Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2013:BY8276

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
11-01-2013
Datum publicatie
14-01-2013
Zaaknummer
11-5027 ZVW-V
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Socialezekerheidsrecht
Bijzondere kenmerken
Verzet
Inhoudsindicatie

Niet-ontvankelijkverklaring bezwaar. Niet verschoonbare termijnoverschrijding.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

11/5027 ZVW-V

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 8 juli 2011, 11/209 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[A. te B. ] (appellant)

het College voor zorgverzekeringen (Cvz)

Datum uitspraak: 11 januari 2013

PROCESVERLOOP

Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van de Beroepswet van 1 mei 2012 heeft de Raad het door appellant ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van de Raad van 1 mei 2012 heeft appellant verzet gedaan.

Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 13 december 2012, waar partijen met voorafgaand bericht niet zijn verschenen.

OVERWEGINGEN

Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellant tegen het besluit van Cvz van 3 december 2010 ongegrond verklaard. Bij dat besluit had Cvz het bezwaar van appellant tegen het besluit van Cvz van 7 maart 2010 niet-ontvankelijk verklaard wegens niet verschoonbare termijnoverschrijding.

De uitspraak van de Raad van 1 mei 2012 berust op de overwegingen dat het hogerberoepschrift niet tijdig is ingediend, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest.

Vaststaat dat het hogerberoepschrift te laat is ingediend. De laatste dag waarop tijdig een hogerberoepschrift kon worden ingediend, was 22 augustus 2011. Het hogerberoepschrift is gedateerd 20 augustus 2011. De enveloppe waarin het per post is bezorgd, draagt het poststempel 23 augustus 2011. Het hogerberoepschrift is op 25 augustus 2011 bij de Raad ontvangen.

In verzet heeft appellant geen verklaring gegeven voor het feit dat hij het hogerberoepschrift te laat heeft ingediend. Hij heeft slechts naar voren gebracht dat de uitspraak van de Raad van 1 mei 2012 geheel voorbij gaat aan de feitelijke zaken en die afwentelt op een discutabel al dan niet te laat ingediend bezwaarschrift.

De Raad stelt vast dat appellant in verzet geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die leiden tot het oordeel dat de uitspraak van de Raad van 1 mei 2012 onjuist is. Ook overigens is van dergelijke feiten of omstandigheden niet gebleken.

Dit betekent dat het verzet ongegrond moet worden verklaard.

Voor een veroordeling in de proceskosten van het verzet ziet de Raad geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 11 januari 2013.

(getekend) T.G.M. Simons

(getekend) D.W.M. Kaldenhoven