Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2014:2298

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
26-06-2014
Datum publicatie
08-07-2014
Zaaknummer
13-5413 WAO-V
Rechtsgebieden
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Verzet ongegrond. Uit de gedingstukken blijkt dat de brief van 8 november 2013 aan het juiste adres van appellant is gezonden en dat deze brief niet retour is ontvangen. Appellant heeft de gronden van het hoger beroep eerst op 9 december 2013 per aangetekende post verzonden. Dit is buiten de gestelde termijn, die eindigde op 6 december 2013. Appellant heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Datum uitspraak: 26 juni 2014

13/5413 WAO-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 23 augustus 2013, 12/6051 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[Appellant] te [plaatsnaam], Marokko (appellant)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen

Zitting heeft: T.G.M. Simons

Griffier: D.W.M. Kaldenhoven

Ter zitting is niemand verschenen

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.

GRONDEN VAN DE BESLISSING

Bij uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:54 en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht van 24 januari 2014 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat de gronden van het hoger beroep niet binnen de bij - aangetekend verzonden - brief van 8 november 2013 gestelde termijn van vier weken zijn ingediend.

In verzet heeft appellant aangevoerd dat hij de brief van de Raad van 8 november 2013 niet heeft ontvangen en dat hij de gronden wel binnen de gestelde termijn heeft ingediend.

Uit de gedingstukken blijkt dat de brief van 8 november 2013 aan het juiste adres van appellant is gezonden en dat deze brief niet retour is ontvangen. Appellant heeft de gronden van het hoger beroep eerst op 9 december 2013 per aangetekende post verzonden. Dit is buiten de gestelde termijn, die eindigde op 6 december 2013. Appellant heeft in verzet geen feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat hij niet in verzuim is geweest.

Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet is geen aanleiding.

Waarvan proces-verbaal.


De griffier De voorzitter

(getekend) D.W.M. Kaldenhoven (getekend) T.G.M. Simons

TM