Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2006:AY8460

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
14-09-2006
Datum publicatie
19-09-2006
Zaaknummer
430/2006 NOT
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het hof is van oordeel dat het in zijn algemeenheid niet ontoelaatbaar is dat een notaris medewerking verleent aan acties als de onderhavige. De notaris dient zich er dan wel van bewust te zijn dat de betrokken deelnemer aan een zodanige actie mede afgaat op de betrouwbaarheid die afstraalt van de medewerking van de notaris daaraan. Alvorens aan een actie zijn medewerking te verlenen dient de notaris dan ook te onderzoeken of de deelnemers daaraan op juiste wijze worden geïnformeerd over de aard en de reikwijdte van de medewerking van de notaris. Ook dient de notaris zich ervan te vergewissen dat er niet sprake is van een het publiek misleidende of anderszins onbetrouwbare actie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RN 2006, 105
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

TWEEDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER

Beslissing van 14 september 2006 in de zaak onder rekestnummer 430/2006 NOT van:

MR. [X],

oud-notaris te [plaats],

APPELLANT,

gemachtigde: mr. T.C. Boer,

t e g e n

[Y],

wonende te [plaats],

GEÏNTIMEERDE,

gemachtigde: mr. R. de Lange

1. Het geding in hoger beroep

1.1. Van de zijde van appellant, verder te noemen de oud-notaris, is bij een op 15 maart 2006 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift - met één bijlage - tijdig hoger beroep ingesteld tegen de aan deze beslissing gehechte beslissing van de kamer van toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Leeuwarden, verder te noemen de kamer, van 16 februari 2006, waarbij de klacht van geïntimeerde, hierna te noemen klager, gedeeltelijk gegrond is verklaard en de oud-notaris de maatregel van waarschuwing is opgelegd.

1.2. Namens de oud-notaris is zijn verzoekschrift nader aangevuld bij brief - met bijlagen - ter griffie van het hof ingekomen op 19 april 2006.

1.3. Van de zijde van klager is op 21 maart 2006 een verweerschrift ingekomen. Dit verweerschrift is aangevuld bij brief ter griffie van het hof ingekomen op 9 mei 2006.

1.4. De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van het hof van 13 juli 2006. Klager, de notaris en hun gemachtigden zijn verschenen en hebben het woord gevoerd, de gemachtigden aan de hand van pleitnotities.

2. De stukken van het geding

Het hof heeft kennis genomen van de inhoud van de door de kamer aan het hof toegezonden stukken van de eerste instantie en de hiervoor vermelde stukken.

3. Beoordeling van de bestreden beslissing

Het hof kan zich niet verenigen met de beslissing van de kamer en zal deze beslissing derhalve vernietigen.

4. De feiten

4.1. Klager heeft via de Stichting Fietsaktie, verder te noemen de actie, in 1999 een fiets gekocht met terugbetaalgarantie van het aankoopbedrag na vijf jaar. De garantiegever was VK Finance B.V., een 100% dochtermaatschappij van Verzekerd Keur B.V. Deze Verzekerd Keur B.V. is failliet gegaan en klager heeft zijn geld na vijf jaar niet terug gekregen.

4.2. De oud-notaris heeft er destijds mee ingestemd een rol te vervullen in de actie. In de voor de actie bestemde brochure staat – voor zover van belang – vermeld:

“De taak van de notaris is beperkt tot het onpartijdig registreren van het tijdstip van ontvangst van uw registratiestrookje.”

en

“De notaris ziet alléén toe op de juiste tijdsregistratie, neemt hier nota van en stuurt de informatie en alle documenten m.b.t. deze promotie, via Stichting Fiets Aktie, door naar VK Finance B.V.. De notaris kan u verder géén informatie verstrekken over de aktie zelf noch wordt door de notaris enige garantie verleend op uitbetaling.”

4.3. Op de achterkant van het “TerugbetalingsCertificaat” staat onder de zogenoemde promotiereglementvoorwaarden over de taak van de notaris het navolgende vermeld:

“Met de Plaatselijke Beheerder zijn wij overeengekomen dat de Plaatselijke Beheerder verantwoordelijk is voor het administratief gedeelte van deze aktie zonder dat de Plaatselijke Beheerder onder welke omstandigheden ook aansprakelijk zal zijn voor uitbetaling krachtens dit TerugbetalingsCertificaat”.

5. Het standpunt van klager

5.1. Klager verwijt de oud-notaris dat hij, door destijds als notaris zijn medewerking te verlenen aan de Stichting Fiets Aktie, verder te noemen de actie, de schijn heeft gewekt dat consumenten, onder wie klager, veilig konden deelnemen aan deze actie. Klager heeft in het kader van deze actie in januari 1999 een fiets aangeschaft.

Voorts verwijt klager de oud-notaris dat hij geen onderzoek heeft gedaan naar de verzekeringsmaatschappij Verzekerd Keur/VK Finance B.V. alvorens zijn naam aan deze actie te verbinden. In het bijzonder heeft de oud-notaris zich er niet van vergewist of het hier ging om een verzekeringsmaatschappij die voldeed aan de Nederlandse wetgeving.

5.2. Ook verwijt klager de oud-notaris dat hij thans volstaat met een verwijzing naar de “kleine lettertjes” waarin zijn aansprakelijkheid wordt uitgesloten.

5.3. Ten slotte verwijt klager de oud-notaris dat hij zich kennelijk niet verantwoordelijk acht voor het foutief handelen of nalaten van zijn medewerkers. Klager heeft voor en na de aanschaf van de fiets een aantal keren contact gehad met de medewerker van de oud-notaris, de heer [Z], verder te noemen: [Z]. Deze heeft klager verzekerd dat hij zich geen zorgen hoefde te maken, omdat de terugbetaalactie verzekerd was, en dat voor het overige alles in orde zou zijn, want anders had de oud-notaris zijn naam niet aan deze actie verbonden.

6. Het standpunt van de oud-notaris

6.1. De oud-notaris betwist de stellingen van klager en verweert zich als volgt.

6.2. De oud-notaris hecht er belang aan te benadrukken dat hij destijds uitsluitend heeft ingestemd met zijn rol in de actie omdat zijn taak als zeer beperkt omschreven stond in de brochure met betrekking tot de promotie van de actie en deze brochure met betrekking tot die beperktheid aan duidelijkheid niets te wensen overliet. Zijn taak was beperkt tot het registeren van het tijdstip van de ontvangst van de registratiestrookjes van de deelnemers aan de actie. Juist omdat zijn rol helder was omschreven rustte op de oud-notaris geen verplichting tot verder onderzoek, anders dan gebruikelijk.

6.3. Voorts heeft de oud-notaris naar voren gebracht dat hij noch zijn medewerker [Z] op enigerlei wijze een garantie heeft gegeven met betrekking tot de uitbetaling aan klager. In dat verband verwijst de oud-notaris naar de achterzijde van het TerugbetalingsCertificaat, waarop is vermeld dat de notaris onder geen enkele omstandigheid aansprakelijk zal zijn voor de uitbetaling. Verder verwijst hij naar de brochure, waarin staat vermeld dat de garantiegever VK Finance B.V., verder te noemen: V.K. Finance, is. Dat V.K. Finance failliet is gegaan kan de oud-notaris niet worden tegengeworpen.

7. De beoordeling

7.1. Het hof is van oordeel dat het in zijn algemeenheid niet ontoelaatbaar is dat een notaris medewerking verleent aan acties als de onderhavige. De notaris dient zich er dan wel van bewust te zijn dat de betrokken deelnemer aan een zodanige actie mede afgaat op de betrouwbaarheid die afstraalt van de medewerking van de notaris daaraan. Alvorens aan een actie zijn medewerking te verlenen dient de notaris dan ook te onderzoeken of de deelnemers daaraan op juiste wijze worden geïnformeerd over de aard en de reikwijdte van de medewerking van de notaris. Ook dient de notaris zich ervan te vergewissen dat er niet sprake is van een het publiek misleidende of anderszins onbetrouwbare actie.

7.2. Anders dan de kamer is het hof van oordeel dat de oud-notaris zich in het onderhavige geval voldoende heeft gehouden aan de voor hem geldende richtlijnen. De tekst van de op deze actie betrekking hebbende brochure houdt in dat de taak van de notaris beperkt is tot het onpartijdig registreren van het tijdstip van ontvangst van het registratiestrookje en het doorsturen van de informatie en documenten via Stichting Fiets Aktie naar Verzekerd Keur. Voorts bevat deze brochure de mededeling dat de notaris geen verdere informatie kan verstrekken noch enige garantie verleent op uitbetaling. Deze tekst is op het punt van hetgeen van de notaris verwacht kan worden voldoende duidelijk en niet voor meer dan één uitleg vatbaar. Bovendien was deze tekst vóór de ondertekening bekend aan klager.

Tijdens de behandeling ter terechtzitting heeft de oud-notaris verklaard dat hij, voorafgaand aan het verlenen van zijn medewerking aan de actie, heeft overwogen wat de toegevoegde waarde zou zijn van zijn betrokkenheid daarbij als notaris. Hij heeft zich daarbij afgevraagd of er bij het publiek geen verwarring kon bestaan met betrekking tot zijn rol als notaris en of er aanleiding zou zijn te veronderstellen dat de actie niet betrouwbaar is. Ten slotte is nog van belang dat de oud-notaris de verzekeringspolis van Verzekerd Keur heeft bestudeerd en tot de conclusie is gekomen dat deze in orde was en er derhalve niets aan in de weg stond om zijn medewerking zoals verzocht te verlenen. De oud-notaris mocht er aldus vanuit gaan dat de actie voor de deelnemers geen financieel risico zou opleveren. Het hof is echter wel van oordeel dat de term “Plaatselijke Beheerder” op de achterkant van het ‘TerugbetalingCertificaat’ ongelukkig is gekozen, aangezien deze term meer suggereert met betrekking tot de werkzaamheden van de oud-notaris dan feitelijk het geval was. Gelet op de hiervoor vermelde tekst van de brochure en de ook op de achterkant van dit certificaat voorkomende mededeling dat de “Plaatselijke Beheerder” verantwoordelijk is voor het administratief gedeelte van deze actie zonder onder welke omstandigheden dan ook aansprakelijk te zijn voor uitbetaling krachtens dit certificaat, kan deze omstandigheid er echter niet toe leiden dat dit klachtonderdeel gegrond verklaard dient te worden. Het hof acht de hiervoor onder 5.1 weergegeven klacht dan ook ongegrond.

7.3. Het hof is – zoals hiervoor reeds vermeld – van oordeel dat de in de brochure en op de achterzijde van het ‘TerugbetalingCertificaat’ vermelde teksten duidelijk zijn. De hiervoor onder 5.2 weergegeven klacht dat de oud-notaris volstaat met een verwijzing naar de “kleine lettertjes’ is reeds daarom ongegrond.

7.4. Met betrekking tot de hiervoor onder 5.3 weergegeven klacht, is het hof evenals de kamer van oordeel dat niet aannemelijk is geworden dat [Z] een garantie heeft verstrekt ten aanzien van de uitbetaling aan klager na ommekomst van de periode van vijf jaar. Het hof zal derhalve ook deze klacht ongegrond verklaren.

7.5. Hetgeen partijen verder nog naar voren hebben gebracht kan als in het voorgaande reeds behandeld dan wel als thans niet ter zake dienend buiten beschouwing blijven.

7.6. Het vorenoverwogene leidt mitsdien tot de volgende beslissing.

7. De beslissing

Het hof:

- vernietigt de bestreden beslissing, en opnieuw rechtdoende:

- verklaart de klachten ongegrond.

Deze beslissing is gegeven door mrs. N.A.M. Schipper, J.C.W. Rang en P.J.N. van Os uitgesproken ter openbare terechtzitting van donderdag 14 september 2006 door de rolraadsheer .

KAMER VAN TOEZICHT OVER NOTARISSEN EN KANDIDAAT-NOTARISSEN TE LEEUWARDEN

Reg.nr.: KvT 14-2005

UITSPRAAK

van de Kamer van Toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Leeuwarden, hierna te noemen de Kamer, in de zaak van:

[Y],

wonende te [plaats],

hierna te noemen: klager,

tegen

mr. [X],

oud-notaris te [plaats],

hierna te noemen: de oud-notaris,

gemachtigde: mr. T.C. Boer, advocaat te Amsterdam.

1. HET VERLOOP VAN DE PROCEDURE

Bij brief, gedateerd op 14 september 2005, ontvangen op 13 september 2005 heeft klager een klacht ingediend tegen de oud-notaris. Bij schrijven van 22 september 2005 heeft klager aanvullende stukken ingediend. De oud-notaris heeft schriftelijk verweer gevoerd bij brief van 4 november 2005. De mondelinge behandeling van de klacht heeft plaatsgevonden op 10 januari 2006 ter vergadering van de voltallige Kamer. Klager, de oud-notaris en zijn gemachtigde zijn daarbij verschenen.

2. DE FEITEN

In januari 1999 heeft klager via de Stichting Fiets Aktie een fiets gekocht met een terugbetaalgarantie van het aankoopbedrag na vijf jaar. De garantiegever was VK Finance B.V., een 100% dochtermaatschappij van Verzekerd Keur B.V. Deze Verzekerd Keur B.V. is failliet gegaan en klager heeft zijn geld na vijf jaar niet teruggekregen.

De oud-notaris was verantwoordelijk voor het administratieve gedeelte van de actie.

3. DE KLACHT

3.1 Door zijn medewerking te verlenen heeft de oud-notaris de schijn gewekt dat het veilig was om mee te doen aan de Stichting Fiets Aktie en dat hij hiernaar onderzoek heeft gedaan. Hij heeft nagelaten onderzoek te verrichten naar de verzekeringsmaatschappij Verzekerd Keur B.V./VK Finance B.V. De oud-notaris kan nu niet verwijzen naar kleine lettertjes, waarin staat dat hij zijn aansprakelijkheid uitsluit.

3.2 Een medewerker van de oud-notaris heeft klager voor de aankoop van de fiets gezegd dat klager zich er geen zorgen over hoefde te maken dat hij zijn geld niet terug zou krijgen na vijf jaren, want als de actie niet zou deugen zou het notariskantoor zijn goede naam er niet aan verbinden. Klager is op deze mededeling afgegaan en houdt de oud-notaris verantwoordelijk voor deze mededeling van zijn medewerker.

4. HET STANDPUNT VAN DE NOTARIS

4.1 Het notariskantoor van de oud-notaris heeft er destijds uitsluitend mee ingestemd een rol te vervullen in de 'geld-terug-actie', omdat de zeer beperkte taak van de oud-notaris in de uitgegeven documenten goed omschreven stond. In de brochure stond over de rol van de oud-notaris het volgende vermeld: "De taak van de notaris is beperkt tot het onpartijdig registreren van het tijdstip van de ontvangst van het registratiestrookje". "De notaris ziet alléén toe op juiste tijdregistratie, neemt hier nota van en stuurt de informatie en alle documenten met betrekking tot deze promotie, via Stichting Fiets Aktie, door naar Verzekerd Keur. De notaris kan u géén verdere informatie verstrekken over de aktie zelf, noch wordt door de notaris enige garantie verleend op uitbetaling." Gezien de beperkte en duidelijk omschreven rol van de oud-notaris is hij van mening dat op hem geen verplichting rustte tot onderzoek naar de actie.

4.2 De oud-notaris noch zijn medewerkers hebben op enige wijze garanties verleend met betrekking tot de uitbetaling. In de beschikbare brochure was expliciet opgenomen dat door de notaris geen garanties werden verleend ten aanzien van de uitbetaling. Bovendien stond op de achterkant van het 'Terugbetalingscertificaat' onder de promotiereglement voorwaarden onder punt 8 duidelijk het volgende vermeld: "Met de Plaatselijke Beheerder (lees: het notariskantoor van de oud-notaris) zijn wij overeengekomen dat de Plaatselijk Beheerder verantwoordelijk is voor het administratief gedeelte van deze aktie zonder dat de Plaatselijke Beheerder onder welke omstandigheden ook aansprakelijk zal zijn voor uitbetaling krachtens dit Terugbetalingscertificaat". Het geven van garanties paste in geen enkel opzicht bij de onpartijdige taakuitoefening van de oud-notaris en zijn medewerkers bij deze actie.

5. DE BEOORDELING DOOR DE KAMER

5.1 Op grond van art. 98, eerste lid, van de Wet op het notarisambt (Wna) zijn notarissen en kandidaat-notarissen aan tuchtrecht onderworpen ter zake van enig handelen of nalaten in strijd met hetzij enige bij of krachtens deze wet gegeven bepaling of een op deze wet berustende verordening, hetzij met de zorg die zij als notarissen of kandidaat-notarissen behoren te betrachten ten opzichte van degene te wier behoeve zij optreden en ter zake van enig handelen of nalaten dat een behoorlijk notaris of kandidaat-notaris niet betaamt. De Kamer dient te onderzoeken of de handelwijze van de oud-notaris in deze klachtzaak een verwijtbare handeling in de zin van dit artikel oplevert.

5.2 Omtrent de klacht, genoemd onder 3.1, overweegt de Kamer het volgende. In de Verordening beroeps- en gedragsregels van 21 juni 2000 zijn door de ledenraad van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie reeds bestaande normen in het notariaat vastgelegd. Uit artikel 6 van deze Verordening volgt dat een notaris alleen handelingen behoort te verrichten die passen bij zijn ambtsuitoefening. Hij verleent zijn medewerking aan het vaststellen van feiten alleen wanneer voor dit vaststellen geen bijzondere deskundigheid is vereist en de feiten door de notaris met een redelijke mate van zekerheid kunnen worden vastgesteld. In de toelichting bij artikel 6 wordt, voor zover hier van belang, aangegeven dat de notaris er op dient toe te zien dat bij het publiek geen verwarring kan ontstaan over de mate waarin hij als notaris bij de gebeurtenis is betrokken. Zo moet volgens de toelichting bijvoorbeeld voorkomen worden dat in de publiciteit gesuggereerd wordt dat de gebeurtenis door de notaris is georganiseerd of goedgekeurd en/of dat de rol van de notaris meer inhoudt dan in werkelijkheid het geval is. Naar het oordeel van de Kamer had de oud-notaris, gelet op de destijds reeds geldende normen binnen het notariaat, niet zonder nader onderzoek zijn medewerking behoren te verlenen aan deze actie. De omstandigheid dat de beperkte taak van de oud-notaris duidelijk omschreven was en vóór de ondertekening van het contract bekend was bij klager, kan in dit verband niet tot een ander oordeel leiden. Dat klager op de hoogte was van de uitsluiting van de aansprakelijkheid van de oud-notaris neemt immers niet weg dat in het algemeen door de betrokkenheid van een notaris bij een actie en in het bijzonder met de aanduiding van de oud-notaris op een stuk zoals het onderhavige Terugbetalingscertificaat als "plaatselijk beheerder", gemakkelijk de suggestie wordt gewekt dat de actie betrouwbaar is. De Kamer is van oordeel dat de oud-notaris, door zijn medewerking aan de actie te verlenen, de schijn heeft gewekt dat de actie voor deelnemers geen financieel risico opleverde. Door echter enig nader onderzoek achterwege te laten, hoewel hij dit bij deze actie op eenvoudige wijze had kunnen doen, en desondanks toch zijn naam aan de actie te verbinden, heeft de oud-notaris dan ook tuchtrechtelijk laakbaar gehandeld. Het voorgaande leidt derhalve tot een gegrondverklaring van dit onderdeel van de klacht.

5.3 De klacht, genoemd onder 3.2, brengt de Kamer tot het volgende oordeel. Klager stelt dat de medewerker van het notariskantoor van de oud-notaris heeft gezegd dat klager zich geen zorgen hoefde te maken over de uitbetaling over vijf jaar, want het notariskantoor zou zijn goede naam niet aan de actie hebben verbonden als de actie niet zou deugen. Hoewel de medewerker van het notariskantoor van de oud-notaris zich de precieze inhoud van de gesprekken met klager niet herinnert, heeft hij ontkend dat hij ooit een garantie heeft verstrekt ten aanzien van de uitbetaling. De oud-notaris heeft er bovendien op gewezen dat het, gelet op de zeer beperkte rol van het notariskantoor bij de actie, zeer onwaarschijnlijk is dat er namens het notariskantoor zulke garanties zijn gegeven. Nu de medewerker de stelling van klager betwist, kan de Kamer niet zonder meer aannemen dat de door klager gestelde feiten op dit punt juist zijn. Daarom bestaat er onvoldoende grond voor het oordeel dat er sprake is van tuchtrechtelijk laakbaar handelen dat aan de oud-notaris zou moeten worden toegerekend. De Kamer verklaart dit onderdeel van de klacht derhalve ongegrond.

5.4 Op grond van het hiervoor overwogene oordeelt de Kamer dat de klacht gedeeltelijk gegrond is. De Kamer acht de geconstateerde handelwijze van de oud-notaris dusdanig ernstig dat ter zake daarvan de tuchtrechtelijke maatregel van waarschuwing zal worden opgelegd.

6. DE BESLISSING

De Kamer van Toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Leeuwarden:

- verklaart de klacht, genoemd onder 3.1, gegrond;

- verklaart de klacht, genoemd onder 3.2, ongegrond;

- legt aan oud-notaris [X] de maatregel waarschuwing op;

- bepaalt dag en uur waarop de waarschuwing zal worden uitgesproken nadat de vaststelling

heeft plaatsgevonden dat tegen de onderhavige beslissing geen rechtsmiddel meer openstaat.

Deze beslissing is genomen te Leeuwarden door mr. W.K.F. Hangelbroek, voorzitter,

mr. H.Ph. Breuker, J.E. Huisman en mr. E.M.W. de Lange, leden, en mr. P. Schulting, plaatsvervangend lid, bijgestaan door mr. M.J.C. ten Hoopen, secretaris, en in het openbaar uitgesproken op 16 februari 2006.

De beslissing is verzonden op

Binnen dertig dagen na de dag van verzending van de aangetekende brief waarin van bovenstaande beslissing wordt kennisgegeven, kan hoger beroep tegen deze beslissing worden ingesteld. Dit dient te geschieden door middel van een verzoekschrift bij de griffie van het Gerechtshof te Amsterdam, Prinsengracht 436, correspondentieadres: Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.