Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2757

Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Datum uitspraak
23-07-2001
Datum publicatie
23-07-2001
Zaaknummer
00/1150
Rechtsgebieden
Belastingrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Belanghebbende heeft verzocht verweerder te veroordelen in de kosten die zij heeft moeten maken in verband met een ingetrokken beroep, zonder dat verweerder (gedeeltelijk) aan belanghebbende is tegemoetgekomen. Art. 8:75a Awr biedt dan geen ruimte voor een kostenveroordeling.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM

Veertiende Enkelvoudige Belastingkamer

UITSPRAAK

op het verzoek van X BV te Z, belanghebbende, om de gemeente A te veroordelen in de kosten die zij redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met de behandeling van haar na te melden beroep.

1. Loop van het geding

Van belanghebbende is ter griffie een beroepschrift ontvangen op 17 maart 2000, ingediend door B (C) als gemachtigde.

Het beroep is gericht tegen de uitspraak van de inspecteur gemeentelijke belastingen van de gemeente A, verweerder, gedagtekend 8 februari 2000, betreffende de aan belanghebbende opgelegde aanslag in de onroerendezaakbelastingen voor het jaar 1999 ter zake van de onroerende zaak A-straat 1 te A.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend en concludeert tot ongegrondverklaring van het beroep.

Met toestemming van het Hof heeft belanghebbende een conclusie van repliek ingediend. Verweerder heeft een conclusie van dupliek ingezonden.

Bij brief van 4 april 2001 heeft belanghebbende haar beroepschrift ingetrokken, zonder dat verweerder geheel of gedeeltelijk aan haar bezwaren was tegemoetgekomen. Daarbij heeft zij verzocht verweerder te veroordelen in de kosten die zij heeft moeten maken in verband met het beroep.

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend en concludeert tot ongegrondverklaring van belanghebbendes verzoek. Daarbij heeft hij toestemming gegeven het onderzoek ter zitting achterwege te laten.

Bij brief van 29 mei 2001 heeft belanghebbende toestemming gegeven het onderzoek ter zitting achterwege te laten.

2. Beoordeling van het verzoek

Belanghebbende heeft het Hof verzocht de gemeente A te veroordelen in de kosten die zij heeft moeten maken in verband met het thans ingetrokken beroep. De wet bepaalt evenwel dat voor een dergelijke veroordeling slechts plaats is in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen (artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht). Nu uit de stukken blijkt dat deze situatie zich niet voordoet, dient het verzoek van belanghebbende om de gemeente A te veroordelen in de proceskosten te worden afgewezen.

3. Beslissing

Het Hof wijst het verzoek af.

De uitspraak is vastgesteld op 4 juli 2001 door mr. Van Loon, in tegenwoordigheid van mr. Van de Merwe als griffier. De beslissing is op dezelfde dag ter openbare zitting uitgesproken.

Het Hof heeft geen bezwaar tegen afgifte door de griffier van een afschrift van de uitspraak in geanonimiseerde vorm.

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de verzenddatum van deze uitspraak beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden. Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:

1. Het instellen van beroep in cassatie geschiedt door het indienen van een beroepschrift bij dit gerechtshof (zie voor het adres de begeleidende brief).

2. Bij het beroepschrift wordt een afschrift van de bestreden uitspraak overgelegd.

3. Het beroepschrift wordt ondertekend en bevat ten minste:

- de naam en het adres van de indiener;

- de dagtekening;

- een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;

- de gronden van het beroep in cassatie.

Voor het instellen van beroep is een griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt U een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad. In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.