Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2010:BO6776

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
05-10-2010
Datum publicatie
09-12-2010
Zaaknummer
200.055.413/02
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Tussenbeschiking wrakingsverzoek notariszaak

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

WRAKINGSKAMER

BESCHIKKING

op het verzoek van:

mr. [naam notaris],

notaris te [vestigingsplaats],

verzoekster,

gemachtigde: mr. G.J. van Oosten, te Amsterdam.

1. Het verzoek en de rechtsgang

1.1 Verzoekster zal hierna worden aangeduid als de notaris.

1.2 Het verzoek – voorzien van twee bijlagen - met bovenvermeld rekestnummer is gedateerd 13 juli 2010 en is op dezelfde datum per fax ter griffie binnengekomen. Het betreft een verzoek tot wraking van mr. [naam voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer], voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer. Deze kamer is belast met de behandeling van de zaak met zaaknummer 200.055.413/01 NOT, een klacht in hoger beroep van [X] gericht tegen de notaris.

Mr. [naam voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer] heeft de griffier van de wrakingskamer laten weten dat zij niet berust in de wraking en geen gebruik wenst te maken van de gelegenheid te worden gehoord.

1.3 De wrakingskamer heeft op 23 september 2010 het wrakingsverzoek ter openbare terechtzitting behandeld. De notaris is daarbij verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde voornoemd.

Zij hebben het verzoek tot wraking toegelicht en vragen van de wrakingskamer beantwoord. Van het ter zitting verhandelde is proces-verbaal opgemaakt.

2. Beoordeling

2.1 Als grond voor het wrakingsverzoek heeft de notaris aangevoerd, zakelijk weergegeven, dat de voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer ter zitting van 1 juli 2010 heeft blijk gegeven van onvoldoende onpartijdigheid en onbevangenheid, dan wel de schijn hiervan (ernstig) heeft gewekt.

De notaris heeft daartoe onder meer naar voren gebracht dat de voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer ter zitting de volgende woorden gebruikte:

- Wellicht ben ik te primitief, maar ik kan niet bedenken op grond waarvan u uit de beslissing van de rechtbank kon opmaken dat u gerechtigd was de opbrengst van de verkoop over te maken op de derdenrekening van de advocaat van de wederpartij.

- Hiermee heeft u mevrouw [X] op één-nul achterstand gezet.

- Ik begrijp het nu nog minder, want ik hoor nu dat u al op de hoogte was van het forse geschil tussen de erfgenamen.

- Hiermee heeft u mevrouw [X] tot een executiegeschil gedwongen.

2.2 Met voornoemde opmerkingen heeft de voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer, mede gelet op de sfeer ter zitting waarin deze werden gemaakt en de gebezigde toon, bij zowel de notaris als haar gemachtigde de stellige indruk gewekt dat van een onpartijdige en onbevangen behandeling van de zaak geen sprake was. Met name is de indruk ontstaan dat het niet meer uitmaakte wat van de zijde van de notaris ter zitting naar voren werd gebracht, omdat de voorzitter haar oordeel al had gevormd. Hierdoor zijn de notaris en de gemachtigde met een vervelend gevoel naar huis gegaan.

2.3 De wrakingskamer overweegt als volgt. Een rechter kan worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Uitgangspunt daarbij is dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat een rechter jegens een procespartij vooringenomenheid koestert, althans dat de bij die procespartij bestaande vrees daarvoor objectief gerechtvaardigd is.

2.4 Mede gelet op hetgeen de notaris en haar gemachtigde ter openbare zitting van de wrakingskamer naar voren hebben gebracht over de sfeer tijdens de behandeling ter zitting van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer, heeft de wrakingskamer behoefte aan nadere inlichtingen. Hiertoe wenst de wrakingskamer de voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer te horen.

2.5 Daarom zal de openbare behandeling worden voortgezet en een nieuwe zittingsdatum worden bepaald.

2.6 Aan mr. G.J. van Oosten zal een afschrift van deze beslissing worden gezonden.

2.7 Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3. Beslissing

Het hof:

- verzoekt mr. [naam voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer] in persoon, te verschijnen bij de voortzetting van de openbare behandeling van de wrakingskamer van het hof in een der zalen van het Paleis van Justitie, Prinsengracht 436 te Amsterdam en wel op een nader te bepalen tijdstip;

- bepaalt dat een afschrift van deze beslissing wordt toegezonden aan mr. G.J. van Oosten, alsmede aan de voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer, mr. [naam voorzitter van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer];

- houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beschikking is gegeven door mrs. W.J.J. Los, R. de Bock en G.C.C. Lewin in tegenwoordigheid van mr. A.J. Hagens als griffier en op 5 oktober 2010 in het openbaar uitgesproken.