij de waardering van de aandelen met gebruikmaking van meergenoemde formule er voor de jaren 2008, 2009 en 2010 fictief van wordt uitgegaan dat de Vennootschap telkens zoveel van de winst daadwerkelijk heeft uitgekeerd (en dus niet aan haar reserves heeft toegevoegd) dat de solvabiliteitsgrens telkens is gezakt tot 35%. Alsdan is de Vennootschap vrij geweest in haar keuze geen dividend uit te keren, maar drukken de gevolgen van die keuze niet op de waardebepaling van de aandelen van Jeezet. Deze benadering doet recht aan de uiteenlopende belangen van partijen/aandeelhouders. (...) De te benoemen onafhankelijke deskundige zal worden verzocht ook hiermee rekening te houden bij de in conventie door hem zelfstandig uit te voeren waardering van de aandelen van Jeezet.” Verder heeft de Rechtbank de reconventionele vordering van JeeZet om Synpact Holding te gebieden om een (redelijk) dividend uit te keren afgewezen, omdat Van Druten Beheer en Wouters Beheer “al met al voldoende aannemelijk [hebben] gemaakt dat zij ten aanzien van de jaren 2008 en 2009 in redelijkheid tot de afweging hebben kunnen komen dat het met het oog op het belang van [Synpact Holding], meer in het bijzonder de voortdurende noodzaak concurrerend te blijven door grote projecten te kunnen voorfinancieren, de voorkeur verdient over die jaren geen dividend uit te keren.”

2.25 Op 14 april 2010 heeft JeeZet in de hierboven in 2.24 genoemde procedure bij de Rechtbank te Haarlem een incidentele conclusie op de voet van artikel 843a Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ingediend waarin zij heeft gevorderd om Van Druten Beheer en Wouters Beheer te gebieden om een afschrift te verstrekken van bepaalde bescheiden betreffende Synpact Groep. Op 9 juni 2010 heeft de Rechtbank de vordering afgewezen, omdat onder meer gelet “op de gemotiveerde toelichting van de zijde van Van Druten Beheer B.V. bij de door haar verstrekte stukken en haar stelling dat er niet meer relevante documenten zijn, (...) Jeezet op haar beurt onvoldoende gemotiveerd [heeft] aangegeven welke stukken er met zekerheid wel nog zouden moeten zijn. Dat Jeezet het vermoeden heeft dat er meer relevante informatie zou moeten zijn, is onvoldoende.”

2.26 Op 2 juli 2010 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders van Synpact Holding Hutzezon Beheer, de persoonlijke houdstervennootschap van Hutzezon, tot bestuurder benoemd en Hutzezon Beheer een recht verleend tot het nemen van aandelen in Synpact Holding gelijk aan 5% van het geplaatste kapitaal.

2.27 Op 19 juli 2010 heeft de algemene vergadering van aandeelhouders van Synpact Holding de jaarrekening over 2009 vastgesteld. In deze vergadering is besloten om de in het boekjaar 2009 behaalde winst te reserveren.

2.28 In de hiervoor onder 2.24 genoemde procedure bij de Rechtbank Haarlem heeft de Rechtbank in een tussenvonnis van 6 april 2011 overwogen dat partijen zich bij akte mogen uitlaten over de benoeming van een deskundige en over een voorstel van de Rechtbank om aan een te benoemen deskundige te verzoeken de waarde van de aandelen van JeeZet definitief vast te stellen met het oog op een finale vaststelling van het bedrag waarop JeeZet op grond van artikel 5 lid 6 van de Aandeelhoudersovereenkomst aanspraak kan maken. Ter gelegenheid van de terechtzitting bij de Ondernemingskamer is gebleken dat deze akten inmiddels zijn genomen. Partijen hebben daarin ingestemd met het voorstel van de Rechtbank.

2.29 De omzet van Synpact Groep bedroeg in 2008 en 2009 respectievelijk € 6.471.067 en € 6.546.560. Het resultaat na belastingen van Synpact Groep was in 2008 en 2009 respectievelijk € 328.818 en € 685.596. Het eigen vermogen van Synpact Groep bedroeg in 2008 en 2009 respectievelijk € 981.197 en € 1.666.793. De solvabiliteit van Synpact Groep was in 2008 en 2009 respectievelijk 38% en 52%.

2.30 Synpact Holding heeft in 2008, 2009 en 2010 geen dividend uitgekeerd.

2.31 De jaarrekening van Synpact Groep en haar rechtsvoorganger wordt sinds de start van de onderneming in 1997 samengesteld door Berk Accountants.

2.32 In oktober 2009 waren er 40 personen werkzaam bij Synpact Groep, van wie er 25 in dienst waren als werknemer en 15 werden ingehuurd.

3. De gronden van de beslissing

Verwijten en verweer

3.1 JeeZet heeft aan haar verzoeken ten grondslag gelegd dat er gegronde redenen zijn om aan een juist beleid van Synpact Groep te twijfelen, die er in bestaan dat Van Druten Beheer en Wouters Beheer hun positie van meerderheidsaandeelhouder en bestuurder misbruiken en de belangen van JeeZet als minderheidsaandeelhouder veronachtzamen. JeeZet heeft, samengevat, ter staving daarvan het volgende aangevoerd:

1. Synpact Holding heeft de door JeeZet gehouden aandelen niet op een objectieve wijze laten waarderen;

2. Synpact Holding heeft sinds 2008 geen dividend uitgekeerd;

3. Synpact Holding heeft excessieve kosten gemaakt;

4. Synpact Holding heeft materieel onjuiste jaarrekeningen opgesteld;

5. Synpact Holding heeft jaarrekeningen op onjuiste wijze vastgesteld;

6. Synpact Holding heeft de managementvergoeding voor Van Druten Beheer en Wouters Beheer met terugwerkende kracht substantieel verhoogd;

7. Synpact Holding heeft besluiten genomen zonder goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders;

8. Synpact Holding heeft verzoeken van JeeZet om informatie onvoldoende gehonoreerd.

3.2 Synpact Groep c.s. hebben bestreden dat er gegronde redenen bestaan om aan een juist beleid van Synpact Groep te twijfelen. Op hun verweer zal voor zover nodig hierna worden ingegaan.

3.3 De Ondernemingskamer zal hierna achtereenvolgens de hiervoor in 3.1 opgesomde bezwaren beoordelen.

Waardering van de door JeeZet gehouden aandelen

3.4 Met betrekking tot het hierboven in 3.1 onder 1 genoemde bezwaar aangaande de aandelenwaardering heeft JeeZet gesteld dat Synpact Holding heeft gehandeld in strijd met de wet, de statuten en de Aandeelhoudersovereenkomst. Volgens JeeZet is in het bijzonder gehandeld in strijd met artikel 2:195 lid 6 BW, artikel 2:195a lid 3 BW en artikel 12 lid 2 van de statuten van Synpact Holding, op grond waarvan JeeZet recht heeft op een onafhankelijke waardering van haar aandelen in Synpact Holding. Volgens JeeZet heeft het bestuur van Synpact Holding in strijd met deze voorschriften de niet onafhankelijke huisaccountant – Berk Accountants – waar de broer van Van Druten – E. van Druten RA – werkzaam is, geïnstrueerd om de waarde van de aandelen te bepalen. Voorts heeft JeeZet gesteld dat het bestuur van Synpact Holding de aandelenwaardering heeft gemanipuleerd – onder meer door sinds 2008 geen dividend uit te keren en excessieve kosten te maken – teneinde op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst tot een zo laag mogelijke waardering van de aandelen van JeeZet in Synpact Holding te komen.

3.5 De Ondernemingskamer is, met Synpact Groep c.s., van oordeel dat de kern van het conflict tussen partijen betrekking heeft op de bepaling van de waarde van de door JeeZet gehouden aandelen in Synpact Holding, die ingevolge artikel 5 lid 1 onder c van de Aandeelhoudersovereenkomst door JeeZet aan Van Druten Beheer en Wouters moeten worden overgedragen. Hierbij gaat het vooral om de toepassing van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst. Dit is een geschil van louter vermogensrechtelijke aard tussen de aandeelhouders van Synpact Holding, dat niet de positie van Synpact Groep en het functioneren van het bestuur en de algemene vergadering van aandeelhouders raakt. De beslechting van dit geschil valt daarom buiten het bestek van een enquêteprocedure en dient ter beoordeling te staan van een gewone civiele rechter in een gewone civiele procedure. Voorts is de Ondernemingskamer van oordeel dat het verwijt van JeeZet over de waardering van de aandelen zich uitsluitend richt tot Van Druten en Wouters in hun hoedanigheid van (indirect) aandeelhouder van Synpact Holding en dat Synpact Groep zelf geen verwijt wordt gemaakt en dus buiten deze discussie staat. Het hier opgeworpen bezwaar kan daarom niet leiden tot de conclusie dat sprake is van twijfel aan een juist beleid van Synpact Groep.

3.6 Het voorgaande oordeel laat onverlet dat de Ondernemingskamer kanttekeningen plaatst bij het besluit van het bestuur van Synpact Holding om de aandelen van JeeZet te laten waarderen door Berk Accountants, gelet op het feit dat dit de huisaccountant van Synpact Groep is en dat de broer van Van Druten bij dit kantoor als registeraccountant werkzaam is. Het had volgens de Ondernemingskamer meer voor de hand gelegen indien zou zijn gekozen voor een (volledig) onafhankelijke deskundige.

3.7 Overigens merkt de Ondernemingskamer op dat het hierboven bedoelde verwijt achterhaald is, omdat de Rechtbank te Haarlem in de hierboven in 2.24 en 2.28 genoemde procedure op korte termijn een onafhankelijke deskundige zal benoemen, die als taak krijgt om aan de hand van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst de waarde van het aandelenbelang van JeeZet definitief vast te stellen.

3.8 Voorts merkt de Ondernemingskamer op dat de andere, hierna te bespreken, verwijten van JeeZet direct of indirect samenhangen met het hierboven behandelde geschil over de waardering van de aandelen van JeeZet en dat deze andere verwijten daarom mede, maar niet uitsluitend, in die context zullen worden beoordeeld.

Niet uitkeren van dividend

3.9 Ten aanzien van het hiervoor in 3.1 onder 2 genoemde bezwaar betreffende het niet uitkeren van dividend, heeft JeeZet aangevoerd dat Synpact Holding in 2008 plotseling en zonder een deugdelijke toelichting heeft gebroken met haar bestendige dividendbeleid inhoudende dat er bij een solvabiliteit van meer dan 35% tot uitkering van het meerdere wordt overgegaan. JeeZet heeft gesteld dat er bij Synpact Holding in 2008 en nadien voldoende ruimte bestond voor het uitkeren van dividend, aangezien de solvabiliteit van Synpact Groep in 2008 en 2009 onderscheidenlijk 38% en 52% bedroeg en in 2010 vermoedelijk circa 60% was. Deze gang van zaken heeft er volgens JeeZet toe geleid dat in 2008, 2009 en 2010 in totaal meer dan € 1,8 mln. ten onrechte niet als dividend is uitgekeerd. Volgens JeeZet heeft het bestuur van Synpact Holding haar hiermee bewust benadeeld omdat (i) JeeZet hierdoor niet kan profiteren van in het verleden behaalde winsten, aangezien deze pas zullen worden uitgekeerd indien JeeZet geen aandeelhouder meer is en (ii) het niet uitkeren van de winst tot gevolg heeft dat JeeZet bij uittreding op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 van de Aandeelhoudersovereenkomst een lagere vergoeding voor haar aandelen zal ontvangen. Synpact Groep c.s. hebben hiertegen allereerst aangevoerd dat er bij Synpact Holding geen sprake is van een ‘bestendig dividendbeleid’ en dat er evenmin een verplichting bestaat tot het uitkeren van dividend indien de solvabiliteit meer dan 35% bedraagt. Ter motivering daarvan hebben Synpact Groep c.s. opgemerkt dat er sinds de oprichting van Synpact Holding – in 2000 – slechts drie keer dividend is uitgekeerd. In 2000 tot en met 2004 is er geen dividend uitgekeerd, terwijl de solvabiliteit steeds hoger was dan 35% (onderscheidenlijk 38%, 57%, 42%, 53% en 67%). In 2005, 2006 en 2007 is er wel dividend uitgekeerd, maar bleef de solvabiliteit na de dividenduitkeringen hoger dan 35% (onderscheidenlijk 56%, 44% en 38%). Voorts hebben Synpact Groep c.s. gesteld dat het beleid van Synpact Groep is om haar onderneming volledig met eigen vermogen te financieren en dus geen vreemd vermogen aan te trekken, waardoor haar financiële middelen uitsluitend door winstreserveringen tot stand kunnen komen. Synpact Groep c.s. hebben betoogd dat Synpact Holding goede gronden had om tot reservering van de winst over te gaan. Volgens Synpact Groep c.s. was reservering noodzakelijk omdat hierdoor (i) een financiële buffer kan worden gecreëerd voor toekomstige economisch onzekere tijden en andere bedreigingen van Synpact Groep, waaronder het reële risico dat een of meer grote opdrachtgevers wegvallen (zoals ING, waarmee een omzet van € 700.000 is gemoeid), (ii) aan klanten de mogelijkheid kan worden aangeboden om hun onkosten van grote projecten te financieren (‘voorfinanciering’), hetgeen bijdraagt aan de aantrekkelijkheid en de concurrentiepositie van Synpact Groep, en (iii) de voorgenomen overname door Synpact Groep van het reclamebureau Lasso B.V. kan worden gefinancierd en in andere samenwerkingsverbanden kan worden geïnvesteerd.

3.10 De Ondernemingskamer overweegt in het algemeen over het uitkeren en het reserveren van winst het volgende. In beginsel hebben de aandeelhouders zonder meer recht op uitkering van de in een boekjaar gerealiseerde winst. Dit is anders indien de statuten bepalen dat de winst ter beschikking staat van een vennootschapsorgaan, bijvoorbeeld van de algemene vergadering van aandeelhouders. In dat geval dient de algemene vergadering van aandeelhouders een besluit tot winstbestemming te nemen; zij kan besluiten tot (gehele of gedeeltelijke) reservering of tot (gehele of gedeeltelijke) uitkering. De algemene vergadering van aandeelhouders dient bij het nemen van het besluit tot winstbestemming de redelijkheid en billijkheid in het oog te houden. Het belang van een (minderheids)aandeelhouder bij uitkering van dividend dient zorgvuldig te worden afgewogen tegen het belang van de vennootschap en de wens van de andere aandeelhouder(s) om de winst (geheel of gedeeltelijk) aan de reserves toe te voegen. In beginsel dient de winst aan de aandeelhouders te worden uitgekeerd, tenzij het vennootschappelijk belang vereist dat tot (gehele of gedeeltelijke) reservering van de winst wordt overgegaan. Het gedurende een onbepaalde tijd handhaven van een beleid waarbij alle winst wordt gereserveerd zal in het algemeen niet gerechtvaardigd zijn. Het dividendbeleid dient kenbaar te zijn voor de aandeelhouders en te worden gemotiveerd.

3.11 De Ondernemingskamer stelt ten aanzien van Synpact Holding vast dat volgens artikel 23 lid 1 van haar statuten de winst ter beschikking staat van de algemene vergadering van aandeelhouders, dat in de jaren 2008, 2009 en 2010 geen dividend is uitgekeerd en dat de verwachting van partijen is dat er in 2011 evenmin dividend zal worden uitgekeerd, dat het resultaat na belastingen van Synpact Groep in 2007 en 2008 respectievelijk € 328.818 en € 685.596 bedroeg, dat de solvabiliteit van Synpact Groep in deze jaren respectievelijk 38% en 52% was, en dat het doen van winstuitkeringen in deze jaren wettelijk en statutair gezien geoorloofd was. De algemene vergadering van aandeelhouders van Synpact Holding heeft op 24 juni 2009 en 19 juli 2010 besloten om de in de boekjaren 2007, 2008 en 2009 behaalde winst te reserveren. De Ondernemingskamer acht de hiervoor door Synpact Groep c.s. aangevoerde gronden niet onaannemelijk en niet onredelijk. De wenselijkheid van de mogelijkheid om aan klanten voorfinanciering te kunnen aanbieden is door Synpact Groep c.s. aannemelijk gemaakt en onvoldoende door JeeZet weersproken. Verder hebben Synpact Groep c.s. onvoldoende weersproken naar voren gebracht, mede ter gelegenheid van de terechtzitting, dat Synpact Holding op afzienbare termijn financiële middelen nodig heeft voor de overname van het reclamebureau Lasso B.V., aangezien hierover, zo hebben zij gesteld, een principeakkoord is gesloten en de afronding nog slechts afhankelijk is van de door de verkoper gestelde voorwaarde dat JeeZet is uitgetreden als aandeelhouder van Synpact Holding. Het komt de Ondernemingskamer niet onredelijk voor dat Synpact Holding aan deze en aan de andere hierboven in 3.9 genoemde motieven voor winstreservering een groter gewicht heeft toegekend dan aan het belang en de wens van JeeZet bij dividenduitkeringen. Voorts is de Ondernemingskamer van oordeel dat Synpact Holding haar motieven om tot dividendinhouding over te gaan uitdrukkelijk en gemotiveerd aan JeeZet kenbaar heeft gemaakt. Dat het niet uitkeren van dividend mogelijk tot gevolg kan hebben dat JeeZet een lagere vergoeding voor haar aandelen zal ontvangen, is een kwestie die verband houdt met de in 3.5 behandelde waardebepaling van de aandelen. Dit is zoals gezegd in die zin een conflict van louter vermogensrechtelijke aard. Overigens merkt de Ondernemingskamer op dat de winstreserveringen vermoedelijk geen invloed meer zullen hebben op de waardebepaling van de aandelen, aangezien de Rechtbank te Haarlem in haar hierboven in 2.24 genoemde vonnis van 15 december 2010 heeft bepaald dat een te benoemen deskundige zal worden verzocht bij de waardering van de aandelen ook rekening te houden met het door de Rechtbank geformuleerde uitgangspunt dat Synpact Holding in de referentiejaren 2008, 2009 en 2010 maximaal dividend heeft uitgekeerd met inachtneming van de solvabiliteitsgrens van 35%. Gelet op het bovenstaande kan naar het oordeel van de Ondernemingskamer niet worden gezegd dat Synpact Holding niet in redelijkheid tot haar dividendbeleid heeft kunnen komen. De Ondernemingskamer concludeert daarom dat het door Synpact Holding gevoerde dividendbeleid geen grond voor twijfel aan een juist beleid van Synpact Holding oplevert.

Excessieve stijging van de kosten

3.12 Met betrekking tot het hierboven in 3.1 onder 3 genoemde bezwaar betreffende de excessieve stijging van de kosten heeft JeeZet betoogd dat Synpact Groep sinds ultimo 2007 buitensporige kosten maakt met als doel het drukken van de winst, zodat ingevolge de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 Aandeelhoudersovereenkomst een lagere prijs zal worden vastgesteld voor de door JeeZet in Synpact Holding gehouden aandelen. JeeZet heeft ter staving hiervan gesteld dat Synpact Groep van 2007 tot 2009 meer dan € 3 mln. aan extra kosten heeft gemaakt, waardoor in 2008 en 2009 een resultaat voor belastingen werd gerealiseerd van slechts 5% respectievelijk 14% van de omzet, terwijl voordien een percentage tussen 20 en 35 gebruikelijk was. JeeZet heeft in dit verband gewezen op onder meer (i) een aanzienlijke verbouwing van de door Synpact Groep gehuurde kantoorpanden, (ii) een toename van de huurlasten van Synpact Groep, (iii) een verhoging van de managementvergoeding voor Van Druten Beheer en Wouters Beheer, (iv) het benoemen van Hutzezon Beheer tot bestuurder van Synpact Holding, en (v) het toekennen van gefixeerde hoge bonussen aan het personeel van Synpact Groep. Voorts heeft JeeZet gesteld dat de omvangrijke investeringen jegens haar onredelijk zijn, omdat de vruchten hiervan pas kunnen worden geplukt als zij is uitgetreden als aandeelhouder. Synpact Groep c.s. hebben daartegen aangevoerd dat de gemaakte kosten vooral investeringen betreffen die noodzakelijk zijn voor de continuïteit en verdere groei van Synpact Groep. Volgens Synpact Groep c.s. verzet JeeZet zich tegen deze investeringen, omdat zij streeft naar winstmaximalisatie op korte termijn zodat zij ingevolge de waarderingsformule een hogere prijs voor haar aandelen kan ontvangen.

3.13 De Ondernemingskamer is van oordeel dat JeeZet niet aannemelijk heeft gemaakt dat de stijging van de kosten geen zakelijk motief heeft en er – vrijwel – uitsluitend toe strekt om de waardebepaling van de door JeeZet gehouden aandelen in negatieve zin beïnvloeden. Synpact Groep c.s. hebben het verwijt gemotiveerd en overtuigend weersproken en aannemelijk gemaakt dat de toename van de kosten hoofdzakelijk wordt veroorzaakt door investeringen die noodzakelijk zijn om de concurrentiepositie van Synpact Groep te versterken. Synpact Groep c.s. hebben ter motivering hiervan inzicht gegeven in de kostenverhogingen. Zij hebben toegelicht dat de stijging van de kosten van structurele aard is (met name wat betreft het aantrekken van meer en beter gekwalificeerd personeel), en dus niet tot doel heeft om JeeZet eenmalig ten aanzien van de waardepaling van haar aandelen te benadelen. Voorts hebben Synpact Groep c.s. aannemelijk gemaakt (i) dat de verbouwing van de kantoorpanden noodzakelijk was, en dat de verbouwingskosten niet ineens worden afgeschreven, maar zijn geactiveerd en dat daarop jaarlijks wordt afgeschreven, zodat de kosten niet uitsluitend drukken op de voor de waardebepaling belangrijke referentiejaren 2008, 2009, 2010, (ii) dat de toename van de huurlasten is veroorzaakt door de aanname van extra personeel, waardoor meer kantoorruimte diende te worden gehuurd, (iii) dat de verhoging van de managementvergoeding hoofdzakelijk een fiscaal motief had, (iv) dat de benoeming van Hutzezon Beheer vooral heeft plaatsgevonden vanwege het vertrek van Zwiers, en (v) dat het toekennen van bonussen aan het personeel noodzakelijk was om concurrerend te blijven op de arbeidsmarkt. Gelet op dit alles kan ook dit bezwaar geen grond vormen voor twijfel aan een juist beleid van Synpact Groep.

Onjuiste opstelling van de jaarrekeningen

3.14 Ten aanzien van het hiervoor in 3.1 onder 4 vermelde bezwaar dat het bestuur van Synpact Holding materieel onjuiste jaarrekeningen over 2007 en 2008 heeft opgesteld, heeft JeeZet het volgende gesteld. Allereerst heeft JeeZet betoogd dat de jaarrekeningen onjuist zijn omdat hierin kosten zijn opgenomen die thuishoren bij de aandeelhouders. JeeZet heeft in dit verband gesteld dat de door Van Druten Beheer en Wouters Beheer gemaakte adviseurkosten in verband met het door hen gewenste vertrek van JeeZet als aandeelhouder, ten laste van Synpact Holding zijn gebracht. Voorts heeft JeeZet gesteld dat de jaarrekeningen onjuist zijn omdat hierin een onterechte verhoging van de managementvergoeding van Van Druten Beheer en Wouters Beheer is opgenomen. Volgens JeeZet konden deze onjuiste jaarrekeningen tot stand komen, omdat de broer van Van Druten bij de huisaccountant van Synpact Groep – Berk Accountants – werkzaam is. Synpact Groep c.s. hebben hiertegen aangevoerd dat de adviseurkosten betrekking hadden op adviezen van de accountant en de advocaat van Synpact Groep aangaande problemen in de bedrijfsvoering die werden veroorzaakt door het niet functioneren van Zwiers, en dat de adviezen die betrekking hadden op het uittreden van JeeZet voor rekening van Van Druten Beheer en Wouters Beheer zijn gekomen. Voorts hebben Synpact Groep c.s. betoogd dat de broer van Van Druten inderdaad werkzaam is bij Berk Accountants, maar dat hij niet verantwoordelijk was voor de samenstelling van de jaarrekeningen van Synpact Holding.

3.15 De Ondernemingskamer stelt vast dat JeeZet haar verwijt dat de jaarrekeningen over 2007 en 2008 materieel onjuist zijn slechts heeft toegelicht met de stelling dat in de jaarrekening ten onrechte door Van Druten Beheer en Wouters Beheer gemaakte adviseurkosten en kosten betreffende de onrechtmatige verhoging van de managementvergoeding voor Van Druten Beheer en Wouters Beheer zijn opgenomen. Naar het oordeel van de Ondernemingskamer zijn deze verwijten – verondersteld dat zij juist zijn – van onvoldoende gewicht om op basis daarvan te concluderen dat er sprake is van twijfel aan een juist beleid van Synpact Groep. Voorts merkt de Ondernemingskamer op dat het in een situatie als de onderhavige niet per definitie onacceptabel is dat Synpact Holding (een deel van) de kosten zou hebben gedragen van het gewenste uittreden van JeeZet, aangezien een snelle oplossing van het tussen de aandeelhouders van Synpact Holding bestaande geschil ook in het belang is van Synpact Groep.

3.16 De Ondernemingskamer plaatst wel kanttekeningen bij de omstandigheid dat Synpact Groep de jaarrekeningen heeft laten samenstellen door Berk Accountants. Het zou volgens de Ondernemingskamer getuigen van meer zorgvuldig handelen indien zou zijn gekozen voor een (volledig) onafhankelijk accountantskantoor, vooral in de periode waarin er een geschil bestond tussen de drie aandeelhouders en de jaarrekening medebepalend was voor de waardering van de aandelen van JeeZet. Het verwijt dat JeeZet in dit opzicht terecht aan Synpact Holding maakt is echter onvoldoende zwaarwegend om grond te zijn voor twijfel aan een juist beleid van Synpact Holding.

Onjuiste wijze van vaststelling van de jaarrekeningen

3.17 Met betrekking tot het hiervoor in 3.1 onder 5 vermelde bezwaar dat Synpact Holding de jaarrekeningen over 2007 en 2008 op onjuiste wijze heeft vastgesteld, heeft JeeZet aangevoerd dat deze jaarrekeningen zonder enige noodzaak versneld zijn opgesteld en vastgesteld, om zo met het oog op een komend kort geding te komen tot een ondermaatse waardering van de door JeeZet in Synpact Holding gehouden aandelen. Als gevolg hiervan heeft JeeZet pas in de algemene vergadering van aandeelhouders van 24 juni 2009, waarin de jaarrekeningen zijn vastgesteld, vragen kunnen stellen over de jaarrekeningen. Voorts heeft JeeZet betoogd dat de door haar in de algemene vergadering gestelde vragen met betrekking tot de jaarrekeningen grotendeels onbeantwoord zijn gebleven. Synpact Groep c.s. hebben daartegen aangevoerd dat het bestuur van Synpact Holding heeft besloten tot het doen vaststellen van de jaarrekeningen, omdat (i) de wettelijke publicatietermijn voor de jaarrekening over 2007 was overschreden en dat die voor de jaarrekening over 2008 dreigde te worden overschreden, en (ii) de jaarrekening nodig was voor de op grond van de waarderingsformule van artikel 5 lid 2 Aandeelhoudersovereenkomst vast te stellen prijs van het aandelenbelang van JeeZet.

3.18 De Ondernemingskamer is van oordeel dat het verwijt van JeeZet dat Synpact Holding de jaarrekeningen versneld heeft opgesteld en vastgesteld geen doel treft, aangezien het aan het bestuur is om dit tijdspad, binnen de wettelijke grenzen, te bepalen. Dat het bestuur heeft besloten om de jaarrekeningen op 24 juni 2009 – al dan niet versneld – te doen vaststellen is niet onbegrijpelijk gelet op de wettelijke publicatietermijnen en kan bezwaarlijk worden gezien als een opzettelijke benadeling van JeeZet. Ten aanzien van het verwijt van JeeZet dat het bestuur haar vragen in de algemene vergadering van aandeelhouders niet heeft beantwoord, stelt de Ondernemingskamer vast dat de jaarrekeningen 2007 en 2008 zijn besproken in de algemene vergaderingen van onderscheidenlijk 13 oktober 2008, 10 december 2008 en 24 juni 2009, dat JeeZet in deze vergaderingen, en ook daarbuiten, een groot aantal vragen heeft gesteld, en dat het bestuur het grootste deel van deze vragen in redelijkheid heeft beantwoord en dat het bestuur te kennen heeft gegeven een deel van de vragen niet onmiddellijk te kunnen beantwoorden maar de desbetreffende informatie te zullen nasturen. Lettend hierop is de Ondernemingskamer van oordeel dat JeeZet niet aannemelijk heeft gemaakt dat het bestuur van Synpact Holding zijn informatieplicht jegens JeeZet met betrekking tot de jaarrekeningen niet is nagekomen. De Ondernemingskamer is dan ook van oordeel dat deze verwijten geen twijfel aan een juist beleid rechtvaardigen.

Verhoging van de managementvergoeding van Van Druten Beheer en Wouters Beheer

3.19 Ten aanzien van het hiervoor in 3.1 onder 6 vermelde bezwaar dat het bestuur van Synpact Holding de managementvergoeding voor Van Druten Beheer en Wouters Beheer op 9 maart 2009 substantieel heeft verhoogd, heeft JeeZet betoogd dat dit is gebeurd zonder besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders en zonder zakelijk motief. Synpact Groep c.s. hebben hiertegen aangevoerd dat Zwiers op 13 juli 2008 met een eerder voorstel tot verhoging van de managementvergoeding (die ook van toepassing zou zijn op JeeZet) akkoord is gegaan en dat de verhoging noodzakelijk was vanwege fiscale regelgeving inhoudende dat bestuurders/grootaandeelhouders ten minste een wettelijk bepaald loon dienen te ontvangen.

3.20 De Ondernemingskamer merkt op dat de bezoldiging van de bestuurders van Synpact Holding ingevolgde de wet en de statuten dient te worden vastgesteld door de algemene vergadering van aandeelhouders en dat in strijd hiermee slechts door het bestuur is besloten tot de verhoging van de managementvergoeding. De Ondernemingskamer acht dit verzuim echter niet zodanig ernstig dat het een grond voor twijfel aan een juist beleid van Synpact Holding oplevert. Bij dit oordeel heeft de Ondernemingskamer laten meewegen (i) dat de verhoging van de managementvergoeding in alle openheid heeft plaatsgevonden, (ii) dat Van Druten en Wouters verschillende malen met Zwiers overleg hebben gevoerd over de verhoging, (iii) dat Zwiers met een eerder, maar uiteindelijk niet uitgevoerd, voorstel tot verhoging akkoord is gegaan, en (iv) dat in een latere algemene vergadering van aandeelhouders alsnog goedkeuring is verleend. Ten aanzien van het verwijt van JeeZet dat er geen zakelijk motief aan de verhoging ten grondslag lag, oordeelt de Ondernemingskamer dat de stelling van Synpact Groep c.s. dat het besluit tot verhoging op fiscale gronden is genomen, haar niet onaannemelijk voorkomt.

Bestuursbesluiten zonder goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders

3.21 Ter motivering van het hierboven in 3.1 onder 7 vermelde bezwaar betreffende de goedkeuring van bestuursbesluiten heeft JeeZet de volgende in de statuten en de Aandeelhoudersovereenkomst vermelde besluiten genoemd waarvoor het bestuur van Synpact Holding ten onrechte geen goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders heeft gevraagd: (i) het aanpassen van de managementvergoeding met meer dan 10% per jaar, (ii) het sluiten en wijzigen van arbeidsovereenkomsten waarbij een beloning wordt toegekend van € 50.000 per jaar, (iii) het optreden in rechte, (iv) het aanwijzen van een bankier voor Synpact Holding.

3.22 De Ondernemingskamer overweegt als volgt. Hoewel deze gang zaken op zichzelf geen juiste is, kan zij in het onderhavige geval geen twijfel aan een juist beleid rechtvaardigen, aangezien (i) JeeZet niet eerder te kennen heeft gegeven zich niet met deze gang van zaken te kunnen verenigen, (ii) Synpact Holding na het verwijt van JeeZet daarover heeft toegezegd in de toekomst de goedkeuringsregeling beter in acht te zullen nemen, (iii) het bestuursbesluit tot verhoging van de managementvergoeding alsnog is goedgekeurd in een latere algemene vergadering van aandeelhouders, (iv) er openheid was ten aanzien van de desbetreffende bestuurbesluiten en de uitvoering daarvan, (v) het slechts om een beperkt aantal bestuursbesluiten ging, die aangelegenheden van betrekkelijk geringe importantie betroffen, en (vi) Synpact Holding ten aanzien van andere bestuurbesluiten wel de goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders heeft gevraagd.

Verstrekken van onvoldoende informatie aan JeeZet

3.23 Met betrekking tot het hiervoor in 3.1 onder 8 genoemde bezwaar betreffende de informatieverschaffing heeft JeeZet betoogd dat het bestuur van Synpact Holding zijn zorgplicht jegens JeeZet als minderheidsaandeelhouder heeft geschonden door jegens JeeZet onvoldoende openheid te verschaffen en door niet of onvoldoende te voldoen aan herhaalde verzoeken van JeeZet om informatie. Synpact Groep c.s. hebben daartegen aangevoerd dat het bestuur van Synpact Holding aan JeeZet alle informatie heeft verschaft die redelijkerwijs mocht worden gevraagd, maar dat JeeZet desalniettemin doorging met het vragen om extra informatie.

3.24 De Ondernemingskamer overweegt in het algemeen ten aanzien van het informatierecht van aandeelhouders dat de hoofdregel is dat het bestuur van een vennootschap haar aandeelhouders door middel van de jaarrekening informeert en dat de aandeelhouders in de algemene vergadering van aandeelhouders aan het bestuur informatie kunnen vragen en dat het bestuur in beginsel gehouden is deze informatie te verschaffen. Buiten de algemene vergadering van aandeelhouders hebben de aandeelhouders in beginsel geen recht op het verkrijgen van de bedoelde informatie. Van deze hoofdregel dient – onder meer – te worden afgeweken in een situatie als de onderhavige, waarin sprake is van een besloten vennootschap met een joint venture-karakter met drie aandeelhouders van wie er twee gezamenlijk optrekken en de meerderheid van de stemrechten in de algemene vergadering van aandeelhouders vertegenwoordigen en die tevens in het bestuur van de vennootschap voorzien. In dat geval rust er op het bestuur van de vennootschap een bijzondere zorgplicht jegens de minderheidsaandeelhouder die geen bestuurder is en dient jegens hem meer openheid te worden betracht met betrekking tot de informatie waarop een aandeelhouders als zodanig geen recht heeft. Dit geldt in het bijzonder indien sprake is van (mogelijke) belangenverstrengeling.

3.25 De Ondernemingskamer is van oordeel dat niet is gebleken dat het bestuur van Synpact Holding zich onvoldoende rekenschap heeft gegeven van zijn bijzondere zorgplicht jegens JeeZet. Het bestuur van Synpact Holding heeft JeeZet adequaat geïnformeerd in en buiten de algemene vergadering van aandeelhouders, zoals in de algemene vergadering van aandeelhouders van 2 juli 2010 en 19 juli 2010 en in de speciaal voor dit doel georganiseerde informatieve vergaderingen van 12 juni 2009 en 17 juni 2009. JeeZet heeft niet aannemelijk gemaakt dat het bestuur van Synpact Holding herhaaldelijk redelijke verzoeken van JeeZet om informatie niet of onvoldoende heeft gehonoreerd. Uit hetgeen door partijen over en weer daaromtrent is aangedragen – partijen spreken elkaar op dit punt ook tegen – kan niet worden geconcludeerd dat JeeZet niet die informatie heeft ontvangen die nodig is om inzicht te verkrijgen in de feiten en omstandigheden die voor het beoordelen van het beleid en de gang van zaken van Synpact Groep en de door haar gedreven onderneming van belang zijn. Daarbij merkt de Ondernemingskamer op dat het bestuur van Synpact Holding niet gehouden was om aan alle informatieverzoeken van JeeZet te voldoen nu veel meer informatie werd gevraagd, zowel in omvang als gedetailleerdheid, dan Synpact Holding in redelijkheid kon verschaffen. Voorts stelt de Ondernemingskamer vast dat de bezwaren van JeeZet ten aanzien van de informatieverschaffing de laatste jaren minder groot lijken te zijn geworden, gelet op de opmerking van JeeZet dat het bestuur van Synpact Holding vanaf 4 juni 2009 een begin heeft gemaakt met het verstrekken van de gevraagde informatie. Daarnaast heeft JeeZet ter terechtzitting onvoldoende duidelijk kunnen maken bij welke gevraagde informatie zij (nog steeds) belang heeft. De Ondernemingskamer acht lettend op het bovenstaande het verwijt dan ook geen grond voor twijfel aan een juist beleid van Synpact Holding.

Slotsom

3.26 De Ondernemingskamer komt alles bijeengenomen tot de slotsom dat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die gegronde redenen opleveren om aan een juist beleid van Synpact Holding te twijfelen, die een onderzoek daarnaar rechtvaardigen. Daarbij heeft de Ondernemingskamer niet alleen gelet op de afzonderlijk aangevoerde argumenten en hetgeen op grond daarvan aannemelijk is geworden, maar ook op alle feiten en omstandigheden in hun onderlinge samenhang. Het verzoek van JeeZet voor zover het strekt tot het bevelen van een onderzoek bij Synpact Holding, dient dan ook te worden afgewezen. Dat brengt reeds op zichzelf mee dat zulks ook geldt voor het verzoek van JeeZet, voor zover het strekt tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen bij Synpact Holding. Bij een bespreking van de overige tegen de verzoeken opgeworpen verweren bestaat geen belang.

3.27 Nu het verzoek voor zover dat zich richt op Synpact Holding zal worden afgewezen, en ook omdat de door JeeZet aangevoerde verwijten slechts betrekking hebben op het beleid van Synpact Holding, zal het verzoek voor zover dat zich richt op Synpact Werkmaatschappij en op InterSelect eveneens worden afgewezen.

3.28 JeeZet zal als de in het ongelijk te stellen partij worden veroordeeld in de kosten van het geding.

4. De beslissing

De Ondernemingskamer:

wijst de verzoeken van JeeZet B.V., gevestigd te Haarlem, af;

veroordeelt JeeZet B.V. in de kosten van het geding, aan de zijde van Synpact Project Management Groep B.V., Synpact Project Management B.V., InternetSelekt Punt NL B.V., M. van Druten Beheer B.V. en Remko Wouters Beheer B.V. tezamen tot op heden begroot op € 2.995;

verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

De beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. M.P. Nieuwe Weme en mr. J.H.M. Willems, raadsheren, drs. P.R. Baart RA en prof. dr. M.N. Hoogendoorn RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. K.M. van Hassel, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 6 juni 2011.