Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:CRVB:2013:731

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Datum uitspraak
20-06-2013
Datum publicatie
27-06-2013
Zaaknummer
11-4986 MPW-R
Rechtsgebieden
Bestuursrecht
Bijzondere kenmerken
Hoger beroep
Inhoudsindicatie

Uitspraak tot rectificatie van LJN BZ9459.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Centrale Raad van Beroep

11/4986 MPW-R

Meervoudige kamer

Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 2 mei 2013, 11/4986 MPW

Partijen:

de Minister van Defensie (appellant)

[A. te B.] (betrokkene)

PROCESVERLOOP

Naar aanleiding van een faxbericht namens betrokkene, heeft de Raad vastgesteld dat zijn uitspraak van 2 mei 2013 kennelijke fouten in overweging 7 en de beslissing bevat.

De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te verbeteren.

Appellant heeft van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. Namens betrokkene is bij faxbericht van 16 mei 2013 medegedeeld dat zijnerzijds geen bezwaar bestaat tegen de voorgestelde wijzigingen.

OVERWEGINGEN

1.

De Raad heeft vastgesteld dat in de uitspraak ten onrechte geen proceskostenveroordeling en griffierechtheffingbepaling zijn opgenomen.

2.

De Raad zal de onder 1 vermelde vergissing herstellen door de uitspraak van 2 mei 2013 in evenvermelde zin te rectificeren.

3.

Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl en de oorspronkelijke uitspraak zal daaruit worden verwijderd. Het LJN-nummer van de gerectificeerde uitspraak zal gelijk zijn aan dat van de oorspronkelijke uitspraak.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 2 mei 2013, 11/4986 MPW, als volgt:

overweging 7 wordt gewijzigd in:

“Er is aanleiding om appellant met toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht te veroordelen in de proceskosten van betrokkene in hoger beroep tot een bedrag van € 944,- wegens beroepsmatig verleende rechtsbijstand.”

de beslissing wordt aangevuld met:

“- bepaalt dat van appellant een griffierecht van € 454,- wordt geheven;

- veroordeelt appellant in de proceskosten van betrokkene tot een bedrag van € 944,-.”

Deze uitspraak is gedaan door B.J. van de Griend als voorzitter en R. Kooper en

A.A.M. Mollee als leden, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 20 juni 2013.

(getekend) B.J. van de Griend

(getekend) P.W.J. Hospel

sg