Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2006:AZ1093

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
29-06-2006
Datum publicatie
30-10-2006
Zaaknummer
1483/2004 OK
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Uitkoopprocedure. Bij arrest van 29 juni 2006 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen door drie deskundigen naar de waarde van de over te dragen aandelen in het geplaatste kapitaal van Koninklijke Volker Wessels Stevin N.V., gevestigd te Rotterdam. Prof. dr. L. Traas, prof. drs. C. Izeboud RA en drs. L.P.E.M. van den Boom RA zijn benoemd teneinde het onderzoek te verrichten.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RO 2007, 5
ARO 2006, 124
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

ONDERNEMINGSKAMER

ARREST van 29 juni 2006 in de zaak met rolnummer 1483/2004 OK van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

VICTOR RIJSSEN B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

EISERES,

advocaat en procureur: MR. M.W. JOSEPHUS JITTA,

t e g e n

1. de stichting

STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR VAN AANDELEN KONINKLIJKE VOLKER WESSELS STEVIN N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

advocaat: MR. G.C. VERBURG,

procureur: MR. F.B. FALKENA,

2. P.P.F DE VRIES,

wonende te Wassenaar,

advocaat: MR. H.J.M.G. FRANKE,

procureur: MR. I.M.C.A. REINDERS FOLMER,

3. A.B. BARON SLOET VAN OLDRUITENBORGH,

wonende te Bilthoven, gemeente De Bilt,

4. D. BLOM,

wonende te Barendrecht,

5. D.G. JANSEN,

wonende te Vianen,

6. C.H.J. KALIS,

wonende te Waskemeer, gemeente Ooststellingwerf,

7. J.C. VAN NIEROP,

wonende te Haarlem,

8. K. VAN NIEROP,

wonende te Doorwerth, gemeente Renkum,

9. L.A.B. VAN NIEROP-BOER,

wonende te Capelle aan den IJssel,

10. H. VAN SPLUNDER,

wonende te Rotterdam,

11. N.M. VAN WELZEN - LUBBERS,

wonende te Huizen,

12. K. VAN DE WETERING,

wonende te ’s-Gravenhage,

13. I.H. VAN DE WETERING,

wonende te Kaag,

14. de naamloze vennootschap

KONINKLIJKE VOLKER WESSELS STEVIN N.V.,

gevestigd te Rotterdam,

15. R. GRAF,

wonende te Riesa, Bondsrepubliek Duitsland,

16. A. VAN DE WETERING,

wonende te Auckland, Nieuw Zeeland,

17. DE ONBEKENDE ERFGENAMEN VAN P. MUILWIJK,

laatstelijk gewoond hebbende te Sliedrecht,

18. DE ONBEKENDE ERFGENAMEN VAN B. VOOGD EN J.L. VOOGD-GEESING,

laatstelijk gewoond hebbende te Enschede,

19. M.J. VAN HATTUM,

zonder bekende woon- of verblijfplaats in of buiten Nederland,

20. DE OVERIGE, NIET BIJ NAAM BEKENDE ANDERE AANDEELHOUDERS IN DE NAAMLOZE VENNOOTSCHAP KONINKLIJKE VOLKER WESSELS STEVIN N.V.,

zonder bekende woon- of verblijfplaats in of buiten Nederland,

niet verschenen,

GEDAAGDEN.

1. Het verloop van het geding

1.1 Eiseres heeft bij exploten van onderscheidenlijk 16, 19, 20, 21 en 29 juli 2004 gedaagden ge-dag-vaard om te verschijnen ter terechtzitting van de Ondernemingskamer van 26 augustus 2004 ten-einde te horen eisen en doen concluderen - zakelijk weergegeven - dat de Ondernemingskamer bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad,

1) gedaagden, alsmede degenen aan wie de aandelen zullen toebehoren, veroordeelt het onbezwaarde recht op de aandelen in het geplaatste kapitaal van Koninklijke Volker Wessels Stevin N.V. (hierna de vennootschap te noemen) waarvan zij houder zijn, aan eiseres over te dragen;

2) primair de prijs van de over te dragen aandelen vaststelt op € 19,65 per aandeel per 10 juli 2004, dan wel per een door de Ondernemingskamer vast te stellen datum, subsidiair de prijs vaststelt die de over te dragen aandelen op een door de Ondernemingskamer te bepalen dag hebben;

3) bepaalt dat de prijs, zolang en voorzover deze nog niet is betaald, wordt verhoogd met de wettelijke rente vanaf de onder 2) bedoelde dag tot de dag van de overdracht of de dag van de consignatie van de prijs met rente overeenkomstig artikel 2:92a lid 8 BW;

4) bepaalt dat uitkeringen waartoe door de vennootschap na 31 mei 2004 (dan wel een andere door de Ondernemingskamer vast te stellen datum) is besloten en die tot aan de dag van de overdracht of de consignatie op de aandelen betaalbaar worden gesteld, op de dag van betaalbaarstelling tot gedeeltelijke betaling van de prijs strekken;

5) eiseres veroordeelt de prijs met rente te betalen aan degenen aan wie de aandelen toebehoren of zullen toebehoren, tegen levering van het onbezwaarde recht op de aandelen;

6) omtrent de kosten van het geding een zodanige uitspraak geeft als de Ondernemingskamer meent dat behoort.

1.2 Gedaagden sub 2 tot en met 20 zijn (aanvankelijk) niet in rechte verschenen. Tegen hen is verstek verleend.

1.3 Eiseres heeft bij conclusie van eis van 26 augustus 2004 producties in het geding gebracht en gesteld en geconcludeerd overeenkomstig de dagvaarding.

1.4 Gedaagde onder 1 heeft zich bij conclusie van antwoord van 21 oktober 2004 gerefereerd aan het oordeel van de Ondernemingskamer en de Ondernemingskamer verzocht een zodanige uitspraak te doen als zij meent dat behoort.

1.5 Gedaagde onder 2 (hierna De Vries te noemen) heeft ter rolle van 13 januari 2005 het verstek gezuiverd en bij conclusie van antwoord van dezelfde datum onder overlegging van producties geconcludeerd - naar de Ondernemingskamer begrijpt en zakelijk weergegeven - dat de Ondernemingskamer primair een deskundigenbericht beveelt met betrekking tot de waarde van de over te dragen aandelen en op basis van dat bericht de prijs van de over te dragen aandelen in redelijkheid en met inachtneming van alle omstandigheden vaststelt per de dag waarop de over te dragen aandelen in eigendom overgaan althans per een zo dicht mogelijk daarbij gelegen datum en subsidiair de prijs van de over te dragen aandelen vaststelt op € 40 per aandeel, een en ander met veroordeling van eiseres in de kosten van het geding, die van het (eventuele) deskundigenbericht daaronder begrepen.

1.6 Eiseres heeft bij conclusie van repliek van 10 februari 2005 één nadere productie overgelegd en volhard bij haar vordering.

1.7 Gedaagde onder 1 heeft bij conclusie van dupliek van 24 maart 2005 volhard bij haar eerder ingenomen standpunt.

1.8 De Vries heeft bij conclusie van dupliek van 26 mei 2005 twee nadere producties overgelegd en volhard bij zijn standpunt.

1.9 De advocaten van eiseres en De Vries Partijen hebben de standpunten van de door hen gerepresenteerde partijen nader toegelicht bij pleidooi ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 15 september2005, beiden aan de hand van - aan de Ondernemingskamer overgelegde - pleitnotities en onder overlegging van - deels op voorhand aan de Ondernemingskamer en aan wederpartij gezonden - nadere producties. Bij die gelegenheid heeft De Vries zijn in 1.5 onder 3 vermelde (subsidiaire) conclusie in dier voege gewijzigd dat hij thans meent dat de prijs van de over te dragen aandelen dient te worden vastgesteld op € 55 per aandeel.

2. De vaststaande feiten

2.1 Het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap bedraagt € 300.000.000 en is verdeeld in 119.999.998 gewone aandelen met een nominale waarde van € 2,50 elk en twee prioriteitsaandelen met eveneens een nominale waarde van € 2,50 elk. Aan de prioriteitsaandelen zijn geen bijzondere zeggenschapsrechten verbonden. De aandelen luiden alle op naam. Ten tijde van het uitbrengen van de dagvaardingen bestond het geplaatste kapitaal van de vennootschap uit 34.453.290 gewone aandelen, alsmede de beide prioriteitsaandelen.

2.2 Volgens de tijdens het uitbrengen van de dagvaardingen vigerende statuten is het doel van de vennootschap - onder meer - het ontwerpen, aannemen en uitvoeren van werken, in het bijzonder op het gebied van utiliteits- en woningbouw, beton- en waterbouw, wegenbouw, mijn- en zeemijnbouw (..).

2.3 Eiseres is op 12 maart 2003 opgericht teneinde een openbaar bod op de aandelen in het geplaatste kapitaal van de vennootschap uit te brengen.

2.4 Eiseres en de vennootschap hebben op 24 maart 2003 gezamenlijk aangekondigd dat de verwachting gerechtvaardigd was dat overeenstemming kon worden bereikt over het uitbrengen van een openbaar bod door eiseres op alle uitstaande gewone aandelen in het geplaatste kapitaal van de vennootschap tegen een prijs in contanten van € 21 per aandeel. De prioriteitsaandelen werden toen reeds beide door eiseres gehouden.

2.5 Voorafgaande aan het hierna te noemen openbare bod was reeds 12,7% van de aandelen in het geplaatste kapitaal van de vennootschap aan eiseres gecommitteerd.

2.6 Eiseres heeft op 22 april 2003 een openbaar bod uitgebracht op alle door anderen dan Stichting Administratiekantoor van Aandelen Koninklijke Volker Wessels Stevin N.V. (gedaagde onder 1) gehouden aandelen en alle uitstaande certificaten van aandelen in het geplaatste kapitaal van de vennootschap overeenkomstig het biedingsbericht van die datum. De biedprijs bedroeg € 21 in contanten, verminderd met het door de algemene vergadering van aandeelhouders van de vennootschap vast te stellen dividend over het boekjaar 2002 van € 1,35.

2.7 Eiseres heeft haar bod op 22 mei 2003 gestand gedaan. Onder het bod waren 17.815.996 (certificaten van) aandelen aangemeld. Betaling daarvoor aan de aanbieders en levering daarvan aan eiseres heeft op 30 mei 2003 plaatsgevonden. Na verwerving van de aangemelde (certificaten van) aandelen hield eiseres - direct en indirect - 80,6% (27.033.668) van alle uitstaande (certificaten van) aandelen.

2.8 Eiseres heeft de aanmeldingstermijn op dezelfde voorwaarden als vermeld in het biedingsbe-richt verlengd tot 12 juni 2003. Dit heeft geresulteerd in de aanmelding en verwerving van 668.097 aandelen. In de periode van 22 mei 2003 tot en met 12 juni 2003 heeft eiseres daarnaast nog in het regelmatige beursverkeer 2.651.145 aandelen in het geplaatste kapitaal van de vennootschap verwor-ven.

2.9 Na afloop van de na-aanmeldingstermijn heeft eiseres voorts nog in het regelmatige beursverkeer 415.515 (certificaten van) aandelen in het geplaatste kapitaal van de vennootschap verworven tegen betaling van € 19,65 per (certificaat van een) aandeel, alsmede 2.397.388 aandelen van één aandeelhouder, eveneens tegen betaling van € 19,65 per aandeel.

2.10 De notering van de aandelen in de vennootschap aan de effectenbeurs van Euronext Amster-dam N.V. is per 18 september 2003 beëindigd.

2.11 In de periode voorafgaand aan de jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders heeft eiseres nog 112.904 (certificaten van) aandelen verworven tegen dezelfde voorwaarden als die van het openbare bod.

2.12 Bij brief van 9 maart 2004 heeft eiseres alle (naar de Ondernemingskamer aanneemt: haar met volledig adres bekend zijnde) resterende minderheidsaandeelhouders op de hoogte gesteld van haar voornemen een uitkoopprocedure aanhangig te maken en deze resterende minderheidsaandeelhouders alsnog de kans geboden hun aandelen aan haar aan te bieden. Naar aanleiding van deze brief heeft eiseres nog 74.056 aandelen verworven tegen een prijs van € 19,65 per aandeel na uitkering van het dividend over het jaar 2003. Aldus hield eiseres uiteindelijk 33.286.493 (derhalve in totaal een belang van 96,6%) (certificaten van) aandelen in de vennootschap hield, alsmede de beide prioriteitsaandelen.

2.13 Blijkens het overgelegde desbetreffende bestuursbesluit van 26 augustus 2005 en gewijzigde uittreksel uit het Handelsregister van de Kamer van Koophandel Rotterdam met betrekking tot de vennootschap van 9 september 2005, heeft de vennootschap de door haar in haar eigen kapitaal gehouden 916.203 (certificaten van) aandelen ingetrokken. Voorts heeft eiseres een verklaring van 12 september 2005 overgelegd van (naar de Ondernemingskamer begrijpt: een registeraccountant, werkzaam bij) KPMG Accountants N.V. te Enschede, inhoudende dat het - aan de verklaring gehechte - overzicht van 9 september 2005, ondertekend door (een bestuurder van) eiseres betreffende de door eiseres gehouden aandelen in de vennootschap "de gegevens over het belang in [de vennootschap] juist weergeeft". Blijkens het genoemde overzicht bedraagt het totale aantal geplaatste (gewone) aandelen van de vennootschap per 9 september 2005 33.537.087 en houdt eiseres per laatstgenoemde datum - na aankoop op 6 augustus 2004 van de (vier) aandelen van de oorspronkelijke gedaagde onder 17 en op 6 september 2004 van de (twaalf) aandelen van de oorspronkelijke gedaagde onder 18 en na "mutatie certificaten in depot ING vanaf 1-7-2004" - 33.503.754 aandelen ofwel 99,90% van het geplaatste kapitaal. In verband daarmee heeft eiseres haar vordering tegen de vennootschap zelf en tegen de zojuist genoemde gedaagden ingetrokken.

3. De gronden van de beslissing

3.1 Nu tegen gedaagden onder 3 tot en met 20 verstek is verleend, dient de Ondernemingskamer ambtshalve te onderzoeken of eiseres voor eigen rekening ten minste 95% van het geplaatste kapitaal in de vennootschap verschaft.

3.2 Ten bewijze van haar daartoe strekkende stelling heeft eiseres overgelegd (i) de op de dag van de dagvaarding en daarna vigerende statuten van de vennootschap, (ii) een kopie van het aandeelhoudersregister van de vennootschap en (iii) behalve de hiervoor in 2.13 vermelde verklaring een verklaring van (naar de Ondernemingskamer begrijpt: een registeraccountant werkzaam bij) KPMG Accountants N.V. te Enschede van 19 augustus 2004, inhoudende dat een - aan de verklaring gehecht - overzicht ondertekend door (een bestuurder van) eiseres betreffende de door eiseres gehouden aandelen in de vennootschap "de gegevens over het belang [van eiseres] in [de vennootschap] juist weergeeft en het belang [van eiseres] derhalve meer dan 95% bedraagt".

3.3 Uit deze stukken volgt naar het oordeel van de Ondernemingskamer genoegzaam dat eiseres, zoals zij heeft gesteld en hetgeen ook door de verschenen gedaagden niet is betwist, op de dag van de dagvaarding voor eigen rekening ten minste 95% van het geplaatste kapitaal van de vennootschap verschafte, zodat haar vordering in zoverre deugdelijk is.

3.4 Aan de door gedaagden gehouden aandelen zijn geen bijzondere rechten inzake de zeggenschap in de vennootschap verbonden. Niet gesteld of gebleken is dat gedaagden ondanks de vergoeding ernstige stoffelijke schade zouden lijden door de overdracht of dat eiseres jegens - één der - gedaagden afstand heeft gedaan van haar bevoegdheid de onderhavige vordering in te stellen.

3.5 Op grond van het vorenoverwogene kan de vordering van eiseres, naar - ook - de verschenen gedaagden erkennen, in beginsel worden toegewezen en spitst het onderhavige geschil zich toe op de door eiseres voor de over te dragen aandelen te betalen prijs.

3.6 Wat de prijs van de over te dragen aandelen betreft heeft eiseres overgelegd (i) de jaarverslagen van de vennootschap over de boekjaren 2001, 2002 en 2003, (ii) het biedingsbericht van 22 april 2003, waarin onder meer zijn opgenomen (a) een fairness opinie van (een of meer personen werkzaam bij) Kempen & Co N.V. van 22 april 2003, waarin tot uitdrukking wordt gebracht dat de biedprijs per de laatstgenoemde datum vanuit financieel oogpunt redelijk en evenwichtig (fair) is voor aandeelhouders van de vennootschap, (b) een aanbeveling aan aandeelhouders [van de vennootschap], waarin de raad van commissarissen en het bestuur van de vennootschap tot de conclusie komen dat het bod in het belang is van - onder andere(n) - de vennootschap en haar aandeelhouders en - onder verwijzing naar onder meer voornoemde fairness opinie - verklaren het bod te ondersteunen en unaniem de aandeelhouders van de vennootschap aanbevelen het bod te accepteren en (c) een paragraaf getiteld Toelichting op het Bod waarin onder meer uiteen wordt gezet waaraan de biedprijs is getoetst.

3.7 De Vries heeft in de conclusie van antwoord gesteld zich niet met de hoogte van de door eiseres geboden overdrachtsprijs van € 19,65 per aandeel te kunnen verenigen nu deze prijs de werkelijke waarde van een (certificaat van een) aandeel in de vennootschap "in het verleden nooit [heeft] gereflecteerd, en (…) dat nu des te minder [doet]". De Vries heeft ter staving van zijn stelling aangevoerd - samengevat en zakelijk weergegeven - dat (i) het openbare bod ten tijde van een dieptepunt in de markt tot stand is gekomen, dat de (toen geboden) biedprijs feitelijk geen premie boven de koers per eind 2002 inhield en dat die biedprijs ook afgezet tegen de intrinsieke waarde of het eigen vermogen per aandeel te laag is geweest, (ii) de gebrekkige of falende corporate governance bij de vennootschap een waardeverminderend effect op de koers van de aandelen van de vennootschap heeft gehad dan wel een normale marktwerking van die koers heeft belemmerd en de vennootschap ten onrechte ervan heeft weerhouden te zoeken naar alternatieven voor het openbare bod, (iii) de biedprijs voor de aandelen ten onrechte geen rekening hield met enige upside potential, (iv) de vennootschap in alle opzichten eiseres heeft gefaciliteerd in haar voornemen "de onderneming tegen een zeer lage prijs van de markt te halen", (v) de onderneming van de vennootschap voorafgaand, tijdens en na het openbare bod er gunstiger voor stond dan gerapporteerd, (vi) bouwondernemingen in Nederland sinds maart 2003 een positieve ontwikkeling hebben doorgemaakt en (vii) de huidige waarde van de aandelen van de vennootschap zowel intrinsiek als in vergelijking met de (markt)waarde van aandelen van vergelijkbare ondernemingen hoger is dan de thans geboden prijs. Mitsdien is de waarde van de aandelen van de vennootschap per de door eiseres gevorderde datum van overdracht ten minste tussen € 35 en € 40 gelegen, aldus De Vries.

3.8 Bij pleidooi heeft De Vries zich nader op het standpunt gesteld dat de prijs voor de aandelen inmiddels, gezien de ontwikkelingen in de aandelenkoersen van een drietal beursgenoteerde bouwondernemingen, op € 55 per aandeel dient te worden vastgesteld.

3.9 Eiseres heeft de stellingen van De Vries gemotiveerd betwist en zich bij pleidooi overigens op het standpunt gesteld dat indien - in verband met het tijdsverloop sinds (de afwikkeling van) het openbare bod - niet langer aansluiting kan worden gezocht bij de prijs van het openbare bod, een nadere prijsbepaling zal moeten plaatsvinden en dat de daarbij door De Vries voorgestane wijze van de prijsbepaling onjuist is. De Ondernemingskamer verstaat dat eiseres zich aldus refereert aan het oordeel van de Ondernemingskamer inzake de vraag of ter zake van de prijsbepaling een deskundigenbericht dient te worden gelast.

3.10 De Ondernemingskamer stelt voorop dat het in dezen gaat om (het bepalen van) de waarde van de door de minderheidsaandeelhouders gehouden en aan eiseres over te dragen aandelen in de vennootschap per de datum van de overdracht van die aandelen aan eiseres dan wel een zo dicht mogelijk bij die datum gelegen, voor de hand liggende andere datum, zoals de datum van het door de Ondernemingskamer in deze te wijzen arrest. Niettemin kan voor de vaststelling van een redelijke prijs in het algemeen aansluiting worden gezocht bij het bedrag dat voor de onder het openbare bod aangemelde aandelen feitelijk is betaald, althans mits aannemelijk is dat zich sinds de gestanddoening van het bod geen feiten of omstandigheden ter zake van de betrokken vennootschap hebben voorgedaan die een hogere prijs rechtvaardigen, hetgeen vooral het geval zal kunnen zijn als de prijsvaststelling in een procedure als de onderhavige plaatsvindt kort nadat een openbaar bod is uitgebracht en aanvaard. Nu in het onderhavige geval reeds gelet op het enkele tijdsverloop sinds (de afwikkeling van) het openbare bod niet althans niet zonder meer kan worden uitgesloten dat zich omstandigheden hebben voorgedaan die een hogere prijs dan de onder het openbare bod geboden prijs rechtvaardigen, is de Ondernemingskamer van oordeel dat met betrekking tot de hiervoor bedoelde waardebepaling niet althans niet zonder meer aansluiting kan worden gezocht bij de biedprijs van het openbare bod. Nu voorts één van gedaagden zich - voldoende gemotiveerd - op het standpunt heeft gesteld dat terzake een deskundigenbericht gelast dient te worden en de verschenen medegedaagde en eiseres zich dienaangaande, voor het geval de Ondernemingskamer zou oordelen - zoals zij heeft gedaan - dat een nadere waardebepaling dient plaats te vinden, hebben gerefereerd aan het oordeel van de Ondernemingskamer, acht de Ondernemingskamer het geboden dat de prijs van de over te dragen aandelen door haar niet wordt vastgesteld dan na een voorafgaand deskundigenbericht. Zij zal derhalve een onderzoek naar de waarde van de aandelen bevelen.

3.11 De Ondernemingskamer ziet, gelet op de belangen in deze zaak, aanleiding drie deskundi-gen te benoemen. De te benoemen deskundigen dienen uit te gaan van de waarde van de aandelen per een zo recent mogelijke, voor de hand liggende, datum. Voorts dienen zij acht te slaan op alle feiten en omstandigheden die de waarde van de aandelen - kunnen - bepalen, waarbij in het bijzonder aandacht zal moeten worden besteed aan de hiervoor in 3.7 en 3.8 door De Vries aangedragen punten. In afwachting van de uitkomsten van het deskundigenbericht zal iedere verdere beslissing worden aangehouden.

4. De beslissing

De Ondernemingskamer:

beveelt een onderzoek door drie deskundigen naar de waarde van de over te dragen aandelen in het geplaatste kapitaal van Koninklijke Volker Wessels Stevin N.V., gevestigd te Rotterdam, met inachtneming van hetgeen in dit arrest is overwogen;

benoemt prof. dr. L. Traas te Blaricum, prof. drs. C. Izeboud RA te Vlissingen en drs. L.P.E.M. van den Boom RA te Laren ten einde het onderzoek te verrichten;

stelt het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vast op € 75.000, de verschuldigde om-zetbelasting daarin niet begrepen;

bepaalt dat eiseres binnen drie weken na heden dat bedrag dient te voldoen op een door de des-kundigen aan te geven wijzen dan wel ten genoege van de deskundigen vóór de aanvang van hun werkzaamheden voor de betaling van dat bedrag zekerheid dient te stellen op een door de deskundigen aan te geven wijze en bepaalt dat de deskundigen met hun werkzaamheden niet behoeven aan te vangen dan nadat betaling of zekerheidsstelling heeft plaatsgevonden;

bepaalt dat de deskundigen bij hun onderzoek partijen in de gelegenheid dienen te stellen opmer-kingen te maken en verzoeken te doen en dat uit het schriftelijk bericht dien te blijken dat aan dit voorschrift is voldaan;

bepaalt dat van de inhoud van de opmerkingen en de verzoeken in het schriftelijk bericht van de deskundigen melding wordt gemaakt en dat indien een partij schriftelijk opmerkingen aan de deskun-digen doet toekomen, zij daarvan terstond afschrift aan de wederpartij(en) dienen te doen toekomen;

bepaalt dat de deskundigen uiterlijk op 14 september 2006 een schriftelijk bericht doen toekomen aan de griffier van de Ondernemingskamer;

bepaalt dat de griffier van de Ondernemingskamer onverwijld een afschrift van dit arrest en het procesdossier aan de deskundigen zal doen toekomen;

verwijst de zaak naar de terechtzitting van de Eerste Enkelvoudige Kamer voor de Behandeling van Burgerlijke Zaken van het Hof (rol van de Ondernemingskamer) van donderdag 5 oktober 2006 voor het desgewenst nemen van een akte na deskundigenbericht onderscheidenlijk het andermaal vragen van arrest;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit arrest is gewezen door mr. Willems, voorzitter, mr. Faase en mr. Van Os, raadsheren, mr. Van Maanen en Westerman RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. Van Hassel, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 29 juni 2006.

coll.: