Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2014:625

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
26-02-2014
Datum publicatie
04-03-2014
Zaaknummer
13-216 WMO
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Hoger beroep niet-ontvankelijk. Overledene heeft geen belang bij de voortzetting van het geding. Ook na de aankondiging in de Staatscourant hebben zich geen belanghebbenden gemeld met het verzoek als partij aan het geding te mogen deelnemen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

13/216 WMO

Datum uitspraak: 26 februari 2014

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Gravenhage van 28 november 2012, 12/7561 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

wijlen [Appellant], in leven laatstelijk gewoond hebbende te [woonplaats] (appellant)

het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer (college)

PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een verweerschrift ingediend.

Het college heeft de Raad nadien bericht dat appellant op 22 augustus 2013 is overleden.

In de Staatscourant van 11 december 2013 is de in artikel 8:26, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde aankondiging van de zaak gedaan.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 15 januari 2014. Voor appellant is niemand verschenen. Het college is met bericht niet verschenen.

OVERWEGINGEN

1.

De indiener van het hoger beroep is overleden. Niet kan worden gezegd dat de overledene enig belang heeft bij de voortzetting van het geding.

2.

Niet is gebleken van erfgenamen die appellant als partij in het onderhavige geding zijn opgevolgd en die het geding zouden willen voortzetten. Ook na de aankondiging in de Staatscourant hebben zich geen belanghebbenden gemeld met het verzoek als partij aan het geding te mogen deelnemen

3.

Uit hetgeen onder 1 en 2 is overwogen volgt dat het processuele belang aan de beoordeling van het hoger beroep is komen te ontvallen. Het hoger beroep zal om die reden

niet-ontvankelijk worden verklaard.

4.

Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door W.H. Bel, in tegenwoordigheid van D. Heeremans als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 26 februari 2014.

(getekend) W.H. Bel

(getekend) D. Heeremans

HD