Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ4699

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
14-12-2006
Datum publicatie
19-12-2006
Zaaknummer
1142/2006 NOT
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

De termijn waarover klager klaagt acht het hof weliswaar niet ruim maar evenmin onvoldoende zeker, nu klager in de gelegenheid is gesteld om telefonisch de inhoud van de stukken met de notaris door te nemen. Hiervan heeft klager geen gebruik gemaakt. Evenmin heeft klager gebruik gemaakt van het aanbod van de notaris om voorafgaand aan het passeren van de akte op zijn kantoor langs te komen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

TWEEDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER

Bij vervroeging

Beslissing van 14 december 2006 in de zaak onder rekestnummer 1142/2006 NOT van:

MR. [X],

notaris te [plaats],

APPELLANT,

t e g e n

[Y],

wonende te [plaats],

GEÏNTIMEERDE.

1. Het geding in hoger beroep

1.1. Ter griffie van het hof is op 19 juli 2006 ingekomen een verzoekschrift van de zijde van appellant, verder te noemen de notaris, waarbij hij tijdig hoger beroep heeft ingesteld tegen de aan deze beslissing gehechte beslissing van de kamer van toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Alkmaar, verder te noemen de kamer, van 21 juni 2006, waarbij de klacht van geïntimeerde, verder te noemen klager, gedeeltelijk gegrond is verklaard, aan de notaris de maatregel van waarschuwing is opgelegd en de klacht voor het overige ongegrond is verklaard.

1.2. Op 10 augustus 2006 is van de zijde van de notaris een aanvullend verzoekschrift ter griffie van het hof ingekomen.

1.3. Van de zijde van klager is een verweerschrift - met bijlagen - ter griffie van het hof ingekomen op 15 augustus 2006.

1.4. De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van het hof van 9 november 2006. De notaris is verschenen en heeft het woord gevoerd. Klager is – zonder bericht van verhindering – niet verschenen

2. De stukken van het geding

Het hof heeft kennis genomen van de inhoud van de door de kamer aan het hof toegezonden stukken van de eerste instantie alsmede van de hiervoor genoemde stukken.

3. De feiten

Het hof verwijst voor de feiten naar hetgeen de kamer in de bestreden beslissing heeft vastgesteld. Partijen hebben tegen de vaststelling van de feiten geen bezwaar gemaakt zodat het hof zal uitgaan van de door de kamer in eerste aanleg vastgestelde feiten.

4. Het standpunt van klager

4.1. Klager verwijt de notaris dat hij onvoldoende tijd heeft gekregen om het hem per fax op 12 december 2005 toegezonden concept van de akte van levering die op 15 december 2005 zou worden verleden te kunnen controleren. Gelet op zijn drukke werkzaamheden was een periode van minimaal 14 dagen redelijk geweest. Ook kon klager niet controleren of de nota van afrekening in orde was. Klager heeft deze nota betaald naar aanleiding van de mededeling van een medewerker van het notariskantoor dat indien hij niet zou betalen en de verkoop als gevolg daarvan geen doorgang zou vinden, de koper hem aansprakelijk zou kunnen stellen voor alle kosten.

4.2. Ook verwijt klager de notaris dat hij ten onrechte de akte en de afrekening per fax heeft ontvangen. Daarnaar gevraagd heeft hij zijn faxnummer opgegeven, maar de fax was onleesbaar. In een later stadium heeft klager de notaris om een goed leesbare akte gevraagd.

4.3. Tevens verwijt klager de notaris dat hij hem er niet op heeft gewezen dat de koopsom niet rechtstreeks op zijn rekening zou worden gestort. Klager meent verder dat hij het bedrag van € 7,50 wegens telefonische overboeking zonder reden heeft betaald, nu de koopsom aan de bank is overgemaakt, onder de noemer aflossing afrekening oude hypothecaire lening.

4.4. Klager heeft voorts betoogd dat hij de volmacht niet heeft ingetrokken omdat de medewerker en de notaris hem dit stellig hebben afgeraden en hem hebben gewaarschuwd dat ingeval van intrekking van de volmacht een procedure tegen hem kon worden aangespannen.

4.5. Klager brengt ten slotte naar voren dat hij geen originele akten heeft ontvangen. Hij kan derhalve niet beoordelen of alles goed is gegaan, zoals de notaris aangeeft.

5. Het standpunt van de notaris

5.1. De notaris betwist de stellingen van klager en verweert zich als volgt.

5.2. De notaris heeft aangevoerd dat hij de periode van drie en een halve dag gelegen tussen het tijdstip van het versturen van de conceptakte en het passeren van de akte, voldoende acht voor het doornemen van de relatief eenvoudige transportakte. Het betreft in het onderhavige geval een akte van overdracht van 6 pagina’s onder meer bestaande uit anderhalve pagina erfdienstbaarheden. Bovendien is de akte gebaseerd op een door klager ondertekende koopovereenkomst. Dit geldt ook voor de nota van afrekening. Het kan de notaris niet worden aangerekend dat klager kennelijk binnen redelijke termijn geen afspraak heeft kunnen maken met de bank, toen de afrekening van de bank anders was dan hij zich had voorgesteld.

De notaris deelt het standpunt van klager, dat deze onvoldoende in staat is gesteld om de akte van levering en de nota van afrekening op hun juistheid te controleren, niet. Indien klager al onvoldoende kennis heeft kunnen nemen van de desbetreffende stukken, wijst de notaris er in dat verband op dat klager er zelf voor heeft gekozen deze stukken per fax te willen ontvangen. De medewerker van de notaris heeft klager dienaangaande drie opties geboden, te weten: ontvangst van de stukken per post, per e-mail of per fax. Dat de akte van levering wellicht gedeeltelijk onleesbaar is doorgekomen, kan de notaris niet worden tegengeworpen. Dit is gelegen aan de kwaliteit van de faxapparatuur waar klager zich van bedient. Daarnaast heeft de notaris op 14 december 2005 klager aangeboden de stukken per telefoon door te nemen en toe te lichten, hetgeen klager heeft geweigerd. Klager is dan ook voldoende in de gelegenheid gesteld om kennis te nemen van de inhoud van de akte en de afrekening. Gezien al hetgeen hiervoor is weergegeven, heeft de notaris voldaan aan de op hem rustende informatieplicht. De notaris hecht eraan nog op te merken dat het kantoorbeleid is cliënten waar mogelijk zo spoedig mogelijk vooraf de noodzakelijke akten en afrekeningen ter inzage en controle te doen toekomen. Volgens de notaris heeft klager zijn kans voorbij laten gaan, door niet in te gaan op het aanbod om de akte telefonisch door te nemen en hem evenmin vóór de overdracht terug te bellen casu quo op zijn kantoor langs te komen. De notaris heeft verklaard dat hij de akte niet zou hebben gepasseerd indien klager op 14 december 2005, toen hij telefonisch contact met hem zocht, niet thuis was geweest.

5.3. Voorts heeft de notaris aangegeven dat klager de door hem reeds op 6 oktober 2005 verleende volmacht nooit heeft ingetrokken. Dit is in ieder geval niet ter sprake gekomen tijdens het eerder vermelde telefoongesprek van 14 december 2005 en ook niet in het faxbericht van klager van 13 december 2005, waarin over de leesbaarheid van de fax wordt geklaagd. Indien het niet laten doorgaan van de overdracht wel aan de orde was geweest, dan zou de notaris dit klager ernstig hebben ontraden gezien de door hem aangegane contractuele verplichting tot levering. Uit de omstandigheid dat klager de nota van afrekening voorafgaand aan de overdracht zonder enig voorbehoud heeft betaald, kan - aldus de notaris - worden afgeleid dat ook klager meende dat de overdracht doorgang zou moeten vinden.

5.4. De vermelde stukken zijn, aldus de notaris, niet eerder aan klager toegezonden omdat op het notariskantoor de maand december de drukste maand van het jaar is. De dossiers worden op volgorde van de data van vermoedelijk passeren behandeld; kennelijk was het onderhavige dossier pas op of kort vóór 12 december 2005 compleet.

6. De beoordeling

6.1. Het hof zal de klachtonderdelen met betrekking tot het gestelde betreffende de fax, de termijn, de originele stukken en de volmacht gelijktijdig behandelen nu deze klachtonderdelen nauw met elkaar zijn verweven. Het hof is van oordeel dat - in tegenstelling tot hetgeen de kamer heeft beslist - de notaris in het onderhavige geval niet onjuist heeft gehandeld.

Klager had, toen hij geconfronteerd werd met de vraag of hij de akte van levering en de nota van afrekening per faxbericht wenste te ontvangen, dit kunnen weigeren. Hem waren immers verschillende andere mogelijkheden geboden om de stukken te ontvangen, waaronder per fax. Toen klager vervolgens de faxafdruk - naar hij stelt - onleesbaar onder ogen kreeg, zou het in de rede hebben gelegen dat klager het notariskantoor terstond verzocht zou hebben hem nogmaals het faxbericht te versturen, hetgeen klager niet heeft gedaan. Pas de dag na de ontvangst nam klager dienaangaande contact opgenomen met de notaris, terwijl hij de dag daarvoor, op 13 december 2005 al contact met het kantoor van de notaris had opgenomen met betrekking tot de eveneens per fax verzonden nota van afrekening. De notaris heeft klager vervolgens in de gelegenheid gesteld de tekst van beide stukken telefonisch met hem door te nemen.

De termijn waarover klager klaagt acht het hof weliswaar niet ruim maar evenmin onvoldoende zeker, nu klager in de gelegenheid is gesteld om telefonisch de inhoud van de stukken met de notaris door te nemen. Hiervan heeft klager geen gebruik gemaakt. Evenmin heeft klager gebruik gemaakt van het aanbod van de notaris om voorafgaand aan het passeren van de akte op zijn kantoor langs te komen. Voor zover klager er over klaagt dat hij niet tijdig ter verificatie van de afrekening terechtkon bij zijn bank is het hof van oordeel dat dit klachtonderdeel niet aannemelijk is geworden, dat geldt ook voor het onderdeel van de klacht dat betrekking heeftop het niet intrekken van de door klager verstrekte volmacht.

6.2. Ten aanzien van de klachtonderdelen met betrekking tot de koopsom en de stelling van klager dat hij zonder noodzaak € 7,50 heeft betaald voor een telefonische overboeking, is het hof van oordeel dat deze klachtonderdelen evenmin terecht zijn voorgesteld. Onweersproken staat vast dat op de woning een hypotheek ter zake van een lening rustte, die ten behoeve van een onbelaste levering diende te worden afgelost. Uit de tekst van de vragenlijst verkoop registergoed heeft klager kunnen afleiden dat er, mocht er sprake zijn van een surplus, dat geld naar hem overgemaakt zou worden. Dat de notaris klager hierop nog eens nadrukkelijk attent diende te maken is niet voor de hand liggend. Het had op de weg van klager gelegen om, indien er bij hem hieromtrent twijfel bestond, bij de notaris om verdere informatie te vragen. Bovendien was het voor klager duidelijk dat hij nog een bedrag diende te betalen in verband met de hypothecaire lening, gelet op zijn reactie naar aanleiding van de nota van afrekening.

Eveneens staat onweersproken vast dat de notaris een telefonische overboeking heeft gedaan ter aflossing van de hypothecaire lening. De hieraan verbonden kosten ad € 7,50 komen voor rekening van klager. Ook deze klachtonderdelen zijn ongegrond.

6.3. Nu het hof tot een ander oordeel is gekomen dan de kamer en de klacht in al zijn onderdelen ongegrond zal verklaren, kan de beslissing van de kamer niet in stand blijven. Het hof zal de beslissing van de kamer vernietigen.

6.4. Hetgeen partijen verder nog naar voren hebben gebracht kan als in het voorgaande reeds behandeld dan wel als in deze procedure niet ter zake dienend, buiten beschouwing blijven.

6.5. Het vorenoverwogene leidt mitsdien tot de volgende beslissing.

7. De beslissing

Het hof:

- vernietigt de beslissing van de kamer van 21 juni 2006 en, opnieuw rechtdoende:

- verklaart de klacht ongegrond.

Deze beslissing is gegeven door mrs. A.L.G.A. Stille, P.J.N. van Os en A.M.A. Verscheure en uitgesproken ter openbare terechtzitting van donderdag 14 december 2006 door de rolraadsheer.

DE KAMER VAN TOEZICHT OVER DE NOTARISSEN EN KANDIDAAT-NOTARISSEN TE ALKMAAR

Klachtnummer 2/2006

De Kamer van toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Alkmaar, hierna te noemen: de Kamer, heeft de volgende beslissing gegeven in de klachtprocedure van:

[Y],

wonende te [plaats],

klager,

tegen

mr. [X],

notaris te [plaats],

beklaagde.

HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE

1.1. Bij brief van 6 februari 2006 heeft klager een klacht ingediend tegen de notaris.

1.2. Op 15 februari 2006 heeft de notaris schriftelijk op de klacht gereageerd.

1.3. Op 14 maart 2006 heeft klager zijn klacht nader toegelicht.

1.4. Bij brief van 10 mei 2006, verzonden per fax, heeft de notaris hierop gereageerd.

1.5. Op 10 mei 2006 heeft de mondelinge behandeling van de klacht plaatsgevonden. Bij die gelegenheid zijn gehoord klager en de notaris.

DE FEITEN

2.1. Op onbekende datum heeft klager zijn woning aan de Rudbeckialaan 25 te [plaats] verkocht.

2.2. Bij brief van 29 september 2005 heeft een medewerker van Notariskantoor [A] (thans: Notariskantoor [X]) te [plaats] het volgende, voor zover van belang, aan klager meegedeeld:

“Op mijn kantoor is in behandeling de verkoop door u van bovengemeld registergoed.

In verband daarmede verzoek ik u mij toe te zenden:

- het bijgaande lijstje, door u ingevuld;

(…)

De koopakte vermeldt als uiterlijke datum van levering 15 december 2005. Tenzij partijen anders overeenkomen ben ik voornemens de akte tot levering op 15 december 2005 om 13:30 uur op mijn kantoor te passeren, (…)”

2.3. Van het lijstje getiteld: “vragenlijst verkoop registergoed” dat als bijlage bij bovengenoemde brief is meegestuurd, is het navolgende van belang:

“4. Indien er geld naar u overgemaakt moet worden, kan dit worden gestort op rekeningnummer … bij de … bank te …

telefonisch ja/nee (kosten overboeking € 8,33 incl BTW)”

2.4. Aangezien klager niet de wens had aanwezig te zijn bij het passeren van de akte, heeft hij op 6 oktober 2005 bij een notariskantoor te [plaats] een volmacht getekend.

2.5. Op 12 december 2005 heeft een medewerker van de notaris (hierna: de medewerker) telefonisch contact opgenomen met klager. Nadat klager zijn faxnummer had gegeven, zijn de afrekening met aflosnota van de Rabobank en de ontwerpakte van overdracht per fax aan klager toegezonden. Klager heeft deze stukken om 11:24 uur ontvangen.

2.6. Op 12 december 2005 om 13:40 uur heeft klager telefonisch aan de medewerker meegedeeld dat de afrekening niet juist was omdat de 1ste hypotheek ad € 44.924,- al eerder was afgelost.

2.7. Het bedrag van € 4.718,13 dat klager blijkens eerdergenoemde nota ter zake van de overdracht diende te voldoen, is op 13 december 2005 door de notaris ontvangen.

2.8. Bij faxbericht van 13 december 2005, verstuurd om 11:44 uur, heeft klager het volgende aan het kantoor van de notaris meegedeeld:

“Naar aanleiding van uw faxen (12 december 2005) vorderingen en Akte van levering betreffende verkoop Rudbeckialaan, deel ik u mede, dat de faxen niet helemaal duidelijk zijn afgedrukt, Akte van levering is daardoor niet op juistheid te controleren.

De door u opgestelde vorderingen kan ik niet in drie dagen controleren omdat een afspraak bij de bank deze week niet mogelijk is.

Omtrent bovengenoemde wil ik u er nogmaals op wijzen (ook telefonisch al gedaan) dat u het officiële minimaal 14 dagen voor datum van levering mij had moeten toedoen.

Mocht u toch overgaan tot levering en er achteraf fouten in zowel vordering en of Akte van levering staan stel ik u hierbij aansprakelijk voor alle gerechtelijke en buitengerechtelijke kosten, u bent namelijk in gebreken gebleven en kan dan niet verlangen dat andere daar de dupe van zijn.”

2.9. Op 14 december 2005 om 20:00 uur heeft de notaris contact opgenomen met klager en aangeboden de akte telefonisch door te nemen. Klager is hier niet op ingegaan in verband met drukte in zijn onderneming.

2.10. Op 15 december 2005 om 13:30 uur heeft de overdracht van bovengenoemde woning plaatsgevonden. Daarbij heeft de notaris gebruik gemaakt van de door klager afgegeven volmacht.

2.11. Een afschrift van de akte van overdracht is op 16 december 2005 ingeschreven in het kadaster. Vervolgens heeft de financiële afwikkeling overeenkomstig de afrekening van de verkoper plaatsgevonden.

DE KLACHT

3.1. Klager meent dat hij onvoldoende tijd heeft gekregen om de akte van levering te kunnen controleren. Mede in verband met zijn drukke werkzaamheden, was de termijn van maandag 12 december tot donderdag 15 december 2005 te kort. Volgens klager was een periode van minimaal 14 dagen redelijk geweest.

Ook de afrekening heeft klager niet op juistheid kunnen controleren. Klager heeft deze nota betaald omdat de medewerker hem “onrust had bezorgd” door aan te geven dat als hij dit niet zou doen en de verkoop zou royeren, de koper hem aansprakelijk kon stellen voor alle kosten.

Klager betwist dat het zijn wens was de akte en de afrekening per fax te ontvangen. Desgevraagd heeft hij zijn faxnummer opgegeven.

In een later stadium heeft klager gevraagd om een goed leesbare akte.

Daarnaast verwijt klager de notaris dat hij hem er niet op heeft gewezen dat de koopsom niet rechtstreeks op zijn rekening zou worden gestort. Klager meent verder dat hij het bedrag van € 7,50 zonder reden heeft betaald, nu de koopsom aan de bank is overgemaakt, onder de noemer aflossing afrekening oude hypotheek.

Klager heeft de volmacht niet ingetrokken omdat de medewerker en de notaris dit stellig hebben afgeraden en hebben gedreigd met het aanspannen van een procedure.

Klager heeft geen originele akte ontvangen, en kan dus niet beoordelen of alles goed is gegaan, zoals de notaris aangeeft.

HET STANDPUNT VAN DE NOTARIS

4.1. De notaris heeft aangevoerd dat hij de periode van maandag 12 december 2005 11:24 uur tot donderdag 15 december 2005 13:30 uur voldoende acht voor het doornemen van een akte van overdracht van 6 pagina’s (waarvan anderhalve pagina erfdienstbaarheden), die is gebaseerd op een door klager ondertekende koopovereenkomst. Ten aanzien van de nota van afrekening geldt, aldus de notaris, hetzelfde. Het kan de notaris niet worden aangerekend dat het klager niet is gelukt om binnen redelijke termijn een afspraak te maken met de bank.

Indien klager al onvoldoende kennis heeft kunnen nemen van de desbetreffende stukken, is dit aan hemzelf te wijten. Hij heeft er immers voor gekozen deze stukken per telefax te willen ontvangen. Dat de afdrukkwaliteit van de apparatuur waarvan klager gebruik maakt kennelijk te wensen overlaat, kan de notaris niet worden tegengeworpen. Daarnaast heeft de notaris aangeboden de stukken per telefoon door te nemen en toe te lichten, hetgeen klager heeft afgeslagen. Aan klager is dan ook voldoende gelegenheid gegeven om kennis te nemen van de inhoud van de akte en de afrekening. Gezien al hetgeen hiervoor is weergegeven, heeft de notaris voldaan aan de op hem rustende informatieplicht. De notaris hecht eraan nog op te merken dat het kantoorbeleid is cliënten waar mogelijk zo spoedig mogelijk vooraf de noodzakelijke akten en afrekeningen ter inzage en controle te doen toekomen.

Daarnaast heeft de notaris aangegeven dat klager de door hem verleende volmacht nooit heeft ingetrokken. Indien het niet laten doorgaan van de overdracht al aan de orde was geweest, dan zou de notaris dit klager ernstig hebben ontraden gezien de door hem aangegane contractuele verplichting tot levering. Uit de omstandigheid dat klager de afrekennota voorafgaand aan de overdracht zonder enig voorbehoud heeft betaald, kan -aldus de notaris- worden afgeleid dat ook klager meende dat de overdracht doorgang zou kunnen vinden.

Tijdens de mondelinge behandeling heeft de notaris aangegeven dat hij zich er uiteindelijk niet van heeft kunnen overtuigen dat klager bekend was met de inhoud van de akte. Echter, volgens de notaris heeft klager zijn kans voorbij laten gaan, door niet in te gaan op het aanbod om de akte telefonisch door te nemen en hem evenmin vóór de overdracht terug te bellen c.q. op zijn kantoor langs te komen. De notaris heeft ook aangegeven dat hij de akte niet zou hebben gepasseerd indien klager op 14 december 2005 niet thuis was geweest.

De desbetreffende stukken zijn, aldus de notaris, niet eerder aan klager toegezonden omdat december de drukste maand van het jaar is, en het onderhavige dossier kennelijk pas op of kort vóór 12 december 2005 compleet was.

DE BEOORDELING

5.1. In het bijzonder heeft klager aan zijn klacht ten grondslag gelegd dat hem onvoldoende tijd is gegund het concept van de akte van levering op juistheid te (laten) controleren. Op dit punt wordt als volgt overwogen.

5.2. De Kamer stelt voorop dat een notaris er in beginsel naar dient te streven dat de concept leveringsakte minimaal een week vóór de overeengekomen datum van levering in het bezit is van de bij de koopovereenkomst betrokken partijen.

5.3. Een termijn van maandag 12 december 2005 tot donderdagmiddag 15 december 2005

om het concept van de akte van levering te controleren, acht de Kamer dan ook aan de korte kant. Daarbij wordt opgemerkt dat de behandelaar van het onderhavige dossier op dinsdag 13 december 2005 niet werkte. Hierdoor was er in elk geval op die dag niet direct iemand beschikbaar om (eventuele) vragen van klager te beantwoorden. Nog afgezien daarvan heeft de notaris geen gegronde reden gegeven voor de late toezending van meergenoemde akte. De omstandigheid dat december de drukste maand van het jaar is, kan hieraan niet afdoen. Indien en voor zover het kantoor van de notaris de aflossingsnota van de bank van de verkoper (te) laat heeft ontvangen, laat dit onverlet dat de notaris het ontwerp van de leveringsakte wél tijdig had kunnen verzenden. Overigens kunnen de gevolgen van de (eventuele) omstandigheid dat een bank de benodigde bescheiden niet tijdig aan een notariskantoor verstrekt niet (zonder meer) worden afgewenteld op degenen te wier behoeve een notaris optreedt.

5.4. De Kamer is verder van oordeel dat (een medewerker van) de notaris in het hiervoor onder 2.8 weergegeven faxbericht van 13 december 2005 aanleiding had moeten zien klager een ander exemplaar van de concept leveringsakte toe te zenden. Door zulks na te laten heeft de notaris niet gehandeld zoals een behoorlijk notaris betaamt. In het midden kan blijven op wiens verzoek de desbetreffende bescheiden per fax aan klager zijn toegestuurd.

5.5. Op de notaris rust de plicht zich er van te overtuigen dat de bij de koopovereenkomst betrokken partijen de hieruit voortvloeiende verplichtingen voorafgaand aan de levering hebben begrepen. Naar het oordeel van de Kamer heeft de notaris zich in dit geval op onzorgvuldige wijze van zijn taak gekweten. Het standpunt van de notaris, dat klager zijn kans voorbij heeft laten gaan door niet in te gaan op zijn aanbod de akte telefonisch door te nemen, acht de Kamer onjuist en onbegrijpelijk, temeer nu klager op dat moment niet beschikte over een goed leesbaar concept van de akte van levering. Bij het voorgaande is in aanmerking genomen dat de notaris het initiatief heeft genomen tot het -gezien de overeengekomen leveringsdatum wel zeer aan de late kant plaatsvindende- telefoongesprek op 14 december 2005, zodat het ook op zijn weg had gelegen met klager, voorafgaand aan de levering, een moment af te stemmen waarop hij de inhoud van de akte wel zou kunnen toelichten. Door dit na te laten en, ondanks dat klager feitelijk “niet thuis had gegeven”, bij volmacht te passeren, heeft de notaris in strijd gehandeld met de op hem rustende informatieplicht.

5.6. In al hetgeen klager ter onderbouwing van zijn klacht heeft aangevoerd, is de kernboodschap dat klager zich door de gehele gang van zaken onder druk gezet heeft gevoeld. Uit de hiervoor afzonderlijk besproken en beoordeelde klachtonderdelen blijkt in ieder geval dat de notaris klager in alle opzichten (te) weinig tijd heeft gegund. Daarnaast heeft hijzelf niet de tijd genomen klager naar behoren te begeleiden in deze voor hem onbekende materie. Een en ander voert de Kamer tot de slotsom dat de notaris niet heeft gehandeld zoals van een zorgvuldig handelend notaris mag worden verwacht. In dat opzicht is de klacht gegrond. In het midden kan blijven of klager voldoende gelegenheid heeft gehad de afrekennota bij zijn bank te verifiëren.

5.7. Ten slotte zal de Kamer ingaan op het verwijt van klager dat de notaris hem er niet op heeft gewezen dat de koopsom van de woning niet aan hem zou worden overgemaakt. Klager heeft kennelijk uit de bewoordingen van de vierde vraag op de “vragenlijst verkoop registergoed” (zie punt 2.3), afgeleid dat dit het geval zou zijn. Naar het oordeel van de Kamer rechtvaardigt de zinsnede: “Indien er geld naar u overgemaakt moet worden” deze zienswijze van klager niet. Temeer niet nu op de woning een hypothecaire lening rustte, die voorafgaand aan de levering diende te worden afgelost. Nog afgezien daarvan is niet gesteld of gebleken dat de notaris destijds op de hoogte was van deze -niet direct voor de hand liggende- visie van klager, zodat hem ook om die reden op dit punt geen verwijt kan worden gemaakt.

De Kamer onderschrijft niet de stelling van klager dat hij zonder noodzaak € 7,50 heeft betaald voor een telefonische overboeking. Hiervoor is redengevend dat, zo heeft de notaris onweersproken aangevoerd, dit bedrag is aangewend om het geld dat nodig was voor de aflossing van de hypothecaire verplichtingen van klager, over te maken aan de hypotheekverlener. Klager was hiermee gebaat, ook omdat hij zich jegens de koper(s) had verbonden om de woning onbezwaard en onbelast in eigendom over te dragen.

5.8. Al het voorgaande voert tot de slotsom dat de klachtonderdelen die zijn besproken in de overwegingen 5.3 tot en met 5.6 gegrond zijn. Gezien de ernst van de door de notaris gemaakte fouten, met name het niet voldoen aan de informatieplicht, bezien in samenhang met de omstandigheid dat de notaris er (ook) tijdens de mondelinge klachtbehandeling zowel in toon als bewoordingen geen blijk van heeft gegeven enig inzicht te hebben in de positie van klager, acht de Kamer het alleszins gerechtvaardigd de notaris de tuchtrechtelijke maatregel van waarschuwing op te leggen.

BESLISSING

De Kamer:

- verklaart de klachtonderdelen die zijn besproken in de overwegingen 5.3 tot en met 5.6 gegrond;

- spreekt jegens de notaris uit de tuchtmaatregel van waarschuwing, waarvoor tijd en plaats zullen worden bepaald nadat de onderhavige beslissing kracht van gewijsde zal hebben gekregen;

- verklaart de klacht voor het overige ongegrond.

Gedaan te Alkmaar op 21 juni 2006 door mr. L.J.L. Koster, voorzitter en

mrs. L.G. Vollebregt, E.E. von Wolzogen Kuhr, R.H.C. Winter en R.C. Schlingemann, (plaatsvervangend) leden.

Secretaris, Voorzitter,

mr. P.L. Ypma, mr. L.J.L. Koster,