Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2019:2741

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
07-08-2019
Datum publicatie
20-08-2019
Zaaknummer
18/2949 ZW-PV
Formele relaties
Eerste aanleg: ECLI:NL:RBROT:2018:3046, Bekrachtiging/bevestiging
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Het oordeel van de rechtbank is juist. De rechtbank heeft terecht geen reden gezien om te twijfelen aan de FML van 9 augustus 2016. De functies die zijn gebruikt voor de berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid zijn voor appellante geschikt. Geen reden inschakelen onafhankelijke deskundige.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

18 2949 ZW-PV

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 18 april 2018, 17/2160 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellante] te [woonplaats] (appellante)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

Datum uitspraak: 7 augustus 2019

Zitting heeft: M. Greebe

Griffier: R.H. Budde

Ter zitting zijn verschenen: appellante, bijgestaan door mr. N. Desloover en het Uwv, vertegenwoordigd door mr. L.J.M.M. de Poel.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.

Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar en gebaseerd op de volgende overwegingen.

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellante tegen de beslissing op bezwaar van 27 maart 2017 ongegrond verklaard. Bij dat besluit heeft het Uwv zijn beslissing gehandhaafd dat appellante met ingang van 27 oktober 2016 geen recht meer heeft op een uitkering op grond van de Ziektewet (ZW). Dat is de uitkomst van een zogenoemde eerstejaars ZW-beoordeling.

Het oordeel van de rechtbank is juist. Het Uwv heeft zorgvuldig onderzoek gedaan naar de beperkingen van appellante als gevolg van haar whiplashklachten. De rechtbank heeft terecht geen reden gezien om te twijfelen aan de Functionele Mogelijkhedenlijst van

9 augustus 2016. De functies die zijn gebruikt voor de berekening van de mate van arbeidsongeschiktheid zijn voor appellante geschikt.

Er wordt geen reden gezien om een onafhankelijke deskundige in te schakelen.

Appellante heeft in hoger beroep geen medische informatie ingebracht die tot een ander oordeel zou moeten leiden.

Er is geen aanleiding het onderzoek ter zitting aan te houden teneinde de door appellante in het vooruitzicht gestelde expertiserapporten in de letselschadezaak af te wachten. Met name niet, omdat alleen de naam van de eerste door appellante in te schakelen deskundige, een neuroloog, bekend is en daarbij geen enkel inzicht bestaat of het aan hem op te dragen onderzoek voor deze zaak relevant zal zijn.

Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten.

Waarvan proces-verbaal.

De griffier De voorzitter

De griffier is verhinderd te ondertekenen. (getekend) M. Greebe

VC