Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2014:1292

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
17-04-2014
Datum publicatie
22-04-2014
Zaaknummer
12-2327 MAW
Rechtsgebieden
Ambtenarenrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Proceskostenveroordeling. De Raad ziet aanleiding om appellant te veroordelen in de kosten die betrokkene in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

Datum uitspraak: 17 april 2014

12/2327 MAW

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak als bedoeld in artikel 21a van de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van 14 maart 2012, 11/3062 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

de Minister van Defensie (appellant)

[betrokkene] te[woonplaats] (betrokkene)

PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen de aangevallen uitspraak.

Namens betrokkene heeft mr. W.E. Louwerse een verweerschrift ingediend.

Bij brief van 27 januari 2014 heeft appellant het hoger beroep ingetrokken.

Bij brief van 3 februari 2014 heeft mr. Louwerse namens betrokkene aan de Raad verzocht appellant te veroordelen in de proceskosten.

Appellant heeft gebruik geen gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.

Met toestemming van partijen heeft de Raad bepaald dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft, waarna het onderzoek is gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 21a, eerste lid, eerste volzin, van de Beroepswet bepaalt dat in geval van intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan, het bestuursorgaan op verzoek van een partij bij afzonderlijke uitspraak met overeenkomstige toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht kan worden veroordeeld in de proceskosten.

De Raad stelt vast dat appellant het hoger beroep heeft ingetrokken en dat namens betrokkene een verzoek om veroordeling van appellant in de proceskosten van betrokkene is gedaan. De kosten van beroep zijn reeds vergoed op grond van de aangevallen uitspraak van de rechtbank.

De Raad ziet aanleiding om appellant te veroordelen in de kosten die betrokkene in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De kosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 487,-.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt appellant in de kosten van betrokkene tot een bedrag van € 487,-.

Deze uitspraak is gedaan door J.Th. Wolleswinkel, in tegenwoordigheid van E.R. Flore als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 17 april 2014.

(getekend) J.Th. Wolleswinkel

(getekend) E.R. Flore

HD