Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2003:AH9834

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
04-07-2003
Datum publicatie
15-07-2003
Zaaknummer
01/03306
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

01/03306 - 4/7/03 - 16e EK

Leges (art. 229 Gemeentewet). Een schoolgebouw is in containers opgeslagen, naar Texel vervoerd en daar weer opgebouwd. Belanghebbende stelt terecht dat de leges moeten worden berekend over de daadwerkelijk betaalde aanneemsom en niet over de aannemingssom als bedoeld in UAV 1989 of NEN 2631. Het Hof vermindert het bedrag van de leges.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NTFR 2003, 1310
FutD 2003-1358
Belastingblad 2003/1131
FED 2003/442

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

Zestiende Enkelvoudige Belastingkamer

UITSPRAAK

op het beroep van X te Z, belanghebbende,

tegen

een uitspraak van het hoofd van de sector Middelen van de gemeente Texel, verweerder.

1. Loop van het geding

1.1. Van belanghebbende is ter griffie een beroepschrift ontvangen op 2 oktober 2001, ingediend door mr. (…) als gemachtigde van belanghebbende (hierna: de gemachtigde) en aangevuld bij schrijven van 21 november 2001. Het beroep is gericht tegen de uitspraak van verweerder, gedagtekend 24 augustus 2001, betreffende de van belanghebbende bij schriftelijke kennisgeving met dagtekening 22 juni 2001 geheven leges bouwvergunning voor een bedrag van ƒ 7.609,97. Bij de bestreden uitspraak heeft verweerder het bezwaar ongegrond verklaard.

1.2. Het beroep strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot veroordeling van verweerder in de proceskosten van belanghebbende. Voorts verzoekt de gemachtigde het Hof de zaak zelf af te doen en zijn beslissing in de plaats te stellen van die van de gemeente Texel.

1.3. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Hij concludeert daarin tot bevestiging van de bestreden uitspraak.

1.4. Ter zitting van 17 mei 2002 zijn verschenen de gemachtigde en, namens verweerder, (…). Ter zitting heeft verweerder drie stukken overgelegd: een kopie van het Aanvraagformulier bouwvergunning, een kopie van het besluit van 22 augustus 2001 van de Burgemeester en wethouders van de gemeente Texel een bouwvergunning aan X te verlenen en kopie van een plattegrond van de 'semi-permanente opstal t.b.v. X te Texel'. De gemachtigde heeft van deze stukken kunnen kennisnemen en hij heeft zich erover kunnen uitlaten. Het Hof rekent deze stukken tot de gedingstukken.

1.5. Bij brief van 30 mei 2002 van de griffier aan verweerder heeft het Hof verweerder een aantal vragen gesteld. Verweerder heeft hierop bij brief van 26 juni 2002 met bijlagen aan de griffier geantwoord. Op 28 juni 2002 heeft de griffier een kopie van voornoemde brief van 26 juni 2002 met bijlagen aan de gemachtigde gezonden. De gemachtigde heeft daarop bij brief aan de griffier van 8 augustus 2002 gereageerd. Een kopie van die brief heeft de griffier op 8 augustus 2002 aan verweerder gezonden. Partijen hebben vervolgens schriftelijk aangegeven geen prijs te stellen op een nader onderzoek ter zitting in deze zaak.

2. De verordening

2.1. De legesverordening 2001 van de gemeente Texel (hierna: de Verordening) luidt, voor zover in casu van belang, als volgt:

"Artikel 1 Belastbaar feit

Onder de naam "leges" worden rechten geheven terzake van het genot van door het gemeentebestuur verstrekte diensten, genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 2 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend.

(…)

Artikel 4 Tarieven

1. De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

2. Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 5 Wijze van heffing

De leges worden geheven bij wijze van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving (...)."

2.2. De tarieventabel behorende bij de Verordening (hierna: de tarieventabel) luidt, voorzover in casu van belang, als volgt:

"(…)

Hoofdstuk 5 Bouwvergunningen

Kosten

5.1 Onder kosten wordt in dit hoofdstuk verstaan de aannemingssom (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor uitvoering van werken 1989 (UAV 1989), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd.

Voor de vaststelling van de heffingsgrondslag dient voor de prijsstelling te worden uitgegaan van aanwending van nieuwe materialen en van uurlonen, welke gangbaar zijn in de aannemerswereld, één en ander exclusief omzetbelasting.

Bouwvergunningen

5.2 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een bouwvergunning 1,9% van de kosten van het bouwen, de afwerking inbegrepen, met een minimum van ƒ 64,--.

(…)

Verhoging

5.5 Indien een aanvraag om een vergunning of een melding afzonderlijk door de Stichting Welstandszorg Noord-Holland wordt beoordeeld, worden de overeenkomstig 5.2 (…) berekende bedragen verhoogd met een bedrag dat voorafgaand aan het in behandeling van een aanvraag aan aanvrager is medegedeeld en dat als volgt wordt berekend: voor elke te beoordelen aanvraag voor een bouw- of aanlegplan geldt een vast bedrag van ƒ 25,-- en een toeslag van ƒ 1,10 per ƒ 1.000,-- kosten, tezamen tot een maximum van ƒ 2.000,--."

3. Tussen partijen vaststaande feiten

3.1. Belanghebbende heeft een haar toebehorend schoolgebouw in Z in containers laten opslaan, naar Texel laten vervoeren en aldaar weer laten opbouwen. Er is geen sprake van volledige nieuwbouw.

3.2. Voor de opbouw van het genoemde schoolgebouw in Texel heeft belanghebbende een 'Aanvraagformulier bouwvergunning' bij Burgemeester en Wethouders van de gemeente Texel ingediend. Het formulier is op 21 maart 2001 ondertekend door A als gemachtigde van belanghebbende. Het formulier luidt, voorzover in casu van belang, als volgt (hetgeen door de gemachtigde van belanghebbende - handgeschreven - is ingevuld, is hieronder cursief weergegeven):

"1. De aanvraag betreft een: a. bouwvergunning: ? x

b. bouwvergunning voor het gewijzigd

uitvoeren van een bouwplan waarvoor

reeds een bouwvergunning is afgegeven ?

(…)

6. Grootte van het nieuwe bouwwerk, resp. van het bij te bouwen gedeelte,

bepaald volgens NEN 2580, uitgave 1997 (Niet invullen bij verbouwing):

a. Bruto-vloeroppervlakte: 430 m²

b. Bruto-inhoud: 1161 m³

7. Kosten van het bouwwerk:

a. Aannemingssom (zie UAV 1989, par. 1, lid 1): ? f (excl. BTW)

of, indien nog niet bekend:

b: Raming van de bouwkosten (zie NEN 2631, uitg. 1979, par. 3.2,

dus incl. CV-, airco- en liftinstallaties, e.d.;

voor woonwagen: incl. aflever- en plaatsingskosten) ? f 100.000,-(excl. BTW)"

Verweerder heeft het Aanvraagformulier bouwvergunning op 17 mei 2001 ontvangen. Op het formulier heeft verweerder een kruis door "100.000" gezet.

3.3. Belanghebbende heeft een schriftelijke kennisgeving met dagtekening 22 juni 2001 en met nummer (…) ontvangen. Deze kennisgeving vermeldt een bedrag van ƒ 7.609,97 en vermeldt tevens: "Wegens leges bouwvergunning nr: 01/01" en "Bouwkosten: FL 377.325,". In deze kennisgeving is onder meer het volgende opgenomen:

"De bouwkosten zijn berekend volgens de Legesverordening en op grond daarvan dient uitgegaan te worden van aanwending van nieuwe materialen en van uurlonen, welke gangbaar zijn in de aannemerswereld."

3.4. Met betrekking tot de onder 3.1 genoemde werkzaamheden heeft B van aannemingsbedrijf B B.V. te Z een brief met dagtekening 28 juni 2001 met bijlage aan belanghebbende gezonden. Die brief luidt, voorzover in casu van belang, als volgt:

"Betreft: Turn key opgave voor het verplaatsen van het nood schoolgebouw van de c-straat te Z naar Texel.

(…)

Naar aanleiding van ons gesprek betreffende een compleet prijsplaatje voor bovengenoemde werkzaamheden, doe ik u hierbij onze totaal opgave toekomen.

(…)

Onze werkzaamheden zullen bestaan uit;

# Zie bijgevoegde werk omschrijving en hoeveelheden staat

Bovengenoemde werkzaamheden kunnen we voor u verzorgen voor

Een totaalbedrag van FL 103.250,00 Excl. btw

(Zegge: Honderddrie - duizend - tweehonderdvijftig - gulden)"

De brief is door B en, voor akkoord, A van belanghebbende ondertekend.

3.5. In de bijlage bij voormelde brief van 28 juni 2001 staat onder meer het volgende:

"Begroting voor: X te Z

Betreft: Verplaatsen Units c-laan naar Texel

Aantal eenh. Omschrijving Norm

1 maal platen baan 105 m 1 lang en 5 m 1 breed

aanvoeren / leggen en afvoeren

12 stuks elzen afzagen en afvoeren

1 stuks trekker t.b.v. rijden van aanhanger's

400 stuks betontegels 50 x 50 x 6 cm

t.b.v. ophogen en stellen unit's

1 totaal demonteren / laden / lossen / stellen

en afmonteren van de unit's"

3.6. Belanghebbende heeft met dagtekening 5 juli 2001 bezwaar gemaakt tegen de hem bij de genoemde kennisgeving in rekening gebrachte leges. In dit bezwaarschrift, waarbij een kopie is gevoegd van de onder 3.4 genoemde brief, stelt belanghebbende onder meer:

"Inzake de hoogte van de leges voor de bouwvergunning nr. 01/01 ontvangt u hierbij het contract dat gesloten is ten aanzien van de verplaatsing en opbouw van de tijdelijke huisvesting (...).

Ik verzoek u de vaststelling van de hoogte van de leges hieraan te relateren."

3.7. Bij besluit van 22 augustus 2001 met nummer 01-01 hebben burgemeester en Wethouders van de gemeente Texel de bouwvergunning aan belanghebbende verleend.

3.8. Op verzoek van het Hof heeft verweerder afschriften van de Uniforme administratieve voorwaarden voor uitvoering van werken 1989 (hierna: UAV 1989) en het normblad-NEN 2631, uitgave 1979 in het geding gebracht. In de UAV 1989 staat, voor zover in casu van belang, het volgende:

"§ 1 Aanduidingen, begripsbepalingen

1-1 Verstaan wordt onder:

het werk: het uit te voeren werk of de te verrichten levering;

(…)

de aannemingssom: het bedrag, waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen, de omzetbelasting daarin niet begrepen"

4. Geschil

In geschil is of de leges over het juiste bedrag zijn berekend, hetgeen verweerder stelt en belanghebbende betwist.

5. Standpunten van partijen

5.1. Voor de standpunten van partijen en de motivering ervan wordt verwezen naar de stukken van het geding.

5.2. Door de gemachtigde is ter zitting nog het volgende, kort en zakelijk weergegeven, naar voren gebracht.

De vraag die ik aan de gemeente zou willen stellen is hoe de bouwsom door hem geraamd is.

De gemeente Texel is er ten onrechte vanuit gegaan dat een nieuw bouwwerk is vervaardigd. Een hardheidsclausule ontbreekt.

Het schoolgebouw van X is in containers opgeslagen, naar Texel vervoerd en daar opgebouwd. Een en ander is conform de offerte van B uitgevoerd. De aanneemsom staat in de offerte. Dat is ook het bedrag dat uiteindelijk is betaald.

Verweerder heeft een schatting gedaan op basis van een vergelijkbaar project met nieuwe containers voor een kinderdagverblijf.

Volgens mij heeft belanghebbende de berekening van het bedrag van de aanslag niet gekregen.

Ik heb gesteld dat het zorgvuldigheidsbeginsel is geschonden. De gemeente heeft in haar antwoord iets over het gelijkheidsbeginsel gezegd.

5.3. Namens verweerder is ter zitting nog het volgende, kort en zakelijk weergegeven, opgemerkt.

De leges zijn tot het juiste bedrag geheven. Er is geen plaats voor toepassing van een hardheidsclausule. In de verordening staat wat de aannemingssom moet zijn. We zijn uitgegaan van nieuwbouwprijzen.

De containers staan er gedurende vijf jaren. Het geheel is een soort bouwpakket dat niet in de grond vaststaat. Dat de containers er tijdelijk staan is niet relevant, er staat een standaardberekening in de verordening.

De vergunning is verleend en de welstandscommissie heeft advies uitgebracht.

Voor de kostenberekening wordt altijd hoofdstuk 5.1 van de tarieventabel gehanteerd. De volzin "Voor … omzetbelasting" zoals die in hoofdstuk 5.1 van de tarieventabel staat, geldt voor beide in dat hoofdstuk genoemde alternatieven.

De berekening van het bedrag van de aanslag kan ik nu niet geven.

Onderdeel 6 van het Aanvraagformulier bouwvergunning is deels door belanghebbende ingevuld ('430' en '1161') en deels door de gemeente Texel (de aantekeningen rechts van 'm²' en 'm³').

Bij aanvragen voor bouwvergunningen wordt altijd met één van de in artikel 5.1 van de tarieventabel genoemde methodes gewerkt.

Met betrekking tot het in artikel 5.2 van de tarieventabel genoemde percentage heeft een onderzoek plaatsgevonden. De uitkomst daarvan was dat het MKB 1,9% te hoog vindt en dat de Rekenkamer van oordeel is dat 1,9% niet kostendekkend is.

6. Beoordeling van het geschil

6.1. Belanghebbende stelt dat de leges in het onderhavige geval dienen te worden berekend over de door hem daadwerkelijk betaalde aannemingssom, zijnde het bedrag van ƒ 103.250 dat uiteindelijk door hem conform de onder 3.4 vermelde offerte is voldaan. Verweerder betwist dit standpunt en stelt dat uit de Verordening volgt dat bij het bepalen van de heffingsgrondslag onder alle omstandigheden dient te worden worden uitgegaan van een raming van de bouwkosten op grond van aanwending van nieuwe materialen en van uurlonen welke gangbaar zijn in de aannemerswereld, ook al is in werkelijkheid geen sprake van nieuwbouw.

6.2. Gelet op de tekst van hoofdstuk 5.1 van de tarieventabel worden in dat hoofdstuk onder kosten verstaan: de aannemingssom voor het uit te voeren werk (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de UAV 1989, dan wel een raming van de bouwkosten (exclusief omzetbelasting) als bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Uit die tekst volgt naar het oordeel van het Hof dat de genoemde raming alleen aan de orde komt voorzover een aannemingssom ontbreekt.

6.3. Hoofdstuk 5.1 van de tarieventabel verwijst voor het begrip 'aannemingssom' naar de definitie daarvan in paragraaf 1, eerste lid, van de UAV 1989. In de laatstgenoemde bepaling wordt 'aannemingssom' gedefinieerd als het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen, de omzetbelasting daarin niet begrepen. Nu het begrip 'werk' in de UAV wordt gedefinieerd als "het uit te voeren werk of de te verrichten levering", moet het er naar het oordeel van het Hof voor worden gehouden dat daarmee wordt gedoeld op de in concreto te verrichten werkzaamheden en de daarvoor overeengekomen prijs. In het onderhavige geval is een zodanige aannemingssom voorhanden, namelijk het bedrag van ƒ 103.250 exclusief omzetbelasting dat in de onder 3.4 genoemde brief wordt vermeld. Het Hof komt tot dit oordeel omdat die brief zowel door de aannemer als door belanghebbende is ondertekend en omdat de gemachtigde ter zitting onweersproken heeft verklaard dat de werkzaamheden conform de in die brief vervatte offerte zijn uitgevoerd voor de daarin vermelde prijs. Niet gesteld of aannemelijk geworden is dat het werk meer heeft omvat dan in de genoemde brief is omschreven of dat in werkelijkheid een andere prijs is overeengekomen.

6.4. Het vorenoverwogene brengt mee dat in casu leges verschuldigd zijn over een bedrag van ƒ 103.250 en dat een raming van de bouwkosten als bedoeld in het normblad NEN 2631 in het onderhavige geval niet aan de orde komt. De slotzin van Hoofdstuk 5.1 van de Verordening brengt, anders dan verweerder lijkt te stellen, in deze conclusie geen verandering. Gelet op de bewoordingen van deze slotzin en haar context is het Hof van oordeel dat zij uitsluitend betrekking heeft op de wijze waarop de raming van de bouwkosten als bedoeld in het normblad NEN 2631 dient te worden uitgevoerd. Indien een concrete aannemingssom voorhanden is, is het immers niet noodzakelijk om bijvoorbeeld nog 'uurlonen, welke gangbaar zijn in de aannemerswereld' vast te stellen. De definitie van de uitdrukking 'aannemingssom' in de UAV, waarnaar zoals gezegd in de Verordening wordt verwezen, biedt ook geen ruimte voor toepassing van de genoemde slotzin. Verweerder heeft geen stukken in het geding gebracht die tot een andere gevolgtrekking leiden.

6.5. De in het onderhavige geval verschuldigde leges dienen derhalve als volgt te worden berekend:

1,9% van ƒ 103.250 = ƒ 1.961,75

ƒ 1,10 x (ƒ 104.000 : ƒ 1.000) = ƒ 114,40

ƒ 25,00 +

Totaal ƒ 2.101,15

6.6. Gelet op het vorenoverwogene is het beroep gegrond en behoeven de stellingen van belanghebbende over een schending door verweerder van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur geen behandeling.

7. Proceskosten

Nu de uitspraak van verweerder niet in stand blijft, acht het Hof termen aanwezig voor een veroordeling van verweerder in de kosten als bedoeld in artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht. Met inachtneming van het Besluit proceskosten bestuursrecht stelt het Hof deze vast op € 805, te weten 2,5 (voor proceshandelingen) x € 322 x 1 (voor het gewicht van de zaak).

8. Beslissing

Het Hof

- verklaart het beroep gegrond;

- vernietigt de bestreden uitspraak;

- vermindert het bedrag van de leges tot ƒ 2.101,15 (= € 953,46);

- veroordeelt verweerder in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van € 805 en wijst de gemeente Texel aan dit bedrag aan belanghebbende te voldoen; en

- gelast de gemeente Texel het betaalde griffierecht ad € 204,20 aan belanghebbende te vergoeden.

De uitspraak is vastgesteld op 4 juli 2003 door mr. Kostense, lid van de genoemde belastingkamer, in tegenwoordigheid van mr. Van Schaik als griffier. De beslissing is op die datum ter openbare zitting uitgesproken.

Het Hof heeft geen bezwaar tegen afgifte door de griffier van een afschrift van deze uitspraak in geanonimiseerde vorm.

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de verzenddatum van deze uitspraak beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden. Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:

1. Het instellen van beroep in cassatie geschiedt door het indienen een beroepschrift bij dit gerechtshof (zie voor het adres de begeleidende brief).

2. Bij het beroepschrift wordt een afschrift van de bestreden uitspraak overgelegd.

3. Het beroepschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:

a. de naam en het adres van de indiener;

b. de dagtekening;

c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;

d. de gronden van het beroep in cassatie.

Voor het instellen van beroep is een griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt U een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad. In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.