Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2011:BP9473

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
14-03-2011
Datum publicatie
29-03-2011
Zaaknummer
23-006020-09
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBHAA:2009:BK3263, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Woninginbraken en diefstallen van dure personenauto's in België. Bespreking van verweren met betrekking tot uitvoering europees aanhoudingsbevel: schending specialiteit; ten aanzien van overschrijding tien-dagentermijn geen ruimte voor toetsing door Nederlandse rechter. Schakelbewijs.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

parketnummer: 23-006020-09

datum uitspraak: 14 maart 2011

TEGENSPRAAK

PROMIS

ARREST VAN HET GERECHTSHOF AMSTERDAM

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Haarlem van 11 november 2009 in de strafzaak onder parketnummer 15-840131-08 tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [1983],

thans gedetineerd in PI Noord Holland Noord, [detentieadres].

1. Omvang van het hoger beroep

1.1. De verdachte is door de rechtbank Haarlem vrijgesproken van hetgeen aan hem onder 8 (het hof begrijpt primair en subsidiair) ten aanzien van zaak 22, 9 ten aanzien van het 4e gedachtestreepje, 12, 13 primair, 14 ten aanzien van de zaken 1 en 10, en 17 ten aanzien van het 1e gedachtestreepje is ten laste gelegd.

Het hoger beroep is door de verdachte onbeperkt ingesteld en is derhalve mede gericht tegen de in eerste aanleg gegeven beslissingen tot vrijspraak. Gelet op hetgeen is bepaald in artikel 404, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering staat voor de verdachte tegen deze beslissingen geen hoger beroep open. Het hof zal de verdachte mitsdien niet-ontvankelijk verklaren in het namens hem ingestelde hoger beroep, voor zover dat is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep gegeven vrijspraken. Namens de verdachte is voorts betoogd dat het door hem ingestelde beroep niet is gericht tegen de beslissingen tot niet-ontvankelijkverklaring in de vervolging van de officier van justitie. Het hof verstaat deze mededeling aldus, dat namens de verdachte op de hierna te vermelden gronden ook in hoger beroep de niet-ontvankelijkverklaring van het openbaar-ministerie in de strafvervolging wordt bepleit.

1.2. Het hoger beroep van het openbaar ministerie is, blijkens de akte rechtsmiddel onbeperkt ingesteld. De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep verklaard dat het appel niet is gericht tegen de in het vonnis waarvan beroep opgenomen beslissingen tot

niet-ontvankelijkheid en vrijspraak, behoudens de beslissing tot vrijspraak ten aanzien van het onder 14 ten aanzien van zaak 1 ten laste gelegde. Gelet op het feit dat het appel van het openbaar ministerie onbeperkt is ingesteld, liggen de feiten waarop in eerste aanleg tot niet-ontvankelijkheid en vrijspraak is beslist desalniettemin in hoger beroep in volle omvang voor.

2. Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen in eerste aanleg van 20, 21 en 28 oktober 2009 en op de terechtzittingen in hoger beroep van 6 en 7 januari 2011 en 8, 14, 15 en 28 februari 2011.

Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de verdachte en de raadsman naar voren is gebracht.

3. Tenlastelegging

Aan de verdachte wordt -op deze plaats samengevat en in het navolgende uitgewerkt- verweten dat hij in de periode van 28 januari 2007 tot en met 5 januari 2009, al dan niet tezamen en in vereniging met een of meer anderen:

- 26 nachtelijke woninginbraken heeft gepleegd in België;

- 12 autodiefstallen heeft gepleegd in België en Nederland;

- 5 pogingen tot woninginbraak heeft gepleegd in België;

- 6 auto's heeft geheeld in Nederland en in Duitsland;

- een auto heeft witgewassen;

- 3 kentekenplaten heeft gestolen in België.

Gelet op de in eerste aanleg door de rechtbank toegelaten aanpassing omschrijving tenlastelegging is aan de verdachte ten laste gelegd dat:

(...)

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

4. Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, reeds omdat het hof komt tot andere bewijsbeslissingen en een andere straftoemeting dan de rechtbank.

5. Ontvankelijkheid van het openbaar ministerie in de vervolging

De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep zijn in eerste aanleg gevoerde verweer, inhoudende dat het openbaar ministerie op grond van het specialiteitsbeginsel zoals neergelegd in artikel 27 van het Kaderbesluit Europees aanhoudingsbevel (Kaderbesluit)1

niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in de op de hierna te vermelden zaaksdossiers betrekkelijke vervolging, herhaald en uitgebreid. De raadsman heeft betoogd dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk dient te worden verklaard ten aanzien van feit 7, voor wat betreft zaak 19 en feit 8, voor wat betreft zaak 22, omdat het in die zaken, gelet op verschillen in type-aanduiding van een auto respectievelijk in een huisnummer tussen het Europees aanhoudingsbevel (EAB) enerzijds en de tenlastelegging anderzijds, niet gaat om feiten waarvoor de verdachte is overgeleverd. Voorts heeft de raadsman betoogd dat het openbaar ministerie ook ten aanzien van de woninginbraken in de zaken 6, 11 en 16 niet ontvankelijk dient te worden verklaard omdat de overlevering van de verdachte niet op de woninginbraken ziet. De woninginbraken in de zaken 6, 11 en 16 worden niet genoemd in het EAB van 7 januari 2009 en ook niet in het aanvullend EAB van 18 mei 2009. De brief van 4 maart 2009, van de procureur des Konings waarnaar de rechtbank in het bestreden vonnis verwijst, is volgens de raadsman niet relevant in het bestek van de beoordeling van de overleveringsprocedure van de verdachte, nu, wat er ook van de inhoud van die brief zij- die brief geen beslissing van de Belgische overleveringsrechter inhoudt.

Het hof overweegt hieromtrent het volgende.

Ingevolge artikel 27, tweede lid, van het voormeld Kaderbesluit wordt een overgeleverd persoon niet vervolgd, berecht of anderszins van zijn vrijheid beroofd wegens enig ander vóór de overlevering begaan feit dan dat welk de reden tot overlevering is geweest. De bescherming die dit artikel geeft, strekt ertoe te voorkomen dat de opgeëiste persoon na overlevering in de uitvaardigende lidstaat onderwerp wordt van strafvervolging of -executie, dan wel verdere uitlevering voor feiten waarvoor de overlevering niet werd toegestaan en die zijn begaan vóór de feitelijke overlevering. De regel van specialiteitsbescherming hangt samen met de soevereiniteit van de uitvoerende lidstaat en kent de betrokkene een recht toe om niet te worden vervolgd of bestraft dan voor het feit waarvoor de overlevering is toegestaan.

In artikel 8, eerste lid, van het Kaderbesluit is bepaald dat een EAB overeenkomstig het als bijlage bij het Kaderbesluit gevoegde model dient te worden opgemaakt en onder meer de volgende gegevens dient te bevatten:

1) de aard en de wettelijke kwalificatie van het strafbare feit, met name rekening houdend met de strafbare feiten die in artikel 2 van het Kaderbesluit zijn opgesomd (lijstfeiten). Bij lijstfeiten is een relatief korte maar duidelijke omschrijving van het strafbare feit, door middel van het aanvinken van het betreffende vakje in het model, voldoende. Bij niet-lijstfeiten dient de uitvaardigende justitiële autoriteit een volledige omschrijving van het strafbare feit te geven.

2) een beschrijving van de omstandigheden waaronder het strafbare feit is gepleegd, met vermelding van onder meer het tijdstip, de plaats en de mate van betrokkenheid van de gezochte persoon bij het strafbare feit.

In het EAB van 7 januari 2009 en het aanvullende EAB van 18 mei 2009 zijn door de officier van Justitie de volgende drie lijstfeiten aangevinkt:

- deelneming aan een criminele organisatie,

- georganiseerde of gewapende diefstal,

- handel in gestolen voertuigen.

Omdat sprake is van lijstfeiten is geen volledige omschrijving van de strafbare feiten gegeven. Voorts is een beschrijving gegeven van de omstandigheden waaronder de strafbare feiten zijn gepleegd, met inbegrip van het tijdstip, de plaats en de mate van betrokkenheid van de verdachte bij deze strafbare feiten. Het hof is gelet op het voorgaande van oordeel dat in beide bevelen van de officier van justitie is voldaan aan de eisen die daaraan worden gesteld. Dat in de zaken 19 en 22 in die beschrijving (geringe) afwijkingen voorkomen ten opzichte van de tenlastelegging, doet daaraan niet af en kan, gelet op hetgeen overigens in die beschrijving is vermeld, niet leiden tot het oordeel dat sprake is van andere feiten dan waarvoor de overlevering is toegestaan. Dat in de door de raadsman genoemde zaken 6, 11 en 16 in het EAB van 7 januari 2009 in bedoelde beschrijving de aanduiding autodiefstal en niet (ook) de aanduiding woninginbraak is gegeven, kan evenmin afdoen aan het oordeel dat die beschrijving voldoet aan de hiervoor bedoelde eisen. Te meer nu voorafgaand aan de beschrijving van de zaken in dit EAB is vermeld:

"Door de Bovenregionale Recherche Noordwest & Midden Nederland (politie Kennemerland) werd vanaf 29 september 2008 een onderzoek ingesteld naar een groep personen die zich schuldig maken aan het plegen van autodiefstallen uit het luxe segment, al dan niet voorafgegaan van een woninginbraak (...).Uit dit onderzoek zijn feiten en omstandigheden naar voren gekomen op grond waarvan (...) [verdachte] als verdachte kan worden aangemerkt. [verdachte] wordt verdacht van betrokkenheid bij na te noemen woninginbraken en/of diefstallen met behulp van een valse sleutel van personenauto's (...)."

is het hof bovendien van oordeel dat redelijkerwijs geen twijfel over kan bestaan dat in bedoelde zaken overlevering ook is toegestaan voor de in die zaken ten laste gelegde woninginbraken. Van een schending van het specialiteitsbeginsel is met betrekking tot de zaken 6, 11, 16, 19 en 22 dan ook geen sprake.

Het verweer van de raadsman wordt derhalve in zoverre verworpen.

Het hof is -met de advocaat-generaal en de verdediging- van oordeel dat het openbaar ministerie ten aanzien van feit 8 primair voor wat betreft de zaken 39 en 49, feit 10 en feit 17 voor wat betreft de kentekenplaten met daarop de vermelding [kenteken] niet-ontvankelijk dient te worden verklaard. Nu met betrekking tot deze zaken zowel in het EAB van 7 januari 2009 als in het aanvullend EAB van 18 mei 2009 een beschrijving als hiervoor bedoeld ontbreekt, kan niet blijken dat ook voor deze zaken de overlevering door België is toegelaten.

Het voorgaande betekent dat het openbaar ministerie door het hof niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de strafvervolging ter zake van het onder feit 8 primair ten aanzien van de zaken 39, 49, feit 10, en feit 17 onder het derde gedachtestreepje ten laste gelegde.

6. Het bewijs

6.1. Standpunt van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof de achtereenvolgens onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair (met uitzondering van zaak 22), 9 (met uitzondering van het vierde gedachtestreepje), 11, 13 subsidiair, 14 (met uitzondering van zaak 10), 15 primair, 16 primair en 17 tweede gedachtestreepje ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen zal achten.

6.2. Standpunten van de verdediging

Betrouwbaarheid [medeverdachte 2]

De raadsman heeft ter terechtzitting in hoger beroep betoogd dat de door [medeverdachte 2] afgelegde verklaringen wegens de onbetrouwbaarheid daarvan niet tot het bewijs mogen worden gebezigd.

De raadsman heeft daartoe aangevoerd dat moet worden aangenomen dat [medeverdachte 2] er belang bij heeft gehad om te verklaren zoals hij heeft gedaan, aangezien hij in zijn verklaringen zijn eigen aandeel bij een aantal van de ten laste gelegde feiten relatief klein heeft gehouden. Het is goed mogelijk dat [medeverdachte 2] aldus heeft verklaard om zijn rol te bagatelliseren en op die manier een zo laag mogelijke straf te krijgen. Hij kent [verdachte] langer dan vandaag en hij wist waarschijnlijk dat [verdachte] zich op zijn zwijgrecht zou gaan beroepen, aldus de raadsman.

IMEI-nummer

De raadsman heeft zich voorts op het standpunt gesteld dat de tapgesprekken van taplijn TA03 van het bewijs moeten worden uitgesloten omdat de machtiging tot tappen van het imeinummer door de rechter-commissaris is verleend voor IMEI-nummer [nummer] en niet voor IMEI-nummer [nummer].

Overig bewijsverweer

De raadsman heeft betoogd dat in een aantal zaken weliswaar wettig, maar geen overtuigend bewijs voorhanden is, waardoor de verdachte van die zaken moet worden vrijgesproken. De raadsman heeft hiertoe aangevoerd dat de modus operandi niet veelzeggend is, omdat de Bulgaarse methode een veelgebruikte inbrekersmethode is. Voorts heeft de raadsman aangevoerd dat het enkele feit dat bij [medeverdachte 1] gestolen goederen zijn aangetroffen en in beslag genomen niets zegt over de betrokkenheid van de verdachte bij de aan die goederen te liëren woninginbraken. Hetzelfde heeft te gelden voor de onder de verdachte aangetroffen en in beslag genomen auto's; het enkele voorhanden hebben daarvan impliceert geen betrokkenheid bij de diefstal van die auto's. Het is goed mogelijk dat deze auto's door anderen zijn gestolen en dat de verdachte deze auto's vervolgens heeft geheeld. Voorts is de raadsman van mening dat op basis van aan Belgische zendmastgegevens ontleende telecommunicatiegegevens niet de conclusie mag worden getrokken dat de verdachte in België moet zijn geweest. Het is immers goed mogelijk dat de verdachte zijn telefoon heeft uitgeleend, aldus de raadsman.

6.3. Het oordeel van het hof

6.3.1. Vrijspraak

Naar het oordeel van het hof is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte onder feit 8 primair voor wat betreft de zaken 22 en 25, onder feit 8 subsidiair voor wat betreft de zaak 22, onder feit 9, onder feit 13 primair, onder feit 14 voor wat betreft de zaak 10, feit 16 primair en onder feit 17 voor wat betreft het 1e gedachtestreepje is ten laste gelegd, zodat de verdachte hiervan moet worden vrijgesproken.

6.3.2. Redengevende feiten en omstandigheden

Naar het oordeel van het hof kunnen de hiernavolgende feiten en omstandigheden voor het bewijs worden gebruikt. De bewijsmiddelen zijn telkens in de voetnoten opgenomen. Indien wordt verwezen naar processen-verbaal, zijn deze ambtsedig en in de wettelijke vorm opgemaakt door de daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Op grond van de in het kader van de grensoverschrijdende criminaliteit gesloten samenwerkingsovereenkomst tussen de onderzoeksrechter in Antwerpen en de hoofdofficier van justitie te Haarlem komt aan de in de voetnoten genoemde Belgische processen-verbaal dezelfde bewijskracht toe als de Nederlandse processen-verbaal, voor zover opgemaakt tussen 26 januari 2009 tot 15 mei 2009.2 De vóór en na deze periode opgemaakte Belgische processen-verbaal worden door het hof aangemerkt als geschriften in de betekenis van artikel 344, eerste lid, sub 5, van het Wetboek van Strafvordering. Deze bescheiden worden slechts in verband met de inhoud van de overige bewijsmiddelen tot het bewijs gebezigd.

6.3.2.1. Ten aanzien van het onder feit 1 (zaak 15)ten laste gelegde:

Op 5 januari 2009 omstreeks 05:39 uur zijn de verdachte en [medeverdachte 1] op heterdaad door politieambtenaren in de woning van [slachtoffer 1], [adres] te Antwerpen-Wilrijk in België aangehouden ter zake van verdenking van woninginbraak. Er is een inbraak gepleegd in die woning en de daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur te verwijderen. Het slot is niet teruggevonden. In de woning staan laden van kasten open. De verdachte en [medeverdachte 1] zijn aangetroffen in één van de slaapkamers van die woning, [medeverdachte 1] achter de deur van die slaapkamer, en de verdachte op zijn buik liggend onder het bed. Zowel de verdachte als [medeverdachte 1] dragen op dat moment zwarte handschoenen en een zwarte muts.3

Tijdens de veiligheidsfouillering wordt bij de verdachte een autosleutel aangetroffen behorende bij een zwarte Volkswagen Touareg.4 In de omgeving van de woning [adres] is een Volkswagen Touareg aangetroffen.5 In deze auto bevonden zich goederen die, volgens de verklaring van [getuige 1], eigendom waren van [slachtoffer 1] en afkomstig waren uit zijn woning.6 Onder deze goederen bevinden zich schilderijen, muntstukken met vermelding van Koning Boudewijn, een metalen koffer met als inhoud aktes en testamenten en een mandoline.

Tevens zijn in deze auto een bahco, twee schroevendraaiers en een afgezaagde sleutel aangetroffen, goederen waarvan algemeen bekend is dat zij (ook) als inbrekersgereedschap kunnen worden aangemerkt.7

[medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij samen met de verdachte in een zwarte Volkswagen Touareg naar de betreffende woning is gereden.8 De verdachte heeft verklaard dat hij in de woning aan de [adres] te Wilrijk is geweest met [medeverdachte 1] en dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal en inbraak.9

6.3.2.2. Ten aanzien van het onder de feiten 2, 3 en 17 (zaken 7, 8, 11 en 17) ten laste gelegde:

Zaak 7

In de nacht van 12 op 13 november 2008 is in de woning [adres] te Antwerpen, in België, ingebroken. De deur is geforceerd door het cilinderslot van de voordeur af te breken.10

Omstreeks 04:10 uur is de aangever [slachtoffer 2] wakker geworden van het interne alarm en hij heeft gehoord dat de autosleutels worden weggenomen vanaf een kast die in de hal naast de voordeur staat. Als hij beneden is gekomen, ziet hij zijn auto, een zwarte Landrover, type Range Rover, wegrijden over de van [adres].11 Deze Landrover, voorzien van het Belgische kenteken [kenteken], behoort in eigendom toe aan [naam bedrijf].12

Door observanten is waargenomen dat de verdachte op 13 november 2008 omstreeks 16:35 uur in Dordrecht een Landrover, type Range Rover, met kenteken [kenteken], heeft bestuurd.13

Op 17 november 2008 is voornoemde Landrover aangetroffen in Dordrecht. Wanneer de auto in beslag wordt genomen, heeft zich een persoon genaamd [getuige 2] gemeld, die de sleutel van de Range Rover met kenteken [kenteken] in zijn bezit heeft en daarvan afstand heeft gedaan.14 De als getuige gehoorde [getuige 2] heeft verklaard dat hij de autosleutel van de verdachte heeft gekregen met de mededeling dat hij in de auto mocht rijden. Het was [getuige 2] bekend dat de verdachte een autobedrijf had omdat de verdachte bedrijfskleding droeg met het opschrift '[naam opschrift]' of iets dergelijks.15

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij, samen met de verdachte en [medeverdachte 1] aanwezig is geweest bij de woninginbraak en autodiefstal. Volgens [medeverdachte 2] hebben de verdachte en [medeverdachte 1] de woninginbraak en de autodiefstal gepleegd, terwijl hij in de auto op hen zat te wachten.16

Zaak 8

In de nacht van 12 op 13 november 2008 is tussen 23:00 uur en 06:35 uur in de woning [adres] te Antwerpen, in België, ingebroken, zijnde de woning van [slachtoffer 3]. Het cilinderslot van de voordeur is daarbij verwijderd en is niet teruggevonden. De bij de woning geparkeerde zwarte Audi A6, voorzien van kenteken [kenteken] en chassisnummer [chassisnummer], is weggenomen.17 De aangever heeft verklaard dat uit zijn woning een autosleutel, huissleutels en een portefeuille zijn weggenomen. De auto behoort in eigendom toe aan het bedrijf [naam bedrijf].18

Door observanten is waargenomen dat de verdachte op 13 november 2008 omstreeks 19:28 uur in Purmerend een donkerkleurige Audi, voorzien van kenteken [kenteken], heeft bestuurd.19

Op 29 november 2008 is een zwarte Audi A6, voorzien van het kenteken [kenteken], aan een verkeerscontrole onderworpen. Tijdens deze controle is als chassisnummer [chassisnummer] genoteerd, welk nummer is gesignaleerd als gestolen in België. In de auto reed een man genaamd [getuige 3] die heeft verklaard dat hij de auto had geleend van de verdachte.20

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij, samen met de verdachte en [medeverdachte 1] aanwezig is geweest bij de woninginbraak en autodiefstal. Volgens [medeverdachte 2] hebben de verdachte en [medeverdachte 1] de woninginbraak en de autodiefstal gepleegd, terwijl hij in de auto op hen zat te wachten.21

Zaak 11

In de nacht van 17 november 2008 op 18 november 2008 tussen 23:00 uur en 06:30 uur is ingebroken in de woning van [slachtoffer 4], aan de [adres] te Gent, in België. Het cilinderslot van de voordeur is daarbij verwijderd en is niet teruggevonden. Bij de inbraak zijn een vest, een portefeuille, een handtas, een laptop, een autosleutel en een voor deze woning geparkeerde grijskleurige Audi, type Q7, gekentekend [kenteken] en voorzien van het chassisnummer [chassisnummer], weggenomen.22

Op 17 december 2008 is een grijskleurige Audi, type Q7, met valse kentekenplaten, in Den Haag op de [adres] gesignaleerd en in beslag genomen.23 Deze auto blijkt het chassisnummer [chassisnummer] te hebben en aldus de gestolen auto uit Gent te zijn.24 Uit onderzoek is gebleken dat familieleden van de verdachte woonachtig zijn in de buurt van de [adres].25 Voorts is uit onderzoek gebleken dat de verdachte ten tijde van de inbeslagname van de Audi Q7 in die buurt verbleef en is meermalen waargenomen dat de verdachte gebruik maakte van deze auto.26 [medeverdachte 1] heeft eveneens gebruikgemaakt van deze Audi Q7.27 In de Audi Q7 is een zwarte lederen schrijfmap aangetroffen en in beslag genomen met daarin onder andere een schrijfblok en een los vel papier. Op het schrijfblok waren meerdere aantekeningen gemaakt die op typeaanduidingen van merken van personenauto's kunnen duiden, voorts met de kleur en het bouwjaar.28 Voorts is in de auto een jas gevonden met het opschrift ‘[opschrift]’.29

Medeverdachte [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij, samen met de verdachte en [medeverdachte 1] aanwezig is geweest bij de woninginbraak en autodiefstal. Volgens [medeverdachte 2] hebben de verdachte en [medeverdachte 1] de woninginbraak en de autodiefstal gepleegd, terwijl hij in de auto op hen zat te wachten.30

Zaak 17 en feit 17

In de nacht van 30 november op 1 december 2008 tussen 02:00 uur en 07:00 uur is in de woning [adres] te Brasschaat, in België, via de voordeur, ingebroken. Het cilinderslot van de voordeur is daarbij verwijderd en is niet teruggevonden. De auto die voor de deur stond geparkeerd, een zwarte Audi, type A5, voorzien van het kenteken [kenteken], met chassisnummer [chassisnummer] is daarbij weggenomen. Deze auto is eigendom van [naam bedrijf]. Voorts zijn uit de woning autosleutels, champagneflessen, een portefeuille, een mobiele telefoon van het merk Nokia, type E71, bankpassen en identiteitspapieren ontvreemd. Deze goederen behoren toe aan [slachtoffer 5] en [slachtoffer 6].31

[medeverdachte 1] was tijdens zijn arrestatie op 5 januari 2009 in het bezit van drie mobiele telefoons waaronder een Nokia type E71.32 Uit onderzoek is gebleken dat in het geheugen van deze mobiele telefoon telefoonnummers van familieleden van [slachtoffer 6]zijn opgeslagen.33

Op 3 december 2008 zijn te Brasschaat, in België, kentekenplaten, voorzien van het kenteken [kenteken] gestolen van een Audi A5, toebehorende aan [slachtoffer 7]. [slachtoffer 7] heeft hiervan aangifte gedaan.34

Tijdens een huiszoeking in de woning van [medeverdachte 2] te Gent, in België, is op 8 januari 2009 in een vest van [medeverdachte 2] een sleutelbos gevonden met daaraan onder meer een autosleutel van het merk Audi.35 In de onmiddellijke omgeving van de [adres] is een Audi A5 aangetroffen met de nummerplaat [kenteken], die reageert op de afstandsbediening van de bij [medeverdachte 2] gevonden sleutel. Aan de hand van het chassisnummer van het voertuig wordt vastgesteld dat het gaat om de op 1 december 2008 te Brasschaat gestolen Audi A5, die ten tijde van de diefstal was voorzien van het gestolen kenteken [kenteken].36

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij, samen met de verdachte en [medeverdachte 1] aanwezig is geweest bij de woninginbraak en autodiefstal, gepleegd in de nacht van 30 november op 1 december 2008 te Brasschaat. Volgens [medeverdachte 2] hebben de verdachte en [medeverdachte 1] de woninginbraak en de autodiefstal gepleegd, terwijl hij in de auto op hen zat te wachten.37 Voorts verklaart [medeverdachte 2] dat hij en de verdachte op 3 december 2008 te Brasschaat, de kentekenplaten, voorzien van het kenteken [kenteken] hebben gestolen van een Audi A5.38

6.3.2.3. Ten aanzien van de overige woninginbraken en autodiefstallen

Ten aanzien van het onder de feiten 4 en 5 (zaak 13) ten laste gelegde:

Op 16 december 2008 is tussen 00:00 uur en 05:30 uur ingebroken in de woning aan de [adres] te [woonplaats], in België. De daders hebben de woning betreden door het cilinderslot van de voordeur af te breken. Het afgebroken deel is niet teruggevonden. Bij de diefstal zijn de volgende goederen, toebehorende aan [slachtoffer 8], weggenomen: kledingstukken, een laptop van het merk Dell, een plasma tv van het merk LG met de bijbehorende afstandsbediening, een digitaal fototoestel van het merk Nikon, het verzekeringsbewijs en de autosleutels van de Audi Q7, voorzien van het Belgische kenteken [kenteken], welke personenauto met de zich daarin bevindende goederen eveneens is weggenomen. Deze auto, kleur grijs metallic, behoort in eigendom toe aan [naam bedrijf]. Het weggenomen digitale fototoestel van het merk NIKON heeft het serienummer [nummer].39

Door observanten is waargenomen dat de verdachte op 10 december 2008 in Den Haag een Audi Q7, voorzien van kenteken [kenteken] bestuurt. De verdachte is dan gekleed in een jas met emblemen van een automerk en de naam [verdachte].40 De Audi Q7 met kenteken [kenteken] is op 18 december 2008 door de politie onderzocht, waarbij diverse in de auto bevindende goederen in beslag zijn genomen, waaronder een jas met het opschrift "[opschrift]." In deze jas zijn twee autosleutels van het merk Audi gevonden. Na onderzoek blijkt dat deze sleutels behoren bij de op 16 december 2008 te Antwerpen gestolen Audi Q7, voorzien van kenteken [kenteken]. Deze Audi Q7 is diezelfde dag aangetroffen, geparkeerd staand in de omgeving van de [adres] in Den Haag.41

De verdachte heeft ter terechtzitting in eerste aanleg verklaard dat een tante van hem, genaamd [naam tante], aan de [adres] in Den Haag woont.42 Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de verdachte verklaard dat hij in de maanden voorafgaand aan zijn aanhouding regelmatig bij zijn oom en tante in Den Haag verbleef.43

De mobiele telefoon van de verdachte heeft op maandag 15 december 2008 tussen 21:00 uur en 23:00 uur regelmatig een zendmastlocatie aangestraald in de woonwijk Ekeren te Antwerpen.44

Uit de inhoud van afgeluisterde en opgenomen telefoongesprekken is gebleken dat de verdachte op 16 december 2008 omstreeks 06:49:39 het telefoonnummer van [medeverdachte 1] heeft gebeld. In dat gesprek zegt de verdachte dat er een barst in de voorkant van de tv zit en dat hij denkt dat dit is gebeurd in de auto toen hij over de drempel ging.45

Op 16 december 2008 in de middag heeft de verdachte naar [medeverdachte 3] gebeld met de vraag of [medeverdachte 3] hem kan oppikken om naar Antwerpen te gaan. De verdachte kan niet alleen gaan, [medeverdachte 3] moet mee, want anders moet hij die andere auto weer laten staan. De verdachte heeft voorts gezegd dat [medeverdachte 3] er wat aan over zal houden.46

Op 16 december 2008 om 21:46 uur hebben de verdachte en [medeverdachte 1] wederom contact. Daarbij is gezegd dat ze werkpartners zijn en dat er geen buit is. De verdachte heeft gevraagd of [medeverdachte 1] iemand weet voor "de dinges" met de barst erin. De verdachte zal deze straks aan "[medeverdachte 3]" geven omdat hij het misschien kan repareren. [medeverdachte 1] heeft voorts gevraagd aan de verdachte hoe het met "dat andere ding" staat, dat op hen staat te wachten. De verdachte antwoordt dat "ze dadelijk die kant op gaan."47

[medeverdachte 3] verklaart dat hij in december 2008 met de verdachte naar Antwerpen in België is gereden om een Audi Q7 op te halen. Voorts heeft hij verklaard hij dat hij van de verdachte een flatscreen tv van het merk LG aangeboden heeft gekregen, waarvan een scheur in het beeldscherm bleek te zitten.48

Op 5 januari 2009 is tijdens een doorzoeking op het adres [adres] te [woonplaats] een aantal goederen in beslag genomen, waaronder een fotocamera van het merk Nikon.49 De woning aan de [adres] te [woonplaats] is de woning van de moeder van [medeverdachte 1], alwaar [medeverdachte 1] vermoedelijk verblijft.50 Na onderzoek aan de in beslag genomen fotocamera is gebleken dat deze is voorzien van serienummer [nummer] en derhalve is vastgesteld dat die camera de op 16 december 2008 te Antwerpen gestolen fotocamera is.

Ten aanzien van het onder de feiten 6 en 7 (zaken 14, 16, 18, 19 en 21) ten laste gelegde:

Zaak 14

In de nacht van 23 december 2008 tussen 02:00 uur en 07:00 uur is in een woning aan de [adres] te Brecht, in België, ingebroken door het cilinderslot van de voordeur te verwijderen. De volgende goederen zijn weggenomen: een autosleutel, een laptop van het merk Sony Vaio, een laptop van het merk Flybook en een fototoestel van het merk Sony. Tevens is de op de oprit geparkeerde zwarte Volkswagen Touareg, voorzien van het kenteken [kenteken] en het chassisnummer [chassisnummer], weggenomen. In deze auto bevond zich een mobiele telefoon van het merk Iphone. Voornoemde goederen behoren toe aan [slachtoffer 9] en/of [naam bedrijf].52

De zwarte Volkswagen Touareg met chassisnummer [chassisnummer] is bij de inbraak op 5 januari 2009 (feit 1, zaak 15) onder de verdachte en [medeverdachte 1] aangetroffen. De verdachte was in het bezit van de autosleutel. De auto was op dat moment voorzien van valse kentekenplaten.53

In de auto zijn een bahco, twee schroevendraaiers en een afgezaagde sleutel aangetroffen, zijnde goederen waarvan algemeen bekend is dat zij (ook) als inbrekersgereedschap kunnen worden aangemerkt. Voorts is in de auto een telefoon van het merk Iphone aangetroffen.54

Aan de [adres] te Den Haag, alwaar de tante van de verdachte woonachtig is, is het serviceboekje van de Volkswagen Touareg, kenteken [kenteken], aangetroffen. Op de vraag van wie het serviceboekje is, heeft [getuige 4] geantwoord dat het van zijn neef, [verdachte] is.55

Op 5 januari 2009, tijdens een doorzoeking van de woning aan de [adres] te [woonplaats], alwaar [medeverdachte 1]'s moeder woonachtig is en waar [medeverdachte 1] vermoedelijk verblijft, is onder meer een fototoestel van het merk Sony en een laptop van het merk Flybook aangetroffen. De politie heeft op 6 februari 2009 telefonisch contact gelegd met [slachtoffer 9] met betrekking tot de camera en de laptop. Aan de hand van de vervolgens door [slachtoffer 9] gegeven beschrijving is vastgesteld dat deze voorwerpen zijn eigendom moesten zijn en tijdens de inbraak in de nacht van 23 december 2008 uit zijn woning zijn ontvreemd. Overigens bleek na onderzoek dat de fotocamera die onder [medeverdachte 1] in beslag was genomen, afbeeldingen bevatte van het 1 jarig zoontje van [slachtoffer 9].56

Zaak 16

Op 2 december 2008 tussen 00:00 uur en 04:15 uur is in de woning van [slachtoffer 10] aan de [adres] te [woonplaats], in België, ingebroken. Uit de woning zijn autosleutels weggenomen. Daarnaast is de op de oprit van voornoemde woning geparkeerde BMW, type 335, voorzien van het kenteken [kenteken] en chassisnummer [chassisnummer], in eigendom toebehorende aan [naam bedrijf], gestolen. De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot uit de voordeur te halen.57 De BMW is zwart/blauw van kleur.58

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat de verdachte en [medeverdachte 1] de BMW begin december 2008 hebben gestolen en hebben achtergelaten in Gent bij de autosnelweg E17 ter hoogte van een brug. [medeverdachte 2] heeft voorts verklaard dat hij samen met de verdachte en [medeverdachte 1] de auto is gaan zoeken, maar dat zij deze niet meer konden terugvinden.59

De politie heeft, zoals [medeverdachte 2] heeft verklaard, in de nacht van 2 december 2008 omstreeks 04:40 uur de BMW met kenteken [kenteken] aangetroffen onder de viaduct van de E17 te Gentbrugge.60

Uit een afgeluisterd en opgenomen telefoongesprek, gevoerd tussen de verdachte en een onbekend gebleven vrouw kan worden afgeleid dat de verdachte op 2 december 2008 in Gent was.61

Op 5 januari 2009, tijdens een doorzoeking van de woning aan de [adres] te [woonplaats], alwaar [medeverdachte 1]'s moeder woonachtig is en waar [medeverdachte 1] vermoedelijk verblijft, is onder meer een BMW autosleutel aangetroffen.62 Deze sleutel, die wordt voorzien van het nummer A191,63 is onderzocht. Uit dit onderzoek is gebleken dat de sleutel behoort bij een voertuig met het chassisnummer [chassisnummer] en dat dit unieke chassisnummer behoort bij een BMW335 met kenteken [kenteken], de op 2 december 2008 te Laarne gestolen auto.64

Zaak 18

In de nacht van 3 januari 2009 tussen 03:00 uur en 03:16 uur is in de woning [adres] te Kalmthout, in België, ingebroken. De daders hebben zich via de voordeur de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot te verwijderen. Uit de woning zijn diverse voorwerpen meegenomen, waaronder een autosleutel, een fotocamera van het merk Canon en een portefeuille met inhoud. Tevens is de voor de woning geparkeerde zwarte Audi A4 met kenteken [kenteken] weggenomen. Deze auto is eigendom van [naam bedrijf]. De overige goederen behoren toe aan [slachtoffer 11] en [naam bedrijf].65

Uit afgeluisterde en opgenomen telefoongesprekken, waaraan [medeverdachte 1] heeft deelgenomen, (genummerd onder de gespreknummers 693,66 697,67 698,68 en 70869) is gebleken dat hij zich in de nacht van 2 op 3 januari 2009 tussen 23:49:44 uur en 00:42:45 uur heeft verplaatst tussen Den Haag en Hazeldonk. Voorts blijkt uit andere telefoongesprekken waaraan [medeverdachte 1] heeft deelgenomen, (genummerd onder de gespreknummers 710,70 72071 en 71972) dat hij zich in de ochtend van 3 januari 2009 tussen 07:18:47 uur en 08:32:21 heeft verplaatst tussen Breda en Den Haag.

Tijdens de aanhouding van [medeverdachte 1] op 5 januari 2009 is bij hem een autosleutel aangetroffen van het merk Audi. Deze autosleutel is vergeleken met de reservesleutel van de Audi A4 met kenteken [kenteken] die in de nacht van 2 op 3 januari 2009 te Kalmthout is gestolen. De sleutels blijken identiek te zijn.73

Zaak 19

In de nacht van 4 op 5 december 2008 tussen 23:00 uur en 07:00 uur is in de woning [adres] te Kalmthout een inbraak gepleegd, waarbij het slot van de voordeur eruit gehaald is. De volgende goederen zijn weggenomen: autosleutels, laptops waaronder een HP laptop met het serienummer [nummer], een huissleutel, bankpassen, identiteitspapieren, geld en klantendossiers. Voorts is de grijskleurige BMW, type M5 en voorzien van kenteken [kenteken] en de zich daarin bevindende goederen, waaronder een Ipod en diverse autopapieren, weggenomen. De weggenomen goederen behoren toe aan [slachtoffer 12] en [naam bedrijf].74

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij weet dat [medeverdachte 1] in het bezit is geweest van een gestolen BMW M5. [medeverdachte 2] heeft van de verdachte gehoord dat hij samen met [medeverdachte 1] een BMW M5 heeft gestolen en dat [medeverdachte 1] erin rondreed.75

Uit de inhoud van een afgeluisterd en opgenomen telefoongesprek, gevoerd tussen de verdachte en [naam] kan worden afgeleid dat de verdachte in de ochtend van 5 december 2008 in België was.76

Uit de inhoud van een ander telefoongesprek, gevoerd door de verdachte en [medeverdachte 3], is gebleken dat de verdachte naar zijn zeggen een nieuw speeltje heeft. De verdachte zegt: "Je weet toch wat die mof heeft" en daarna "Ik heb nu zo eentje maar dan zeg maar met een stukkie er bij achter."77

Ten aanzien van de inhoud van evenbedoeld telefoongesprek heeft [medeverdachte 3] verklaard dat hij wist waar de verdachte over sprak en dat de verdachte een BMW M5 Station heeft bedoeld.78

Op 5 januari 2009 heeft een doorzoeking plaatsgevonden in de woning aan [adres] te Den Haag alwaar [getuige 4], de oom van de verdachte, woont. Aldaar is een HP laptop gevonden en in beslag genomen. Uit een foto van de onderzijde van deze laptop blijkt de laptop te zijn voorzien van serienummer [nummer] en aldus is vastgesteld dat het de in de nacht van 4 op 5 december 2008 te Kaltmhout gestolen laptop betreft.79 [getuige 4] heeft verklaard dat de HP laptop van de verdachte was.80

Zaak 21

In de nacht van 3 januari 2009 tussen 01:30 en 08:00 uur is in de woning [adres] te Rijkevorsel, in België, ingebroken. De daders zijn de woning binnengedrongen door het slot aan de voordeur te forceren. Uit de woning zijn diverse voorwerpen meegenomen waaronder autosleutels, een mobiele telefoon van het merk Nokia, huissleutels en een handtas met inhoud.

Voorts is de naast de woning geparkeerde blauwe BMW 635D met kenteken [kenteken] en de zich daarin bevindende goederen eveneens ontvreemd.81 De BMW is eigendom van [naam bedrijf], het bedrijf van [slachtoffer 13].82 De overige goederen behoren toe aan [slachtoffer 13], [slachtoffer 14] en [naam bedrijf].83

Uit de inhoud van afgeluisterde en opgenomen telefoongesprekken, waaraan is deelgenomen door [medeverdachte 1], (genummerd onder de gespreknummers 693,84 697,85 698,86 en 70887) blijkt dat hij zich in de nacht van 2 op 3 januari 2009 tussen 23:49:44 uur en 00:42:45 uur heeft verplaatst tussen Den Haag en Hazeldonk. Voorts is uit de inhoud van andere telefoongesprekken waaraan [medeverdachte 1] heeft deelgenomen, (genummerd onder de gespreknummers 710,88 72089 en 71990) gebleken dat hij zich in de ochtend van 3 januari 2009 tussen 07:18:47 uur en 08:32:21 heeft verplaatst tussen Breda en Den Haag.

De op 3 januari 2009 te Rijkevorsel gestolen BMW wordt dankzij het in de auto ingebouwde 'trackingsysteem' later die dag aangetroffen aan de [adres], in de onmiddelijke omgeving van de [adres], te Den Haag.91 Dit adres ligt in de buurt van de zendmast die door [medeverdachte 1]'s telefoon die ochtend is aangestraald.92

Op 5 januari 2009, tijdens een doorzoeking van de woning aan de [adres] te [woonplaats], alwaar [medeverdachte 1]'s moeder woonachtig is en waar [medeverdachte 1] vermoedelijk verblijft, is onder meer een BMW autosleutel aangetroffen.93 Deze sleutel, die wordt voorzien van het nummer A190,94 is onderzocht. Uit onderzoek is gebleken dat de onder A190 in beslag genomen autosleutel behoort bij de op 3 januari 2009 in Rijkevorsel gestolen BMW.95

Ten aanzien van het onder feit 8 primair (zaken 36, 37 en 48) ten laste gelegde:

Zaak 36

In de nacht van 24 op 25 december 2008 is ingebroken in de woning [adres] te Destelbergen, in België. De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur af te breken. De volgende goederen zijn weggenomen: een fotocamera van het merk Nikon, twee laptops waarvan één van het merk Dell en één van het merk Toshiba, een mobiele telefoon van het merk Nokia, een portefeuille, bankpassen, identiteitspapieren en een handtas. Deze goederen behoren toe aan [slachtoffer 15].96

Uit de inhoud van een afgeluisterd en opgenomen telefoongesprek (nummer 669497) is gebleken dat de verdachte en [medeverdachte 1] elkaar laat in de avond van 24 december 2008 zullen ontmoeten.

Op 25 december 2008 tussen 00:33:42 uur en 07:54:42 uur heeft de telefoon van de verdachte geen zendmast meer aangestraald.98 [medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij en [medeverdachte 1] van de verdachte tijdens het plegen van diefstallen hun GSM uit moesten zetten en hun telefoon pas tijdens het terugrijden of de volgende dag aan mochten zetten.99

Op 5 januari 2009, tijdens een doorzoeking van de woning aan de [adres] te [woonplaats], alwaar [medeverdachte 1]'s moeder woonachtig is en waar [medeverdachte 1] vermoedelijk verblijft, is onder meer een fotocamera van het merk Nikon aangetroffen en in beslag genomen. Het geheugen van de fotocamera is uitgelezen en daarop blijken foto's te zijn vastgelegd van het slachtoffer.100

Zaak 37

In de nacht van 23 december 2008 tussen 01:30 uur en 08:30 uur is in het perceel [adres] te Brecht ingebroken. De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur eraf te breken. De volgende goederen zijn weggenomen: een horloge van het merk Swatch, een autosleutel, een portefeuille met inhoud en geld toebehorende aan [slachtoffer 16].101

Ten tijde van zijn aanhouding op 5 januari 2009 droeg de verdachte een horloge van het merk Swatch.102 De aangever [slachtoffer 16] heeft voornoemd horloge als zijnde zijn eigendom herkend.103

Zaak 48

In de nacht van 17 december 2008 tussen 04:00 uur en 06:00 uur is in de woning aan de [adres] te [woonplaats] ingebroken. De daders hebben zich de toegang tot de woning verschaft door het cilinderslot van de voordeur af te breken. Uit de woning zijn een tweetal laptops en twee portefeuilles met inhoud onvreemd. Deze goederen behoren toe aan [slachtoffer 17] en/of [slachtoffer 18].104 [slachtoffer 17] verklaart dat de ontvreemde laptops van de merken Toshiba en Siemens zijn.105

In zaak 11 is op 17 december 2008 rond 18:45 uur de aanwezigheid van een Audi, type Q7, in Den Haag op de [adres] gesignaleerd en deze auto is in beslag genomen.106 Deze auto blijkt gestolen te zijn in de nacht van 17 op 18 december 2008.107 In deze Audi zijn waardebonnen van Ticket Restaurant gevonden en in beslag genomen. Op deze bonnen staat de naam van [slachtoffer 17] vermeld. Na een telefonisch onderhoud met [slachtoffer 18] is gebleken dat deze bonnen, die op naam van haar vriend waren uitgegeven, in haar op 17 december 2008 gestolen portefeuille hadden gezeten.108

Uit onderzoek is gebleken dat familieleden van de verdachte woonachtig zijn in de buurt alwaar de Audi Q7 is aangetroffen.109 Voorts is uit onderzoek gebleken dat de verdachte ten tijde van de inbeslagname van de Audi Q7 in die buurt verbleef en is meermalen waargenomen dat de verdachte gebruik maakte van deze auto.110 [medeverdachte 1] heeft eveneens gebruikgemaakt van deze Audi Q7 en zo ook op 17 december 2008. Omstreeks 01:22 uur heeft hij met dit voertuig getankt bij het tankstation Total Minderhout, gelegen aan de autobaan E19 Breda-Antwerpen te Minderhout in België.111 [medeverdachte 1] kon het bedrag waarvoor hij getankt had op dat moment niet betalen, maar heeft het openstaande bedrag diezelfde nacht om 05:58 uur alsnog contant betaald bij het Belgische tankstation.112 [medeverdachte 1] heeft verklaard dat de verdachte hierbij aanwezig was.113

Uit de inhoud van een afgeluisterd en opgenomen telefoongesprek, gevoerd door de verdachte en een onbekend gebleven persoon op 17 december 2008 om 07:59:46 uur blijkt dat de verdachte en [medeverdachte 1] op dat moment nog steeds samen zijn.114

Uit de vastgestelde locaties van de door de telefoons die bij de verdachte in gebruik waren aangestraalde zendmasten is gebleken dat zijn telefoon tussen 01:11 uur en 03:05 uur geen zendmasten heeft aangestraald. Om 00:28 uur bevindt zijn telefoon zich in Delft en om 06:12 uur bevindt zijn telefoon zich in Breda.115

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij en [medeverdachte 1] van de verdachte tijdens het plegen van diefstallen hun GSM uit moesten zetten en hun telefoon pas tijdens het terugrijden of de volgende dag aan mochten zetten.116

Op 5 januari 2009 is tijdens een doorzoeking in de woning [adres] te Den Haag, de woning van de tante van de verdachte, een laptop van het merk Toshiba aangetroffen en in beslag genomen onder het nummer A163.117 Uit onderzoek is gebleken dat in het geheugen van deze laptop het Curriculum Vitae van [slachtoffer 18], wonende aan de [adres] te Mechelen in België, is gevonden. Daarnaast zijn er in dat geheugen ook andere documenten aangetroffen waar de naam "[slachtoffer 18]" in is vermeld.118

6.3.2.4. Ten aanzien van de helingen en het witwassen

Ten aanzien van het onder feit 11 (zaken 2 en 3) ten laste gelegde:

Zaak 2

Op 18 mei 2008 is een zwarte BMW, type 335D M-pakket, gekentekend [kenteken], met chassisnummer [chassisnummer], gestolen te Aken in Duitsland.119

Tussen 18 juni 2008 en 19 juni 2008 is te Landsmeer een diefstal gepleegd van de kentekenplaten van een zwarte BMW, type 3ER Reihe, kentekennummer [kenteken]

Op 23 juni 2008 heeft een politieambtenaar een proces-verbaal opgemaakt wegens een verkeersovertreding begaan door de verdachte, die ten tijde van deze overtreding reed in een zwarte BMW voorzien van het kenteken [kenteken].121

Op 27 juni 2008 heeft een politiesurveillanteneenheid gezien dat bij de [adres] te Purmerend een man, genaamd [getuige 5], een BMW type 335D, voorzien van het kenteken [kenteken] aan het wassen was. [getuige 5] heeft verklaard dat hij de auto in opdracht van de verdachte aan het wassen was.122

Voornoemde auto is in beslag genomen en onderzocht. Uit dit onderzoek is gebleken dat de auto was voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en dat het aldus de BMW 335D betrof die op 18 mei 2008 is gestolen te Aken. Overigens is op de achterbank van de BMW onder meer een sweater met op de achterzijde de naam [verdachte] aangetroffen.123

[medeverdachte 3] heeft verklaard dat hij in de zomerperiode van 2008 de verdachte heeft vergezeld naar Brunssum, teneinde daar auto's bij een bedrijf van [medeverdachte 4] te halen. Zij hebben daar onder meer een BMW 3-serie, type 335D opgehaald.124

Uit de inhoud van een afgeluisterd en opgenomen telefoongesprek van 14 oktober 2008 is gebleken dat de verdachte een zakelijke relatie onderhield met [medeverdachte 4].125 Bij [medeverdachte 4] zijn in het kader van het opsporingsonderzoek 'Amsterdam' veel gestolen goederen aangetroffen.

Zaak 3

Tussen 15 april 2008 en 18 april 2008 is een groene BMW 745i zonder kentekenplaten, voorzien van het chassisnummer [chassisnummer], gestolen te Bergisch Gladbach in Duitsland.126

Op 9 juli 2008 wordt een Meld Misdaad Anoniem (MMA) melding gedaan, inhoudende dat bij garagebedrijf [naam bedrijf] aan de [adres] te Purmerend diverse gestolen auto's met valse kentekenplaten staan geparkeerd. Deze auto's zouden door de verdachte zijn gestald en onder deze auto's zou zich een BMW van de 7-serie bevinden.127 Naar aanleiding van deze melding is door de politie onderzoek gedaan bij dit garagebedrijf en de politie heeft daar op 14 juli 2008 een groene BMW type 745 aangetroffen die blijkt voorzien te zijn van chassisnummer [chassisnummer]. Aldus is gebleken dat het de in Duitsland gestolen groene BMW 745i betreft.

De eigenaren van het autobedrijf [naam bedrijf] hebben verklaard dat de auto toebehoort aan een klant genaamd [medeverdachte 3].128 [medeverdachte 3] heeft verklaard dat hij de auto van de verdachte heeft gekocht.129

Ten aanzien van het onder feit 13 subsidiair (zaak 6) ten laste gelegde:

Zaak 6

Op 1 mei 2008 is te Beyne-Heusay, in België, een grijze Audi A6, voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en gekentekend [kenteken], gestolen.130

Tussen 6 en 9 augustus 2008 zijn in Amsterdam kentekenplaten met daarop de vermelding [kenteken] van een blauwe Audi A6 gestolen.131

Op 6 oktober 2008132 en op 9 oktober 2008 hebben leden van het onderzoeksteam de verdachte zien rijden in een grijze Audi A6, met daarop de gestolen kentekenplaten [kenteken].133

Op 20 oktober 2008 is de verdachte staande gehouden als bestuurder van een grijze Audi A6, voorzien van het kenteken [kenteken]. De verdachte is vervolgens gevlucht voor de politie door als bijrijder in een BMW te stappen, waarna de bestuurder van de BMW met hoge snelheid is weggereden. De achtergebleven Audi is onderzocht en gebleken is dat dit voertuig is voorzien van het chassisnummer [chassisnummer]; aldus is vastgetseld dat het hier de op 1 mei 2008 in België gestolen auto betrof.134

Ten aanzien van het onder feit 14 (zaken 1, 5 en 12) ten laste gelegde:

Zaak 1

Op 8 mei 2008 is in Heel een zwarte BMW 335i met kenteken [kenteken] en chassisnummer [chassisnummer] gestolen.135

Tussen 14 en 15 mei 2008 zijn in Amsterdam de kentekenplaten met daarop de vermelding [kenteken] van een zwarte BMW 3 serie gestolen.136

Op 30 juni 2008 is door een surveillanteneenheid van de politie de aanwezigheid van een BMW met kenteken [kenteken] vastgesteld aan de [adres] te Purmerend. Het is de verbalisanten ambtshalve bekend dat de verdachte in die buurt verblijft.137 Op 2 juli 2008 heeft de Rotterdamse politie, wanneer zij onderzoek doen naar een (ander) gestolen voertuig, een man aangetroffen die is komen aanrijden in een zwarte BMW, voorzien van het kenteken [kenteken]. Deze man, genaamd [getuige 6], heeft verklaard dat hij de BMW met kenteken [kenteken] tijdelijk van de verdachte in bruikleen heeft gekregen. Na onderzoek aan de auto blijkt deze te zijn voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en aldus is vastgesteld dat het hier de op 8 mei te Heel gestolen BMW betrof.138

Zaak 5

Op 17 januari 2008 is te Brunssum een zwarte Audi, type A3 Sportback, voorzien van het chassisnummer [chassisnummer], gestolen.139

In Amsterdam zijn op 26 maart 2008 de kentekenplaten van een zwarte Audi, type A3, voorzien van het kenteken [kenteken], en het bij voornoemde auto behorende kentekenbewijs, weggenomen.140

Op 27 maart 2008 is de verdachte in de [adres] te Purmerend in een zwarte Audi A3, voorzien van het kenteken [kenteken], gestapt.141

Op 18 september 2008 is de verdachte als bestuurder van een Audi A3 met kenteken [kenteken] aangehouden. Uit onderzoek aan de Audi A3, bleek dat deze auto is voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en aldus is vastgesteld dat het hier de in Brunssum ontvreemde Audi A3 betrof.142

Tijdens zijn verhoor ten overstaan van de politie op 19 september 2008 heeft de verdachte verklaard dat hij de zwarte Audi A3, waarin hij op 18 september 2008 heeft gereden, samen met de bijbehorende papieren heeft geheeld.143

Zaak 12

Op 16 april 2008 te 18:05 uur is te Heerlen een Peugeot, type 206 Cabrio, voorzien van het Belgisch kenteken [kenteken] en het chassisnummer [chassisnummer] gestolen.144

Op 12 december 2008 is de politie gebeld door [slachtoffer 19], die heeft verklaard dat zij van de verdachte een Peugeot type 206, voorzien van kenteken [kenteken] heeft gekocht en bij deze auto geen kentekenpapieren heeft ontvangen. Navraag heeft geleerd dat deze kentekenplaten als gestolen stonden gesignaleerd.145 Voorts bleek dat deze auto was voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en aldus is vastgesteld dat het hier de op 16 april 2008 te Heerlen gestolen auto betrof.146 [slachtoffer 19] heeft verklaard dat zij de auto reeds vanaf juni/juli 2008 in het bezit heeft gehad.147

Dat [slachtoffer 19] door de verdachte in het bezit is gesteld van de auto, vindt steun in de inhoud van afgeluisterde en opgenomen telefoongesprekken, gevoerd door hen.148 Daarnaast heeft [medeverdachte 3] verklaard dat de verdachte in de zomer van 2008 onder meer een Peugeot 206 Cabrio heeft gekocht bij [medeverdachte 4] in Brunssum en dat de verdachte deze auto heeft doorverkocht aan [slachtoffer 19].149

Ten aanzien van het onder feit 15 primair (zaak 4) ten laste gelegde:

Zaak 4

Op 21 november 2007 is in Zaandam een zwarte Audi, type A6, voorzien van het kenteken [kenteken] en het chassisnummer [chassisnummer] gestolen.150

Tussen 9 en 10 december 2007 zijn in Ouderkerk aan de Amstel de kentekenplaten voorzien van het kenteken [kenteken] van een zwarte Audi A6 weggenomen.151

In de volgende maanden is een zwarte Audi A6 voorzien van het kenteken [kenteken] meermalen bekeurd.152 De eigenaar van de zwarte Audi A6 die tussen 9 en 10 december 2007 is gestolen, heeft op grond van bij het CJIB opgevraagde foto's verklaard dat de auto met kenteken [kenteken] soortgelijk is aan zijn zwarte Audi A6, maar niet dezelfde auto is.153

Op 13 september 2008 in Purmerend is het kenteken [kenteken] opnieuw waargenomen, echter dit keer in combinatie met een witte Audi A6. In de persoon van de bestuurder van deze auto is op grond van ambtshalve voorhanden wetenschap de verdachte herkend. Rijdend in deze auto heeft de verdachte een stopteken van de politie genegeerd, waarop een wilde achtervolging is gevolgd.154

In het geheugen van een onder de verdachte in beslag genomen telefoon zijn foto's aangetroffen van een witte Audi A6 met kenteken [kenteken]. De Audi heeft op de foto's een zwart dak, zwarte parkeersensoren aan de voor- en achterzijde en zwarte buitenspiegels.155 Tevens zijn foto's van een zwarte Audi A6 aangetroffen waarvan de carrosserie werd opgeschuurd en onderdelen waren afgeplakt.156 [getuige 7] heeft bij de politie verklaard dat de verdachte in 2008 gebruik heeft gemaakt van een zwarte Audi A6 die later wit is gemaakt. Het specifieke aan deze auto was dat het een zwart dak had.157

Op 2 oktober 2008 is ter hoogte van de [adres] te Ilpendam, een witte Audi A6 met een zwart dak aangetroffen, voorzien van het kenteken [kenteken] met landcode België. Het is de verbalisanten opgevallen dat de witte Audi A6 dezelfde opmerkelijke uiterlijke kenmerken vertoont als de witte Audi A6 waarvan foto's in de telefoon van de verdachte zijn gevonden. Met name het zwarte dak, de zwarte parkeersensoren en de zwarte buitenspiegels waren opmerkelijk.158

Op 13 december 2008 heeft de verdachte zich als bestuurder van de witte Audi A6 met het kenteken [kenteken] in Antwerpen onttrokken aan een controle van de Antwerpse politie door te vluchten.159

Het voertuig is enkele uren later door de Belgische autoriteiten teruggevonden in Sint-Job-in-'t-Goor te Brecht.160 De auto is onderzocht en daaruit is gebleken dat de witte Audi A6 is voorzien van het chassisnummer [chassisnummer]; aldus is vastgesteld dat het hier de op 21 november 2007 in Zaandam gestolen Audi A6 betreft, die oorspronkelijk zwart van kleur was.161

De kentekenplaten met kenteken [kenteken] blijken op 28 september 2008 te Antwerpen te zijn gestolen.162

Verdachte is meermalen rijdend in de witte Audi A6 met daarop de kentekenplaten

[kenteken] waargenomen, waaronder op 13 oktober 2008 in Alkmaar,163 op 22 oktober 2008 op de A7 van Hoorn naar Amsterdam164 en op 21 november 2008 te Schiphol, langs de rijkswegen A1 en A2, en te Rijen en op diverse locaties te Antwerpen.165

Uit de inhoud van een afgeluisterd en opgenomen telefoongesprek, gevoerd tussen de verdachte en zijn vriendin [naam vriendin], is gebeken dat de verdachte op 13 december 2008 op de hoogte is van de inbeslagname van de Audi A6. Hij heeft het in dat gesprek over zijn witte Audi A6, met een zwart dak en zwarte handgrepen. Voorts zegt hij dat daar maar één van is, dat hij de auto zelf zo heeft gespoten en dat hij de auto net een jaar heeft.166

Ten aanzien van het onder feit 16 subsidiair (zaak 9) ten laste gelegde:

Zaak 9

Op 26 januari 2007 heeft een persoon genaamd "[alias]" (fonetisch) te Hoorn een proefrit gemaakt in een zwarte Volkswagen Golf voorzien van het kenteken [kenteken] en het chassisnummer [chassisnummer]. [alias] had gereageerd op een auto die door de eigenaar, [slachtoffer 20], te koop werd aangeboden via Marktplaats. De vriendin van [slachtoffer 20] heeft verklaard dat [alias] nadat hij een proefrit had gemaakt, in haar aanwezigheid telefonisch contact heeft gezocht met een onbekend gebleven persoon. Tijdens dit telefoongesprek heeft [alias] gezegd: "Ik heb er een (1) gevonden". Genoemde [alias] heeft daarna niets meer van zich laten horen. In de periode van 28 tot 29 januari 2007 is deze Volkswagen Golf te Hoorn gestolen.167

Op 1 april 2008 zijn in Amsterdam van een zwarte Volkswagen Golf de kentekenplaten voorzien van het nummer [kenteken] en het kentekenbewijs deel I en II gestolen.168

Op 5 februari 2009 is in Brecht een zwarte Volkswagen Golf met kenteken [kenteken] aangetroffen en in beslag genomen.169 Deze auto blijkt te zijn voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en aldus is vastgesteld dat het hier de op 26 januari 2007 te Hoorn ontvreemde zwarte Volkswagen Golf betreft.170

Bij de aanhouding van [medeverdachte 1] op 5 januari 2009 is bij hem de autosleutel van voorgenoemde auto aangetroffen.171 [medeverdachte 1] heeft tegenover de politie verklaard dat hij via de verdachte in het bezit is gekomen van de Volkswagen Golf met kenteken [kenteken].172

[medeverdachte 3] heeft verklaard dat de verdachte een zwarte Volkswagen Golf voor hem zou regelen en dat hij deze heeft opgehaald, maar er kort daarna achterkwam dat de auto geen radio meer had, geen autopapieren had en braakschade aan het portier had. Omdat hij het niet vertrouwde heeft hij tegen de verdachte gezegd dat hij niets met de auto te maken wilde hebben. De verdachte heeft de auto vervolgens op 13 november 2008 samen met een jongen die als bestuurder in een Audi A6 reed, opgehaald bij [medeverdachte 3].173

[medeverdachte 2] heeft verklaard dat hij op 13 november 2008 samen met de verdachte en [medeverdachte 1] in een Audi A6 naar Ilpendam is gereden om een Volkswagen Golf op te halen.174

In het kader van een fotoconfrontatie heeft [slachtoffer 20] de foto van de verdachte aangewezen als zijnde de man die zich destijds als [alias] aan hem had voorgesteld.175

6.3.3. Overwegingen met betrekking tot het bewijs en bespreking van bewijsverweren

Ten aanzien van de betrouwbaarheid van [medeverdachte 2]

[medeverdachte 2] heeft, zowel bij de politie als bij de rechter-commissaris, consistent en zeer gedetailleerd verklaard, niet alleen over zijn eigen betrokkenheid maar ook over die van de medeverdachten bij de ten laste gelegde feiten. Veel van deze verklaringen bevatten daderwetenschap en worden verankerd in het overige bewijsmateriaal dat zich in het dossier bevindt. [medeverdachte 2] heeft bovendien zichzelf in zijn verklaringen belast. Het enkele feit dat er, zoals de raadsman heeft geopperd, een belang voor [medeverdachte 2] kan worden verondersteld, erin bestaand dat hij zijn eigen rol bagatelliseert, is speculatief en overigens onvoldoende om aan te nemen dat hij in strijd met de waarheid heeft verklaard. Door de verdediging is ook niet, althans onvoldoende, aangegeven op welke punten [medeverdachte 2] niet de waarheid zou hebben gesproken en zijn geen concrete aanknopingspunten naar voren gebracht die twijfel aan de betrouwbaarheid van zijn verklaringen rechtvaardigen. Gelet op al het voorgaande acht het hof de door [medeverdachte 2] afgelegde verklaringen voldoende betrouwbaar en derhalve bruikbaar voor de bewijslevering.

Ten aanzien van het IMEI-nummer en het telefoonverkeer

Ter terechtzitting in hoger beroep heeft de advocaat-generaal een document overgelegd waaruit blijkt dat het laatste cijfer van een IMEI-nummer geen identificerend karakter heeft. De raadsman heeft naar aanleiding daarvan zijn standpunt aangepast en zich gerefereerd aan het oordeel van het hof. Het hof is, op grond van hetgeen ter terechtzitting in hoger beroep in het algemeen duidelijk is geworden omtrent de betekenis van het laatste cijfer van een IMEI-nummer, van oordeel dat niet is gebleken dat telecommunicatie, gevoerd met een ander IMEI-nummer dan het IMEI-nummer waarvoor de machtiging is afgegeven, is afgeluisterd en opgenomen.

Er zijn voorts geen feiten of omstandigheden gebleken op grond waarvan moet worden aangenomen dat het een ander dan de verdachte is geweest die gebruik heeft gemaakt van verdachtes telefoon. Het hof gaat derhalve voorbij aan de door de raadsman geopperde mogelijkheid, die is gespeend van enige, genoegzame feitelijke onderbouwing.

Schakelbewijs met betrekking tot de woninginbraken en autodiefstallen

Het hof is van oordeel dat de redengevende feiten en omstandigheden, zoals die hiervoor onder 6.3.2.1 en 6.3.2.2 met betrekking tot de afzonderlijke zaken 15, 7, 8, 11 en 17 zijn weergegeven

-in samenhang met hetgeen hiervoor omtrent de betrouwbaarheid van de verklaringen van [medeverdachte 2] is overwogen-, voor ieder van die zaken afzonderlijk voldoende wettig en overtuigend bewijs opleveren. In samenhang bezien versterken die feiten en omstandigheden bovendien het bewijs in elk van die zaken en in zoverre zijn deze over en weer redengevend.

Het hof stelt vast dat aan die onder 6.3.2.1 en 6.3.2.2 weergegeven redengevende feiten en omstandigheden, voor zover van belang, het volgende kan worden ontleend. De verdachte heeft zich in de maanden november 2008 tot begin januari 2009 samen met -in ieder geval- [medeverdachte 1] meermalen schuldig gemaakt aan woninginbraken en daaropvolgende autodiefstallen, gepleegd in de nachtelijke uren in België. De modus operandi bestond daarbij telkens uit de zogenoemde Bulgaarse methode (erin bestaand dat het cilinderslot werd afgebroken en uit het slotgat werd getrokken) en weggegooid, om de voordeur vervolgens met een schroevendraaier het slot te openen.176 Nadat in de woning was ingebroken werd vervolgens in de woning uitgekeken naar de sleutel(s) van de in de buurt van de woning geparkeerde auto, waarbij in een aantal gevallen ook andere spullen weg werden genomen. Met de weggenomen autosleutel(s) werden de daarbij behorende auto's weggenomen. Het betrof steeds auto's uit het duurdere marktsegment.

Het hof acht daarom de onder 6.3.2.1 en 6.3.2.2 weergegeven redengevende feiten en omstandigheden tevens, door middel van schakelbewijs, mede redengevend voor het bewijs van de onder 6.3.2.3 weergeven woninginbraken en autodiefstallen. Dit betekent dat, indien in de onder 6.3.2.3 genoemde zaken uit de daar weergegeven feiten en omstandigheden volgt dat sprake is geweest van een in genoemde periode in België gepleegde woninginbraak met gebruikmaking van voornoemde modus operandi, gevolgd door diefstal van een auto uit het duurdere segment en waarin bovendien concrete aanwijzingen zijn voor betrokkenheid van de verdachte en/of [medeverdachte 1] -bijvoorbeeld door het voorhanden hebben van in die zaken ontvreemde goederen bij één van hen-, het hof ook in die zaken het wettig en overtuigend bewijs aanwezig acht.

Aan hetgeen hiervoor is overwogen doet niet af hetgeen door de raadsman is betoogd, te weten dat in twee gevallen de toegang tot de plaats van het misdrijf is verschaft, anders dan door middel van de eerder genoemde Bulgaarse methode (te weten door middel van flipperen en braak) noch dat ten aanzien van de in zaak 21 ondergebrachte diefstal van een BMW niet van het koud zetten van die auto is gebleken.

Met betrekking tot de helingen en het witwassen

Uit de hiervoor onder 6.3.2.4 weergegeven redengevende feiten en omstandigheden volgt dat de verdachte in de daaronder genoemde zaken - kort gezegd - steeds een auto voorhanden heeft gehad die van diefstal afkomstig bleek. Gelet in het bijzonder op achtereenvolgens de inhoud van de voor het bewijs van de op de zaaksdossiers 5 (feit 14), 6 (feit 13), 3 (feit 11), en 12 (feit 14) gestoelde tenlasteleggingen gebezigde bewijsmiddelen, het feit dat ook in de onderhavige strafzaak een groot aantal autodiefstallen ten laste van de verdachte bewezen worden verklaard en het feit tenslotte dat de verdachte omtrent de herkomst van de betreffende auto's niet heeft willen verklaren, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte steeds wist dat deze auto's door misdrijf verkregen dan wel daarvan afkomstig waren.

6.4. Bewezen verklaarde

Het hof acht, gelet op het voorgaande wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair voor wat betreft de zaken 36, 37 en 48, 11, 13 subsidiair, 14 voor wat betreft de zaken 1, 5 en 12, 15 primair, 16 subsidiair en 17 onder het tweede gedachtestreepje ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat

ten aanzien van het onder 1 (zaak 15) ten laste gelegde:

hij op 5 januari 2009 te Antwerpen-Wilrijk, in België, tezamen en in vereniging met een ander, tussen 04.00 uur en 06.00 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning gelegen aan de [adres], met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen schilderijen en muntstukken met vermelding van Koning Boudewijn en een metalen koffer met als inhoud aktes en testamenten en een mandoline, toebehorende aan [slachtoffer 1], waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde:

hij in de periode van 12 november 2008 tot en met 2 december 2008 te Antwerpen en Gent en Brasschaat, in België, tezamen en in vereniging met anderen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit hierna te noemen woningen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 7) in de nacht van 12 op 13 november 2008 omstreeks 04.10 uur, uit een woning aan de [adres] te Antwerpen, een autosleutel, toebehorende aan [naam bedrijf], en

- (zaak 8) in de nacht van 12 op 13 november 2008 tussen 23.00 uur en 06.30 uur, uit een woning aan de [adres] te Antwerpen, een autosleutel en huissleutels en een portefeuille toebehorende aan [slachtoffer 3] en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 11) in de nacht van 17 op 18 november 2008 tussen 23.00 uur en 06.30 uur, uit een woning aan de [adres] te [woonplaats], een autosleutel en een vest en een portefeuille en een handtas en een laptop, toebehorende aan [slachtoffer 4], en

- (zaak 17) in de nacht van 30 november op 1 december 2008 tussen 02.00 en 07.00 uur, uit een woning aan de [adres] te [woonplaats], autosleutels en champagneflessen en een portefeuille en een mobiele telefoon, merk Nokia, type E71, en bankpassen en identiteitspapieren, toebehorende aan [slachtoffer 16] en/of [slachtoffer 15] en/of [naam bedrijf],

waarbij verdachte en zijn mededaders zich telkens de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde:

hij in de periode van 12 november 2008 tot en met 2 december 2008 te Antwerpen en Gent en Brasschaat, in België, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- (zaak 7) in de nacht van 12 op 13 november 2008 te Antwerpen, een personenauto, merk Landrover, type Range Rover, kleur zwart, voorzien van het kenteken [kenteken], toebehorende aan [naam bedrijf], en

- (zaak 8) in de nacht van 12 op 13 november 2008 te Antwerpen, een personenauto, merk Audi, type A6, kleur zwart, met kenteken [kenteken], en de zich daarin bevindende goederen, toebehorende aan [slachtoffer 3] en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 11) in de nacht van 17 op 18 november 2008 te Gent, een personenauto, merk Audi, type Q7, kleur donkergrijs met kenteken [kenteken], toebehorende aan [slachtoffer 4], en

- (zaak 17) in de nacht van 30 november op 1 december 2008 te Brasschaat, een personenauto, merk Audi, type A5, kleur zwart, met kenteken [kenteken], toebehorende aan [naam bedrijf],

waarbij verdachte en zijn mededaders de weg te nemen goederen telkens onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

ten aanzien van het onder 4 (zaak 13) ten laste gelegde:

hij op 16 december 2008 te Antwerpen, in België, tezamen en in vereniging met een ander, tussen 00.00 uur en 05.30 uur, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, uit een woning aan de [adres] te Antwerpen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen autosleutels en een laptop, merk Dell, en een fotocamera, merk Nikon, en een Plasmatelevisie, merk LG, en een afstandsbediening en kleding en verzekeringspapieren behorende bij een personenauto, toebehorende aan [slachtoffer 8] en/of [naam bedrijf], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), waarbij verdachte en zijn mededader zich de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

ten aanzien van het onder 5 (zaak 13) ten laste gelegde:

hij op of omstreeks 16 december 2008 te Antwerpen, in België, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen een personenauto, merk Audi, type Q7, kleur grijs metallic, voorzien van kenteken [kenteken], en de zich daarin bevindende goederen, toebehorende aan [slachtoffer 8] en/of [naam bedrijf], waarbij verdachte en zijn mededader zich de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

ten aanzien van het onder 6 ten laste gelegde:

hij in de periode van 2 december 2008 tot en met 3 januari 2009 te Brecht en Laarne en Kalmthout en Rijkevorsel, in België, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit één of meer hierna te noemen woningen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 14) in de nacht van 23 december 2008 tussen 02.00 uur en 07.00 uur, uit een woning aan de [adres] bus A te Brecht, een autosleutel en een laptop, merk Sony Vaio, en een laptop, merk Flybook, en een fototoestel, merk Sony, toebehorende aan [slachtoffer 9] en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 16) in de nacht van 2 december 2008 tussen 00.00 uur en 04.15 uur, uit een woning aan de Hoogstraat te Laarne, autosleutels, toebehorende aan [slachtoffer 10] en/of diens zoon en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 18) in de nacht van 3 januari 2009 tussen 03.00 en 03.16 aan de [adres] te Kalmthout, een autosleutel en een portefeuille met inhoud, toebehorende aan [slachtoffer 11] en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 19) in de nacht van 4 op 5 december 2008 tussen 23.00 en 07.00 uur aan de [adres] te Kalmthout, autosleutels en laptops en een huissleutel en bankpassen en identiteitspapieren en geld en klantendossiers, toebehorende aan [slachtoffer 12]en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 21) in de nacht van 3 januari 2009 tussen 01.30 en 08.00 uur aan de [adres] te Rijkevorsel, autosleutels en een mobiele telefoon, merk Nokia, en huissleutels en een handtas met inhoud, toebehorende aan [slachtoffer 13] en/of [slachtoffer 14]en/of [naam bedrijf],

waarbij verdachte en zijn mededader zich telkens de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

ten aanzien van het onder 7 ten laste gelegde:

hij in de periode van 2 december 2008 tot en met 03 januari 2009 te Brecht en Laarne en Kalmthout en Rijkevorsel, in België, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- (zaak 14) op 23 december 2008 te Brecht, een personenauto, merk Volkswagen, type Touareq, kleur zwart, voorzien van kenteken [kenteken] en het zich daarin bevindend goed, een mobiele telefoon, type Iphone, toebehorende aan [slachtoffer 9] en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 16) op 2 december 2008 te Laarne, een personenauto, merk BMW, type 335, kleur zwart/blauw, voorzien van kenteken [kenteken], toebehorende aan [naam bedrijf], en

- (zaak 18) op 3 januari 2009 te Kalmthout, een personenauto, merk Audi, type A4, kleur zwart, voorzien van kenteken [kenteken], toebehorende aan [naam bedrijf], en

- (zaak 19) op 4 op 5 december 2008 te Kalmthout, een personenauto, merk BMW type M5, kleur lichtgrijs, voorzien van het kenteken [kenteken] en de zich daarin bevindende goederen, waaronder een Ipod en diverse autopapieren, toebehorende aan [slachtoffer 12] en/of [naam bedrijf], en

- (zaak 21) op 3 januari 2009 te Rijkevorsel, een personenauto, merk BMW, type 635D, kleur zwart, voorzien van het kenteken [kenteken] en de zich daarin bevindende goederen, toebehorende aan [slachtoffer 13] en/of [naam bedrijf],

waarbij verdachte en zijn mededader telkens de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van een valse sleutel;

ten aanzien van het onder 8 primair ten laste gelegde:

hij in de periode van 17 december 2008 tot en met 3 januari 2009 te Brecht en Mechelen en Destelbergen, in België, tezamen en in vereniging met een ander, telkens met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit hierna te noemen woningen, gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, heeft weggenomen:

- (zaak 36) in de nacht van 24 op 25 december 2008, uit een woning aan de [adres] te Destelbergen, een fotocamera, merk Nikon, en laptops, merk Dell en Toshiba, en een mobiele telefoon, merk Nokia, en een portefeuille en bankpassen en identiteitspapieren en een handtas, toebehorende aan [slachtoffer 15], en

- (zaak 37) in de nacht van 23 december 2008 tussen 01.30 en 08.30, uit een woning aan de [adres] te Brecht, een horloge, merk Swatch, en een autosleutel en een portefeuille met inhoud en geld, toebehorende aan [slachtoffer 16], en

- (zaak 48) in de nacht van 17 december 2008 tussen 04.00 en 06.00, uit een woning aan de [adres] te Mechelen, een laptop, merk Toshiba Satelitte, en een laptop, merk Siemens, en portefeuilles met inhoud, toebehorende aan [slachtoffer 17] en/of [slachtoffer 18],

waarbij verdachte en zijn mededader zich telkens de toegang tot de plaats des misdrijfs hebben verschaft door middel van braak;

ten aanzien van het onder 11 ten laste gelegde:

hij in de periode van 15 april 2008 tot en met 14 juli 2008 in Nederland, telkens goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 2) in de periode van 18 mei 2008 tot 27 juni 2008, een personenauto, merk BMW, type 335D M-pakket, en

- (zaak 3) in de periode van 15 april 2008 tot 14 juli 2008, een personenauto, merk BMW, type 745i, kleur groen,

terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen telkens wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

ten aanzien van het onder 13 subsidiair (zaak 6) ten laste gelegde:

hij in de periode van 1 augustus 2008 tot en met 20 oktober 2008 te Nederland, een voorwerp, te weten een personenauto, merk Audi, type A6, originele kleur grijs, voorzien van het chassisnummer [chassisnummer], voorhanden heeft gehad en van genoemd voorwerp, gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

ten aanzien van het onder 14 ten laste gelegde:

hij in de periode van 17 januari 2008 tot en met 12 december 2008 in Nederland, telkens goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, te weten:

- (zaak 1) in de periode van 8 mei 2008 tot 2 juli 2008, een personenauto, merk BMW, type 3-serie cabriolet, en

- (zaak 5) in de periode van 17 januari 2008 tot 18 september 2008, een personenauto, merk Audi, type A3, kleur zwart, en

- (zaak 12) in de periode van 16 april 2008 tot 12 december 2008, een personenauto, merk Peugeot, type 206 cabriolet,

terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die goederen telkens wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

ten aanzien van het onder 15 primair (zaak 4) ten laste gelegde:

hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2008 tot 13 december 2008 te Nederland en België, een voorwerp, te weten een personenauto, merk Audi, type A6, originele kleur zwart, voorzien van het chassisnummer [chassisnummer], valselijk gekentekend [kenteken] en vervolgens [kenteken], heeft verworven en voorhanden heeft gehad terwijl hij wist dat bovenomschreven voorwerp - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf;

ten aanzien van het onder 16 subsidiair (zaak 9) ten laste gelegde:

hij in de periode van 13 november 2008 tot 5 januari 2009 te Nederland en/of België een personenauto, merk Volkswagen, type Golf, voorzien van het chassisnummer [chassisnummer] en van het valse kenteken [kenteken], heeft verworven, voorhanden heeft gehad en heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van dat voorwerp wist dat het een door misdrijf verkregen goed betrof;

ten aanzien van het onder 17 (zaak 17) ten laste gelegde:

hij op 3 december 2008 te Brasschaat, in België, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen:

- kentekenplaten met kenteken [kenteken], toebehorende aan [slachtoffer 7].

Hetgeen onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair (voor wat betreft de zaken 36, 37 en 48), 11, 13 subsidiair, 14 (voor wat betreft de zaken 1, 5 en 12), 15 primair, 16 subsidiair en 17 meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat.

7. Strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het bewezen verklaarde levert op

ten aanzien van het onder 1 bewezen verklaarde:

diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak.

ten aanzien van het onder 2, 3, 4, 5, 6 en 7 bewezen verklaarde:

de voortgezette handeling van

- diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, en

- diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van valse sleutels,

meermalen gepleegd.

ten aanzien van het onder 8 primair bewezen verklaarde:

diefstal gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd in een woning door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak, meermalen gepleegd.

ten aanzien van het onder 11, 14 en 16 subsidiair bewezen verklaarde:

opzetheling, meermalen gepleegd.

ten aanzien van het onder 13 subsidiair en 15 primair bewezen verklaarde:

witwassen, meermalen gepleegd.

ten aanzien van het onder 17 bewezen verklaarde:

diefstal door twee of meer verenigde personen.

8. Strafbaarheid van de verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit, zodat de verdachte strafbaar is.

9. Oplegging van straf

De rechtbank Haarlem heeft de verdachte voor het onder feit 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair, 9, 11, 13 subsidiair, 14, 15 primair, 16 primair en 17 ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 90 maanden, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.

Tegen voormeld vonnis is door de verdachte en het openbaar ministerie hoger beroep ingesteld.

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair (voor wat betreft de zaken 25, 36, 37 en 48), 9, 11, 13 subsidiair, 14 (voor wat betreft de zaken 1, 5 en 12), 15 primair, 16 primair en 17 ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van elf jaren, met aftrek overeenkomstig artikel 27 van het Wetboek van Strafrecht.

Strafmaatverweer

De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep betoogd dat de verdachte niet binnen de op grond van artikel 23 van het Kaderbesluit gestelde termijn van 10 dagen is overgeleverd aan Nederland en dat deze omissie tot uitdrukking dient te komen in de strafmaat. Voorts heeft de raadsman zich op het standpunt gesteld dat de vordering van de advocaat-generaal erg hoog is, gelet op het feit dat de verdachte in 2006 ten aanzien van meer feiten is veroordeeld en daarbij een lagere straf is opgelegd dan de rechtbank in de onderhavige zaak heeft opgelegd.

Het hof overweegt met betrekking tot het eerste onderdeel van dit verweer als volgt.

Uit de considerans van het Kaderbesluit (onder 8 en 9) blijkt dat beslissingen over de tenuitvoerlegging van het EAB pas mogen worden genomen na een toereikende controle, hetgeen inhoudt dat de rechterlijke autoriteit van de lidstaat waar de gezochte persoon is aangehouden, dient te beslissen of deze al dan niet wordt overgeleverd. Voorts is in de considerans neergelegd (onder 10) dat de regeling inzake het Europees aanhoudingsbevel op een hoge mate van vertrouwen tussen de lidstaten berust.

Het voorgaande brengt met zich mee dat de uitvoerende staat verantwoordelijk is voor de uitvoering van het EAB en dus óók voor de vrijheidsbeneming voorafgaand aan de overlevering van de verdachte. De verzoekende staat mag er vervolgens op vertrouwen dat de uitvoerende staat het Kaderbesluit rechtmatig heeft toegepast.

Het hof overweegt dat indien, zoals de verdediging stelt, sprake is geweest van een overschrijding van de 10-dagen termijn, de verdediging zich hierop bij de Belgische autoriteiten had moeten beroepen. Het hof ziet op grond van het interstatelijk vertrouwensbeginsel geen ruimte om te onderzoeken of de Belgische autoriteiten al dan niet een omissie hebben begaan in de uitvoering van het Kaderbesluit. Voor zover de raadsman met zijn verweer heeft bedoeld een beroep te doen op artikel 359a van het Wetboek van Strafvordering heeft willen doen, is het hof van oordeel dat de regeling van artikel 359a van het Wetboek van Strafrecht in casu niet van toepassing is, nu een mogelijk verzuim van de Belgische autoriteiten bij de uitvoering van het Kaderbesluit niet aangemerkt kan worden als een verzuim van vormen bij het voorbereidend onderzoek in de betekenis van de evenbedoelde bepaling. Dit onderdeel van het verweer wordt derhalve verworpen. De keuze voor soort en duur van de aan de verdachte op te leggen straf, (mede) bezien tegen de achtergrond van de duur van de aan hem in 2006 opgelegde gevangenisstraf waarnaar de raadsman heeft verwezen, zal het hof in de navolgende beschouwing uiteen zetten.

Het hof heeft in hoger beroep de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gelet op de persoon van de verdachte.

Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen.

De verdachte heeft zich in de periode van november 2008 tot en met januari 2009 samen met zijn mededader(s) veelvuldig schuldig gemaakt aan woninginbraken, waarbij zij 's nachts in woningen hebben ingebroken terwijl de bewoners lagen te slapen. De verdachte en zijn mededader(s) kozen de woningen uit (mede) op grond van kostbare auto's die in de buurt geparkeerd stonden. Nadat zij hadden ingebroken en (ook) de autosleutels hadden gestolen, stalen zij vervolgens de op de oprit geparkeerde auto. Als de bewoners nog niet wakker waren geworden gingen zij vervolgens weer terug naar de woning om andere spullen van hun gading te stelen. In enkele gevallen zijn de bewoners wakker geworden en hebben zij moeten toezien hoe vervolgens hun auto voor hun neus wegreed. De verdachte en zijn mededader(s) parkeerden de gestolen auto's vaak eerst op een neutrale plek, omdat zij niet zeker wisten of er een tracking-systeem in zat. Als de auto er na een paar dagen nog steeds stond, haalden zij deze op. De verdachte verkocht deze auto's aan derden, nadat hij (of een ander) ze eerst voorzag van valse kentekenplaten die van andere auto's waren gestolen.

Door deze ronduit brutale en zeer ergerlijke feiten heeft de verdachte niet alleen materiële, maar ook immateriële schade aan de betrokkenen toegebracht, doordat een ernstige inbreuk is gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van de benadeelden. De verdachte en zijn mededader(s) hebben deze feiten -naar moet worden aangenomen- enkel gepleegd ten behoeve van hun eigen financiële gewin, zonder zich iets gelegen te laten liggen aan de gevolgen van hun handelen voor de gedupeerden, zoals daarvan in een aantal gevallen uit hun aangiftes is gebleken.

Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan het witwassen en helen van een aantal auto's en de diefstal van twee kentekenplaten. Uit het dossier blijkt dat er ook met betrekking tot die feiten gedupeerden zijn, die ernstig nadeel is berokkend.

Blijkens een de verdachte betreffend Uittreksel Justitiële Documentatie van 1 februari 2011 is de verdachte eerder ter zake van woninginbraken en soortgelijke diefstallen veroordeeld en heeft hij daarbij relatief lange gevangenisstraffen opgelegd gekregen. Vast moet worden gesteld dat de oplegging van deze straffen de verdachte er niet van hebben weerhouden opnieuw gelijksoortige feiten te plegen. Het hof rekent het de verdachte zeer aan dat hij zonder enig respect voor eigendommen van anderen weer verder is gegaan met het op grote schaal plegen van woninginbraken en diefstallen. Het hof overweegt dat uit het dossier -bijvoorbeeld uit de wijze waarop de verdachte meermalen aan een aanhouding heeft getracht te ontkomen- en uit de houding van de verdachte gedurende het politieonderzoek als ook ter terechtzitting de indruk naar voren komt dat de verdachte op geen enkele manier het laakbare van zijn handelen inziet noch de verantwoordelijkheid voor zijn daden heeft willen nemen. Gelet op al hetgeen hiervoor is overwogen is het hof van oordeel dat de door de rechtbank opgelegde straf geen recht doet aan de aard en ernst van de bewezen verklaarde feiten en aan de persoon van de verdachte. Hoewel het hof minder feiten bewezen verklaard, is het van oordeel dat een lange onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend en geboden is. Alles afwegende zal het hof de verdachte veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 8 jaren.

De hierna als zodanig te melden in beslag genomen voorwerpen, die aan de verdachte toebehoren, dienen te worden verbeurdverklaard en zijn daarvoor vatbaar aangezien het aannemelijk is dat met behulp daarvan het onder 2 bewezen verklaarde feit en/of andere bewezen verklaarde feiten zijn begaan of voorbereid.

10. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 33, 33a, 36f, 56, 57, 63, 310, 311, 416 en 420 bis van het Wetboek van Strafrecht.

Deze wettelijke voorschriften worden toegepast zoals geldend ten tijde van het bewezen verklaarde.

11. Vorderingen van de benadeelde partijen

(...)

12. Beslissingen

Het hof:

Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissingen in het bestreden vonnis ten aanzien van hetgeen onder 8 (het hof begrijpt primair en subsidiair) ten aanzien van zaak 22, 9 ten aanzien van het 4e gedachtestreepje, 12, 13 primair, 14 ten aanzien van de zaken 1 en 10 en 17 ten aanzien van het 1e gedachtestreepje is ten laste gelegd.

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht.

Verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de strafvervolging ter zake van het onder feit 8 primair ten aanzien van de zaken 39, 49, feit 10 en feit 17 onder het derde gedachtestreepje ten laste gelegde.

Verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 8 primair voor wat betreft de zaken 22 en 25, 8 subsidiair voor wat betreft de zaak 22, 9, 13 primair, 14 voor wat betreft de zaak 10, 16 primair en 17 voor wat betreft het 1e gedachtestreepje ten laste gelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij.

Verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair voor wat betreft de zaken 36, 37 en 48, 11, 13 subsidiair, 14 voor wat betreft de zaken 1, 5 en 12, 15 primair, 16 subsidiair en 17 onder het 2e gedachtestreepje ten laste gelegde heeft begaan zoals hierboven in de rubriek bewezen verklaarde omschreven.

Verklaart niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte onder 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8 primair voor wat betreft de zaken 36, 37 en 48, 11, 13 subsidiair, 14 voor wat betreft de zaken 1, 5 en 12, 15 primair, 16 subsidiair en 17 meer of anders is ten laste gelegd en spreekt hem daarvan vrij.

Verklaart dat het bewezen verklaarde de hierboven vermelde strafbare feiten oplevert.

Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en ook de verdachte daarvoor strafbaar.

Veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) jaren.

Beveelt dat de tijd, die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in deze zaak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht.

Beslag

(...)

Benadeelde partijen

(...)

Dit arrest is gewezen door de vijfde meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. R.M. Steinhaus, mr. R. Veldhuisen en mr. R.P.P. Hoekstra, in tegenwoordigheid van mr. S. Aytemür, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 14 maart 2011.

1 2002/584/JBZ: Kaderbesluit van de Raad van 13 juni 2002 betreffende het Europees aanhoudingsbevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten.

2 Samenwerkingsovereenkomst (ordner 1, dossierpagina's 49-53) en Verlenging samenwerkingsovereenkomst (ordner 1, dossierpagina 54).

3 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 januari 2009 (ordner 13, dossierpagina's 5727-5733).

4 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 januari 2009 (ordner 13, dossierpagina's 5790-5791).

5 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 januari 2009 (ordner 13, dossierpagina 5467).

6 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 februari 2009, inhoudende het verhoor van getuige [getuige 1] (ordner 13, dossierpagina 5742).

7 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 20 januari 2008 (ordner 13, dossierpagina's 5805-5808).

8 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 12 februari 2009, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 1] (ordner 13, dossierpagina 5872).

9 Proces-verbaal van de politie van Antwerpen van 5 januari 2009, inhoudende het verhoor van de verdachte (ordner 13, dossierpagina 5846).

10 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 13 november 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4133-4137).

11 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 13 november 2008, inhoudende het verhoor van aangever [slachtoffer 2] (ordner 10, dossierpagina 4139).

12 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 13 november 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4134-4135).

13 Proces-verbaal van observeren van 14 november 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4168-4170).

14 Proces-verbaal van bevindingen van 27 november 2008 (ordner 10, dossierpagina 4171).

15 Proces-verbaal van 17 november 2008, inhoudende het verhoor van getuige [getuige 2] (ordner 10, dossierpagina's 4176-4179).

16 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 27 februari 2009, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 2] (ordner 11, dossierpagina's 4957- 4959).

17 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 13 november 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4322-4329).

18 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 13 november 2008, inhoudende het verhoor van aangever [slachtoffer 3] (ordner 10, dossierpagina 4331).

19 Proces-verbaal van observeren van 14 november 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4168-4170).

20 Proces-verbaal bevindingen van 29 november 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4354-4355).

21 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 27 februari 2009, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 2] (ordner 11, dossierpagina's 4957- 4959).

22 Proces-verbaal van de politie Gent van 18 november 2008 (ordner 11, dossierpagina's 4811-4813).

23 Proces-verbaal van bevindingen van 9 april 2009 (ordner 11, dossierpagina 4845).

24 Proces-verbaal van bevindingen van 29 december 2008 (ordner 11, dossierpagina 4850).

25 Proces-verbaal van bevindingen van 9 april 2009 (ordner 11, dossierpagina 4845).

26 Proces-verbaal van bevindingen van 30 december 2008 (ordner 11, dossierpagina's 4842-4844).

27 Proces-verbaal van bevindingen van 3 april 2009 (ordner 18, dossierpagina's 8166-8168).

28 Proces-verbaal van bevindingen van 24 april 2009 (ordner 3, dossierpagina's 932-937).

29 Proces-verbaal van bevindingen van 17 maart 2009 inclusief lijst in beslag genomen goederen (ordner 11, dossierpagina's 4846 en 4848).

30 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 27 februari 2009, inhoudende het verhoor van Z. [medeverdachte 2] (ordner 11, dossierpagina's 4960- 4961).

31 Proces-verbaal van de politie Brasschaat van 3 december 2008 (ordner 14, dossierpagina's 6166-6171).

32 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 januari 2009 (ordner 14, dossierpagina 6179).

33 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 8 januari 2009 (ordner 14, dossierpagina 6181).

34 Proces-verbaal van de politie Brasschaat van 3 december 2008, inhoudende de aangifte van [slachtoffer 7] (ordner 14, dossierpagina 6150).

35 Proces-verbaal van de politie Gent van 8 januari 2009 (ordner 14, dossierpagina's 6138-6139).

36 Proces-verbaal van de politie Gent van 8 januari 2009 (ordner 14, dossierpagina 6152).

37 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 27 februari 2009, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 2] (ordner 11, dossierpagina's 4961- 4963).

38 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 27 februari 2009, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 2] (ordner 14, dossierpagina's 6319-6322).

39 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 7 januari 2008 (ordner 12, dossierpagina's 5239-5246).

40 Proces verbaal van observeren van 11 december 2008 (ordner 12, dossierpagina 5218).

41 Proces-verbaal van bevindingen van 30 december 2008 (ordner 12, dossierpagina 5227).

42 Proces-verbaal ter terechtzitting eerste aanleg op 20 en 21 oktober 2009, pagina 3.

43 Verklaring van de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep op 14 februari 2011.

44 Relaas proces-verbaal onderzoek van 26 mei 2009 (ordner 12, dossierpagina 5200).

45 Tapgesprek van 16 december 2008 te 06:49:39 uur (ordner 12, dossierpagina 5210).

46 Tapgesprek van 16 december 2008 te 15:47:38 uur (ordner 12, dossierpagina 5212).

47 Tapgesprek van 16 december 2008 te 21:46:24 uur (ordner 12, dossierpagina's 5214-5215).

48 Proces-verbaal verhoor van 8 januari 2009, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 3] (ordner 6, dossierpagina's 2729-2730).

49 Proces-verbaal binnentreden woning van 6 januari 2009 (ordner 3, dossierpagina's 1278-1280)

50 Proces-verbaal aanvraag doorzoeking ter inbeslagneming van 5 januari 2009 (ordner 3, dossierpagina 1265).

51 Proces-verbaal onderzoek digitale camera van 23 maart 2009 (ordner 5, dossierpagina 1909).

52 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 23 december 2008 (ordner 13, dossierpagina's 5445-5549).

53 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 januari 2009 (ordner 13, dossierpagina 5468).

54 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 20 januari 2008 (ordner 13, dossierpagina's 5485-5486).

55 Proces-verbaal van bevindingen van 6 januari 2009 (ordner 13, dossierpagina 5538).

56 Proces-verbaal van bevindingen van 1 mei 2009 (ordner 5, dossierpagina's 1883-1884).

57 Proces-verbaal van de politie Wetteren van 2 december 2008 (ordner 14, dossierpagina's 5982-5983).

58 Proces-verbaal van de politie Wetteren van 2 december 2008, inhoudende het verhoor van [slachtoffer 10] (ordner 14, dossierpagina 5986).

59 Proces-verbaal van de politie Gent van 26 februari 2009, inhoudende een verhoor van [medeverdachte 2] (ordner 14, dossierpagina 6107).

60 Proces-verbaal van de politie Gent van 2 december 2008 (ordner 14, dossierpagina 5988).

61 Tapgesprek van 2 december 2008 te 15:43:11 uur, afkomstig van de politie Antwerpen (ordner 14, dossierpagina's 6009-6010).

62 Proces-verbaal van onderzoek woning van 14 april 2009 (ordner 3, dossierpagina 1274).

63 Proces-verbaal van bevindingen van 2 juni 2009, inclusief index in beslag genomen goederen (ordner 4, dossierpagina 1339).

64 Proces-verbaal van 16 april 2009 (ordner 14, dossierpagina's 6014-6015).

65 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 3 januari 2009 (ordner 14, dossierpagina's 6339-6342).

66 Tapgesprek van 2 januari 2009 te 23:49:44 uur (ordner 15, dossierpagina 6848).

67 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 00:16:27 uur (ordner 15, dossierpagina 6849).

68 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 00:16:51 uur (ordner 15, dossierpagina 6849).

69 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 01:02:33 uur (ordner 15, dossierpagina 6850).

70 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 07:18:47 uur (ordner 15, dossierpagina 6851).

71 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 07:27:15 uur (ordner 15, dossierpagina 6854).

72 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 08:32:21 uur (ordner 15, dossierpagina 6855).

73 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 mei 2009 (ordner14, dossierpagina's 6368-6369).

74 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 december 2008 (ordner 15, dossierpagina 6580-6583).

75 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 2] van 26 februari 2009 (ordner 15, dossierpagina 6717).

76 Tapgesprek van 5 december 2008 te 07:24:48 uur, afkomstig van de politie Antwerpen (ordner 15, dossierpagina's 6570-6571).

77 Tapgesprek van 6 december 2008 te 14:56:15 uur (ordner 15, dossierpagina's 6563-6564).

78 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 3] van 15 januari 2009 (ordner 15, dossierpagina 6676).

79 Proces-verbaal onderzoek woning van 6 januari 2009 inclusief fotobijlage (ordner 15, dossierpagina's 6575 -6577).

80 Proces-verbaal van verhoor van [getuige 4] van 14 januari 2009 (ordner 15, dossierpagina 6604).

81 Proces-verbaal van de politie Turnhout van 3 januari 2009 (ordner 15, dossierpagina's 6774-6777).

82 Proces-verbaal van verhoor van de politie Noorderkempen van 3 januari 2009, inhoudende de verklaring van K. Heijboer (ordner 15, dossierpagina 6779).

83 Proces-verbaal van de politie Turnhout van 3 januari 2009 (ordner 15, dossierpagina's 6775-6776).

84 Tapgesprek van 2 januari 2009 te 23:49:44 uur (ordner 15, dossierpagina 6848).

85 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 00:16:27 uur (ordner 15, dossierpagina 6849).

86 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 00:16:51 uur (ordner 15, dossierpagina 6849).

87 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 01:02:33 uur (ordner 15, dossierpagina 6850).

88 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 07:18:47 uur (ordner 15, dossierpagina 6851).

89 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 07:27:15 uur (ordner 15, dossierpagina 6854).

90 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 08:32:21 uur (ordner 15, dossierpagina 6855).

91 Proces-verbaal van de politie Turnhout van 5 januari 2009 (ordner 15, dossierpagina 6812).

92 Tapgesprek van 3 januari 2009 te 08:41:39 uur (ordner 15, dossierpagina 6856).

93 Proces-verbaal van onderzoek woning van 14 april 2009 (ordner 3, dossierpagina 1274).

94 Proces-verbaal van bevindingen van 2 juni 2009, inclusief index in beslag genomen goederen (ordner 4, dossierpagina 1339).

95 Proces-verbaal van 16 april 2009 (ordner 15, dossierpagina's 6846-6847).

96 Proces-verbaal van de politie Gent van 25 december 2008 (ordner 16, dossierpagina's 7532-7536).

97 Tapgesprek van 24 december 2008 te 23:22:17 uur (ordner 16, dossierpagina 7542).

98 Tapgesprekken 6696 en 6697 van 25 december 2008 (ordner 16, dossierpagina 7543).

99 Proces-verbaal van de politie Antwerpen inhoudende het verhoor van [medeverdachte 2] van 27 februari 2009 (ordner 7, dossierpagina 2923).

100 Proces-verbaal van bevindingen van 6 april 2009 (ordner 16, dossierpagina's 7558-7559).

101 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 23 december 2008 (ordner 16, dossierpagina's 7588-7590).

102 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 5 januari 2009 (ordner 16, dossierpagina 7614).

103 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 7 januari 2009, inclusief het verhoor van [slachtoffer 16] van dezelfde datum (ordner 16, dossierpagina's 7609-7610).

104 Proces-verbaal van de politie Mechelen van 17 december 2008 (ordner 18, dossierpagina's 8154-8155).

105 Proces-verbaal van de politie Mechelen, inhoudende het verhoor van [slachtoffer 17] op 17 december 2008 (ordner 18, dossierpagina 8158).

106 Proces-verbaal van bevindingen (ordner 11, dossierpagina 4845).

107 Proces-verbaal van bevindingen (ordner 11, dossierpagina 4850).

108 Proces-verbaal van bevindingen van 12 mei 2009 (ordner 18, dossierpagina's 8194-8195).

109 Proces-verbaal van bevindingen (ordner 11, dossierpagina 4845).

110 Proces-verbaal van bevindingen (ordner 11, dossierpagina's 4842-4844).

111 Proces-verbaal van bevindingen (ordner 18, dossierpagina 8167).

112 Proces-verbaal van relaas van 19 mei 2009 (ordner 18, dossierpagina 8149).

113 Proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 1] (ordner 18, dossierpagina 8211).

114 Tapgesprek van 17 december 2008 te 07:59:46 uur (ordner 18, dossierpagina 8165).

115 Proces-verbaal van relaas van 19 mei 2009 (ordner 18, dossierpagina 8149).

116 Proces-verbaal van de politie Antwerpen inhoudende het verhoor van [medeverdachte 2] van 27 februari 2009 (ordner 7, dossierpagina 2923).

117 Proces-verbaal van bevindingen van 14 mei 2009 (ordner 18, dossierpagina's 8189-8191).

118 Proces-verbaal van bevindingen van 17 april 2009 (ordner 18, dossierpagina 's8172-8173).

119 Een schriftelijk bescheid van de politie Aachen, zijnde een aangifte (ordner 8, dossierpagina 3251).

120 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 21] van 19 juni 2008 (ordner 8, dossierpagina 3278).

121 Proces-verbaal van bevindingen van 24 juni 2008 (ordner 8, dossierpagina's 3282-3283).

122 Proces-verbaal van bevindingen van 1 juli 2008 (ordner 8, dossierpagina 3285).

123 Proces-verbaal van bevindingen van 1 juli 2008 (ordner 8, dossierpagina's 3288-3289).

124 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 3] (ordner 8, dossierpagina 3338).

125 Tapgesprek van 14 oktober 2008 te 12:01:57 uur (ordner 12, dossierpagina's 5176-5177).

126 Een schriftelijk bescheid van de politie Bergisch Gladbach, zijnde een aangifte (ordner 8, dossierpagina 3367).

127 Een schriftelijk bescheid, inhoudende een MMA-melding van 9 juli 2008 (ordner 8, dossierpagina 3394).

128 Proces-verbaal van bevindingen van 14 juli 2008 (ordner 8, dossierpagina's 3396-3397).

129 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 3] van 7 januari 2009 (ordner 8, dossierpagina 3485).

130 Proces-verbaal van de politie Beyne-Fléron-Soumagne van 1 mei 2008 (ordner 10, dossierpagina's 3979-3981).

131 Proces-verbaal van aangifte van 9 augustus 2008 (ordner 10, dossierpagina 3990).

132 Proces-verbaal van observeren van 6 oktober 2008 (ordner 10, dossierpagina 3993).

133 Proces-verbaal van observeren van 9 oktober 2008 (ordner 10, dossierpagina 4012).

134 Proces-verbaal van bevindingen van 20 oktober 2008 (ordner 10, dossierpagina's 4025-4026).

135 Proces-verbaal van aangifte van 16 mei 2008 (ordner 8, dossierpagina 3142).

136 Proces-verbaal van aangifte van 19 mei 2009 (ordner 8, dossierpagina's 3152-3153).

137 Proces-verbaal van bevindingen van 10 juli 2008 (ordner 8, dossierpagina 3168).

138 Proces-verbaal van bevindingen van 2 juli 2008 (ordner 8, dossierpagina's 3171-3172)

139 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 22] van 18 januari 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3862-3863).

140 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 23] van 26 maart 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3876-3877.

141 Schriftelijk bescheid, inhoudende een mutatie van de politie (ordner 9, dossierpagina 3884).

142 Proces-verbaal van aanhouding van 19 september 2008 (ordner 9, dossierpagina 3885-3886).

143 Proces-verbaal van verhoor van 19 september 2008 (ordner 9, dossierpagina 3896, regel 1-3 en 7).

144 Proces-verbaal van relaas (ordner 12, dossierpagina 5088).

145 Proces-verbaal van 12 december 2008 (ordner 12, dossierpagina 5097).

146 Proces-verbaal van 12 december 2008 (ordner 12, dossierpagina 5098).

147 Proces-verbaal van verhoor getuige van 8 april 2009 (ordner 12, dossierpagina 5109).

148 Tapgesprek van 30 september 2008 te 19:25:37 uur en tapgesprek van 1 oktober 2008 te 15:58:49 uur (ordner 12, dossierpagina's 5113-5114 en 5117).

149 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 3] (ordner 12, dossierpagina 5187).

150 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 24] van 21 november 2007 (ordner 9, dossierpagina's 3558-3560).

151 Proces verbaal van aangifte van [slachtoffer 25] van 10 december 2007 (ordner 9, dossierpagina's 3569-3570).

152 Schriftelijke bescheiden, inhoudende beschikkingen van het Centraal Justitieel Incasso Bureau (ordner 9, dossierpagina's 3575-3612).

153 Proces-verbaal van bevindingen van 30 oktober 2008 (ordner 9, dossierpagina 3574).

154 Proces-verbaal van bevindingen van 14 september 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3616-3618).

155 Proces-verbaal van 23 september 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3638, 3653 en 3655).

156 Proces-verbaal van 23 september 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3645 en 3649)

157 Proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 5] (ordner 9, dossierpagina 3953).

158 Proces-verbaal van bevindingen van 2 oktober 2008 (ordner 9, dossierpagina 3673).

159 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 13 december 2008 (ordner 9, dossierpagina 3712).

160 Proces-verbaal van de politie Voorkempen van 13 december 2008 (ordner 9, dossierpagina 3718).

161 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 8 januari 2009 (ordner 9, dossierpagina 3726).

162 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 28 september 2008 (ordner 9, dossierpagina 3761).

163 Proces-verbaal van bevindingen van 16 oktober 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3676-3677).

164 Proces-verbaal van observeren van 29 oktober 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3691-3692).

165 Proces-verbaal observeren van 24 november 2008 (ordner 9, dossierpagina's 3694-3696).

166 Tapgesprek van 13 december 2008 te 09:06:22 uur (ordner 9, dossierpagina 3710).

167 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 26] van 29 januari 2007 (ordner 11, dossierpagina's 4481-4482).

168 Proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 27] van 1april 2008 (ordner 11, dossierpagina's 4487-4488).

169 Proces-verbaal van de politie Voorkempen van 5 februari 2009 (ordner 11, dossierpagina's 4555-4556).

170 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 9 april 2009 (ordner 11, dossierpagina 4569).

171 Proces-verbaal van de politie Antwerpen van 9 februari 2009 (ordner 11, dossierpagina 4581).

172 Proces-verbaal van de politie Antwerpen, inhoudende het verhoor van [medeverdachte 1] van 12 februari 2009 (ordner 11, dossierpagina 4671).

173 Proces-verbaal van verhoor van [medeverdachte 3] van 7 januari 2009 (ordner 11, dossierpagina 4660-4661).

174 Proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 2] van 27 februari 2009 (ordner 11, dossierpagina's 4623-4624).

175 Proces-verbaal sequentiële fotobewijsconfrontatie van 14 maart 2009 (ordner 11, dossierpagina's 4532-4533).

176 Proces-verbaal van Modus Operandi van 22 april 2009 (ordner 3, dossierpagina's 924-925).